• onafhankelijk • onderzoekend • opiniërend •

Boeddhisme in NRC bespot

Stazaksoep

Als je nu iets fout doet, doe je het later zonder schuldgevoelens anders, dat is dat, dat is boeddhisme. Kort samengevat de uitspraak van hoogleraar en boeddhist Matthijs Schouten in een interview met NRC Handelsblad. Voor NRC-columniste Monique Snoeijen aanleiding maar direct boeddhist te worden.

Snoeijen doet deze geloofsbelijdenis in haar column Levenslied onder de kop ‘Niet oordelen’ (NRC, 16 maart 2013).

Ze bespreekt op spottende toon daarin het interview ‘Hart voor de wereld’ dat NRC-journaliste Marjoleine de Vos met Schouten had (NRC DeLuxe Interview, 9 maart 2013).

Monique Snoeijen is redacteur van het NRC-lifestylekatern Lux, de column vormt de ‘soundtrack van haar leven’.

Haar column over boeddhisme lokt een reactie uit van boeddhist Jules Prast. Hij vraagt zich op zijn site Boeddhaweg.nl af hoe boeddhisten het publiek ervan kunnen overtuigen dat het boeddhisme van ‘iets-isme’ moet worden onderscheiden.

Hoogleraar en meditatieleraar

Matthijs Schouten (1952) werkt als strateeg bij Staatsbosbeheer. Verder is hij bijzonder hoogleraar ecologie en filosofie van het natuurherstel aan de Wageningen Universiteit en bijzonder hoogleraar natuur- en landschapsbescherming aan de universiteiten van Cork en Galway (Ierland).

Hij is meditatieleraar in de theravada-boeddhistische traditie van de Birmese leraar Sayagyi U Ba Khin (†1971). In 2010 publiceerde Schouten samen met (prinses) Irene van Lippe-Biesterfeld het boek Leven in verbinding, over mens-zijn.

Schuldgevoelens

Schouten zegt in het NRC-interview dat de mens in het westen is opgevoed met schuldgevoelens. ‘Dat is iets wat je in het boeddhisme helemaal niet zo tegenkomt. Als je iets fout doet, doe je het fout. Dat is wat er nu gebeurt, de volgende keer doe je het anders en dat is dat.’

Hij beweert dat ieder mens zich als een ‘work in progress’ moet zien. ‘Waarmee je dus ook jezelf en de ander de ruimte geeft om steeds weer te zijn wat je op dat moment bent. Dan hoef je niet steeds te zeggen: ‘Ja maar toen zei je’ en ‘Vroeger was je’ en ‘Weet je nog’ – waardoor je mensen steeds vastzet in concepten en beelden.’

Klaar voor boeddhisme

Monique Snoeijen zegt naar aanleiding van zijn uitspraken ‘opeens heel erg klaar voor dit gedachtengoed’ (lees: boeddhisme) te zijn: ‘Niet meer oordelen. Leren leven met de veranderlijkheid der dingen.’

Een van de voorbeelden daarvoor die ze aanhaalt, is de huidige relatie met haar dochter.

Snoeijen vraagt zich af waarom ze zich ‘nog altijd’ schuldig zou voelen dat ze zestien jaar geleden haar drie maanden oude dochter een dag in een crèche stopte en dat ze ‘aan het einde van de dag naar een vreemde vrouw rook die wel tijd had om haar op schoot te nemen? Dat was toen. Nu zit ze gezellig bij me aan tafel haar nagels te lakken.’

‘Goed, zometeen verdwijnt ze nogal schaars gekleed naar het Leidseplein, maar daar heb ik als boeddhist dus geen oordeel meer over. Dat is nu. Later zal ze me in huis nemen en voor me zorgen – of niet natuurlijk’, schrijft Snoeijen.

Thich Nhat Hanh

Schouten noemt in het interview de Vietnamese zen-monnik Thich Nhat Hanh als voorbeeld van de boeddhist die het boeddhisme naar de westerse cultuur probeert te vertalen.

Volgens de hoogleraar leert deze monnik de westerse mens dat zorg voor elkaar, de natuur, de planeet niet hoeft voort te komen uit schuldgevoel.

