[Met toevoeging en 'updates', zie onderaan]
Aad Verboom heeft gisteren een persoonlijke verklaring laten verspreiden door het BD: http://boeddhistischdagblad.nl/52172-vipassanaleraar-aad-verboom-ik-had-beter-op-de-signalen-moeten-letten/
Een citaat hieruit: "In april 2015 heb ik met Henk Barendregt – die begin jaren tachtig bestuurslid was van Stichting de Boeddharama Tempel – gesproken over de Waalwijkse periode. Hij vertelde me dat hij in 1981 aan Mettavihari gevraagd had of hij seksuele handelingen met Patrick Franssen had verricht. Mettavihari had dat aan hem toegegeven. Op dat moment werd me duidelijk dat Mettavihari me in 1981 niet de waarheid had verteld en werd de getuigenis van Patrick Franssen alsnog geloofwaardig. Het is daarom dat ik in het Boeddhistisch Dagblad van 31 mei mijn persoonlijke excuses aan Patrick heb aangeboden. ...
Ondertussen heb ik voor mezelf de pijnlijke realiteit geaccepteerd dat Mettavihari tegen me heeft gelogen en in ernstige mate een groot aantal mensen seksueel heeft misbruikt. ...
Mijn zelfreflectie is dat ‘ik heb zitten pitten’ ... "
Hier doemen voor minstens twee mensen problemen op:
Voor Aad Verboom maar ook voor Henk Barendregt die (volgens Aad althans) al sinds 1981 weet dat Mettavihari ontucht had gepleegd, en hem toch de hand boven het hoofd heeft gehouden en bovendien dit tot 2015 niet aan z'n collega-leraren heeft verteld.
Het wachten is op een echte verklaring van Henk, als die terug is uit de Verenigde Staten; als hij verstandig is: zo snel mogelijk.
Er zit namelijk nogal wat ruimte tussen de verklaring van Aad èn de verklaring van Henk van 29 mei: https://barendregt.wordpress.com/preventie-sexueel-misbruik-les-uit-het-verleden èn de feiten, zie http://openboeddhisme.nl/henk-barendregt-geeft-rol-onjuist-weer
Voor Aad lijken de consequenties me nu al duidelijk, al heeft hij die nog niet publiekelijk getrokken: Het is logisch dat Aad aftreedt. Bestuurlijk is dit namelijk een gebruikelijke stap.
Aftreedt als woordvoerder van 'de zeven' Mettavihari-leerlingen/leraren
Aftreedt als lid van 'de zeven'
Aftreedt als bestuurslid van de sangha Dhammadipa
Aftreedt als vertegenwoordiger van Dhammadipa bij de BUN en andere (eventueel nog bestaande) BUN-functies.
Of Aad moet stoppen als leraar, moet hij zelf, met z'n college-leraar en z'n leerlingen bij Dhammadipa bepalen; ik beperk me hier tot z'n publieke functies.
En tenzij Henk alsnog met een verklaring komt die alles in een geheel ander daglicht stelt, lijkt het me onvermijdelijk dat hij ook aftreedt. In ieder geval als lid van 'de zeven'. Of Henk bestuurlijke functies in de vipassana-wereld heeft, is mij niet bekend.
Wel staat Henk op de lijst van leraren van de Stichting Inzichts Meditatie (SIM): www.simsara.nl/leraren De SIM heeft al eerder een leraar van deze lijst verwijderd. Ik heb het bestuur verleden jaar voorgesteld, de procedure daartoe duidelijker te maken.
Juist op deze wijze - afgetreden - kunnen Aad en Henk bijdragen leveren. Aad sluit z'n verklaring aldus af: "Daarom is het nu tijd om er te zijn voor betrokkenen en slachtoffers, samen met de andere Vipassana leraren en betrokken organisaties. Ik zal me dan ook actief inzetten om – waar mogelijk – er te zijn voor betrokkenen en slachtoffers.
Tenslotte, we hebben hier collectief van geleerd dat er aanvullende maatregelen nodig zijn om in de toekomst misbruik in welke vorm dan ook zoveel mogelijk te voorkomen. Daar zal ik me actief voor inzetten, als Vipassana leraar, als bestuurslid en als mens."
Ik zou zeggen: alleen als mens.
Tot slot dit: er zijn veel zaken onbegrijpelijk in deze pijnlijke geschiedenis, en de verklaring van Aad heeft sommige er van trouwens groter gemaakt (bv over de opvatting dat Mettavihari zich niet aan alle monniken- regels hoefde te houden, het bestaan van deze opvatting is voor mij een volstrekte verrassing, gold dat ook nog voor de Amsterdamse periode van Mettavihari?)
Maar één eenvoudige vraag is nog helemaal niet beantwoord: wannéér wist elk van 'de veertien' Mettavihari-leerlingen/leraren - per individu - dat Mettavihari ontucht heeft gepleegd? Hetzij omdat Mettavihari dat tegenover hem of haar toegegeven hetzij op andere wijze? De jaartallen vliegen ons om de oren en van sommige is er het sterke vermoeden dat de wetenschap er toch al eerder was.
========================================================================
Net toen ik deze blog voor mijn gevoel afgerond had, las ik het artikel van Frits Koster:
'Over het verzwijgen van ethisch grensoverschrijdend gedrag ; zie BD van 5 juni
Een artikel waar ik heel blij mee ben, als men tenminste ergens blij van kan worden in deze thematiek. Ik ga dit artikel niet samenvatten of per onderdeel becommentariëren : lees het gewoon zelf. Het is één van de eerste echte bijdragen aan het verwerken van de huidige vipassana-Nederland-crisis.
Update 6 juni
Het artikel van Frits heeft ook een andere reactie tot gevolg gehad.
In het BoeddhistischDagblad zegt ene Sjoerd (zonder achternaam en kennelijk werkend als GGZ-hulpverlener; boeddhist maar ik weet niet in welke traditie) tegen Frits en Johan:
"Wat mij betreft is mijn vertrouwen in jullie in de rol als leraar ernstig beschadigd en ik wil je daar ook als collega vragen stellen.
1. Hoe kunnen wij als collega’s en mede-beoefenaars er ooit nog op vertrouwen, dat jullie in een nieuwe situatie nu wel, ondanks de gevolgen voor jezelf, in het belang van de slachtoffers zullen handelen?
2. Hoe weten patiënten en meditatieleerlingen nu wel zeker dat zij veilig zullen zijn onder jullie hoede en bij activiteiten waar jullie bij betrokken zijn.
In mijn ogen zou het jullie sieren als jullie je functie in ieder geval tijdelijk neerleggen en je voor hervatting laten coachen en beoordelen op voldoende persoonlijk herstel om je functie veilig te kunnen vormgeven voor de mensen die zich aan jullie toevertrouwen. .... " (Onderstreping JR)
Omdat ik - hierboven - aan Aad juist niet heb gevraagd, zijn functie als leraar neer te leggen, valt deze stellingname van Sjoerd extra op.
Ik begrijp zijn betoog maar vind het onjuist dat hij in het BoeddhistischDagblad Frits en Johan als collega in de zorg aanspreekt. En niet de vraag of Frits en Johan en de andere twaalf Mettavihari-leerlingen/leraren hun functie als leraar moeten neerleggen,
onderscheidt van de vraag of zij (en de andere leraren van de 14 voor zover die ook een BIG-registratie hebben) hun functie als GGZ-hulpverlener neerleggen. Die vraag hoort in een GGZ-tijdschrift thuis.
De echte vraag is: mogen er aan een boeddhistisch leraar die tegelijk GGZ-hulpverlener is, andere eisen worden gesteld dan aan een leraar die timmerman is of gemeente-ambtenaar etc?
Sjoerd meent van wel in het geval van Frits en Johan "... omdat jullie beide ook jullie beroepstitel vermelden bij info over jullie activiteiten als leraar "
Het is grensgeval, het kan ook iets neutraler worden gezien: zowel hun leraar zijn als hun GGZ-hulpverlener zijn staan inderdaad op hun persoonlijke website, maar helemaal ongelijk heeft Sjoerd niet.
Kortom: of Frits en Johan hun functie als GGZ-hulpverlener (tijdelijk) neer moeten leggen, daar ga ik niet over, en de meeste lezers van het BD niet.
En of zij (en de andere twaalf) hun functie als leraar moeten neerleggen: daar gaat Sjoerd niet over, maar de vipassana-gemeenschap, de mediterenden en assistent-leraren etc.
Ik denk trouwens dat Sjoerd geen Theravadin is want anders zou hij het antwoord op zijn beide vragen zelf wel geven: NEE, dat kunnen wij niet weten, ook de leraren zijn niet volledig ontwaakt en onderhevig aan het 'menselijk tekort'
Verder staan er in het BD tal van suggesties ter oplossing van de leraar-leerling-problematiek.
Ik overweeg een blog te schrijven met als titel
'Niks geen oplossingen, problemen willen we hebben
Geen GGZ-gedomineerd boeddhisme en geen eenheid
Verdere beschouwing over de leraren-crisis '
Maar nu even niet, eerst gaat het wat mij betreft over de vipassana-Nederland-crisis; wat boeddhisten van andere tradities dan Theravada daarvan vinden, is maar betrekkelijk relevant.
Update 11 juni
Op de website van Guus Went het artikel Mettavihari, zijn leerlingen en hun 'Dhamma'
En over "een hiërarchisch aandoend conglomeraat van leraren 1e graad, leraren 2e graad, assistent-leraren, bestuurders en zitgroepbegeleiders."
En over het verschil tussen de Mahasi-methode en de vipassana à la Mettavihari.
Hoewel ik me het laatste jaar steeds minder als Theravadin ga beschouwen en de vipassana een meer beperkte rol in mijn leven speelt: ontluisterend.
Update 27 juni
Inmiddels heeft Henk Barendregt - op 25 juni - een 'Aanvullende Verklaring' op zijn website geplaatst. Op 'OpenBoeddhisme' wordt deze verklaring geanalyseerd, zie hier
Deze aanvullende verklaring is voor mij aanleiding geweest om Henk, via het bestuur van Vipassanna-Nijmegen in een mail mijn opvattingen over consequenties voor te leggen.
"Beste mensen
Inmiddels heb ik de (aanvullende) verklaring van Henk (te lezen)gekregen.
Wat ik er in mis, staat indirect in m'n [bovenstaande] blog van begin juni
Vandaar ook hier, via jullie de vraag aan Henk: welke consequentie trek je er voor het nu uit?
Daarbij wil ik ook wel een dringende suggestie doen: aftreden in je bestuurlijke vipassana-functies zoals de groep van zeven' (voorheen 'veertien'), bestuurslidmaatschap van Vipassana Nijmegen als je dat tenminste hebt, de SIM verzoeken je naam te schrappen uit hun lijst van leraren etc.
Zoals ik ook in m'n blog over Aad schreef, heb ik het niet over je persoonlijke leraarschap, dat is aan jou, in overleg met je sangha.
Ik beschouw de strekking van deze mail als openbaar
Vriendelijke groet
Joop Romeijn "
Posts tonen met het label meditatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label meditatie. Alle posts tonen
vrijdag 5 juni 2015
dinsdag 12 mei 2015
Wees je eigen leraar - Organiseer je eigen retraites - En creëer je eigen sangha, als je dat wil tenminste
In deze onzekere tijden is het goed om te mediteren, en zich verder in de Dhamma te verdiepen.
En mediteren is zitten op je kussentje of krukje, met de ogen dicht en handen ontspannen op de benen.
Dat kan je samen met anderen doen en samen met een leraar, maar het meditatieproces zelf vindt in essentie plaats in de individu.
Sommigen houden wellicht niet zo van deze vergelijking: net zo als je alleen sterft.
En ik denk dat er in deze onzekere tijden nog meer aanleiding is om zonder leraar te mediteren.
Misschien is het goed om er nog eens aan te herinneren dat men (Theravada) boeddhist is door toevlucht te nemen op de Boeddha, op de Dhamma en op de Sangha. En dus niet op de leraar (guru) zoals in sommige Mahayana-vormen.
Ik heb het dus over het leraar-loos het boeddhisme beoefenen.
Natuurlijk, ik ken en erken het belang van een bekwame leraar die de meditatie goed kan onderwijzen aan een beginnend beoefenaar. Eerst één methode, om verwarring te voorkomen, niet omdat er maar één methode is, en later ook andere methoden.
Ik erken het belang van een leraar vooral voor de eerste paar jaar van een beginnend boeddhist. Daarna moet je het alleen kunnen, ook al ben je niet volleerd. Je voormalige leraar kan dan één van je spirituele vrienden zijn, als het hem of haar lukt echt uit de leraar-modus te stappen.
Het is toch eigenlijk onbegrijpelijk in de Westerse verhoudingen, dat iemand zo lang leerling blijft. Zelfs een chirurg is sneller klaar met zijn of haar opleiding dan een mediterende (soms yogi genoemd).
Dat 'zonder leraar' bedoel ik niet alleen voor dagelijkse of wekelijkse sessies maar ook voor retraites.
Na drie à vier jaar traditioneel met een leraar mediteren en na twee à drie traditionele meerdaagse retraites met interviews en Dhammatalks te hebben gevolgd kan een boeddhist toch zeker wel op eigen benen staan?
Echt alleen of samen met (spirituele) vrienden. In een zelf gecreëerde sangha .
Waar ik voor pleit, is:
* Organiseer je eigen privé-retraite.
Thuis, op zolder, in een schuur of een vakantiehuisje. Zonder met eventueel
toch nog aanwezige huisgenoten te spreken en je eigen kostje kokend
(zelfs zwijgend inkopen doen in een supermarkt is geen probleem).
* Organiseer samen met een paar anderen een 'Peer-Retreat'.
Als Sanghametta of de SIM dat niet organiseren (Sanghametta
heeft dat in het verleden wel eens gedaan), doe het dan zelf. Huur in een
centrum met éénpersoonskamers, of kom dag weer bij elkaar, met thuis
overnachten; ik kan me elke groepsgrootte tussen de 4 en de 10 voorstellen.
In de blog van de groep 'Säkularer Buddhismus ' brengen een paar Oostenrijkers verslag uit van zo'n retraite: 'Peer-Retreat, geht das? Wie geht das? ' Zie hier hun verslag
Hierboven sprak ik over 'deze onzekere tijden'. Dat is natuurlijk een cliché, de tijden zijn altijd onzeker; of precieser: mensen zijn altijd onzeker (geweest).
Maar nu doel ik specifiek op het komende halfjaar (of langer), waarin mediterenden - in vipassana, inzichtsmeditatie of andere aan de Theravada verbonden methoden - niet weten wat ze met hun Mettavihari-gerelateerde leraar aan moeten.
En waarin organisaties van retraites (de SIM en VCN ); en organisaties van
leraren ('de zes' en 'de zeven', voorheen 'de veertien' aka VN / Mettavihari Heritage Sangha)
in verwarring zijn.
Jammer dat het boek 'Boeddha@home - Op retraite in je eigen huis ' van Renate Seifarth nog steeds niet uit is in de Nederlandse vertaling. Nu moeten we het doen met het Duitse origineel .
De beschrijving door Asoka (nu met verwachting 18 september a.s. maar dat zegt niet alles):
"In Boeddha@home neemt een ervaren meditatielerares je mee op een retraite in je eigen vertrouwde omgeving; dit in combinatie met je alledaagse werkzaamheden, of in een periode die volledig gewijd kan worden aan oefening en verdieping. ... "
Update 13 mei
Ook deze week heeft Edel Maex in z'n blog LEVEN IN DE MAALSTROOM een tekst geplaatst onder de titel 'Moet ik een leraar hebben ? ' (overgenomen in het BD )
Hij vat z'n inleiding samen in vier algemene aandachtspunten voor de leerling:
"1 Wees er van bewust dat religie/spiritualiteit een bijzonder kwetsbare materie is.
2 Het is het verlangen van de leerling dat de leraar maakt en niet omgekeerd.
3 Overschat de leraar niet, maar laat je ook niet tegenhouden om te leren van iemand die niet perfect is.
4 Hou ten allen tijde de verantwoordelijkheid voor je eigen autonomie en integriteit "
Deze punten, hoe waardevol op zich, stelt hij min of meer in de plaats van een éthische code voor leraren'. Ik ga hierover niet hier met hem in discussie omdat hij op zijn beurt reageert op de brief van 'de 7', en daarover wil ik hier en nu niet in discussie.
Update 14 mei
Naar aanleiding van de aandachtspunten van Edel wil ik nog eens verwijzen naar 'Leidraad om groepen en leraren te waarderen ', opgenomen in een blog van me uit 2013.
Zie ook mijn reactie op hem, hieronder.
Update 15 mei
De afgelopen week heb ik de websites van de (14) Mettavihari-leeerlingen/leraren af en toe gecheckt op het eventueel verwijzen naar het nieuws.
De enige tot nu toe is de site van 'Vipassana Groningen '
Eergisteren verscheen bovenstaande blog in het BoeddhistischDagblad , deels geciteerd, deels geparafraseerd.
Omdat de reacties, met name die van ene Henk, mogelijk op misverstanden berusten, heb ik ook een reactie geplaatst:
'Henk, je zou het kunnen begrijpen als je m’n tekst in haar geheel leest. In mijn blog, dat levert ook de juiste context. Namelijk een Theravada-context; mijn blog is gericht op beoefenaren van ‘inzichtsmeditatie’ en heeft als aanleiding het nieuws over Mettavihari zover dat tot nu bekend is (nog lang niet alles).
