• onafhankelijk • onderzoekend • opiniërend •

Veenbrand rondom dalai lama laait weer op

Shugden protest

Tijdens het recente bezoek van de dalai lama aan de Verenigde Staten demonstreerden aanhangers van de godheid Dorje Shugden met spandoeken als ‘Dalai Lama, Stop Lying’ en ‘Dalai Lama Give Religious Freedom’. Daarmee laait een religieus-politieke veenbrand op die vier decennia geleden is ontstaan.

Tijdens zijn bezoek aan de VS (februari 2014) laait het protest van Dorje Shugden aanhangers tegen de dalai lama opnieuw fel op. Zij verzetten zich tegen zijn negatieve oordeel over de verering van een Tibetaanse godheid die–zover bekend–uit de 17e eeuw stamt. Demonstranten betichten hem ervan te liegen en hen in hun religieuze vrijheid te beknotten. Onduidelijk is of de demonstraties alleen in de VS plaatshebben, of–net als in 2008–wereldwijd worden georganiseerd. De dalai lama bezoekt Nederland in mei 2014.

Vanaf begin jaren ’70 keert keert de veertiende dalai lama (1935) zich openlijk tegen de verering van volksgod Dorje Shugden. Shugden-aanhangers zien in de godheid een volmaakt verlichte Boeddha, een toornige beschermer van de boeddhistische leer. De dalai lama aanbad Shugden–die hij veelal Dolgyal noemt–aanvankelijk zelf ook. Nu ziet hij in Shugden een boze geest: een demonische kracht die verdeeldheid zaait. In zijn ogen schaadt diens verering  het Tibetaanse volk, het boeddhisme en de dalai lama.

Volgens eigen zeggen verzetten de demonstranten zich tegen de dalai lama omdat hij hun religieuze vrijheid beknot. De dalai lama meent dat het aanbidden van Shugden tot sektarisme en onverdraagzaamheid leidt. Om die reden wil hij dat zijn volgelingen de verering van Dorje Shugden afzweren. Shugden-aanhangers mogen zijn boeddhistische onderricht niet bijwonen.

De meeste voor- en tegenstanders van de verering van Dorje Shugden behoren tot de Tibetaans boeddhistische gelug kloosterorde. Deze orde ontstond in de tijd van Lama Tsongkhapa (1357-1419). De dalai lama herleidt het ontstaan van Dorje Shugden tot de tijd van zijn voorganger Ngawang Lobsang Gyatso, de vijfde dalai lama (1617-1682). De beoefening rondom Dorje Shugden werd gepopulariseerd door Pabongka Rinpoche (1868-1942), de boeddhistische leraar van enkele gezaghebbende leraren, onder wie Trijang Rinpoche (1901-1981), de junior tutor van de huidige dalai lama.

In San Francisco (22 februari 2014) ging de dalai lama tijdens een lezing in op de bezwaren van zijn tegenstanders. Hij liet zich daarover scherp uit. De dalai lama behoort zelf tot de Tibetaans boeddhistische gelug kloosterorde. Hij vertelde zijn gehoor hoe hij zijn senior tutor eens om advies vroeg over het ontvangen van boeddhistisch onderricht uit de nyingma orde. De tutor, Ling Rinpoche, raadde het hem dringend af. Hoewel hij zelf geen band met de godheid had, vreesde Ling Rinpoche dat Dorje Shugden de dalai lama om zijn vrijzinnigheid zou bestraffen. De dalai lama vat dit op als een aantasting van zijn religieuze vrijheid, zei hij. Hij stelde dat hij zich pas echt vrij voelt in zijn boeddhistische beoefening sinds hij Shugden niet meer aanbidt.

Doden

De Shugden-kwestie loopt met name in de jaren ’90 hoog op. In 1997 vallen zelfs doden, vlakbij de residentie van de dalai lama in Dharamsala (India). Eén van de slachtoffers is Gen Lobsang Gyatso, het hoofd van de Buddhist School of Dialectics en gekend medestander van de dalai lama. Zijn vermoedelijke moordenaars zijn Shugden aanhangers. De Indiase politie heeft hen nooit kunnen aanhouden. Ze zouden een veilig heenkomen in Tibet of China hebben gevonden.

Binnen de Tibetaanse boeddhistische gemeenschap–ín Tibet en daarbuiten–zorgt de controverse sindsdien onophoudelijk voor problemen. Kloosters, geloofsgemeenschappen en bevolkingsgroepen raken verdeeld. Ongeveer 600 ‘Dorje Shugden monniken’ van het Ganden Shartse klooster ontweken het oordeel van de dalai lama door een nieuw klooster op te richten: Shar Ganden Monastery in Mundgod (India).