Schouten illustreert zijn betoog met Thich Nhat Hanh’s bewering dat hij in een tulp de zonneschijn ziet.

‘Want zonder zon is er geen tulp. En je ziet water, want zonder water is er geen tulp. En je ziet de kweker die de tulpenbol geplant heeft en achter hem zie je de ouders van de tulpenkweker. En het brood, het graan dat deze kweker elke dag at, dat zit ook in deze tulp. En uiteindelijk is er niets aan te wijzen dat nu niet hier in deze tulp is.’

Op zichzelf bestaan

Schouten legt de NRC-lezer verder uit dat het woord ‘zijn’ de indruk kan wekken dat ‘de dingen’ op zichzelf bestaan.

Het boeddhisme daarentegen leert juist dat niets op zichzelf kan bestaan. ‘Het eigen welzijn is dan als vanzelf verbonden met het welzijn van alles wat om je heen is.’

Inzien dat je niet als ‘afgescheiden entiteit’ in de wereld staat vindt hij ‘meer en meer’ van deze tijd. ‘Denk alleen al aan hoe mensen alles delen via sociale netwerken.’

Schaduwzijden

Volgens Schouten zijn mensen weer op zoek naar samenhang en zingeving.

Hij contrasteert zijn boeddhistische visie met de schaduwzijden van het ‘doorgeschoten materialisme en individualisme’, en met verschijnselen als ‘conservatisme’, ‘groepsdenken’ en ‘nationalisme’.

Daar staat tegenover, meent Schouten, dat mensen ‘zoeken naar nieuwe verbindingen en verbanden, met anderen en ook met de aarde en de natuur.’

Leegte en afhankelijk ontstaan

Zonder het te zeggen verwijst Schouten in het NRC-interview naar de boeddhistische filosofie van leegte en afhankelijk ontstaan (ook wel: voorwaardelijk ontstaan).

Traditionele boeddhisten zijn terughoudend met dergelijk onderricht. Het inzicht dat niets op zichzelf bestaat, kan makkelijk verkeerd worden begrepen, en zo uitmonden in een doorgeslagen relativisme en moreel nihilisme.

Dat risico bestaat vooral wanneer men uit de bewering dat het onderscheid tussen zin en onzin, goed en kwaad niet absoluut is, ten onrechte afleidt dat daartussen helemaal geen onderscheid bestaat. Met alle kwalijke gevolgen van dien.

Behalve tulp ook stazaksoep

NRC-columniste Snoeijen steekt de draak met de boeddhist als ‘een vrolijker, frustratievrij mens’. Ze heeft het niet over een ‘tulp’ maar over soep in een stazak.

‘Want als je goed kijkt, weet ik nu, dan kun je in een zak soep de zon zien schijnen. Want zonder zon geen stazaksoeptomaat. En in die soepzak kun je ook de kweker zien die de tomaat geplant heeft. En het brood en het graan dat die kweker elke dag at, dat zit ook in die zak. Uiteindelijk is er niets aan te wijzen dat niet in die stazaksoep zit.’

Kortom, zo concludeert ze: ‘Dus als mijn dochters voortaan de zon in hun mobiele telefoon zien schijnen, lepel ik vreugdevol mijn kommetje leeg. En dat is dat.’

Het interview met Schouten en Snoeijen’s spottende column daarover in NRC lokken weer een reactie uit vanuit boeddhistische kring.

Geen maatschappelijk begrip

‘Altijd nu, nooit meer zorgen. Totdat boeddhisten geloofwaardig kunnen uitleggen én voorleven wat ze onderscheidt, hoeven ze niet op al te veel maatschappelijk begrip te rekenen.’

Dit stelt Jules Prast (1961) op zijn site Boeddhaweg.nl. 

Volgens Prast zet de NRC-columniste het boeddhisme als een zelfgenoegzaam, vrijblijvend ‘iets-isme’ neer.

‘Geeft Schouten daar aanleiding toe? Ja en nee. Voor lezers die vertrouwd zijn met boeddhisme spreekt hij misschien begrijpelijke taal. Maar in zijn betoog ontbreekt er ook een belangrijk element: het perspectief van werkelijke persoonlijke transformatie en de uitdagingen van de boeddhaweg’, bekritiseert hij Schouten op zijn site.