En verder waarschuw ik niet maar geef feitelijke informatie over de betekenis van het toevlucht nemen in de Theravada, dat is een gansch andere traditie dan het Tibetaanse boeddhisme waar jij kennelijk van bent. Of de beoefenaren van deze traditie hun hele leven een leraar/guru/lama nodig hebben, daar ga ik niet over, dat is hun zaak. '
Update 17 mei
Uit een mail van mij aan de redactie van het Boeddhistisch Dagblad
"Ik wil terugkomen op het artikel in het BD http://boeddhistischdagblad.nl/50299-wees-je-eigen-leraar-organiseer-je-eigen-retraites-en-je-eigen-sangha/
Toen ik het zag staan op 13 mei was ik nogal verrast dat je me niet gevraagd had mijn blogtekst (gedeeltelijk) over te nemen. Maar ik dacht ook, dat het wel ook gedeeltelijk een nieuwsartikel was en liet het dus lopen. Bovendien heb ik zelf een dag later een reactie proberen te plaatsen wat me - tot m'n verbazing - zomaar lukte.
Dat is niet goed, vind ik nu achteraf en niet voor herhaling vatbaar.
Het BD heeft mij gebanned gezien jullie interpretatie (m.i. onjuist) van de tweede en derde vorm van 'onjuist spreken';
en ik wil ook niet schrijven in het BD omdat ik vind dat de vierde vorm ('gebabbel') er te veel in voor komt.
Dat was een soort deal en zo moeten we het maar houden. "
Overigens heeft die reactie van mij (over 'de juiste context') in het BD ook niet geholpen, dat is m'n indruk tenminste bij het lezen van vervolgreacties op de mijne.
En mediteren is zitten op je kussentje of krukje, met de ogen dicht en handen ontspannen op de benen.
Dat kan je samen met anderen doen en samen met een leraar, maar het meditatieproces zelf vindt in essentie plaats in de individu.
Sommigen houden wellicht niet zo van deze vergelijking: net zo als je alleen sterft.
En ik denk dat er in deze onzekere tijden nog meer aanleiding is om zonder leraar te mediteren.
Misschien is het goed om er nog eens aan te herinneren dat men (Theravada) boeddhist is door toevlucht te nemen op de Boeddha, op de Dhamma en op de Sangha. En dus niet op de leraar (guru) zoals in sommige Mahayana-vormen.
Ik heb het dus over het leraar-loos het boeddhisme beoefenen.
Natuurlijk, ik ken en erken het belang van een bekwame leraar die de meditatie goed kan onderwijzen aan een beginnend beoefenaar. Eerst één methode, om verwarring te voorkomen, niet omdat er maar één methode is, en later ook andere methoden.
Ik erken het belang van een leraar vooral voor de eerste paar jaar van een beginnend boeddhist. Daarna moet je het alleen kunnen, ook al ben je niet volleerd. Je voormalige leraar kan dan één van je spirituele vrienden zijn, als het hem of haar lukt echt uit de leraar-modus te stappen.
Het is toch eigenlijk onbegrijpelijk in de Westerse verhoudingen, dat iemand zo lang leerling blijft. Zelfs een chirurg is sneller klaar met zijn of haar opleiding dan een mediterende (soms yogi genoemd).
Dat 'zonder leraar' bedoel ik niet alleen voor dagelijkse of wekelijkse sessies maar ook voor retraites.
Na drie à vier jaar traditioneel met een leraar mediteren en na twee à drie traditionele meerdaagse retraites met interviews en Dhammatalks te hebben gevolgd kan een boeddhist toch zeker wel op eigen benen staan?
Echt alleen of samen met (spirituele) vrienden. In een zelf gecreëerde sangha .
Waar ik voor pleit, is:
* Organiseer je eigen privé-retraite.
Thuis, op zolder, in een schuur of een vakantiehuisje. Zonder met eventueel
toch nog aanwezige huisgenoten te spreken en je eigen kostje kokend
(zelfs zwijgend inkopen doen in een supermarkt is geen probleem).
* Organiseer samen met een paar anderen een 'Peer-Retreat'.
Als Sanghametta of de SIM dat niet organiseren (Sanghametta
heeft dat in het verleden wel eens gedaan), doe het dan zelf. Huur in een
centrum met éénpersoonskamers, of kom dag weer bij elkaar, met thuis
overnachten; ik kan me elke groepsgrootte tussen de 4 en de 10 voorstellen.
In de blog van de groep 'Säkularer Buddhismus ' brengen een paar Oostenrijkers verslag uit van zo'n retraite: 'Peer-Retreat, geht das? Wie geht das? ' Zie hier hun verslag
Hierboven sprak ik over 'deze onzekere tijden'. Dat is natuurlijk een cliché, de tijden zijn altijd onzeker; of precieser: mensen zijn altijd onzeker (geweest).
Maar nu doel ik specifiek op het komende halfjaar (of langer), waarin mediterenden - in vipassana, inzichtsmeditatie of andere aan de Theravada verbonden methoden - niet weten wat ze met hun Mettavihari-gerelateerde leraar aan moeten.
En waarin organisaties van retraites (de SIM en VCN ); en organisaties van
leraren ('de zes' en 'de zeven', voorheen 'de veertien' aka VN / Mettavihari Heritage Sangha)
in verwarring zijn.
Jammer dat het boek 'Boeddha@home - Op retraite in je eigen huis ' van Renate Seifarth nog steeds niet uit is in de Nederlandse vertaling. Nu moeten we het doen met het Duitse origineel .
De beschrijving door Asoka (nu met verwachting 18 september a.s. maar dat zegt niet alles):
"In Boeddha@home neemt een ervaren meditatielerares je mee op een retraite in je eigen vertrouwde omgeving; dit in combinatie met je alledaagse werkzaamheden, of in een periode die volledig gewijd kan worden aan oefening en verdieping. ... "
Update 13 mei
Ook deze week heeft Edel Maex in z'n blog LEVEN IN DE MAALSTROOM een tekst geplaatst onder de titel 'Moet ik een leraar hebben ? ' (overgenomen in het BD )
Hij vat z'n inleiding samen in vier algemene aandachtspunten voor de leerling:
"1 Wees er van bewust dat religie/spiritualiteit een bijzonder kwetsbare materie is.
2 Het is het verlangen van de leerling dat de leraar maakt en niet omgekeerd.
3 Overschat de leraar niet, maar laat je ook niet tegenhouden om te leren van iemand die niet perfect is.
4 Hou ten allen tijde de verantwoordelijkheid voor je eigen autonomie en integriteit "
Deze punten, hoe waardevol op zich, stelt hij min of meer in de plaats van een éthische code voor leraren'. Ik ga hierover niet hier met hem in discussie omdat hij op zijn beurt reageert op de brief van 'de 7', en daarover wil ik hier en nu niet in discussie.
Update 14 mei
Naar aanleiding van de aandachtspunten van Edel wil ik nog eens verwijzen naar 'Leidraad om groepen en leraren te waarderen ', opgenomen in een blog van me uit 2013.
Zie ook mijn reactie op hem, hieronder.
Update 15 mei
De afgelopen week heb ik de websites van de (14) Mettavihari-leeerlingen/leraren af en toe gecheckt op het eventueel verwijzen naar het nieuws.
De enige tot nu toe is de site van 'Vipassana Groningen '
Eergisteren verscheen bovenstaande blog in het BoeddhistischDagblad , deels geciteerd, deels geparafraseerd.
Omdat de reacties, met name die van ene Henk, mogelijk op misverstanden berusten, heb ik ook een reactie geplaatst:
'Henk, je zou het kunnen begrijpen als je m’n tekst in haar geheel leest. In mijn blog, dat levert ook de juiste context. Namelijk een Theravada-context; mijn blog is gericht op beoefenaren van ‘inzichtsmeditatie’ en heeft als aanleiding het nieuws over Mettavihari zover dat tot nu bekend is (nog lang niet alles).
En verder waarschuw ik niet maar geef feitelijke informatie over de betekenis van het toevlucht nemen in de Theravada, dat is een gansch andere traditie dan het Tibetaanse boeddhisme waar jij kennelijk van bent. Of de beoefenaren van deze traditie hun hele leven een leraar/guru/lama nodig hebben, daar ga ik niet over, dat is hun zaak. '
Update 17 mei
Uit een mail van mij aan de redactie van het Boeddhistisch Dagblad
"Ik wil terugkomen op het artikel in het BD http://boeddhistischdagblad.nl/50299-wees-je-eigen-leraar-organiseer-je-eigen-retraites-en-je-eigen-sangha/
Toen ik het zag staan op 13 mei was ik nogal verrast dat je me niet gevraagd had mijn blogtekst (gedeeltelijk) over te nemen. Maar ik dacht ook, dat het wel ook gedeeltelijk een nieuwsartikel was en liet het dus lopen. Bovendien heb ik zelf een dag later een reactie proberen te plaatsen wat me - tot m'n verbazing - zomaar lukte.
Dat is niet goed, vind ik nu achteraf en niet voor herhaling vatbaar.
Het BD heeft mij gebanned gezien jullie interpretatie (m.i. onjuist) van de tweede en derde vorm van 'onjuist spreken';
en ik wil ook niet schrijven in het BD omdat ik vind dat de vierde vorm ('gebabbel') er te veel in voor komt.
Dat was een soort deal en zo moeten we het maar houden. "
Overigens heeft die reactie van mij (over 'de juiste context') in het BD ook niet geholpen, dat is m'n indruk tenminste bij het lezen van vervolgreacties op de mijne.
zondag 8 maart 2015
Mindful America, en waarschijnlijk ook Nederland, of ik het leuk vind of niet – Bespreking van een recent verschenen boek over wat meer dan alleen maar een techniek is in de Amerikaanse (spirituele) cultuur
Ten opzichte van de seculiere mindfulness heb ik steeds een ambivalente houding gehad. Enerzijds vond ik het een soort 'diefstal van de Dharma' (en hier speciaal de vipassana-meditatie als onderdeel van het boeddhistische pad) voor een wereldlijk doel; anderzijds zag ik wel het positieve effect er van op mensen die bv een achtweekse cursus hebben gevolgd. Zie vroegere blogs van me, hier en hier
Al weer drie jaar geleden, daarna heb ik me er niet zo gericht mee bezig gehouden.
Eerlijk gezegd dacht (en hoopte) ik ook een beetje dat 'mindfulness' als hype al weer over haar hoogtepunt heen was, en opgevolgd is (bv in het programma van Frits Koster in Nederland) door 'heartfulness', de seculiere methode gebaseerd op de eerste twee van de Brahmavihara's: liefdevolle vriendelijkheid en compassie.
Wellicht moet ik m'n oordeel wat wijzigen, of althans milder maken, na het lezen van een nieuw boek.
Verleden jaar verscheen bij de OUP van Jef Wilson het boek 'Mindful America: The Mutual Transformation of Buddhist Meditation and American Culture '
Om eerlijk te zijn, ik heb het nog niet gelezen, alleen een uitgebreide en overwegend positieve review er van door de bekende boeddholoog Franz A. Metcalf in H-Net Reviews.
Zie deze link of als pdf
Maar ik wil niet met het rustig gelezen hebben van dit bijna 300 pagina's bevattende boek wachten, voor ik in deze blog er aandach aan wil besteden.
Daarom hier een vertaalde selectie uit de bespreking door Metcalf, d.w.z. hier en daar licht geparafraseerd en hier en daar een paar alinea's (m.n. citaten van Wilson) onvertaald latend.
" In 'Mindful America' neemt Wilson ons echt mee op een rondleiding door de mindfulness-beweging in Amerika. We kunnen dit verwachten in een onderzoek van een nieuw veld, maar wat me het meest stimuleerde was toen ik merkte dat Wilson meer dan dit heeft gedaan. In deze review zal ik onevenredige aandacht te besteden aan 'the books beyond' vooral het nawoord.
Direct al in de inleiding zet Wilson zet het Amerikaanse binnenhalen en de aanpassing van mindfulness in context: 'An important guiding thesis for 'Mindful America' is that this is actually how Buddhism moves into new cultures and becomes domesticated: in each case, members of the new culture take from Buddhism what they believe will relieve their culture-specific distresses and concerns, in the process spawning new Buddhisms (sometimes, crypto-Buddhisms) that better fit their needs (p. 3) '.
Wilson behandelt de geschiedenis van het Boeddhisme als een geschiedenis van aanpassing en verandering in reactie op wereldlijke behoeften.
De structuur van het boek is gebaseerd op deze visie, omdat in elk hoofdstuk wordt ingegaan op een aspect van het proces van aanpassing van mindfulness (en van het Boeddhisme).
Een verdere commentaar op de inleiding: Wilson zegt onomwonden: 'At no point in this book do I address or attempt to tackle the issue of whether mindfulness actually works–that is to say whether it delivers any of the benefits suggested herein by my subjects, from nirvana to weight loss. I have no idea whether it works, and it is not a question I am interested in answering (pp. 10-11) '.
Hoewel ik sympathiseer met Wilson's wens om de misschien onbeantwoordbare vraag van de werkzaamheid van mindfulness te omzeilen, zet ik vraagtekens bij zijn desinteresse erin. Hij schrijft dat hij ontelbare uren mindfulness heeft beoefend, maar beweert niet over een persoonlijke mindfulness-praktijk te beschikken, net zo min als die uren die hij aan onnoemelijke aantallen christelijke gebeden heeft besteed een rol hebben gespeeld in ander onderzoek van hem': 'for my purposes here, it simply doesn't matter whether mindfulness works (p. 11)'. Ik geloof niet dat een belijdend boeddhist kan beweren dat deze acties parallel zijn of dat de vragen van de werkzaamheid van mindfulness niet belangrijk voor hem is. Hier zit, in mijn ogen, is een façade van objectiviteit, een façade die endemisch is in religieuze studies en een objectiviteit die, zo beweer ik, niet bestaat en niet kan bestaan.
Hoofdstuk 1, 'Mediating Mindfulness ', onderzoekt de middelen en vormen waarin mindfulness naar Amerika is gekomen. Uiteraard, dit is het meest historisch georiënteerd hoofdstuk, het verplaatsen van de vertaling van Sati om mindfulness in premoderne boeddhistische culturen naar twintigste eeuwse vormen. Het richt zich vooral op de Insight Meditation Society, Thich Nhat Hanh, en Jon Kabat-Zinn, de meest vooraanstaande pioniers van de Amerikaanse mindfulness (afgezien van mogelijke allochtone vormen). Het hoofdstuk brengt ons op de hoogte van de expansie van de mindfulness in door niet-monniken geleide vormen, voorbij zelfs door lekenboeddhisten geleide vormen, in de zelfhulp beweging en journalistieke reportage.
Hoofdstuk 2, 'Mystifying Mindfulness ', begint met Wilson's onderzoek van Amerika's consumptie van mindfulness. De titel is eigenlijk het antwoord op de vraag uit de subtitel:
'How Is Mindfulness Made Available for Appropriation? '
'Americans alter, diminish, obscure, eliminate, or simply ignore the historic connection between Buddhism and mindfulness (p. 44) '.
Kosmologie wordt metafoor, de monastieke context wordt verwijderd, en Aziaten worden vervangen door blanken. In de negentiende en vroege twintigste eeuw wordt mindfulness gebruikt om het boeddhisme te verkopen. In de late twintigste eeuw is het boeddhisme van mindfulness verwijderd om mindfulness te verkopen. In het begin eenentwintigste eeuw is 'opmerkzaamheid zo aantrekkelijk en gedenatureerd dat het kan worden gebruikt om andere producten te verkopen (blz. 73)'.
Hoofdstuk 3, 'Medicalising Mindfulness ', 'continues the theme of mystification of Buddhist mindfulness … by examining a very specific type of mystification and reapplication: the recontextualization of mindfulness as a psychological technique (p. 76) ' . Hier ligt de focus op het werk van Kabat-Zinn. …
Kabat-Zinn en de mindfulness-beweging in het algemeen houden er aan vast dat het boeddhisme fundamenteel de Dharma is, en dat de Dharma fundamenteel mindfulness is; dat mindfulness fundamenteel universeel is , en dat het dus een upaya is om mindfulness brengen aan de massa door welke middelen dan ook als ze maar werken. Maar tegelijkertijd is dit programma zo succesvol, dat het het Boeddhisme naar eigen beeld heeft herschapen. Is Wilson nu wel of niet kritisch over deze modificatie? Dit is een van de momenten van verwarring waar ik [Metcalf dus] van sprak.
Van de zes hoofdstukken richt hoofdstuk 4, 'Mainstreaming Mindfulness ', zich het duidelijkst op wereldse voordelen. Belangrijk is dat Wilson hier niet denigrerend over doet. Integendeel, ziet hij een fascinerende ommekeer in dit proces van mainstreaming: 'In the American context, this means that mindfulness – historically associated with the transcendent, renouncing side of Buddhism, as well as in a more minor way with attainment of monastically-desired superpowers – is assimilated instead to an alternate but equally venerable strand of Buddhist tradition: the quest for practical, worldly benefits by lay Buddhists (p. 109) ' .
Let op twee belangrijke elementen in de observatie van Wilson. Ten eerste, de omkering: mindfulness, oorspronkelijk ingebed in de kloostercontext en en transcenderende kant van het boeddhisme, wordt opnieuw geworteld in haar wereldlijke en praktische kant. Ten tweede is er Wilson's aanvaarding hiervan: hij oordeelt niet het eerstgenoemde aan 'echte' of 'goede' boeddhisme. Elke zijde is gelijk om zijn woord te gebruiken 'eerbiedwaardige'. Hoewel ik lichtjes Wilson's tegenzin heb bekritiseerd om vormen van mindfulness te evalueren, waardeer ik hier een vrucht van zijn positie: een vrijheid van hypostasizing of reïficering van een bepaald geliefd aspect van het boeddhisme als de essentie.
Dus wat zijn de (vermeende) wereldse voordelen van mindfulness? Wilson besteedt aandacht aan haar aspect van een 'geest genezen', om zijn hulp bij de bestrijding van eetverslaving en accepteren van het lichaam....
