• onafhankelijk • onderzoekend • opiniërend •

Crisismanager én voorzitter

Richard de Jongh

Inspringen als crisismanager en afgebrand worden als voorzitter. Dit overkwam Richard de Jongh (42) als voorzitter van de BUN.

Want dat de BUN een crisis doormaakt, wordt ondernemer De Jongh duidelijk in de eerste gesprekken die hij in 2011 met (toen nog) kandidaat-bestuurslid André Kalden voerde.

‘Ze wilden me als crisismanager. Daar had ik niks op tegen. Ik wilde me wel voor de goede zaak inzetten. Nieuw bestuurlijk elan aan de BUN geven met de oprechte intentie van een ongebonden boeddhist’, vat hij zijn beweegreden samen.

Maar hij komt van een koude kermis terug. Hij praat zich ongeveer acht maanden de blaren op de lippen om de BUN weer de invloed te geven die het krachtens haar rechtspositie heeft. Hij doet dit met de BUN, de BOS, de stichting Boeddhistische Zendende Instantie (BZI), het Commissariaat van de Media en het ministerie van Justitie.

Hij weerstaat zijn eerste, roerige algemene ledenvergadering, hij probeert het bestuur dat eerst ‘schouder aan schouder’ stond, daarna aan zich te binden. Niets helpt. Vlak voor een BUN-ledenvergadering die willens en wetens tijdens zijn zomervakantie is gehouden, trekt De Jongh zich op 5 augustus 2011 terug als voorzitter.

Nu ziet hij voor het eerst tijdens een interview met • openboeddhisme • om naar deze periode.

Zijn terugblik wekt het beeld van een ‘kliek’ van boeddhisten die de BUN stelselmatig buiten spel zet, die met alle regels van behoorlijk bestuur spot,  een gecorrumpeerd BUN-bestuur, leden die geen verantwoordelijkheid nemen. Aan gedrevenheid heeft hij niet ingeboet.

Op het schild

Richard de Jong wordt op 22 januari 2011 tijdens de algemene ledenvergadering van de BUN op het schild gehesen als de man die de unie nieuw bestuurlijke elan moet geven.

Als ‘ongebondende’ kan De Jongh die boven alle partijen staat, onbevangen leiding aan de unie geven. Dat vindt hij een gezonde zaak.

Vol goede moed gaat hij de eerste gesprekken aan. Zijn persoonlijk doel is de relatie die de BUN met de BOS en de BZI heeft, te ontrafelen én te verstevigen.

Dit is actueel omdat de in een samenwerkingsovereenkomst met de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) voorgeschreven evaluatie van de BUN als zendende instantie (lees: contactorgaan van Justitie namens alle Nederlandse boeddhisten) eraan komt. En de BOS moet de komende jaren opgaan in een nieuwe omroeporganisatie.

Zijn conclusie is snel en simpel: de BUN is formeel leidend ten opzichte van de BOS en de BZI.

Daarna ontvouwt zich aan hem een tweede inzicht: er is een kliek van mannen die de onkritische houding van overheden, de onoplettendheid van de BUN-leden en het ‘softe’ beeld van boeddhisten gebruiken om alle macht naar zich toe te trekken.

Ze stellen zich volgens De Jongh op een voetstuk en achten zich belangrijker dan de BUN.

‘Wij doen het goed’

Hun boodschap in alle overleggen met De Jongh is evident. ‘De BUN is contraproductief, wij zijn professioneel, de BUN is amateuristisch, wij doen het goed’.

Hij probeert nog met de kapotte grammofoonplaat (‘Wij moeten als BUN formeel leidend zijn in alles wat jullie in omroepland en het gevangeniswezen namens onze achterban doen’) de BUN de positie te geven die de unie moet innemen. Het lukt hem niet.

‘De BUN was bij mijn aantreden fout bezig door de BOS en BZI over zich heen te laten lopen. Ik stelde me op het standpunt: nu veranderen, nu leidend zijn. De reacties waren toen niet erg meewerkend, ze waren bijzonder negatief’, zegt hij.

De Jongh legt de BOS en de BZI uiteindelijk twee scenario’s voor.

‘We moeten meer invloed op de BOS hebben. Gebeurt dit niet, dan trekken we als BUN de delegatie of de zendmachtiging in. We moeten meer invloed op de BZI hebben. Wordt deze niet gerealiseerd, dan moeten we als BUN de samenwerkingsovereenkomst met Justitie beëindigen’.

De Jongh voert tijdens de gesprekken met beide organisaties de druk op. Hij deelt hen mee dat hij dit scenario (intrekken en beëindigen) aan de algemene ledenvergadering van 6 juni 2011 gaat voorleggen als ze zijn voorstel afwijzen.

‘Schouder aan schouder’

De BOS en BZI zochten daarop contact, buiten het BUN-bestuur om, met de leden om hun zaak te bepleiten.

Het BUN-bestuur (met huidige voorzitter André Kalden, (toen nog) kandidaat-bestuurslid Bert Koopmanschap, Rinus Laban en Wanda Sluyter) trekt zich niets hiervan aan en staat ‘schouder aan schouder’, zoals De Jongh zegt.

Tot 6 juni 2011, de dag van de algemene ledenvergadering van de BUN.

