BUN wilde BZI opheffen
Het BUN-bestuur zag in maart 2011 het eenzijdig opheffen van de Boedhhistische Zendende Instantie (BZI) als enige mogelijkheid om de geestelijke zorg van boeddhistische gedetineerden veilig te stellen.
Dit staat in een interne evaluatie van het BUN-bestuur over de rol van de Stichting BZI die in maart 2011 is opgesteld. Het verslag hiervan is in handen van • open boeddhisme •.
De erkenningsovereenkomst die de BUN met toenmalig justitie-minister Hirsch Ballin in november 2008 sloot, regelt de geestelijke zorg van deze groep gedetineerden. De BUN gaf de uitvoering daarvan in handen van de BZI.
Niets dan zorgen
Aanleiding voor de evaluatie is de constatering dat de BZI de BUN niets dan zorgen oplevert. ‘Er spelen rondom de BZI een veelvoud aan triviale zaken die zeer moeilijk te verenigen zijn met de medeverantwoordelijkheid die de BUN heeft voor de ontwikkeling van het boeddhisme in Nederland’, constateert het bestuur.
Er ontbreekt een goede basis om op een verantwoorde manier, richting achterban en maatschappij door te gaan met de samenwerking met Justitie.
Verbreken is logisch
‘Het verbreken van de samenwerking lijkt daarom volstrekt logisch en heeft geen negatieve gevolgen voor de BUN en/of de gedetineerden’, stelt het bestuur vast.
Het enige dat het bestuur rest is deze conclusie: ‘In overleg met de minister de overeenkomst te ontbinden.’
Belangenverstrengeling
In de evaluatie somt het bestuur problemen op rondom de BZI. Varamitra, het hoofd Boeddhistische Geestelijke Verzorging (BGV) binnen de ministeriële dienst, wordt beticht van belangenverstrengeling. Deze is in strijd met de integriteitsregels, behoorlijk bestuur en de eed die de ambtenaar heeft moeten afleggen, aldus het bestuur.
Daarnaast is vanuit de BZI de BUN misleid met de mededeling dat het desbetreffende hoofd geen universitair diploma voor deze functie zou hoeven te hebben.
Bovendien heeft het BZI-bestuur Varamitra voorgedragen zonder de gangbare werving- en selectieprocedure.
Geen samenwerking
Het bestuur is ook zeer kritisch op de communicatie tussen BUN en BZI. Vanuit de BZI heeft ‘geen (poging) tot samenwerking’ plaats.
‘Het bestuur van de BUN wordt ronduit vijandig bejegend als het kritische vragen stelt, dit geldt ook voor leden van de BUN’.
Opleiding VU
Het BUN-bestuur gaat in op de ambtsopleiding aan de VU Amsterdam. Het constateert dat de universiteit alleen maar kijkt naar de financiële en organisatorische haalbaarheid.
Inhoud, doel en effect van de leergang op de receptie van het boeddhisme én de belangen van de gedetineerden blijven buiten beschouwing.
Geldstroom
De VU en de beoogde docenten (de leden van de curriculumcommissie) hebben volgens het BUN-bestuur er belang bij een zo groot mogelijke geldstroom te scheppen en een zo groot mogelijk aantal studenten te werven.
In feite berust de besluit- en beleidsvorming niet op religieuze of levensbeschouwelijke, maar op seculiere motieven en institutionele, organisatorische, financiële en persoonlijke belangen, aldus het bestuur.
Het BUN-bestuur geeft geen reactie.
Lees ook
> Actueel: Teeven besluit na mei over BUN
> Actueel: Eén procent gevangenen is boeddhist
> BUNBZI-interne bestuursevaluatie (30-3-2012, pdf)
Kijk ook
> Film: Ondertekening erkenning BUN als zendende instantie (24-11-2008)

One Response to “BUN wilde BZI opheffen”
Mij ontgaan een aantal zaken:
1. het belang van de BUN en anderen bij de geestelijke zorg voor gedetineerden; over spirituele zorg hoor ik niets.
2. het belang van geïnstitutionaliseerde zorg, terwijl het om spiritualiteit, religie en levensbeschouwing gaat.
3. de rol van overheid en geld.
4. de noodzaak van een universitaire achtergrond van hulpverleners.
Als er echt wordt nagedacht over wat belangrijk is, dan zijn bovenstaande vier onderwerpen niet relevant. Waarom lees ik dan telkens zaken die over het bovenstaande gaan?
Misschien zouden boeddhisten in dit verband eens moeten kijken naar hindoes, waarbij zendingsdrang geheel afwezig is maar mededogen en spirituele verrijking wel degelijk aanwezig zijn.
Hoe kan men mensen begeleiden zolang men zelf doolt?
Kortom, leer nu met zijn alleen eindelijk eens dat spirituele zorg zich niet verhoudt tot geformaliseerde en geïnstitutionaliseerde organisatie van die zorg.
Wat nodig is, is liefde voor de mens. Slechts dat. Niets meer.