De mindfulness beweging is niet de onthulling van het oorspronkelijke Boeddhisme, voordat culturele aanwassen het hebben bedorven en vervormd. Veeleer is het gewoon een andere culturele aanpassing aan de wereldse voordelen. 'Thus the immense popularity of mindfulness does not represent, as its proponents sometimes allege, a universal noncultural Buddhism', but 'another creative reinterpretation to meet local needs and anxieties (p. 131) '.
Voor degenen onder ons die zich de zestiger jaren herinneren of die zelf verschijnen in Wilson's bibliografie in een niet-wetenschappelijke vermomming, zal hoofdstuk 5, 'Marketing Mindfulness ', waarschijnlijk een beetje verontrustend zijn. De pijler is de scherpe observatie dat 'the promoters of mindfulness in America … know mindfulness is highly valuable and they know that they cannot actually sell the thing itself. Given this conundrum, peddlers of mindfulness must take two indirect approaches: they must either sell auxiliary products designed to introduce or augment mindfulness, or sell their expertise at teaching mindfulness and delivering the benefits of mindfulness (p. 136)'.
Wilson's zorg is hier, net als elders, niet om het aanbod zelf te evalueren; in plaats daarvan evalueert hij de marketing zelf van de aangeboden producten.
Wilson beschrijft (een beetje te uitgebreid) de uiteenlopende marketing van drie boeken voor vrouwen en citeert voorstellen van Kozo Hattori's om mindfulness (ook) voor mannen interessanter te maken, waaronder het doen van mindfulness in het leger en in gevangenissen.
Na de grondige bespreking van commercialiteit in hoofdstuk 5, bespreekt het laatste hoofdstuk (6) , 'Moralising Mindfulness ', de ethische aspecten, zowel voor individueel gedrag en politieke veranderingen. De sectie 'Amerikaanse boeddhistische klaagzangen', citeert Wilson veel fragmenten, sommige rijkelijk lang.
In de rubriek "Mindfulness, Human Nature, en Values ', krijgt de lezer een glimp van wat volgens mij Wilson's diepgewortelde opvatting is: dat mindfulness is niet verrassend stevig in lijn met de boeddhistische opvattingen en waarden is. Bijvoorbeeld over het werk van Jan Chozen Bays op bewust eten, schrijft Wilson: ' This emphasis on strict self-discipline is partially a trace of the monastic origins of these practices –seemingly, rigorously applied mindfulness during eating and other daily activities develops into a sort of lay, fully secularized neomonasticism in the American context (p. 174) ' .
Wilson merkt nadrukkelijk op dat 'in mindfulness movement writings the present moment becomes both savior and heaven: the vehicle for salvation and salvation itself (p. 174)'. Dit proces kan volgens mindfulness-enthousiastelingen leiden tot het aanbreken van een nieuwe beschaving, getransformeerd door de opmerkzaamheid van individuen en geleidelijk leiden tot fundamentele verandering in alle dimensies van de samenleving. Dit zijn grote claims en ook typisch Amerikaanse.
Na 175 pagina's van beschrijvende aard wordt Wilson analytisch in een tien pagina's lang nawoord (postscript). Hoewel tien pagina's alleen maar diepe analyse vluchtig kunnen aanraken, bevatten ze wel zeer stimulerende hints.
Wilson begint met het aansluiten van mindfulness op drie categorieën in de Amerikaanse religieuze geschiedenis: metafysische religie, spiritualiteit, en liberale religie, krachtig mindfulness aan elk ervan koppelend.
Ten eerste, de Amerikaanse religieuze geschiedenis. Wilson beweert dat mindfulness voldoet aan alle vier kenmerken van metafysische religie... [Dit begrijp ik misschien als ik het boek zelf lees, hier niet, Joop]
Ten tweede beweert Wilson dat de Amerikaanse spiritualiteit, in ieder geval sinds het begin van de negentiende eeuw, meditatie verwelkomt. In eerste instantie als een verbinding met de kosmische; dan als een onderbreking van de moderniteit. Dit leidt tot een opvallende claim:
'The genius of mindfulness is that it takes this trajectory all the way to the end-point…. The goal is no longer detachment but thorough inhabitation of the moment, the better to enliven the activity and spiritualize it. The distance between the spiritual and the everyday, between the religious act and the mundane, has been completely collapsed and erased (p. 192). '
Ik geloof Wilson gelijk heeft en ik wou dat hij ons zijn evaluatie gegeven zou hebben van deze prestatie, omdat ik geloof dat dit baanbrekend is in de geschiedenis van de Amerikaanse religie. Maar nogmaals, hij begint gewoon het gesprek, de evaluatie overlatend aan anderen.
Ten derde, …. Hetzelfde proces lijkt in het spel als liberale boeddhisten werken om de Amerikaanse samenleving meer mindful te maken. Als ze slagen, 'Buddhism not only loses control over mindfulness but potentially comes to be extraneous, lacking any meaningful role in mindfulness and failing to shape the further trajectories that mindfulness takes in American culture (p. 193)'.
Wilson benadrukt nog eens dat 'All Things to All People,” and that this is not a pretense but an expression of the adaptability of the technique (pp. 194-195). Voor Wilson dit 'demonstrates the central Buddhist insight that all things are empty of self-nature (p. 195).'
Misschien verklaart dit zijn weigering om mindfulness of haar legitimiteit als boeddhisme te beoordelen. Wat immers is dat?
Tenslotte stelt Wilson over mensen die weerstand hebben tegen het gebruiken en veranderen van mindfulness door niet-boeddhisten, de scherpe vraag: 'What about the perspectives of Buddhists who attempt to resist these processes–how and why do they do so?' (p. 197).”
Hieronder de eerste vier plus de laatste pagina's van Wilson's 'Postscript ', er op klikken maakt ze leesbaar.



Of ik (hier spreekt Joop weer) het er helemaal mee eens bent, weet ik niet. Ik reken me de laatste vraag van bovenstaand citaat ook aan. Mindfulness heeft ook zo kunnen groeien in Amerika omdat het de religieuze Boeddhistische veren heeft afgeworpen en daarmee niet langer een concurrent van het Christendom als dominante religie in de V.S. was en daarmee ruimte kreeg.
Bovendien is mindfulness voor de consumptiemaatschappij ongevaarlijk geworden omdat de ethische dimensie en de voorgeschreven sobere leefwijze (ik heb het uiteraard vooral over de Theravada, want daaruit is mindfulness afkomstig) uit deze boeddhistische religie is gestript.
Maar misschien behandelt Wilson deze aspecten ook wel.
Ik heb het boek inmiddels besteld en kom er misschien nog wel een keer op terug.
Al weer drie jaar geleden, daarna heb ik me er niet zo gericht mee bezig gehouden.
Eerlijk gezegd dacht (en hoopte) ik ook een beetje dat 'mindfulness' als hype al weer over haar hoogtepunt heen was, en opgevolgd is (bv in het programma van Frits Koster in Nederland) door 'heartfulness', de seculiere methode gebaseerd op de eerste twee van de Brahmavihara's: liefdevolle vriendelijkheid en compassie.
Wellicht moet ik m'n oordeel wat wijzigen, of althans milder maken, na het lezen van een nieuw boek.
Verleden jaar verscheen bij de OUP van Jef Wilson het boek 'Mindful America: The Mutual Transformation of Buddhist Meditation and American Culture '
Om eerlijk te zijn, ik heb het nog niet gelezen, alleen een uitgebreide en overwegend positieve review er van door de bekende boeddholoog Franz A. Metcalf in H-Net Reviews.
Zie deze link of als pdf
Maar ik wil niet met het rustig gelezen hebben van dit bijna 300 pagina's bevattende boek wachten, voor ik in deze blog er aandach aan wil besteden.
Daarom hier een vertaalde selectie uit de bespreking door Metcalf, d.w.z. hier en daar licht geparafraseerd en hier en daar een paar alinea's (m.n. citaten van Wilson) onvertaald latend.
" In 'Mindful America' neemt Wilson ons echt mee op een rondleiding door de mindfulness-beweging in Amerika. We kunnen dit verwachten in een onderzoek van een nieuw veld, maar wat me het meest stimuleerde was toen ik merkte dat Wilson meer dan dit heeft gedaan. In deze review zal ik onevenredige aandacht te besteden aan 'the books beyond' vooral het nawoord.
Direct al in de inleiding zet Wilson zet het Amerikaanse binnenhalen en de aanpassing van mindfulness in context: 'An important guiding thesis for 'Mindful America' is that this is actually how Buddhism moves into new cultures and becomes domesticated: in each case, members of the new culture take from Buddhism what they believe will relieve their culture-specific distresses and concerns, in the process spawning new Buddhisms (sometimes, crypto-Buddhisms) that better fit their needs (p. 3) '.
Wilson behandelt de geschiedenis van het Boeddhisme als een geschiedenis van aanpassing en verandering in reactie op wereldlijke behoeften.
De structuur van het boek is gebaseerd op deze visie, omdat in elk hoofdstuk wordt ingegaan op een aspect van het proces van aanpassing van mindfulness (en van het Boeddhisme).
Een verdere commentaar op de inleiding: Wilson zegt onomwonden: 'At no point in this book do I address or attempt to tackle the issue of whether mindfulness actually works–that is to say whether it delivers any of the benefits suggested herein by my subjects, from nirvana to weight loss. I have no idea whether it works, and it is not a question I am interested in answering (pp. 10-11) '.
Hoewel ik sympathiseer met Wilson's wens om de misschien onbeantwoordbare vraag van de werkzaamheid van mindfulness te omzeilen, zet ik vraagtekens bij zijn desinteresse erin. Hij schrijft dat hij ontelbare uren mindfulness heeft beoefend, maar beweert niet over een persoonlijke mindfulness-praktijk te beschikken, net zo min als die uren die hij aan onnoemelijke aantallen christelijke gebeden heeft besteed een rol hebben gespeeld in ander onderzoek van hem': 'for my purposes here, it simply doesn't matter whether mindfulness works (p. 11)'. Ik geloof niet dat een belijdend boeddhist kan beweren dat deze acties parallel zijn of dat de vragen van de werkzaamheid van mindfulness niet belangrijk voor hem is. Hier zit, in mijn ogen, is een façade van objectiviteit, een façade die endemisch is in religieuze studies en een objectiviteit die, zo beweer ik, niet bestaat en niet kan bestaan.
Hoofdstuk 1, 'Mediating Mindfulness ', onderzoekt de middelen en vormen waarin mindfulness naar Amerika is gekomen. Uiteraard, dit is het meest historisch georiënteerd hoofdstuk, het verplaatsen van de vertaling van Sati om mindfulness in premoderne boeddhistische culturen naar twintigste eeuwse vormen. Het richt zich vooral op de Insight Meditation Society, Thich Nhat Hanh, en Jon Kabat-Zinn, de meest vooraanstaande pioniers van de Amerikaanse mindfulness (afgezien van mogelijke allochtone vormen). Het hoofdstuk brengt ons op de hoogte van de expansie van de mindfulness in door niet-monniken geleide vormen, voorbij zelfs door lekenboeddhisten geleide vormen, in de zelfhulp beweging en journalistieke reportage.
Hoofdstuk 2, 'Mystifying Mindfulness ', begint met Wilson's onderzoek van Amerika's consumptie van mindfulness. De titel is eigenlijk het antwoord op de vraag uit de subtitel:
'How Is Mindfulness Made Available for Appropriation? '
'Americans alter, diminish, obscure, eliminate, or simply ignore the historic connection between Buddhism and mindfulness (p. 44) '.
Kosmologie wordt metafoor, de monastieke context wordt verwijderd, en Aziaten worden vervangen door blanken. In de negentiende en vroege twintigste eeuw wordt mindfulness gebruikt om het boeddhisme te verkopen. In de late twintigste eeuw is het boeddhisme van mindfulness verwijderd om mindfulness te verkopen. In het begin eenentwintigste eeuw is 'opmerkzaamheid zo aantrekkelijk en gedenatureerd dat het kan worden gebruikt om andere producten te verkopen (blz. 73)'.
Hoofdstuk 3, 'Medicalising Mindfulness ', 'continues the theme of mystification of Buddhist mindfulness … by examining a very specific type of mystification and reapplication: the recontextualization of mindfulness as a psychological technique (p. 76) ' . Hier ligt de focus op het werk van Kabat-Zinn. …
Kabat-Zinn en de mindfulness-beweging in het algemeen houden er aan vast dat het boeddhisme fundamenteel de Dharma is, en dat de Dharma fundamenteel mindfulness is; dat mindfulness fundamenteel universeel is , en dat het dus een upaya is om mindfulness brengen aan de massa door welke middelen dan ook als ze maar werken. Maar tegelijkertijd is dit programma zo succesvol, dat het het Boeddhisme naar eigen beeld heeft herschapen. Is Wilson nu wel of niet kritisch over deze modificatie? Dit is een van de momenten van verwarring waar ik [Metcalf dus] van sprak.
Van de zes hoofdstukken richt hoofdstuk 4, 'Mainstreaming Mindfulness ', zich het duidelijkst op wereldse voordelen. Belangrijk is dat Wilson hier niet denigrerend over doet. Integendeel, ziet hij een fascinerende ommekeer in dit proces van mainstreaming: 'In the American context, this means that mindfulness – historically associated with the transcendent, renouncing side of Buddhism, as well as in a more minor way with attainment of monastically-desired superpowers – is assimilated instead to an alternate but equally venerable strand of Buddhist tradition: the quest for practical, worldly benefits by lay Buddhists (p. 109) ' .
Let op twee belangrijke elementen in de observatie van Wilson. Ten eerste, de omkering: mindfulness, oorspronkelijk ingebed in de kloostercontext en en transcenderende kant van het boeddhisme, wordt opnieuw geworteld in haar wereldlijke en praktische kant. Ten tweede is er Wilson's aanvaarding hiervan: hij oordeelt niet het eerstgenoemde aan 'echte' of 'goede' boeddhisme. Elke zijde is gelijk om zijn woord te gebruiken 'eerbiedwaardige'. Hoewel ik lichtjes Wilson's tegenzin heb bekritiseerd om vormen van mindfulness te evalueren, waardeer ik hier een vrucht van zijn positie: een vrijheid van hypostasizing of reïficering van een bepaald geliefd aspect van het boeddhisme als de essentie.
Dus wat zijn de (vermeende) wereldse voordelen van mindfulness? Wilson besteedt aandacht aan haar aspect van een 'geest genezen', om zijn hulp bij de bestrijding van eetverslaving en accepteren van het lichaam....
De mindfulness beweging is niet de onthulling van het oorspronkelijke Boeddhisme, voordat culturele aanwassen het hebben bedorven en vervormd. Veeleer is het gewoon een andere culturele aanpassing aan de wereldse voordelen. 'Thus the immense popularity of mindfulness does not represent, as its proponents sometimes allege, a universal noncultural Buddhism', but 'another creative reinterpretation to meet local needs and anxieties (p. 131) '.
Voor degenen onder ons die zich de zestiger jaren herinneren of die zelf verschijnen in Wilson's bibliografie in een niet-wetenschappelijke vermomming, zal hoofdstuk 5, 'Marketing Mindfulness ', waarschijnlijk een beetje verontrustend zijn. De pijler is de scherpe observatie dat 'the promoters of mindfulness in America … know mindfulness is highly valuable and they know that they cannot actually sell the thing itself. Given this conundrum, peddlers of mindfulness must take two indirect approaches: they must either sell auxiliary products designed to introduce or augment mindfulness, or sell their expertise at teaching mindfulness and delivering the benefits of mindfulness (p. 136)'.
Wilson's zorg is hier, net als elders, niet om het aanbod zelf te evalueren; in plaats daarvan evalueert hij de marketing zelf van de aangeboden producten.
Wilson beschrijft (een beetje te uitgebreid) de uiteenlopende marketing van drie boeken voor vrouwen en citeert voorstellen van Kozo Hattori's om mindfulness (ook) voor mannen interessanter te maken, waaronder het doen van mindfulness in het leger en in gevangenissen.
Na de grondige bespreking van commercialiteit in hoofdstuk 5, bespreekt het laatste hoofdstuk (6) , 'Moralising Mindfulness ', de ethische aspecten, zowel voor individueel gedrag en politieke veranderingen. De sectie 'Amerikaanse boeddhistische klaagzangen', citeert Wilson veel fragmenten, sommige rijkelijk lang.
In de rubriek "Mindfulness, Human Nature, en Values ', krijgt de lezer een glimp van wat volgens mij Wilson's diepgewortelde opvatting is: dat mindfulness is niet verrassend stevig in lijn met de boeddhistische opvattingen en waarden is. Bijvoorbeeld over het werk van Jan Chozen Bays op bewust eten, schrijft Wilson: ' This emphasis on strict self-discipline is partially a trace of the monastic origins of these practices –seemingly, rigorously applied mindfulness during eating and other daily activities develops into a sort of lay, fully secularized neomonasticism in the American context (p. 174) ' .
Wilson merkt nadrukkelijk op dat 'in mindfulness movement writings the present moment becomes both savior and heaven: the vehicle for salvation and salvation itself (p. 174)'. Dit proces kan volgens mindfulness-enthousiastelingen leiden tot het aanbreken van een nieuwe beschaving, getransformeerd door de opmerkzaamheid van individuen en geleidelijk leiden tot fundamentele verandering in alle dimensies van de samenleving. Dit zijn grote claims en ook typisch Amerikaanse.
Na 175 pagina's van beschrijvende aard wordt Wilson analytisch in een tien pagina's lang nawoord (postscript). Hoewel tien pagina's alleen maar diepe analyse vluchtig kunnen aanraken, bevatten ze wel zeer stimulerende hints.
