Goed stuk, Emma. Bovenstaande gedachtengang heb ik een paar jaar geleden ook al eens voorgelegd. Waarom een boeddhistische zuil oprichten als ambtelijke binding voor geestelijk verzorgers al lang niet meer de enige optie is voor het vak? Voor de toekomst van geestelijke verzorging lijkt mij verzuiling zelfs een gemiste kans.

Ambtelijke binding kan in de beeldvorming op de huidige arbeidsmarkt zelfs averechts werken. Krijgsmacht en Justitie staan weliswaar nog in de verzuilde traditie, maar in de zorg bijvoorbeeld, toch een belangrijk werkterrein voor geestelijk verzorgers, geeft men vaak de voorkeur aan een geestelijk verzorger zonder ambtelijke binding. Men wil gewoon een moderne geestelijk verzorger, niet een op traditie georiënteerde ambtsdrager met complicerende principes. Vooroordelen misschien, maar zo werkt het vaak wel, is mijn ervaring.

Toekomstig geestelijk verzorgers moeten op deze ontwikkeling anticiperen. Dit betekent overigens niet dat je als geestelijk verzorger geen levensbeschouwelijke basis hebt – natuurlijk heb je die, je kunt geen geestelijk verzorger zijn zonder. Maar die basis is in de beeldvorming bijzaak, in tegenstelling tot de ambtelijke binding.

Los van de ambtelijke binding zouden geestelijk verzorgers op boeddhistische basis er goed aan doen, hoe dan ook, de volgende vraag in de ogen te zien: Wat houdt westers ‘boeddhisme’ nu eigenlijk in? De veelal commerciële en bij psychologie aanhakende, sterk op wil en evidence based resultaten georiënteerde eclectische boeddhismen hier in het westen zijn geneigd voorbij te gaan aan het gratuite element dat voorwaarde is voor ieder zingevingssysteem, en voor boeddhisme misschien wel in het bijzonder.

Voor boeddhistisch geestelijk verzorgers, met of zonder ambtelijke binding, ligt er dus hoe dan ook een pittige uitdaging, groter dan die paar welwillende en idealistische geestelijk verzorgers (in spe) kunnen dragen. Zij rust op de schouders van alle Nederboeddhisten, die samen vormgeven aan de paradox van een nieuwe traditie waarin veel mogelijk is, maar niet alles.

(Auteur was geestelijk verzorger zonder ambtelijke binding in de gezondheidszorg, bestuurslid van de Vereniging voor Geestelijk Verzorgers Albert Camus en van de Stichting Kwaliteitsregister Geestelijk Verzorgers (SKGV). Momenteel is zij werkzaam als ziekenhuisethicus. Ze werkt aan een proefschrift waarbij het westers (godsdienst)wijsgerig perspectief in dialoog wordt gebracht met een Japanse boeddhistisch georiënteerde filosoof.)