Relevantie van boeddhisme

Prast stelt de vraag centraal hoe een boeddhist de relevantie van het boeddhisme tegenover de rest van de samenleving aannemelijk kan maken.

‘De Boeddha leerde een bepaalde mate van ‘van de wereld afgekeerd zijn’. Dat is de kern van de persoonlijke transformatie die zich voltrekt wanneer je de leer van de Boeddha in zijn volle breedte en diepte tot je laat doordringen, tot welke stroming je verder ook behoort. Totdat boeddhisten dit geloofwaardig kunnen uitleggen én voorleven, hoeven ze niet op al te veel maatschappelijk begrip te rekenen’, zegt Prast.

‘Heilshorizon’

Prast gaat zijdelings in op Schouten’s weergave van de boeddhistische filosofie en de conclusies die Snoeijen daaraan verbindt.

Volgens hem kan het boeddhisme mensen een ‘heilshorizon’ doen ervaren, ‘een uitzicht op bevrijding dat ze beïnvloedt in hun in-de-wereld zijn, in hun gedrag en verwachtingspatronen.’

Maar, zegt Prast op zijn site, om op meer maatschappelijk begrip te mogen rekenen zullen boeddhisten het publiek wel duidelijk moeten maken wat het leerstuk afhankelijk ontstaan inhoudt, en ‘hoe de mogelijkheid van bevrijding ankert in de voorstellingswereld van karma en reïncarnatie.’

Hij noemt zo’n perspectief ‘broodnodig’, en merkt op dat het overbrengen ervan vereist dat boeddhisten ‘hun bronnen kennen en hun handelen daarnaar richten’.

‘Dat is in wezen van dezelfde orde als een paus die wijst op het belang van bouwen aan de kerk en leven vanuit het kruis.’

Lees ook

> NRC – Column Monique Snoeijen (16-3-2013)
> Jules Prast - Een zelfgenoegzaam, vrijblijvend iets-isme (18-3-2013)
> Marjoleine de Vos – ‘Onbetaalbare ervaringen’ (NRC, 14-5-2007)
> Thich Nath Hanh Foundation
> Stichting Leven in Aandacht

Kijk ook

> NOVA – (Prinses) Irene van Lippe-Biesterfeld over Leven in verbinding (2010)

4 Responses to “Boeddhisme in NRC bespot”

  1. Alluman

    Ik snap de ophef niet zo.

    Ik heb de column niet gelezen, maar uitgaand van het bovenstaande zie ik er verder geen punt in. Ik lees er overigens nauwelijks spot in, hooguit flauwe lolligdoenerij.

    Snoeijen verwoordt enkel het algemene beeld van boeddhisme dat leeft bij veel Nederlanders. Dat dit beeld afwijkt van de beelden van boeddhisten – het zij zo.

    Het is juist een prachtige aanleiding om nu eens gezamenlijk een manier te vinden om zulke hardnekkige foute beelden te verhelpen door de dharma op een heldere manier breed beschikbaar te maken.

    Bedankt dus, Snoeijen, voor deze column!

    Beantwoorden
  2. Guus van Holland

    Ik begrijp de ophef allerminst. Het is zoals het is.

    Monique Snoeijen heeft het recht (de vrijheid) te denken en te schrijven over boeddhisme en haar eigen idee daarover.

    Niks mis mee. Dat is m.i. ook boeddhisme.

    Beantwoorden
  3. Jules Prast

    Er is wat mij betreft geen ophef. Monique Snoeijen heeft inderdaad alle recht op haar mening.

    Ik heb naar aanleiding van haar artikel mijn mening gegeven, namelijk dat boeddhisten soms aanleiding kunnen geven tot interpretaties van boeddhisme zoals je deze in haar artikel geeft, omdat zij boeddhisme op een te vrijblijvende manier presenteren.

    Ik heb naar aanleiding van de mening van Monique Snoeijen slechts mijn mening gegeven. Zij heeft met haar artikel dus discussie losgemaakt en dat lijkt me een goede zaak.

    Beantwoorden

Laat een reactie achter bij Alluman Reactie annuleren