Wilson begint met het aansluiten van mindfulness op drie categorieën in de Amerikaanse religieuze geschiedenis: metafysische religie, spiritualiteit, en liberale religie, krachtig mindfulness aan elk ervan koppelend.
Ten eerste, de Amerikaanse religieuze geschiedenis. Wilson beweert dat mindfulness voldoet aan alle vier kenmerken van metafysische religie... [Dit begrijp ik misschien als ik het boek zelf lees, hier niet, Joop]
Ten tweede beweert Wilson dat de Amerikaanse spiritualiteit, in ieder geval sinds het begin van de negentiende eeuw, meditatie verwelkomt. In eerste instantie als een verbinding met de kosmische; dan als een onderbreking van de moderniteit. Dit leidt tot een opvallende claim:
'The genius of mindfulness is that it takes this trajectory all the way to the end-point…. The goal is no longer detachment but thorough inhabitation of the moment, the better to enliven the activity and spiritualize it. The distance between the spiritual and the everyday, between the religious act and the mundane, has been completely collapsed and erased (p. 192). '
Ik geloof Wilson gelijk heeft en ik wou dat hij ons zijn evaluatie gegeven zou hebben van deze prestatie, omdat ik geloof dat dit baanbrekend is in de geschiedenis van de Amerikaanse religie. Maar nogmaals, hij begint gewoon het gesprek, de evaluatie overlatend aan anderen.
Ten derde, …. Hetzelfde proces lijkt in het spel als liberale boeddhisten werken om de Amerikaanse samenleving meer mindful te maken. Als ze slagen, 'Buddhism not only loses control over mindfulness but potentially comes to be extraneous, lacking any meaningful role in mindfulness and failing to shape the further trajectories that mindfulness takes in American culture (p. 193)'.
Wilson benadrukt nog eens dat 'All Things to All People,” and that this is not a pretense but an expression of the adaptability of the technique (pp. 194-195). Voor Wilson dit 'demonstrates the central Buddhist insight that all things are empty of self-nature (p. 195).'
Misschien verklaart dit zijn weigering om mindfulness of haar legitimiteit als boeddhisme te beoordelen. Wat immers is dat?
Tenslotte stelt Wilson over mensen die weerstand hebben tegen het gebruiken en veranderen van mindfulness door niet-boeddhisten, de scherpe vraag: 'What about the perspectives of Buddhists who attempt to resist these processes–how and why do they do so?' (p. 197).”
Hieronder de eerste vier plus de laatste pagina's van Wilson's 'Postscript ', er op klikken maakt ze leesbaar.



Of ik (hier spreekt Joop weer) het er helemaal mee eens bent, weet ik niet. Ik reken me de laatste vraag van bovenstaand citaat ook aan. Mindfulness heeft ook zo kunnen groeien in Amerika omdat het de religieuze Boeddhistische veren heeft afgeworpen en daarmee niet langer een concurrent van het Christendom als dominante religie in de V.S. was en daarmee ruimte kreeg.
Bovendien is mindfulness voor de consumptiemaatschappij ongevaarlijk geworden omdat de ethische dimensie en de voorgeschreven sobere leefwijze (ik heb het uiteraard vooral over de Theravada, want daaruit is mindfulness afkomstig) uit deze boeddhistische religie is gestript.
Maar misschien behandelt Wilson deze aspecten ook wel.
Ik heb het boek inmiddels besteld en kom er misschien nog wel een keer op terug.
Labels:
boeddhologie,
boeken,
ethiek,
meditatie,
wetenschap
dinsdag 13 januari 2015
Bhikkhu Bodhi, Theravada monnik en geleerde, schetst drie stappen naar echte vrede; en de rol van onze spirituele beoefening in het bereiken ervan
In het blad Tricycle verscheen verleden week een artikel van de hier vooral als vertaler bekende Bhikkhu Bodhi onder de titel ' Fostering Peace, Inside and Out
A Theravada monk and scholar outlines three steps toward real peace,
and the role of our spiritual practice in achieving it '. Zie Tricycle 7 jan.
De stijve en ogenschijnlijk wereldvreemde monnik heeft zich de laatste jaren ontpopt tot een geëngageerd boeddhist en activist, gericht op de grote vraagstukken vrede, armoe, honger en ecologie. Omdat het nodig is.
Ik ben het met z'n betoog eens, al heb ik als scepticus wel eens moeite met z'n 'grote woorden'. Wat ik met name bewonder is dat het tegelijk 'hard' (politiek, economie) en 'zacht' (meditatie, vredelievendheid) is; tegelijk idealistisch en (in filosofische zin) materialistisch.
Hieronder mijn vertaling van dit artikel, waarbij ik dicht bij het origineel blijven belangrijker vind dan fraai Nederlands.
Bhikkhu Bodhi is ook een wetenschapper, dat blijkt wel uit de strenge opbouw (3 paragrafen, ieder weer ingedeeld met 3 onderdelen). Ik houd daar wel van, warrigheid lijkt voor sommigen geëngageerder want meer uit 'het hart' komend, maar dat is een misverstand.
Hij is ook Amerikaan, sommige van zijn uitspraken zijn nadrukkelijk vanuit de Amerikaanse optiek gemaakt. Ik heb niet geprobeerd die naar Nederlandse verhoudingen om te zetten; een aantal van zulke passages heb ik weggelaten.
========================================================================
" Het bevorderen van de vrede, binnen en buiten
Aan het begin van een nieuw jaar is het gebruikelijk voor ons om onze hoop op vrede uit te drukken voor het komende jaar en elkaar vrede toe te wensen. Maar vrede daadwerkelijk te realiseren is geenszins een gemakkelijke taak. Echte vrede is niet alleen de afwezigheid van een gewelddadig conflict, maar een toestand van harmonie: harmonie tussen mensen; harmonie tussen mens en natuur; en harmonie in onszelf. Zonder harmonie liggen de zaden van conflict en geweld altijd klaar om te ontkiemen.
Als ik nadenk over de uitdaging van het bereiken van vrede in de wereld van vandaag, vind ik het nuttig om het onderwerp onder drie grote rubrieken te behandelen: (1) de belemmeringen voor het bereiken van vrede – de barrières die de spanningen handhaven en de conflicten voeden;
(2) de vereisten van de vrede – de doelen die we moeten nastreven om vrede te bereiken;
en (3) de middelen om dit te realiseren.
Elk van dit drietal kan op zijn beurt worden geanalyseerd in drie secundaire aspecten.
De belemmeringen voor het bereiken van vrede
(1) Het streven naar winst-optimalisering: Gedreven door de drang tot winst overspoelen multinationals en andere mammoet bedrijven de markt met schadelijke of frivole goederen. Ze besteden miljarden aan reclame, verzieken de natuurlijke omgeving met giftig afval, en ontduiken wetten die werknemers en consumenten beschermen. Ze nemen wilde risico's die, wanneer succesvol, profijt betekenen voor het management en de aandeelhouders; en bij mislukking afgewenteld worden op het publieke domein. De neoliberale economie heeft geleid tot grotere ongelijkheid van de inkomens en rijkdom. Uit recente cijfers blijkt dat de rijkste 70 mensen nu zelf meer bezit hebben dan de armste helft van de wereld. Hoge niveaus van inkomensongelijkheid worden geassocieerd met economische instabiliteit en crisis, terwijl meer gelijke samenlevingen de neiging hebben meer stabiel te zijn en langere periodes van aanhoudende groei te veroorzaken. Meer ongelijke samenlevingen vertonen hogere aantallen van gewelddadige criminaliteit en lagere niveaus van sociaal vertrouwen; meer gelijke samenlevingen hebben lagere misdaadcijfers en een hechter sociale vertrouwen. Grotere economische gelijkheid draagt zo bij aan de vrede.
(2) Plundering: Sinds het begin van het industriële tijdperk hebben we de schatten van de natuur met roekeloze overgave geplunderd. Vandaag drijft deze leeghalende gemoedstoestand ons steeds dichter bij de rand van een calamiteit; want deze roofzuchtige economische activiteit verstoort de natuurlijke klimaat cycli waarop het menselijk leven gebaseerd is. De grote fossiele brandstoffen corporaties plunderen de aarde van olie, kolen en gas, oude bossen vernietigend, bergen aan stukken opblazend, en diep in de zeebodem borend. Ze vervoeren de stoffen die ze halen over grote afstanden van de bron naar de raffinaderij op de markt. Fabrieken vullen de hemel met kooldioxide, fijn stof en schadelijke toxines. Ze lozen giftig afval in rivieren en meren, een vergiftiging van de watervoorraden waarvan hele gemeenschappen afhankelijk zijn.
Cumulatieve uitstoot van koolstof verwarmt de planeet en de zeeën. We hebben al een voorproefje van de toekomst in de vreemde weer-gebeurtenissen die zich voordoen met een grotere frequentie: droogte, overstromingen, hittegolven en misoogsten. Als grote gebieden van de aarde verdorren, zullen we geconfronteerd worden met massale migraties die spanningen kunnen verhogen en gewelddadige confrontaties ontsteken. Staten kunnen mislukken, ontketenen chaos en brengen tirannen aan de macht en de lanceren veroveringstochten. [Ik vermoed dat Bhikkhu Bodhi het hier over de IS heeft, Joop R]
(3) Machts-uitoefening: Gedreven door beperkte economische belangen, proberen de machtige landen hun macht te vergroten door het projecteren van de strategieën van de volledige dominantie over de hele wereld. Ze financieren steeds geavanceerdere wapensystemen, besteden miljarden aan bewapening, en bespioneren hun burgers. Ze manipuleren internationale protocollen in hun voordeel, verhogen spanningen tussen oude rivalen. Wapensfabrieken gedijen op de spanningen, die zij beschouwen als nieuwe kansen voor de winst. Globale vijandelijkheden koken over en in bepaalde hotspots ontploffen periodiek uitbarstingen van dodelijk geweld.
De vereisten voor het bereiken van vrede
(1) Bescherming: Om echte vrede te bereiken hebben we een wereldwijde inzet nodig voor het overal beschermen van mensen tegen schade en ellende. Dit engagement moet geworteld zijn in een universeel perspectief dat ons in staat stelt om alle mensen als broeders en zusters te zien, die zorg en respect waardig zijn, ongeacht hun etnische, nationale en religieuze identiteit. Als Amerikanen wij kunnen we niet door gaan met de manier van denken dat Amerikaanse levens belangrijker zjn dan de levens van mensen elders – in Irak en Afghanistan, in Zuid-Amerika, Afrika en Zuidoost-Azië. We kunnen niet denken dat alleen het leven van de middenklasse mensen telt, maar niet het leven van de zwarte jongeren in Chicago, herders in Ethiopië, rijstboeren in de Filippijnen, of fabrieksarbeiders in Bangladesh. In plaats daarvan moeten we juist alle mensen beschouwen als begiftigd met intrinsieke waarde, die we moeten bevestigen door het waar maken van een grotere economische, sociale en politieke rechtvaardigheid.
(2) Verduurzaming. De grootste uitdaging van onze tijd is om de klimaat-chaos te voorkomen. De aarde is ons onvervangbare thuis, en als we dit vernietigen, zullen we geen andere plek hebben om te gaan. Met de snelheid waarop we nu broeikasgassen uitstoten, zal binnen enkele decennia de temperatuur op aarde verhoogd zijn tot het punt waar de planeet onherbergzaam voor het menselijk leven wordt. Al het geld in de wereld zal waardeloos zijn op een planeet, waar de graanvelden verdord en de oceanen dodelijk verzuurd zijn.
We moeten beginnen met het maken van een snelle en volledige overgang naar een nieuwe economie aangedreven door schone en hernieuwbare energiebronnen. De zon, de wind en de aardwarmte zijn in staat om ons te voorzien van alle energie die we nodig hebben. Het belangrijkste obstakel tot op heden is het gebrek aan politieke wil, waarbij een band van machtige bedrijven, lobbyisten, en inschikkelijke politici de harde door de wetenschap geleverde waarheden ontkennen of verwerpen terwijl juist het inzien ervan rationeel eigenbelang betekent.
We moeten opstaan tegen geld-gedreven belangen en druk op onze regeringen en maatschappelijke groepen uitoefenen om de overgang naar een toekomst met schone energie te versnellen. Onze 'window of opportunity' is zich aan het sluiten, en we moeten snel handelen voordat die dichtklapt. We hebben behoefte aan een gevoel van urgentie, alsof onze kleren in brand staan, een drang om te handelen om deze kostbare planeet – een wonder in een zee van kosmisch stof – te behouden, een blauw-groene parel vol met levende vormen.
(3) Welvaart. Terwijl extreme rijkdom van enkelen het leed voor vele anderen betekent, is 'welvaart' een maatschappelijk goed waarin we allen zouden moeten kunnen delen. Er is zeker genoeg rijkdom in de wereld om ervoor te zorgen dat iedereen voldoende voedsel, kleding, huisvesting en medische zorg zou kunnen krijgen. Het probleem is niet het gebrek aan rijkdom, maar de ongelijke verdeling ervan.
Om de fundamenten voor echte vrede te leggen, moet zowel nationaal beleid als internationale instellingen voorrang geven aan de verbetering van de situatie van mensen met de ergste extreme armoede. In de huidige wereld leven 900 miljoen mensen in voortdurende voedselonzekerheid, terwijl ten minste twee miljard lijden aan ondervoeding. Zes miljoen mensen per jaar, meer dan de helft van hen kinderen, sterven aan chronische honger en ziekten. De VN schat dat het zo'n 30 miljard dollar per jaar zou kosten om de honger in de wereld op te lossen, een kleine fractie van de 737 miljard dollar die de VS in 2012 aan defensie besteedt. De aanpak van honger in de wereld is niet alleen een morele en ethische verplichting, maar een beleid dat positieve economische effecten moet hebben en wereldwijde solidariteit bevordert. Het zou een enorme stap in de richting van vrede in de wereld zijn.
De VS, als de rijkste land ter wereld, kan gemakkelijk voorzien in de basisbehoeften van al onze burgers. Maar dit zal nieuwe waarden vereisen. In plaats van individualisme en ambitie te bevorderen, moeten we samenwerking en mededogen aanprijzen. In plaats aan te zetten tot concurrentie moeten we harmonieuze gemeenschappen en sociale solidariteit voeden.
De middelen om dit te realiseren
(1) Gebed, meditatie en contemplatie. Mensen van het geloof moeten hun transformatieve actie wortelen in de geestelijke disciplines van gebed, meditatie en contemplatie. Terwijl traditioneel dergelijke praktijken dienden als stapstenen naar de realisatie van een transcendent doel, hebben we vandaag de dag behoefte aan een bredere spirituele visie die zowel het goddelijke als het alledaagse, zowel het transcendente als het immanente, aan elkaar voegt in een integraal geheel. Door ons in innig contact met de transcendente grond van gerechtigheid en liefde te brengen, kunnen beoefeningen zoals meditatie en contemplatief gebed ons de kracht geven om meer rechtvaardigheid en liefde in de wereld te brengen. Door de giftige stoffen van hebzucht, haat en egoïsme uit ons hart te spoelen, kunnen we ons door deze beoefeningen openen naar de universaliteit van het lijden, onze compassie laten ontwaken en ons inspireren om een bron van het goede voor anderen te worden.
(2) Vrede. Vrede is niet alleen het doel van onze inspanningen, maar ook een middel voor het bereiken van dat doel. Vrede behoort tot de middelen want om vrede te stichten, moeten we rustig in onszelf zijn. Als onze geest geagiteerd is door woede en wrok, lopen onze inspanningen om vrede te bevorderen kans om juist meer conflicten te creëren en misschien meer geweld te ontsteken. Een boze geest is niet een betrouwbaar instrument voor het bevorderen van vrede. Maar als onze geest rustig is, zullen onze lichamelijke handelingen rustig zijn, en zullen we een sfeer van liefde, zorg en barmhartigheid bevorderen, die zal helpen om vreedzame betrekkingen aan te knopen.
(3) Participatie. Terwijl het nastreven van meditatie en andere spirituele beoefening als privé zoektocht naar innerlijke bewustwording en bevrijding gepast kan hebben in het wereldbeeld van tijdperken in het verleden, moet in de wereld van vandaag onze nadruk verschuiven naar een meer participatieve vorm van spiritualiteit. Een vorm die de zoektocht voor innerlijke vrede verenigt met de inzet voor vrede in de wereld, menselijke eenheid en het voortbestaan van onze planeet. Onze toewijding aan contemplatieve beoefening kan ons inspireren tot een sterker streven om sociale en economische rechtvaardigheid te bevorderen, om vitale ecosystemen van de planeet te behouden, en om langdurige vijandschappen te genezen. Op hetzelfde moment kan onze actieve inzet voor het welzijn van anderen onze eigen spirituele groei voeden, onze compassie verdiepen en onze morele integriteit versterken.
Er zijn vele podia waarop we participatieve spiritualiteit in actie kunnen realiseren. We kunnen organisaties steunen die pleiten voor armoedebestrijding, klimaatverandering benoemen, en het bevorderen van de ethische behandeling van dieren, immigratie-rechten, en een betere beloning voor fast-food werknemers. We kunnen schrijven naar onze volksvertegenwoordigers, het uiten van onze visie op de problemen die ons het meest diep raken. Ons geluid laten horen als uiting van onze waarden en ons geweten. Hoewel het verkiezingsproces in dit land ernstig scheef is gegroeid, in het voordeel van het Grote Geld, tellen onze stemmen nog steeds en kunnen we het verschil maken.
Om aan het geweten in actie uiting te geven, kunnen we petities ondertekenen, aan marsen en aan demonstraties deelnemen [Bhikkhu Bodhi verwijst o.a. naar 'marsen tegen de honger' , najaar 2014 in de VS gehouden; Joop R].