De betrokkenheid van de Tibetaanse regering in ballingschap en de Chinese overheid geven de zaak een politiek karakter. De bekende Tibetaanse essayist en opinieleider Jamyang Norbu publiceerde via Shadowtibet.com het artikel ‘Is the Dalai Lama safe?’ (28 februari 2014). Hij merkt op dat de Tibetaanse regering in ballingschap in Dharamsala zich in de kwestie heeft laten betrekken.

‘Het probleem is dat de Tibetaanse regering zich ertoe heeft geleend het Shugden-verbod van de dalai lama te implementeren,’ aldus Norbu.

‘De Tibetaanse regering stelt dat ze mensen niet heeft opgeroepen en geen opdracht heeft gegeven Shugden-aanbidders te bestoken of aan te vallen. Maar ze heeft wel lectuur en video’s verspreid waarin Shugden-aanbidders worden gedemoniseerd.’

De Chinese overheid komt de strijd goed uit: zij kan daarmee–ín Tibet en daarbuiten–de dalai lama en zijn aanhang in een kwaad daglicht stellen. Tibetoloog Robert Thurman (Columbia University) schrijft hierover in The Huffington Post (5 maart 2014). Hij meent dat het vuur allang zou zijn gedoofd wanneer de hard-liners onder de machthebbers in de Volksrepubliek China er geen splijtzwam in zouden zien. Volgens Thurman helpt China dan ook de Shugden-propaganda van ‘cultleiders’ in Tibet, Mongolië, India en het Westen financieren.

Confrontatie op film

De website Dorjeshugden.com plaatste op 22 februari 2014 een YouTube-video van een recente directe confrontatie in de VS tussen een Tibetaans boeddhistische non en de dalai lama. De non zegt de dalai lama dat hij moet stoppen met liegen en dat iedereen aanspraak moet kunnen maken op de vrijheid van godsdienst. De dalai lama antwoordt in gebroken Engels, met geheven vinger:

‘This is not a matter of religious freedom. No, no, no, no. I know Buddha’s teachings. I know Lama Tsongkapa’s teachings. This is not a religion. This is worship of a spirit. So that is wrong.’

Norbu verwijt de Tibetaanse ministers en ambtenaren die de dalai lama tijdens dit soort bezoeken vergezellen,  nalatigheid. Zij hadden moeten voorkomen dat de paden van de dalai en deze inji (westerling) zich kruisten.

Behalve het persoonlijke risico voor de dalai lama, vreest Norbu vooral imagoschade en afbreukrisico’s voor het Tibetaanse streven naar zelfbeschikking. Hij vraagt voor- en tegenstanders daarom met elkaar in gesprek te gaan.

‘Ook al zijn we nu niet in staat zijn het geschil over de fundamentele aspecten van dit schisma op te lossen, ik raad ik Dharamsala aan tot een soort minimale afspraak met Shugden-aanhangers te komen over hun gedrag tijdens de bezoeken van Zijne Heiligheid aan het Westen. Zo niet, dan kunnen de zaken makkelijk uit de hand lopen. Raken boze Tibetanen in ballingschap in de straten van New York of London slaags met Shugden-aanhangers, dan brengt dit onherstelbare schade toe aan onze zaak en de internationale reputatie van Zijne Heiligheid,’ aldus Norbu.

‘Opening the Eye of Discernment’

De decennia oude Tibetaanse veenbrand is mogelijk opgelaaid door een gebeurtenis in India. Op 28 december 2013 nam de dalai lama in het Sera Je klooster in Bylakuppe (India) het eerste exemplaar in ontvangst van ‘Opening the Eye of Discernment: a Golden Key’.

Volgens de samenstellers bevat het boek ‘alle relevante documenten’ over Dorje Shugden. De bundel moet eens en voor altijd duidelijk maken dat de dalai lama het steeds bij het rechte eind heeft gehad.

De dalai lama zelf was niet bij de totstandkoming van de bundel betrokken. Deze kwam tot stand onder verantwoordelijkheid van de Geluk International Foundation, waarbij elf belangrijke gelug kloosters in India zijn aangesloten. ‘Opening the Eye of Discernment’ is uitgegeven onder auspiciën van de Tibetaanse regering in ballingschap.