In de aanloop ernaar bepraat het bestuur wie, behalve de leden, wel en niet wordt uitgenodigd. Uiteindelijk zijn ook niet-leden, de vertegenwoordigers van de BOS en de BZI, welkom. De Jongh is als enige tegen omdat hij geen belanghebbenden op de vergadering wil hebben.

De Jongh deed vlak voor de start van de vergadering als voorzitter niets om niet-genodigden die ‘met ladingen tegelijk’ binnenkwamen, de toegang te ontzeggen. ‘Ik had de vergadering kunnen afblazen. Dat heb ik niet gedaan. Het was mijn eerste ledenvergadering met mij als voorzitter’.

Na veel onderbrekingen tijdens zijn presentatie over de rol van de BUN ten opzichte van de BOS en BZI vellen de leden geen oordeel. Uit de vergadering komt wel het plan om het bestuurlijke probleem te onderzoeken.

BOS geldschieter

En dan gaat het volgens de oud-voorzitter snel. ‘Er wordt een werkgroep opgericht, leden staande de vergadering gevraagd zitting erin te nemen, anderen melden dat ze ook wel mee willen doen, Michel Dingarten zegt namens de BOS bereid te zijn mee te willen betalen. Kortom, onbehoorlijk bestuur.’

Dit proces zet zich door ná de ledenvergadering. Justitie-ambtenaar Varamitra (hoofd BVG, Boeddhistische Geestelijke Verzorging) benadert kandidaat-bestuurslid BUN Bert Koopmanschap.

Hij vraagt hem de bereidwilligheid van het bestuur te peilen om gezamenlijk demissionair staatssecretaris Fred Teeven (Justitie) over te halen de tijdelijke erkenning van de BUN met één jaar te verlengen. ‘Gelet op de huidige ontwikkelingen’, schrijft hij.

‘Serieuze integriteitschending’

Koopmanschap, tegenwoordig wethouder te Bunnik, stuurt het verzoek door naar De Jongh met de mededeling het ermee eens te zijn. Toenmalig bestuurslid en huidig voorzitter André Kalden schaart zich kort daarna eveneens achter dit standpunt.

De Jongh weigert expliciet mee te werken. ‘Omwille van het behoud van de bestuurlijke integriteit van de BUN’, zoals hij kort daarop aan het Commissariaat voor de Media (CvdM) en de DJI schrijft. Hij beschouwt het verzoek van Varamitra als een ‘serieuze integriteitschending’.

De reactie van zijn mede-bestuursleden staat haaks op wat De Jongh wil: alle plannen, ideeën en suggesties uit de ledenvergadering uitwerken, en inventariseren welke conclusies het bestuur daaraan verbindt.

Externe adviseurs

Richard de Jongh gaat ook te rade bij een groep externe adviseurs. In maart 2011 had hij deze met medeweten van het BUN-bestuur om zich heen verzameld om te zorgen voor reflectie en intervisie. Het gaat om de hoogleraren Joest ’t Hart en Henk Barendregt, zenleraar Ron Sinnige, onderzoeker Rob Hogendoorn, en consultant Reinier Tilanus.

Hij bepraat met enkelen van hen de gang van zaken, en wordt gesteund in zijn conclusie: de bestuursleden zijn gecorrumpeerd, ze zijn losgeslagen.

Om die reden schrijft hij als BUN-voorzitter aan toenmalig hoofddirecteur Peter van der Sande (Dienst Justitiële Inrichtingen) en voorzitter Tineke Bahlmann (CvdM) dat de BUN niet langer in staat is aan haar bestuurlijke verantwoordelijkheid te voldoen.

Hij stuurt afschriften aan alle BUN-leden en aan de voorzitters van BOS en BZI.

BUN-leden

Van de leden hoort hij nagenoeg niets. ‘Al is het bestuur nog zo adequaat, de leden nemen geen verantwoordelijkheid, ze steunen de verkeerde besluiten’, zegt De Jongh.

De bestuursleden weigeren in een reguliere vergadering zijn brief en onderliggende documenten te lezen. Hun enige reactie is een eigen brief aan Van der Sande en Bahlmann. Daarin delen ze mee dat De Jongh op eigen houtje heeft gehandeld en dat hij niet namens het bestuur spreekt.

Dan gaat Richard de Jongh op vakantie. Hij hoort op zijn vakantie-adres dat het BUN-bestuur een tussentijdse algemene ledenvergadering heeft uitgeschreven: op 6 augustus 2011. Op de agenda staat het voorstel tot zijn ontslag als bestuurslid.

Dit voorstel is afkomstig van negen BUN-leden. BUN-secretaris Rinus Laban deelt namens het bestuur de leden mee dat tijdens de ledenvergadering niet inhoudelijk over De Jongh’s kritiek mag worden gepraat.

Voor Richard de Jongh is dit de druppel. Op 5 augustus 2011, één dag voor de ledenvergadering, treedt hij vanaf zijn vakantie-adres als voorzitter af.

Lees ook

> Actueel: Oud-voorzitter BUN tegen uitstel evaluatie
> Actueel: Justitie: uitstel BUN-evaluatie schadevrij
> Actueel: DJI hoort oud-voorzitter BUN
> Actueel: BOS bepaalt eigen koers alleen
> De Jongh: Leden van de BUN (1-8-2011, pdf)
> De Jongh: Persbericht voorzitter BUN (5-8-2011, pdf)

Kijk ook

> MasterMind Meetings: Richard de Jongh (2010)

Geef een reactie