Terwijl het streven om vrede te bereiken vaak frustrerend kan zijn, moeten wij ons er van bewust zijn dat niets van waarde kan worden bereikt zonder inspanning. De komst van vrede en van gerechtigheid gaat langzaam, we zullen ze nooit zonder slag of stoot verkrijgen.
Laat ons 2015 tot een jaar maken waarin we ons stevig inzetten voor het streven naar echte vrede. Dan, een jaar vanaf nu, kunnen we terugkijken op 2015 en en zien dat we onze tijd goed hebben besteed. "
A Theravada monk and scholar outlines three steps toward real peace,
and the role of our spiritual practice in achieving it '. Zie Tricycle 7 jan.
De stijve en ogenschijnlijk wereldvreemde monnik heeft zich de laatste jaren ontpopt tot een geëngageerd boeddhist en activist, gericht op de grote vraagstukken vrede, armoe, honger en ecologie. Omdat het nodig is.
Ik ben het met z'n betoog eens, al heb ik als scepticus wel eens moeite met z'n 'grote woorden'. Wat ik met name bewonder is dat het tegelijk 'hard' (politiek, economie) en 'zacht' (meditatie, vredelievendheid) is; tegelijk idealistisch en (in filosofische zin) materialistisch.
Hieronder mijn vertaling van dit artikel, waarbij ik dicht bij het origineel blijven belangrijker vind dan fraai Nederlands.
Bhikkhu Bodhi is ook een wetenschapper, dat blijkt wel uit de strenge opbouw (3 paragrafen, ieder weer ingedeeld met 3 onderdelen). Ik houd daar wel van, warrigheid lijkt voor sommigen geëngageerder want meer uit 'het hart' komend, maar dat is een misverstand.
Hij is ook Amerikaan, sommige van zijn uitspraken zijn nadrukkelijk vanuit de Amerikaanse optiek gemaakt. Ik heb niet geprobeerd die naar Nederlandse verhoudingen om te zetten; een aantal van zulke passages heb ik weggelaten.
========================================================================
" Het bevorderen van de vrede, binnen en buiten
Aan het begin van een nieuw jaar is het gebruikelijk voor ons om onze hoop op vrede uit te drukken voor het komende jaar en elkaar vrede toe te wensen. Maar vrede daadwerkelijk te realiseren is geenszins een gemakkelijke taak. Echte vrede is niet alleen de afwezigheid van een gewelddadig conflict, maar een toestand van harmonie: harmonie tussen mensen; harmonie tussen mens en natuur; en harmonie in onszelf. Zonder harmonie liggen de zaden van conflict en geweld altijd klaar om te ontkiemen.
Als ik nadenk over de uitdaging van het bereiken van vrede in de wereld van vandaag, vind ik het nuttig om het onderwerp onder drie grote rubrieken te behandelen: (1) de belemmeringen voor het bereiken van vrede – de barrières die de spanningen handhaven en de conflicten voeden;
(2) de vereisten van de vrede – de doelen die we moeten nastreven om vrede te bereiken;
en (3) de middelen om dit te realiseren.
Elk van dit drietal kan op zijn beurt worden geanalyseerd in drie secundaire aspecten.
De belemmeringen voor het bereiken van vrede
(1) Het streven naar winst-optimalisering: Gedreven door de drang tot winst overspoelen multinationals en andere mammoet bedrijven de markt met schadelijke of frivole goederen. Ze besteden miljarden aan reclame, verzieken de natuurlijke omgeving met giftig afval, en ontduiken wetten die werknemers en consumenten beschermen. Ze nemen wilde risico's die, wanneer succesvol, profijt betekenen voor het management en de aandeelhouders; en bij mislukking afgewenteld worden op het publieke domein. De neoliberale economie heeft geleid tot grotere ongelijkheid van de inkomens en rijkdom. Uit recente cijfers blijkt dat de rijkste 70 mensen nu zelf meer bezit hebben dan de armste helft van de wereld. Hoge niveaus van inkomensongelijkheid worden geassocieerd met economische instabiliteit en crisis, terwijl meer gelijke samenlevingen de neiging hebben meer stabiel te zijn en langere periodes van aanhoudende groei te veroorzaken. Meer ongelijke samenlevingen vertonen hogere aantallen van gewelddadige criminaliteit en lagere niveaus van sociaal vertrouwen; meer gelijke samenlevingen hebben lagere misdaadcijfers en een hechter sociale vertrouwen. Grotere economische gelijkheid draagt zo bij aan de vrede.
(2) Plundering: Sinds het begin van het industriële tijdperk hebben we de schatten van de natuur met roekeloze overgave geplunderd. Vandaag drijft deze leeghalende gemoedstoestand ons steeds dichter bij de rand van een calamiteit; want deze roofzuchtige economische activiteit verstoort de natuurlijke klimaat cycli waarop het menselijk leven gebaseerd is. De grote fossiele brandstoffen corporaties plunderen de aarde van olie, kolen en gas, oude bossen vernietigend, bergen aan stukken opblazend, en diep in de zeebodem borend. Ze vervoeren de stoffen die ze halen over grote afstanden van de bron naar de raffinaderij op de markt. Fabrieken vullen de hemel met kooldioxide, fijn stof en schadelijke toxines. Ze lozen giftig afval in rivieren en meren, een vergiftiging van de watervoorraden waarvan hele gemeenschappen afhankelijk zijn.
Cumulatieve uitstoot van koolstof verwarmt de planeet en de zeeën. We hebben al een voorproefje van de toekomst in de vreemde weer-gebeurtenissen die zich voordoen met een grotere frequentie: droogte, overstromingen, hittegolven en misoogsten. Als grote gebieden van de aarde verdorren, zullen we geconfronteerd worden met massale migraties die spanningen kunnen verhogen en gewelddadige confrontaties ontsteken. Staten kunnen mislukken, ontketenen chaos en brengen tirannen aan de macht en de lanceren veroveringstochten. [Ik vermoed dat Bhikkhu Bodhi het hier over de IS heeft, Joop R]
(3) Machts-uitoefening: Gedreven door beperkte economische belangen, proberen de machtige landen hun macht te vergroten door het projecteren van de strategieën van de volledige dominantie over de hele wereld. Ze financieren steeds geavanceerdere wapensystemen, besteden miljarden aan bewapening, en bespioneren hun burgers. Ze manipuleren internationale protocollen in hun voordeel, verhogen spanningen tussen oude rivalen. Wapensfabrieken gedijen op de spanningen, die zij beschouwen als nieuwe kansen voor de winst. Globale vijandelijkheden koken over en in bepaalde hotspots ontploffen periodiek uitbarstingen van dodelijk geweld.
De vereisten voor het bereiken van vrede
(1) Bescherming: Om echte vrede te bereiken hebben we een wereldwijde inzet nodig voor het overal beschermen van mensen tegen schade en ellende. Dit engagement moet geworteld zijn in een universeel perspectief dat ons in staat stelt om alle mensen als broeders en zusters te zien, die zorg en respect waardig zijn, ongeacht hun etnische, nationale en religieuze identiteit. Als Amerikanen wij kunnen we niet door gaan met de manier van denken dat Amerikaanse levens belangrijker zjn dan de levens van mensen elders – in Irak en Afghanistan, in Zuid-Amerika, Afrika en Zuidoost-Azië. We kunnen niet denken dat alleen het leven van de middenklasse mensen telt, maar niet het leven van de zwarte jongeren in Chicago, herders in Ethiopië, rijstboeren in de Filippijnen, of fabrieksarbeiders in Bangladesh. In plaats daarvan moeten we juist alle mensen beschouwen als begiftigd met intrinsieke waarde, die we moeten bevestigen door het waar maken van een grotere economische, sociale en politieke rechtvaardigheid.
(2) Verduurzaming. De grootste uitdaging van onze tijd is om de klimaat-chaos te voorkomen. De aarde is ons onvervangbare thuis, en als we dit vernietigen, zullen we geen andere plek hebben om te gaan. Met de snelheid waarop we nu broeikasgassen uitstoten, zal binnen enkele decennia de temperatuur op aarde verhoogd zijn tot het punt waar de planeet onherbergzaam voor het menselijk leven wordt. Al het geld in de wereld zal waardeloos zijn op een planeet, waar de graanvelden verdord en de oceanen dodelijk verzuurd zijn.
We moeten beginnen met het maken van een snelle en volledige overgang naar een nieuwe economie aangedreven door schone en hernieuwbare energiebronnen. De zon, de wind en de aardwarmte zijn in staat om ons te voorzien van alle energie die we nodig hebben. Het belangrijkste obstakel tot op heden is het gebrek aan politieke wil, waarbij een band van machtige bedrijven, lobbyisten, en inschikkelijke politici de harde door de wetenschap geleverde waarheden ontkennen of verwerpen terwijl juist het inzien ervan rationeel eigenbelang betekent.
We moeten opstaan tegen geld-gedreven belangen en druk op onze regeringen en maatschappelijke groepen uitoefenen om de overgang naar een toekomst met schone energie te versnellen. Onze 'window of opportunity' is zich aan het sluiten, en we moeten snel handelen voordat die dichtklapt. We hebben behoefte aan een gevoel van urgentie, alsof onze kleren in brand staan, een drang om te handelen om deze kostbare planeet – een wonder in een zee van kosmisch stof – te behouden, een blauw-groene parel vol met levende vormen.
(3) Welvaart. Terwijl extreme rijkdom van enkelen het leed voor vele anderen betekent, is 'welvaart' een maatschappelijk goed waarin we allen zouden moeten kunnen delen. Er is zeker genoeg rijkdom in de wereld om ervoor te zorgen dat iedereen voldoende voedsel, kleding, huisvesting en medische zorg zou kunnen krijgen. Het probleem is niet het gebrek aan rijkdom, maar de ongelijke verdeling ervan.
Om de fundamenten voor echte vrede te leggen, moet zowel nationaal beleid als internationale instellingen voorrang geven aan de verbetering van de situatie van mensen met de ergste extreme armoede. In de huidige wereld leven 900 miljoen mensen in voortdurende voedselonzekerheid, terwijl ten minste twee miljard lijden aan ondervoeding. Zes miljoen mensen per jaar, meer dan de helft van hen kinderen, sterven aan chronische honger en ziekten. De VN schat dat het zo'n 30 miljard dollar per jaar zou kosten om de honger in de wereld op te lossen, een kleine fractie van de 737 miljard dollar die de VS in 2012 aan defensie besteedt. De aanpak van honger in de wereld is niet alleen een morele en ethische verplichting, maar een beleid dat positieve economische effecten moet hebben en wereldwijde solidariteit bevordert. Het zou een enorme stap in de richting van vrede in de wereld zijn.
De VS, als de rijkste land ter wereld, kan gemakkelijk voorzien in de basisbehoeften van al onze burgers. Maar dit zal nieuwe waarden vereisen. In plaats van individualisme en ambitie te bevorderen, moeten we samenwerking en mededogen aanprijzen. In plaats aan te zetten tot concurrentie moeten we harmonieuze gemeenschappen en sociale solidariteit voeden.
De middelen om dit te realiseren
(1) Gebed, meditatie en contemplatie. Mensen van het geloof moeten hun transformatieve actie wortelen in de geestelijke disciplines van gebed, meditatie en contemplatie. Terwijl traditioneel dergelijke praktijken dienden als stapstenen naar de realisatie van een transcendent doel, hebben we vandaag de dag behoefte aan een bredere spirituele visie die zowel het goddelijke als het alledaagse, zowel het transcendente als het immanente, aan elkaar voegt in een integraal geheel. Door ons in innig contact met de transcendente grond van gerechtigheid en liefde te brengen, kunnen beoefeningen zoals meditatie en contemplatief gebed ons de kracht geven om meer rechtvaardigheid en liefde in de wereld te brengen. Door de giftige stoffen van hebzucht, haat en egoïsme uit ons hart te spoelen, kunnen we ons door deze beoefeningen openen naar de universaliteit van het lijden, onze compassie laten ontwaken en ons inspireren om een bron van het goede voor anderen te worden.
(2) Vrede. Vrede is niet alleen het doel van onze inspanningen, maar ook een middel voor het bereiken van dat doel. Vrede behoort tot de middelen want om vrede te stichten, moeten we rustig in onszelf zijn. Als onze geest geagiteerd is door woede en wrok, lopen onze inspanningen om vrede te bevorderen kans om juist meer conflicten te creëren en misschien meer geweld te ontsteken. Een boze geest is niet een betrouwbaar instrument voor het bevorderen van vrede. Maar als onze geest rustig is, zullen onze lichamelijke handelingen rustig zijn, en zullen we een sfeer van liefde, zorg en barmhartigheid bevorderen, die zal helpen om vreedzame betrekkingen aan te knopen.
(3) Participatie. Terwijl het nastreven van meditatie en andere spirituele beoefening als privé zoektocht naar innerlijke bewustwording en bevrijding gepast kan hebben in het wereldbeeld van tijdperken in het verleden, moet in de wereld van vandaag onze nadruk verschuiven naar een meer participatieve vorm van spiritualiteit. Een vorm die de zoektocht voor innerlijke vrede verenigt met de inzet voor vrede in de wereld, menselijke eenheid en het voortbestaan van onze planeet. Onze toewijding aan contemplatieve beoefening kan ons inspireren tot een sterker streven om sociale en economische rechtvaardigheid te bevorderen, om vitale ecosystemen van de planeet te behouden, en om langdurige vijandschappen te genezen. Op hetzelfde moment kan onze actieve inzet voor het welzijn van anderen onze eigen spirituele groei voeden, onze compassie verdiepen en onze morele integriteit versterken.
Er zijn vele podia waarop we participatieve spiritualiteit in actie kunnen realiseren. We kunnen organisaties steunen die pleiten voor armoedebestrijding, klimaatverandering benoemen, en het bevorderen van de ethische behandeling van dieren, immigratie-rechten, en een betere beloning voor fast-food werknemers. We kunnen schrijven naar onze volksvertegenwoordigers, het uiten van onze visie op de problemen die ons het meest diep raken. Ons geluid laten horen als uiting van onze waarden en ons geweten. Hoewel het verkiezingsproces in dit land ernstig scheef is gegroeid, in het voordeel van het Grote Geld, tellen onze stemmen nog steeds en kunnen we het verschil maken.
Om aan het geweten in actie uiting te geven, kunnen we petities ondertekenen, aan marsen en aan demonstraties deelnemen [Bhikkhu Bodhi verwijst o.a. naar 'marsen tegen de honger' , najaar 2014 in de VS gehouden; Joop R].
Terwijl het streven om vrede te bereiken vaak frustrerend kan zijn, moeten wij ons er van bewust zijn dat niets van waarde kan worden bereikt zonder inspanning. De komst van vrede en van gerechtigheid gaat langzaam, we zullen ze nooit zonder slag of stoot verkrijgen.
Laat ons 2015 tot een jaar maken waarin we ons stevig inzetten voor het streven naar echte vrede. Dan, een jaar vanaf nu, kunnen we terugkijken op 2015 en en zien dat we onze tijd goed hebben besteed. "
Labels:
geëngageerd boeddhisme,
meditatie,
overheid,
wetenschap
vrijdag 2 januari 2015
Inzichts Meditatie de komende veertig jaar (in de VS)
Bijna de helft van de leraren Inzichts Meditatie is zestig jaar of ouder. Een groot deel - met name degenen met een gezin of met gezondheids/pensioenzorgen - heeft moeite met dana als (enige) vorm van inkomen.
Dit zijn enkele van de conclusies van een onderzoek dat is gedaan onder deze leraren waarvan er ruim honderd reageerden op een vragenlijst over de huidige en toekomstige situatie van de Inzichts Meditatie. ('Veertig jaar' vind ik daarbij rijkelijk overdreven, tien is al veel)
In het Westen welteverstaan: de enquete is gestuurd aan individuele leraren, deelnemers aan een grote vipassana-leraren-meting in 2013, aan leraren verbonden aan de grote instituten in de Verenigde Staten zoals Spirit Rock en IMS (in het artikel 'Councils' genoemd),
en aan leraren verbonden aan Gaia House (Engeland) en Beatenberg (Zwitserland).
Overwegend gaat het wel om de antwoorden van (blanke) Amerikanen, ongeveer evenveel vrouwen als mannen.
Over dit onderzoek is gerapporteerd in een voorjaar 2014 gepubliceerd rapport 'Insight Retreat Teacher Survey '. Een samenvattend artikel hierover is afgelopen najaar verschenen in het tijdschrift 'Inquiring Mind '; het is dit artikel dat ik hieronder samenvat en waarvan ik de resultaten probeer te vergelijken met de situatie in Nederland.
'Insight Meditation ' is de boeddhistische traditie met overwegend Theravada-wortels die zo'n veertig jaar geleden in de VS is gaan groeien met pioniers als Joseph Goldstein, Jack Kornfield, Sharon Salzberg, Christina Feldman, Christopher Titmuss, Ruth Denison en anderen.
Een soort jubileum dat aanleiding was voor de vraag: Hoe gaat het de volgende veertig jaar ?
In Nederland wordt vaak de term 'vipassana ' voor deze traditie gebruikt, in veel gevallen verbijzonderd tot 'vipassana volgens de methode Mahasi Sayadav' (en zijn ook andere methoden, bv de vipassana à la Goenka). Toch is dat te beperkt, in bovengenoemde centra worden ook retraites met andere methoden gegeven, bijvoorbeeld gericht op samatha of op metta en 'Insight Dialogue'. In de meeste gevallen dan wel in relatie tot of samen met inzichts meditatie. Maar niet altijd: de Zen-achtige retraites van Martine Batchelor worden ook gewoon 'insight meditation' genoemd.