Politiek steekspel

De meeste demonstranten zijn westerse bekeerlingen die die zich verplicht voelen partij te kiezen. Net als andere westerse boeddhisten volgen deze bekeerlingen meestal klakkeloos het oordeel van de ‘eigen’ stroming of leraar. De breuklijnen die zich tussen hen aftekenen, zijn daarom in feite van Tibetaanse origine. Ze weerspiegelen zelden gedegen, inhoudelijk en kritisch onderzoek van de zaak door boeddhistische bekeerlingen zelf.

Geeft de loyaliteit van westerse boeddhisten jegens Tibetaanse leraren de doorslag, dan loopt de kwestie altijd op een politiek steekspel uit. Dan wordt de betekenis van Dorje Shugden door hen niet op grond van een zorgvuldige, eigen afweging bepaald, maar op basis van voorgeprogrammeerde Tibetaanse standpunten.

Volgens de Tibetaanse leraar Kundeling Rinpoche, bijvoorbeeld, zoekt de dalai lama in Dorje Shugden een ‘zondebok’ voor zijn eigen falen tegenover China en de bevolking van Tibet. Westerse politici wijzen gevestigde handelsbelangen, het ontbreken van politieke steun en de militaire macht van China aan als oorzaak, de Tibetaanse leider doet de volgelingen van een ‘boze geest’ in de ban.

Het klinkt onaannemelijk. Maar het is niet voor het eerst dat Tibetaanse geestelijken een politiek geschil met religieuze middelen uitvechten, en vice versa. Ook al benoemde de dalai lama in 2011 de Tibetaanse premier in ballingschap, Lobsang Sangay, formeel tot politiek leider van het Tibetaanse volk, in ballingschap en in Tibet zijn kerk en staat, religie en politiek informeel nog steeds met elkaar verweven.

Bezoek dalai lama aan Nederland
• De Dorje Shugden controverse is sinds de jaren ’90 actueel.
• Dat de zaak niet alleen een polariserend maar ook een politiserend karakter heeft, werd duidelijk tijdens de aanloop naar het laatste bezoek van de dalai lama aan Nederland in 2009.
• Enkele Tibetaans boeddhistische sangha’s proberen het toetreden van Dorje Shugden-aanhangers tot de Boeddhistische Unie Nederland (BUN) te verhinderen. Ze waren bang bij eventuele protestacties daarop door de dalai lama te worden aangekeken.
• De BUN is formeel contactorgaan van het ministerie van veiligheid en justitie. Dat ministerie wreef de BUN-leden in 2009 de gevolgen van religieuze discriminatie onder de neus: intrekking van de erkenning als contactorgaan van de Nederlandse overheid.
• Zo voorkwam het ministerie dat Shugden-tegenstanders binnen de BUN in hun opzet slaagden.
• Sindsdien telt de BUN twee leden met een Shugden-aanhang (Lama Gangchen International en Padma Ösel Ling).
• Omdat het ministerie met het forceren van die ‘keuze’ het eigenlijke geschil niet oplost, politiseert de kwestie de BUN.

Dodenlijst
• In 2008 organiseerden medestanders van de Western Shugden Society (WSS) en New Kadampa Tradition (NKT) tijdens bezoeken van de dalai lama wereldwijd demonstraties.
• Onder de vlag van de International Shugden Community (ISC) voert de WSS momenteel een on line pr-campagne.
• Een Public Announcement (10 oktober 2013) van ISC stelt dat de Afdeling Onderzoek en Analyse van het ministerie van veiligheid van de Tibetaanse regering in ballingschap in 1998 bijdroeg tot het opstellen van een ‘dodenlijst’.
• Deze lijst circuleerde onder Tibetanen in India en Nepal, en is inmiddels over de hele wereld verspreid, aldus ISC.
• Op de lijst staan volgens ISC de namen en profielen van ‘Ten Most Hated Enemies of the Dalai Lama and Tibet’.
• Van deze personen zijn minstens drie boeddhistische leraren verbonden met minstens vier Nederlandse sangha’s(boeddhistische gemeenschappen): Geshe Kelsang Gyatso (Nieuwe Kadampa Traditie), Lama Gangchen (Lama Gangchen International, Padma Ösel Ling, Atisha Kirti Danza) en Kundeling Rinpoche (Atisha Kirti Danza).
• Onduidelijk is of tijdens het bezoek van de dalai lama aan Nederland (10-12 mei 2014) ook demonstraties van deze Shugden-aanhangers of hun buitenlandse sangha-genoten moeten worden verwacht.

Geef een reactie