Van de Nederlandse leraren hadden ook degenen die voorkomen op de lijsten van de SIM of Sanghametta het enquete-formulier gekregen kunnen hebben, of de groep van veertien Mettavihari-leerlingen, maar voorzover ik weet is dit niet het geval geweest (misschien zijn we wel te marginaal).
Van 'de veertien' is duidelijk wie er bij hoort en wie niet; de lijsten van SIM en Sanghametta hebben (in mijn opvatting) echter onduidelijke criteria. Zie bijvoorbeeld onderaan m'n blog van 8 sept onder het kopje 'Kunnen we hier van leren?'
Opvallend is verder dat de enquete uitsluitend gericht is op de leraar die een meerdaagse retraite (in een gebouw waar de mediterenden ook overnachten) begeleidt. Wekelijkse sessies van min of meer vaste groepen mediterenden met een leraar een dagdeel in een gehuurd of (soms eigen) gebouw is niet het onderwerp. Mogelijk komt dat in landen met grotere (reis)afstanden dan in Nederland relatief minder voor (maar het komt wel voor, diverse boeken van Amerikaanse leraren gaan deels daarover).
Nog een mogelijk verschil: retraites in Nederland, bv die georganiseerd door de SIM of Sanghametta, worden deels gegeven door naar ons land gehaalde Aziatische monniken (waarvan een deel wel weer van Westerse origine is); in het survey rapport heb ik daar niet over gelezen. Het is denkbaar dat de VS een paar jaar voor is en dat dit in Nederland een afnemend verschijnsel wordt.
Het onderzoek van begin 2014 is uitgevoerd door de BIN (Buddhist Insight Network); een in 2010 opgerichte vrijwilligersorganisatie van leraren, leiders en sangha's die zich rekenen tot de “Insight Meditation movement”. In feite gaat het om de VS, Engeland, Canada en Zwitserland. Ze noemen zichzelf ook wel meta-sangha. Hier hun website www.buddhistinsightnetwork.org .
=====================================================================
Samenvatting van de onderzoeksresultaten
Het artikel in Inquiring Mind - titel 'The Next Forty Years' begint met een citaat van de grand old man van de Inzichts Meditatie, Jack Kornfield:
"It looks like the next generations of teachers will need to figure out how to create systems that better support themselves and also keep the Dharma available... while the older ones have to figure out how to handle the growing needs of old age. With our non-village culture, and being non-monastic lay teachers in a Western materialistic society, it’s a new game. Good luck to us.” "
Wat 'non-village culture' is weet ik niet, maar hier komen wel de centrale thema's kort aan de orde: de pioniers zijn oud geworden en (sommigen van) van hen maken zich zorgen over hun oude dag, het stokje moet worden overgedragen de komende decennia; en het gaat en zal blijven gaan om leken-leraren in een niet-klooster-setting.
'Inzicht meditatie' is in dit citaat (en de rest van het rapport) expliciet 'Dharma', 'boeddhisme' dus, naast (niet tegenover) de seculiere 'mindfulness'. Dit is wel het opmerken waard want van in Nederland aangeboden vipassana wordt het boeddhistische aspect ervan wel eens onduidelijk gehouden.
Demografische karakteristieken
Vierenveertig procent van de leraren is zestig jaar of ouder; dertig procent is jonger dan vijftig jaar. Slechts 47% van de leraren in opleiding is jonger dan vijftig jaar. Van de volledig opgeleide leraren is 89% wit (ik volg het Amerikaanse politiek correcte taalgebruik); bij de leraren in opleiding is 81% wit.
Activiteiten en inkomen uit retraites
Gemiddeld is het aantal dagen per jaar dat men retraites geeft, achtendertig. Bij volledig opgeleide leraren, met name bij degenen die lid zijn van een 'Council' ligt dit gemiddeld hoger; zij halen ongeveer de helft van hun jaarinkomen uit meerdaagse retraites; bij leraren die geen lid zijn van een 'Council' is dit gemiddeld 10%.
Degenen die niet bij een 'Council' horen, maken zich zorgen over de kansen die ze krijgen om een retraite te kunnen geven in een residentiële setting.
Sommige leraren geven ook seculiere mindfulness (bv MBSR, meditatie op scholen etc), maar de meerderheid (76%) van de leraren verwerven minder dan 20% van hun inkomen uit seculiere mindfulness cursussen.
Tevredenheid met het op dana gebaseerde systeem
Van het totale aantal respondenten is 74% tevreden met het op dana gebaseerde systeem van vergoeding voor de leraar. Van de 'witte' leraren is slechts 8% ontevreden, van de 'gekleurde' is het 33%; er is geen duidelijke verklaring voor dit grote verschil gevonden.
Verzekeringen en pensioen
Vanwege de grote verschillen tussen de regelgeving in de VS en Nederland wat betreft ziektekostenverzekering en AOW beperk ik me tot de conclusie dat leraren Inzichts Meditatie deze thema's (die in samenhang met elkaar worden beleefd) in toenemende mate als zorgwekkend zien.
Suggesties worden gedaan als een gezamenlijk pensioenfonds en een fonds voor ziek geworden collega's, gevoed met een toeslag van een paar dollar op de inschrijvingskosten van retraites per deelnemer.
Factoren die het retraites geven beperken
Op de vraag 'hoe vaak heeft in de afgelopen drie jaar de capaciteit van het retraitecentrum de deelname aan uw retraites beperkt?' antwoordt 46% van de leraren met 'frequent' of soms'; bijna de helfst dus.
Maar liefst tweederde van de leraren zien de hoogte van de registratiekosten - inclusief betaling voor eten en onderdak neem ik aan - als een ernstige beperking voor deelname aan de retraite!
Kijken naar de toekomst, een aantal vragen ter reflectie
Ik maak hier niet alleen gebruik van het artikel in Inquiring Mind maar ook van de formuleringen in het volledige rapport. De m.i. belangrijkste vragen, ter wille van de precisie niet vertaald, zijn:
Tenslotte een thema dat niet aan de orde komt: het betalen van (inkomsten)belasting over de ontvangen dana. Dit speelt kennelijk geen enkele rol bij vraagstelling of antwoorden. Of ik begrijp de belastingstelsels in de betreffende landen niet of men denkt dat dit hen niet betreft, omdat de dana bijna altijd in contant geld wordt gegeven. Hoor ik hier iemand het woord 'zwart' gebruiken?
=====================================================================
Een poging tot vergelijking met de situatie in Nederland
Vergeleken met de VS is Nederland met haar ziektekostenverzekering en AOW nog steeds een verzorgingsstaat, al zakt het niveau ervan voortdurend en al is alleen leven van een AOW-uitkering na het 66e jaar geen vetpot. Maar de problemen met verzekering en pensioen zoals de Amerikanen die hebben, kunnen hier buiten beschouwing blijven.
Bij de andere thema's van het onderzoek lijkt een vergelijking me wel zinvol.
Toch is er nog een ander verschil te noemen: de centra IMS, Spirit Rock en Gaia House zijn in hun methoden behoorlijk eclectisch, terwijl in Nederland er met de erfenis van de Eerwaarde Mettavihari een vrij sterke monocultuur is ontstaan, al zijn er ook hier retraites met een andere methode dan die van Mahasi Sayadaw.
Wat vooral vergelijkbaar is:
Wellicht zouden SIM, Sanghametta en 'De veertien' zich ook kunnen aansluiten tot de BIN. Daardoor zouden wat denkramen opengezet kunnen worden. Wel vind ik het verwarrend dat het tegelijk een organisatie van leraren en een organisatie van sangha's is, en het verschil daartussen niet helder wordt benoemd.
Leraar-loze retraites voor gevorderde meditatoren, in Nederland een enkele keer (door Sanghametta) georganiseerd, passen niet in het model, of ze zijn alleen maar in dit onderzoek buiten de orde.
Hoe dan ook is lezen van het onderzoeksrapport door bovengenoemde Nederlandse organisaties (leraren en bestuursleden) de moeite waard; hopelijk met openbare conclusies zoals de BIN heeft gedaan.
Dit zijn enkele van de conclusies van een onderzoek dat is gedaan onder deze leraren waarvan er ruim honderd reageerden op een vragenlijst over de huidige en toekomstige situatie van de Inzichts Meditatie. ('Veertig jaar' vind ik daarbij rijkelijk overdreven, tien is al veel)
In het Westen welteverstaan: de enquete is gestuurd aan individuele leraren, deelnemers aan een grote vipassana-leraren-meting in 2013, aan leraren verbonden aan de grote instituten in de Verenigde Staten zoals Spirit Rock en IMS (in het artikel 'Councils' genoemd),
en aan leraren verbonden aan Gaia House (Engeland) en Beatenberg (Zwitserland).
Overwegend gaat het wel om de antwoorden van (blanke) Amerikanen, ongeveer evenveel vrouwen als mannen.
Over dit onderzoek is gerapporteerd in een voorjaar 2014 gepubliceerd rapport 'Insight Retreat Teacher Survey '. Een samenvattend artikel hierover is afgelopen najaar verschenen in het tijdschrift 'Inquiring Mind '; het is dit artikel dat ik hieronder samenvat en waarvan ik de resultaten probeer te vergelijken met de situatie in Nederland.
'Insight Meditation ' is de boeddhistische traditie met overwegend Theravada-wortels die zo'n veertig jaar geleden in de VS is gaan groeien met pioniers als Joseph Goldstein, Jack Kornfield, Sharon Salzberg, Christina Feldman, Christopher Titmuss, Ruth Denison en anderen.
Een soort jubileum dat aanleiding was voor de vraag: Hoe gaat het de volgende veertig jaar ?
In Nederland wordt vaak de term 'vipassana ' voor deze traditie gebruikt, in veel gevallen verbijzonderd tot 'vipassana volgens de methode Mahasi Sayadav' (en zijn ook andere methoden, bv de vipassana à la Goenka). Toch is dat te beperkt, in bovengenoemde centra worden ook retraites met andere methoden gegeven, bijvoorbeeld gericht op samatha of op metta en 'Insight Dialogue'. In de meeste gevallen dan wel in relatie tot of samen met inzichts meditatie. Maar niet altijd: de Zen-achtige retraites van Martine Batchelor worden ook gewoon 'insight meditation' genoemd.
Van de Nederlandse leraren hadden ook degenen die voorkomen op de lijsten van de SIM of Sanghametta het enquete-formulier gekregen kunnen hebben, of de groep van veertien Mettavihari-leerlingen, maar voorzover ik weet is dit niet het geval geweest (misschien zijn we wel te marginaal).
Van 'de veertien' is duidelijk wie er bij hoort en wie niet; de lijsten van SIM en Sanghametta hebben (in mijn opvatting) echter onduidelijke criteria. Zie bijvoorbeeld onderaan m'n blog van 8 sept onder het kopje 'Kunnen we hier van leren?'
Opvallend is verder dat de enquete uitsluitend gericht is op de leraar die een meerdaagse retraite (in een gebouw waar de mediterenden ook overnachten) begeleidt. Wekelijkse sessies van min of meer vaste groepen mediterenden met een leraar een dagdeel in een gehuurd of (soms eigen) gebouw is niet het onderwerp. Mogelijk komt dat in landen met grotere (reis)afstanden dan in Nederland relatief minder voor (maar het komt wel voor, diverse boeken van Amerikaanse leraren gaan deels daarover).
Nog een mogelijk verschil: retraites in Nederland, bv die georganiseerd door de SIM of Sanghametta, worden deels gegeven door naar ons land gehaalde Aziatische monniken (waarvan een deel wel weer van Westerse origine is); in het survey rapport heb ik daar niet over gelezen. Het is denkbaar dat de VS een paar jaar voor is en dat dit in Nederland een afnemend verschijnsel wordt.
Het onderzoek van begin 2014 is uitgevoerd door de BIN (Buddhist Insight Network); een in 2010 opgerichte vrijwilligersorganisatie van leraren, leiders en sangha's die zich rekenen tot de “Insight Meditation movement”. In feite gaat het om de VS, Engeland, Canada en Zwitserland. Ze noemen zichzelf ook wel meta-sangha. Hier hun website www.buddhistinsightnetwork.org .
=====================================================================
Samenvatting van de onderzoeksresultaten
Het artikel in Inquiring Mind - titel 'The Next Forty Years' begint met een citaat van de grand old man van de Inzichts Meditatie, Jack Kornfield:
"It looks like the next generations of teachers will need to figure out how to create systems that better support themselves and also keep the Dharma available... while the older ones have to figure out how to handle the growing needs of old age. With our non-village culture, and being non-monastic lay teachers in a Western materialistic society, it’s a new game. Good luck to us.” "
Wat 'non-village culture' is weet ik niet, maar hier komen wel de centrale thema's kort aan de orde: de pioniers zijn oud geworden en (sommigen van) van hen maken zich zorgen over hun oude dag, het stokje moet worden overgedragen de komende decennia; en het gaat en zal blijven gaan om leken-leraren in een niet-klooster-setting.
'Inzicht meditatie' is in dit citaat (en de rest van het rapport) expliciet 'Dharma', 'boeddhisme' dus, naast (niet tegenover) de seculiere 'mindfulness'. Dit is wel het opmerken waard want van in Nederland aangeboden vipassana wordt het boeddhistische aspect ervan wel eens onduidelijk gehouden.
Demografische karakteristieken
Vierenveertig procent van de leraren is zestig jaar of ouder; dertig procent is jonger dan vijftig jaar. Slechts 47% van de leraren in opleiding is jonger dan vijftig jaar. Van de volledig opgeleide leraren is 89% wit (ik volg het Amerikaanse politiek correcte taalgebruik); bij de leraren in opleiding is 81% wit.
Activiteiten en inkomen uit retraites
Gemiddeld is het aantal dagen per jaar dat men retraites geeft, achtendertig. Bij volledig opgeleide leraren, met name bij degenen die lid zijn van een 'Council' ligt dit gemiddeld hoger; zij halen ongeveer de helft van hun jaarinkomen uit meerdaagse retraites; bij leraren die geen lid zijn van een 'Council' is dit gemiddeld 10%.
Degenen die niet bij een 'Council' horen, maken zich zorgen over de kansen die ze krijgen om een retraite te kunnen geven in een residentiële setting.
Sommige leraren geven ook seculiere mindfulness (bv MBSR, meditatie op scholen etc), maar de meerderheid (76%) van de leraren verwerven minder dan 20% van hun inkomen uit seculiere mindfulness cursussen.
Tevredenheid met het op dana gebaseerde systeem
Van het totale aantal respondenten is 74% tevreden met het op dana gebaseerde systeem van vergoeding voor de leraar. Van de 'witte' leraren is slechts 8% ontevreden, van de 'gekleurde' is het 33%; er is geen duidelijke verklaring voor dit grote verschil gevonden.
Verzekeringen en pensioen
Vanwege de grote verschillen tussen de regelgeving in de VS en Nederland wat betreft ziektekostenverzekering en AOW beperk ik me tot de conclusie dat leraren Inzichts Meditatie deze thema's (die in samenhang met elkaar worden beleefd) in toenemende mate als zorgwekkend zien.
Suggesties worden gedaan als een gezamenlijk pensioenfonds en een fonds voor ziek geworden collega's, gevoed met een toeslag van een paar dollar op de inschrijvingskosten van retraites per deelnemer.
Factoren die het retraites geven beperken
Op de vraag 'hoe vaak heeft in de afgelopen drie jaar de capaciteit van het retraitecentrum de deelname aan uw retraites beperkt?' antwoordt 46% van de leraren met 'frequent' of soms'; bijna de helfst dus.
Maar liefst tweederde van de leraren zien de hoogte van de registratiekosten - inclusief betaling voor eten en onderdak neem ik aan - als een ernstige beperking voor deelname aan de retraite!
Kijken naar de toekomst, een aantal vragen ter reflectie
Ik maak hier niet alleen gebruik van het artikel in Inquiring Mind maar ook van de formuleringen in het volledige rapport. De m.i. belangrijkste vragen, ter wille van de precisie niet vertaald, zijn:
- It would be easy to pit the pragmatic and aspirational views of teaching against one another, either treating teaching solely as a professional career or idealizing the monastic model and failing to adequately support teachers. What might an integration of the pragmatic and aspirational aspects look like? Have we achieved this with the current dana model? Are there alternatives or enhancements we might consider? Can we envision the emergence of an Insight Network that might provide additional support for teachers, thereby honoring the sanctity of Dharma teaching as an activity and relieving some of the financial pressures?
- Enhancing the ethnic diversity of the teacher community would bring copious benefits both internally and to those seeking Dharma teaching. Numerous efforts, some initiated many years ago, are attempting to bring this about. Are further institutional efforts necessary to enhance the ethnic diversity of retreat teachers?
- How will the Insight Movement situate itself in relation to the secular mindfulness movement? What is it that distinguishes the Insight tradition from secular approaches that are integrating Dharma in substantial and meaningful ways? What advantages might come from having a lineage of religious teachings? What leadership might Insight teachers and institutions take in the dissemination of secular mindfulness practice? In what ways might the emergence of secular mindfulness and scientific cross-fertilization actually change how we understand the Dharma?
Tenslotte een thema dat niet aan de orde komt: het betalen van (inkomsten)belasting over de ontvangen dana. Dit speelt kennelijk geen enkele rol bij vraagstelling of antwoorden. Of ik begrijp de belastingstelsels in de betreffende landen niet of men denkt dat dit hen niet betreft, omdat de dana bijna altijd in contant geld wordt gegeven. Hoor ik hier iemand het woord 'zwart' gebruiken?
=====================================================================
Een poging tot vergelijking met de situatie in Nederland
Vergeleken met de VS is Nederland met haar ziektekostenverzekering en AOW nog steeds een verzorgingsstaat, al zakt het niveau ervan voortdurend en al is alleen leven van een AOW-uitkering na het 66e jaar geen vetpot. Maar de problemen met verzekering en pensioen zoals de Amerikanen die hebben, kunnen hier buiten beschouwing blijven.
Bij de andere thema's van het onderzoek lijkt een vergelijking me wel zinvol.
Toch is er nog een ander verschil te noemen: de centra IMS, Spirit Rock en Gaia House zijn in hun methoden behoorlijk eclectisch, terwijl in Nederland er met de erfenis van de Eerwaarde Mettavihari een vrij sterke monocultuur is ontstaan, al zijn er ook hier retraites met een andere methode dan die van Mahasi Sayadaw.
Wat vooral vergelijkbaar is:
- de steeds hoger wordende gemiddelde leeftijd van de leraren in Nederland; m.i. het probleem met stip;
- het vrijwel ontbreken van andere dan 'witte' leraren; dit wordt echter hier zelfs (nog) niet als een probleem gezien;
- het zoeken naar een verhouding tussen de (boeddhistische dus religieuze) vipassana met de (seculiere) mindfulness;
- twijfel over de houdbaarheid van het dana-principe, met name voor leraren die niet of nauwelijks een andere bron van inkomsten hebben en/of een gezin te onderhouden hebben;
- relevant met betrekking tot het verkrijgen van een eigen centrum (=gebouw) voor de vipassana in Nederland is de ervaring dat bijna de helft van de geënquêteerde leraren de capaciteit van centra en tweederde de inschrijfprijs als een beperkende factor zien.
Wellicht zouden SIM, Sanghametta en 'De veertien' zich ook kunnen aansluiten tot de BIN. Daardoor zouden wat denkramen opengezet kunnen worden. Wel vind ik het verwarrend dat het tegelijk een organisatie van leraren en een organisatie van sangha's is, en het verschil daartussen niet helder wordt benoemd.
Leraar-loze retraites voor gevorderde meditatoren, in Nederland een enkele keer (door Sanghametta) georganiseerd, passen niet in het model, of ze zijn alleen maar in dit onderzoek buiten de orde.
Hoe dan ook is lezen van het onderzoeksrapport door bovengenoemde Nederlandse organisaties (leraren en bestuursleden) de moeite waard; hopelijk met openbare conclusies zoals de BIN heeft gedaan.
Labels:
boeddhologie,
leraar,
meditatie,
Pali-Canon,
wetenschap
dinsdag 2 december 2014
Dhammapada en andere (boeddhistische) boeken; over omgaan met instructies en mogen denken in de meditatie en een nieuwe maar oude bekende uitgever
Het lijkt me wel een goed moment om het over nieuw verschenen boeken te hebben.
Een paar die ik minstens voor een deel gelezen heb.
Dhammapada, Boeddhistische wijsheid in verzen
Vertaald en ingeleid door Paul Boersma, met illustraties.
Verschijnt volgende week. Uit de beschrijving van uitgever Asoka:
Het Dhammapada is een beroemde verzameling verzen die traditioneel aan de Boeddha toegeschreven worden. Het wordt gezien als een van de meesterwerken in de vroeg boeddhistische literatuur. Een prachtige bundeling verzen voor de boeddhist die lering zoekt. Maar ook voor de niet-boeddhist die kennismaking met het boeddhisme zoekt. De kennismaking betreft dan niet alleen de gedachtewereld, maar ook de spiritualiteit van het boeddhisme: de oefenweg naar Nirwana.
Om een indruk te krijgen, leze het artikel 'Dhamma-vreugd en Dhammapada' in Simsara 09/2014
Een voorproefje:
81
Zoals een grote zware rots
Niet door de wind bewogen wordt,
Zo brengen lof en blaam ook niet
De wijzen uit hun evenwicht.
222
Wie opgekomen toorn bedwingt
Zoals een wagen die ontspoort,
Zo iemand noem ik pas koetsier:
De rest houdt slechts de teugels vast.
Rechts één van de 26 illustraties van Arjan Ubert in dit boek
===================================================
Thoughts Are Not the Enemy: An Innovative Approach to Meditation Practice
door Jason Siff
"A revolutionary new approach to meditation: a mindfulness of thinking that accepts and investigates the thoughts that arise as you meditate.
Dit is een (zelfstandig te lezen) vervolg op:
Unlearning Meditation:
"Siff brings to light what can develop in a meditation practice that is gentle, flexible, permissive, and honest. It's an approach that has opened up meditation for people who thought they couldn't do it, and injecting a renewed energy for practice into the lives of seasoned meditators. "
Beide te verkrijgen via bv Amazon of Bol.com
Dit zijn boeken over thema's waar ik op dit moment (als yogi) mee bezig ben.
'Unlearning meditation' - dat niet gaat over het stoppen met mediteren maar het afleren van kennelijk niet werkende instructies - heb ik intensief gedaan. En zal ik nog wel een tijdje blijven doen.
De tekst van de link 'Gentle Intentions ' bevat het beginhoofdstuk uit 'Unlearning Meditation' over de open, ongestructureerde 'Recollective Awareness Meditation'. Deze term slaat op het kenmerk dat na elke sessie (van 20 tot 40 minuten) de mediterende zo gedetailleerd mogelijk probeert boven te krijgen wat z'n gedachten en gevoelens waren, en dat op papier zet.
Het lukt me niet een compacte vertaling van die term te vinden, ik houd het op:
'Meditatie met opgehaalde en beschreven herinneringen aan gedachten en gevoelens'.
'Thoughts Are Not the Enemy' is net uit en heb ik nog maar kort in huis.
Ik vertaal een soort programma, te vinden op pagina 4:
Interessant is dat er een Duitstalig blog is over 'Säkularer Buddhismus ' (iets wat we in Nederland niet hebben, al doe ik m'n best). En deze blog besteed ook aandacht aan Jason Siff. Zij noemen "Unlearning Meditation ist auch nach unserer Meinung ein spannendes und inspirierendes Buch mit einem radikalen säkularen Ansatz." Dat specifiek seculiere zie ik maar in beperkte mate in zijn werk, vergelijk een recent interview met hem, opgenomen in Bijlage.
Spannend en inspirerend vind ik zijn boeken zeker ook. Iets voor een retraite ?
=======================================================================
En dan niet alleen één boek maar een hele uitgeverij:
De (Boeddhistische) Klassieke Tekstbibliotheek is terug van nooit weggeweest
Eén van de onderdelen van Asoka was de 'Klassieke Tekstbibliotheek'. In deze serie mooi uitgegeven boeken staan naast de bekende vertalingen van de Nikaya's uit de Pali Canon door Jan de Breet en Rob Janssen ook de bekende 'Vragen van Milinda' en de ontroerende door Ria Kloppenborg vertaalde 'Verzen van monniken en nonnen'.
Deze - langzaam maar gestadig verkochte - boeken zijn nu nog terug te vinden op de website van Milinda; zie hun overzicht ; maar deze uitgever wilde er mee stoppen.
Gelukkig heeft Gerolf T'Hooft deze boeken, met copyrights, overgenomen. Ze komen nu uit bij een nieuwe uitgeverij: Bodhi.
We zitten nu in een overgangsperiode waarin het begrijpelijk is dat in de bestaande voorraad nog als uitgever Asoka is vermeld.
Maar inmiddels is het eerste 'echte' (met nieuwe kaft, zie afbeelding) boek van uitgever 'Bodhi ' uitgekomen: deel 4 van de vertaling van de Samyutta Nikaya:
'De verzameling van thematisch geordende leerredes / Deel 4 - De zes zintuiggebieden'
Zie de aankondiging bij Bol.com
Met dit deel (deel 5 was al eerder uitgekomen) is de vertaling van de Samyutta Nikaya afgerond; ik hoorde dat de vertalers de Breet en Janssen nu bezig zijn met de vertaling van de laatste nog niet in het Nederlands vertaalde van de Nikaya's: de Anguttara.
Voor wie daar niet op wil wachten - het totale project neemt wel een jaar of vijf - is er de Engelse vertaling door Bhikkhu Bodhi:
'The Numerical Discourses of the Buddha; A Translation of the Aṅguttara Nikāya ', zie hier
Idealiter is de Dhamma - en dus de sutta's - een gift. Maar met boeken uitgeven is dat moeilijk. Toch vind ik dat op een gegeven moment deze sutta's vrij op internet gezet moeten worden, bijvoorbeeld tien jaar na het publiceren ervan. Te beginnen met de 'Lange Leerredes' (Digha Nikaya, uitg. 2001) en daarna de Middellange Leerredes' (Majjhima Nikaya, uitg. 2004-2005).
Een minder vergaand alternatief is, deze boeken voor een paar euro als e-boek beschikbaar te stellen.
Voor verdere informatie en nieuws van deze uitgeverij, zie de website www.bodhi-instituut.nl/
Uit de aankondiging:
"Naast de Nederlandse vertaling van de Pali-Canon zal de uitgeverij van het Bodhi-Instituut tevens werk publiceren dat deze bronteksten, zowel theoretisch als praktisch, helpt ontsluiten. Het Instituut zal bovendien activiteiten organiseren die geïnteresseerden in de gelegenheid stellen zich door middel van sutta-classes, een leergang Pali, lezingavonden en meditatiecursussen, persoonlijk te verdiepen in de studie en de beoefening van de klassieke buddhadhamma. Ook de geplande uitgave van het tijdschrift ‘Bodhi’ moet hieraan bijdragen."
=======================================================================
Als alle gedoe deze maand weer voorbij is, ga ik verder met een ander soort boek dat al een tijdje op m'n nachtkastje ligt: In Einsteins achtertuin;
In zijn artikel 'De ultieme realiteit ' geeft Dirk van der Wulp een samenvatting. En hij stelt enkele filosofische vragen aan de orde.
Mijn vragen formuleer ik iets anders:
Heeft dit iets met 'het' boeddhisme te maken?
Of met mijn beoefening van het boeddhisme?
Op de eerste vraag zeg ik: nauwelijks, al was dat wel in de mode, maar ik heb nog wel eens uitspraken van boeddhisten over de kwantumfysica gehoord die niet duiden op enige kennis van deze theorie. Er zijn wel wat paralellen, verder wil ik niet gaan.
Op de tweede: wel een beetje; bv omdat ik er à la Blaise Pascal *) bescheiden van word. En mijn nieuwsgierigheid naar 'ultieme realiteit(en)' is dezelfde. Stand van zaken is inmiddels bij beide een uitspraak die ik ooit hoorde na een congres: "I'm still confused but on a higher level ".
Toch zou ik wel willen dat er ook een boek over boeddhisme & boeddhologie was zoals dit over natuurkunde & astrofysica: vrolijk maar met diepgang.
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Nog een ander boek, over astrofysica maar ook en vooral over de kwetsbaarheid van de mens.
Ook dit jaar uitgekomen: 'De laatste tafel ', roman door Wim Kayzer, bekend van de televisie-series 'Van de schoonheid en de troost' en 'Een schitterend ongeluk'.
Het boek gaat over een man (ooit een astrofysicus) aan de vooravond van een zware aneurysma-operatie die hij moet ondergaan. Toen ik het uit had, hoorde ik van mijn eigen noodzakelijke operatie. Het boek heeft een open einde. ...
=======================================================================
BIJLAGE
"In regard to secular Buddhism, I did not set out to be a secular Buddhist meditation teacher. It just so happens that what I teach fits nicely with the orientation of secular Buddhism. Questioning metaphysical or supernatural beliefs is an important part of Recollective Awareness meditation, as well as exploring what the Buddha was saying in the original teachings of the Pali Canon.That said, I do not consider beliefs in rebirth, karma, or incorporeal existence to be impediments for meditators, but rather as beliefs that will naturally arise for people in the course of their meditation practice. I have seen on several occasions the psychological power of such beliefs and how they can support and further a serious meditation practice and investigation into the Buddha’s Teaching. From a Dharma teaching standpoint, I see the Buddha’s teaching on Dependent Arising as a corrective to faulty views on rebirth and karma; and though conditionality can be taught without including the cycle of death and rebirth, I’m not sure if one can fully grasp the existential imperative for full awakening when rebirth and karma are taken out of the picture. In Secular Buddhism it may be argued that the historic focus on liberation from suffering should be replaced with a path that creates a more fulfilling and meaningful ethical life, and that beliefs in karma and rebirth may have no place in that path "
Bron: Insight Journal, Juni 2014
=======================================================================
Noot *)
Blaise Pascal, Pensées (1670).
De eeuwige stilte van die onmetelijke ruimte jaagt mij schrik aan.
Origineel: Le silence éternel de ces espaces infinis m'effraie.
Een variant op deze 'Gedachte': Door de oneindigheid omvat het heelal mij en verzwelgt me als een stip; door de gedachte kan ik het heelal omvatten.
Origineel: Par l'espace l'univers me comprend et m'engloutit comme un point; par la pensée je le comprends.
Te vinden in bv www.citaten.net/zoeken/citaten_van-blaise_pascal.html
Een paar die ik minstens voor een deel gelezen heb.
Dhammapada, Boeddhistische wijsheid in verzen
Vertaald en ingeleid door Paul Boersma, met illustraties.
Verschijnt volgende week. Uit de beschrijving van uitgever Asoka:
Het Dhammapada is een beroemde verzameling verzen die traditioneel aan de Boeddha toegeschreven worden. Het wordt gezien als een van de meesterwerken in de vroeg boeddhistische literatuur. Een prachtige bundeling verzen voor de boeddhist die lering zoekt. Maar ook voor de niet-boeddhist die kennismaking met het boeddhisme zoekt. De kennismaking betreft dan niet alleen de gedachtewereld, maar ook de spiritualiteit van het boeddhisme: de oefenweg naar Nirwana.
De inhoud van de verzen is te lezen als een leidraad voor monniken, maar is door de eeuwen heen ook door veel leken gelezen. Dit blijkt uit de talrijke vertalingen, alleen al in de Engelse taal meer dan vijftig. Hoewel het origineel in verzen is gesteld, zijn bijna alle bestaande vertalingen in proza. Dit boek is uniek door zijn metrische vertaling die het poëtisch karakter van het origineel in stand houdt en makkelijk in het geheugen blijft hangen. Deze bundel is verrijkt met een register, waarin alle verzen op thema zijn opgenomen. Naast de verzen zijn de commentaren geplaatst.
Om een indruk te krijgen, leze het artikel 'Dhamma-vreugd en Dhammapada' in Simsara 09/2014
en op zijn website www.paulboersma.nl/dhammapada.
Het boek is via deze website (en bij de boekwinkel) te verkrijgen; email info@paulboersma.nlEen voorproefje:
81
Zoals een grote zware rots
Niet door de wind bewogen wordt,
Zo brengen lof en blaam ook niet
De wijzen uit hun evenwicht.
222
Wie opgekomen toorn bedwingt
Zoals een wagen die ontspoort,
Zo iemand noem ik pas koetsier:
De rest houdt slechts de teugels vast.
Rechts één van de 26 illustraties van Arjan Ubert in dit boek
===================================================
Thoughts Are Not the Enemy: An Innovative Approach to Meditation Practice
door Jason Siff
"A revolutionary new approach to meditation: a mindfulness of thinking that accepts and investigates the thoughts that arise as you meditate.
In most forms of meditation, the meditator is instructed to let go of thoughts as they arise. As a result, thinking is often taken, unnecessarily, to be something misguided or evil. This approach is misguided, says Jason Siff. In fact, if we allow thoughts to arise and become mindful of the thoughts themselves, we gain tranquillity and insight just as in other methods without having to reject our natural mental processes. And by observing the thoughts themselves with mindfulness and curiosity, we can learn a good deal about ourselves in the process. "
Dit is een (zelfstandig te lezen) vervolg op:
Unlearning Meditation:
What to Do When the Instructions Get In the Way
"Siff brings to light what can develop in a meditation practice that is gentle, flexible, permissive, and honest. It's an approach that has opened up meditation for people who thought they couldn't do it, and injecting a renewed energy for practice into the lives of seasoned meditators. "
Beide te verkrijgen via bv Amazon of Bol.com
Dit zijn boeken over thema's waar ik op dit moment (als yogi) mee bezig ben.
'Unlearning meditation' - dat niet gaat over het stoppen met mediteren maar het afleren van kennelijk niet werkende instructies - heb ik intensief gedaan. En zal ik nog wel een tijdje blijven doen.
De tekst van de link 'Gentle Intentions ' bevat het beginhoofdstuk uit 'Unlearning Meditation' over de open, ongestructureerde 'Recollective Awareness Meditation'. Deze term slaat op het kenmerk dat na elke sessie (van 20 tot 40 minuten) de mediterende zo gedetailleerd mogelijk probeert boven te krijgen wat z'n gedachten en gevoelens waren, en dat op papier zet.
Het lukt me niet een compacte vertaling van die term te vinden, ik houd het op:
'Meditatie met opgehaalde en beschreven herinneringen aan gedachten en gevoelens'.
'Thoughts Are Not the Enemy' is net uit en heb ik nog maar kort in huis.
Ik vertaal een soort programma, te vinden op pagina 4:
- Het toestaan van gedachten en emoties in de meditatie-sessie vanaf het begin is de enige manier waarop denken niet een probleem wordt in je meditatie-beoefening.
- Het handhaven van een stille zittende houding met de intentie te mediteren is (op zich al) voldoende beperking en inspanning om gedachten en emoties die door je heengaan in een meditatie-sessie te tolereren en je er meer bewust van te worden.
- Vriendelijkheid en mildheid over je gedachten is noodzakelijk om bewustzijn ervan te ontwikkelen; anders tolereer je ze alleen maar voor een kort moment, voordat je ze afsluit.
- Als je belangstelling hebt voor je gedachten, zal er minder aversie tegen die gedachten zijn.
- Je bewust worden van je denken brengt met zich mee het in dat denken raken terwijl het plaats vindt; en ook het ervaren van het niet er in zijn, momenten waarop je er kort op kan reflecteren.
- Als je gedachten eenmaal uitgedoofd zijn, zal je je meer bewust zijn van andere aspecten van wat je ervaart, zoals je ademhaling.
- En in tegenstelling tot wat algemeen de overtuiging is, leidt het toestaan van je denken in meditatie juist tot minder denken dan wanneer je het niet toestaat.
Interessant is dat er een Duitstalig blog is over 'Säkularer Buddhismus ' (iets wat we in Nederland niet hebben, al doe ik m'n best). En deze blog besteed ook aandacht aan Jason Siff. Zij noemen "Unlearning Meditation ist auch nach unserer Meinung ein spannendes und inspirierendes Buch mit einem radikalen säkularen Ansatz." Dat specifiek seculiere zie ik maar in beperkte mate in zijn werk, vergelijk een recent interview met hem, opgenomen in Bijlage.
Spannend en inspirerend vind ik zijn boeken zeker ook. Iets voor een retraite ?
=======================================================================
En dan niet alleen één boek maar een hele uitgeverij:
De (Boeddhistische) Klassieke Tekstbibliotheek is terug van nooit weggeweest
Eén van de onderdelen van Asoka was de 'Klassieke Tekstbibliotheek'. In deze serie mooi uitgegeven boeken staan naast de bekende vertalingen van de Nikaya's uit de Pali Canon door Jan de Breet en Rob Janssen ook de bekende 'Vragen van Milinda' en de ontroerende door Ria Kloppenborg vertaalde 'Verzen van monniken en nonnen'.
Deze - langzaam maar gestadig verkochte - boeken zijn nu nog terug te vinden op de website van Milinda; zie hun overzicht ; maar deze uitgever wilde er mee stoppen.
Gelukkig heeft Gerolf T'Hooft deze boeken, met copyrights, overgenomen. Ze komen nu uit bij een nieuwe uitgeverij: Bodhi.
We zitten nu in een overgangsperiode waarin het begrijpelijk is dat in de bestaande voorraad nog als uitgever Asoka is vermeld.
Maar inmiddels is het eerste 'echte' (met nieuwe kaft, zie afbeelding) boek van uitgever 'Bodhi ' uitgekomen: deel 4 van de vertaling van de Samyutta Nikaya:
'De verzameling van thematisch geordende leerredes / Deel 4 - De zes zintuiggebieden'
Zie de aankondiging bij Bol.com
Met dit deel (deel 5 was al eerder uitgekomen) is de vertaling van de Samyutta Nikaya afgerond; ik hoorde dat de vertalers de Breet en Janssen nu bezig zijn met de vertaling van de laatste nog niet in het Nederlands vertaalde van de Nikaya's: de Anguttara.
Voor wie daar niet op wil wachten - het totale project neemt wel een jaar of vijf - is er de Engelse vertaling door Bhikkhu Bodhi:
'The Numerical Discourses of the Buddha; A Translation of the Aṅguttara Nikāya ', zie hier
Idealiter is de Dhamma - en dus de sutta's - een gift. Maar met boeken uitgeven is dat moeilijk. Toch vind ik dat op een gegeven moment deze sutta's vrij op internet gezet moeten worden, bijvoorbeeld tien jaar na het publiceren ervan. Te beginnen met de 'Lange Leerredes' (Digha Nikaya, uitg. 2001) en daarna de Middellange Leerredes' (Majjhima Nikaya, uitg. 2004-2005).
Een minder vergaand alternatief is, deze boeken voor een paar euro als e-boek beschikbaar te stellen.
Voor verdere informatie en nieuws van deze uitgeverij, zie de website www.bodhi-instituut.nl/
Uit de aankondiging:
"Naast de Nederlandse vertaling van de Pali-Canon zal de uitgeverij van het Bodhi-Instituut tevens werk publiceren dat deze bronteksten, zowel theoretisch als praktisch, helpt ontsluiten. Het Instituut zal bovendien activiteiten organiseren die geïnteresseerden in de gelegenheid stellen zich door middel van sutta-classes, een leergang Pali, lezingavonden en meditatiecursussen, persoonlijk te verdiepen in de studie en de beoefening van de klassieke buddhadhamma. Ook de geplande uitgave van het tijdschrift ‘Bodhi’ moet hieraan bijdragen."
=======================================================================
Als alle gedoe deze maand weer voorbij is, ga ik verder met een ander soort boek dat al een tijdje op m'n nachtkastje ligt: In Einsteins achtertuin;
Een duizelingwekkende toer langs de mooiste ideeën uit de natuurkunde
door Amanda Gefter , uitgever Maven, 2014In zijn artikel 'De ultieme realiteit ' geeft Dirk van der Wulp een samenvatting. En hij stelt enkele filosofische vragen aan de orde.
Mijn vragen formuleer ik iets anders:
Heeft dit iets met 'het' boeddhisme te maken?
Of met mijn beoefening van het boeddhisme?
Op de eerste vraag zeg ik: nauwelijks, al was dat wel in de mode, maar ik heb nog wel eens uitspraken van boeddhisten over de kwantumfysica gehoord die niet duiden op enige kennis van deze theorie. Er zijn wel wat paralellen, verder wil ik niet gaan.
Op de tweede: wel een beetje; bv omdat ik er à la Blaise Pascal *) bescheiden van word. En mijn nieuwsgierigheid naar 'ultieme realiteit(en)' is dezelfde. Stand van zaken is inmiddels bij beide een uitspraak die ik ooit hoorde na een congres: "I'm still confused but on a higher level ".
Toch zou ik wel willen dat er ook een boek over boeddhisme & boeddhologie was zoals dit over natuurkunde & astrofysica: vrolijk maar met diepgang.
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Nog een ander boek, over astrofysica maar ook en vooral over de kwetsbaarheid van de mens.
Ook dit jaar uitgekomen: 'De laatste tafel ', roman door Wim Kayzer, bekend van de televisie-series 'Van de schoonheid en de troost' en 'Een schitterend ongeluk'.
Het boek gaat over een man (ooit een astrofysicus) aan de vooravond van een zware aneurysma-operatie die hij moet ondergaan. Toen ik het uit had, hoorde ik van mijn eigen noodzakelijke operatie. Het boek heeft een open einde. ...
=======================================================================
BIJLAGE
Jason Siff over 'Sekulier Boeddhisme' in relatie tot 'Recollective Awareness Meditation'
"In regard to secular Buddhism, I did not set out to be a secular Buddhist meditation teacher. It just so happens that what I teach fits nicely with the orientation of secular Buddhism. Questioning metaphysical or supernatural beliefs is an important part of Recollective Awareness meditation, as well as exploring what the Buddha was saying in the original teachings of the Pali Canon.That said, I do not consider beliefs in rebirth, karma, or incorporeal existence to be impediments for meditators, but rather as beliefs that will naturally arise for people in the course of their meditation practice. I have seen on several occasions the psychological power of such beliefs and how they can support and further a serious meditation practice and investigation into the Buddha’s Teaching. From a Dharma teaching standpoint, I see the Buddha’s teaching on Dependent Arising as a corrective to faulty views on rebirth and karma; and though conditionality can be taught without including the cycle of death and rebirth, I’m not sure if one can fully grasp the existential imperative for full awakening when rebirth and karma are taken out of the picture. In Secular Buddhism it may be argued that the historic focus on liberation from suffering should be replaced with a path that creates a more fulfilling and meaningful ethical life, and that beliefs in karma and rebirth may have no place in that path "
Bron: Insight Journal, Juni 2014
=======================================================================
Noot *)
Blaise Pascal, Pensées (1670).
De eeuwige stilte van die onmetelijke ruimte jaagt mij schrik aan.
Origineel: Le silence éternel de ces espaces infinis m'effraie.
Een variant op deze 'Gedachte': Door de oneindigheid omvat het heelal mij en verzwelgt me als een stip; door de gedachte kan ik het heelal omvatten.
Origineel: Par l'espace l'univers me comprend et m'engloutit comme un point; par la pensée je le comprends.
Te vinden in bv www.citaten.net/zoeken/citaten_van-blaise_pascal.html
zondag 23 november 2014
Symposium over een retraite-centrum maar wat is een retraite? Bijdrage over de verhouding tussen functies, organisaties en verklaringen - Plus een 'Abstract'
De Stichting Vipassana Centrum Nederland (voluit: Meditatie en Studiecentrum Vipassana Nederland) organiseert een symposium dat plaats vindt op zaterdag 13 december van 10.30 tot 17 uur in Deventer.
Voor programma en wijze van opgeven: zie 'Symposium ' Ik citeer:
"Het Symposium wordt gehouden om een visie en intentie bekend te maken en nader uit te werken ten aanzien van een te realiseren Vipassana Centrum Nederland: een vaste locatie doorlopend geschikt voor de beoefening van Vipassana meditatie."
Speciale gast is de bekende Engelse lerares Christina Feldman, die een begeleide meditatie geeft en een talk over het onderwerp: "Vision of/towards a Vipassana Center based on experience with other centers."
Ik heb de secretaris laten weten, verhinderd te zijn omdat ik een paar dagen eerder geopereerd wordt en heb daarbij een paar kritische punten schriftelijk ingebracht.
Naast onduidelijkheid over het vertrek van de penningmeester (zie hieronder),
de al te sterke accentuering van het verschil tussen leraar en leerling (hier yogi genoemd),
en de al te grote stilte in de zaak SIM-Went heb ik een beleidsmatig probleem.
Namelijk dat nog steeds (hoewel ik dat verleden jaar al had geproblematiseerd) vrij achteloos en ondoordacht in de uitnodiging over het centrum voor vipassana meditatie wordt gezegd : "Sommige meditatoren zullen er [in een te bouwen/kopen centrum] wellicht willen wonen."
Waar ik de voorkeur aan geef (en wat het meest betaalbaar is):
Een 'kaal' en niet te groot retraitegebouw, zoals bv dat van Mettavihara (Triratna) ; alleen voor meditatie en dhamma-studie met inwonenden voor korte tijd (een paar dagen tot een paar weken, een enkele keer een paar maanden).
En los daarvan - zeker in economische en juridische zin - een woonvoorziening voor boeddhisten die permanent (een jaar of langer) samen met anderen in een kloosterachtige ambiance willen wonen en mediteren. En die hun 'woning' van de accommodatie zelf huren of liever kopen, tegen marktconforme prijs.
Op deze wijze hoeven degenen die graag voor het retraite-centrum willen doneren, niet tegelijk het wonen van een aantal individuen te financieren; we hebben het hier niet over bhikkhu's of nonnen/bhikkhuni's volgens de Theravada-traditie, maar over min of meer koopkrachtige leken.
Op een paar van deze punten kom ik hieronder terug, eerst een beschouwing over wat het 'naar een retraite gaan' in onze huidige Westerse samenleving is: in zekere zin een gekunstelde vorm.
========================================================================
Op 9 november stond in het dagblad Trouw een artikel geschreven door Olaf Storm, genaamd ' Stilteretraite is groot onderhoud voor de psyche '. Link: Trouw, 9 nov 2014
Ik vind het een helder verslag, met vertrouwde thema's, bekend van het lezen in bv Simsara of Bodhitv.
Olaf Stom ken ik niet, weet ook niet of hij (in een groep) mediteert de rest van het jaar. Hij spreekt over een negendaagse boeddhistische stilteretraite in Duitsland; in welke traditie is me niet duidelijk geworden: inzichtmeditatie, vipassana à la Goenka of in het Thich Nhat Hanh centrum?
Lees dit verslag, zou ik zeggen, zeker tegen degenen die er niet zo veel van weten.
En goed dat dit in Trouw is opgenomen. Het is toch nog steeds een Christelijk dagblad; en veel traditionele Christenen vinden het boeddhisme toch maar niks. Nog steeds.
Waar ik verder op in wil gaan, zijn de reacties op dit artikel (in de digitale vorm), dertig inmiddels. Natuurlijk is een deel er van beroepsschrijvers, 'reaguurders', en een deel daarvan weet niet waar ze het over hebben. Of wijzen het boeddhisme af vanuit een Christelijke opvatting. Maar zelfs die reacties vind ik interessant, want hier is er geen behoefte politiek correct te doen en respect te hebben van een andere religie, meditatie wordt kennelijk als iets seculiers gezien dat men vrijelijk mag bekritiseren. Overigens: een aantal van de reagerenden is ronduit positief over het artikel.
Een schrijver "vindt het bizar dat je 9 dagen per jaar gaat zitten stilzwijgen en dan hoopt dat het de rest van het jaar allemaal goed komt. ...". Anderen begrijpen niet waarom een wandeling in het bos ook niet kan, waarom zich isoleren ergens ver weg? Waarom los van de familie, is dat niet egocentrisch?
Die laatste opmerking is interessant gezien de reacties die dit bij mij opriep. Wat ik er van maak is: naar een retraite gaan, als westerling, is een tijdje monnik/non zijn: familieverlater en wereldverzaker. Terwijl je dat eigenlijk niet bent, je spéélt in zekere zin voor monnik/non. Het contemplatieve leven wordt in tien dagen gepropt.
Het is een bijzondere culturele uitvinding, een retraite; vergelijkbaar met grote technologische uitvindingen zoals de auto of de computer. Het is een vorm van vrijetijdsbesteding (werkenden moeten er vakantiedagen voor opnemen) èn tegelijk hard werken. Dat het 'groot onderhoud voor de psyche' zou zijn, zoals de auteur van het Trouw-artikel het formuleert, is een soort rechtvaardiging: naar zijn familie, naar zijn vrienden en naar zichzelf. Grappig omdat het boeddhisme nu juist van het begrip psyche (ziel) af wil; dat de reageerders de gebruikte term 'psyche' vervangen 'ego', vind ik in het licht daarvan begrijpelijk.
Kortom: ik vind het verschijnsel retraite heel nuttig (je komt er dieper mee dan met reeks dagelijks kort zitten); maar het is ook een gekunstelde beoefening. Dat blijkt bv uit het feit dat je het tegelijk wèl samen en nìèt samen met anderen doet. Het is tegelijk een verre reis en dichtbij blijven.
Organiseer je eigen retraite
Een van de gemaakte opmerkingen was, dat je toch niet persé naar een (tamelijk dure) retraite hoeft om intensief te mediteren. Dit sluit aan bij wat ik al een paar keer heb gedaan en nog meer wil doen: een privé-retraite organiseren; alleen een paar dagen in een huis(je); zelf - in stilte, want alleen - voor m'n eten zorgen. En een schema als disciplinerend hulpmiddel op papier zetten en me daar min of meer aan houdend. En dat een week of zo.
Het enige dat ik mis, zijn de Dhamma-talks, maar daarvoor ga ik niet mediteren, bovendien zijn er genoeg op internet te vinden. En de interviews met de leraar, maar ik heb - vind ik zelf - nu lang genoeg gemediteerd om het zonder leraar af te kunnen. Net zo als het (dagelijks als het kan maar minstens wekelijks) thuis op m'n kussentje zitten.
Wellicht kan het ook samen met anderen (being alone together) maar de verleiding om tussendoor te gaan praten is - in mijn ervaring - groot.
Update 26 november De Duitsers hebben er trouwens een (Engels) woord voor: Peer-Retreat
Misschien dat ik over een jaar of zo wel weer naar een retraite wil, maar de vanzelfsprekendheid van een jaarlijks 'groot onderhoud voor de psyche' hoef ik niet meer zo nodig.
Eerlijk gezegd vind ik dat in de vipassana (en zover ik weet ook wel andere vormen van boeddhisme beoefenen) nogal lang een spirituele onvolwassenheid wordt geaccepteerd in de leraar-leerling verhouding. Mijn opvatting is dat je na een jaar of vijf moet kunnen ophouden met het leerling zijn; en van de leraar: moet kunnen ophouden leraar te zijn van deze man of vrouw.
Wat dat betreft ben ik zeer benieuwd naar het bij Asoka uitkomen van het boek Boeddha@home, Op retraite in je eigen huis, geschreven door Renate Seifarth.
Hierin "... neemt een ervaren meditatielerares je mee op een retraite in je eigen vertrouwde omgeving; dit in combinatie met je alledaagse werkzaamheden, of in een periode die volledig gewijd kan worden aan oefening en verdieping ....". Als voorproefje de Duitse versie
Iets anders is (voor mij) het naar een retraite gaan om een nieuwe (of aanvullende) vorm van beoefening te leren, met een leraar die daarin deskundig is; bijvoorbeeld 'samatha' . Een retraite is dan in zekere zin een cursus, maatschappelijk en psychologisch een ander fenomeen.
========================================================================
Twee onverenigbare verklaringen van één penningmeester
Begin augustus dit jaar konden de in boeddhistisch nieuws geïnteresseerde lezers vernemen dat Gerben Hieminga, penningmeester van de stichting SanghaMetta alsmede penningmeester van de stichting Vipassana Nederland, met onmiddellijke ingang was opgestapt.
Dit nieuws kwam ook voor de nauw betrokkenen als een volledige verrassing. Ruim een maand voor dit vertrek had er in het blad 'Simsara' van de Stichting Inzichts Meditatie (SIM) een uitgebreid interview gestaan met Gerben en andere bestuursleden van Vipassana Nederland (Bron : SIMsara mei 2014 ) Daarin kwam geen enkel van de hieronder genoemde argumenten aan de orde.
Na de toelichting op zijn vertrek door Gerben aan de journalisten van *OpenBoeddhisme* is er nu ook een door hem aan de secretaris van de 'Stichting Meditatie en Studiecentrum Vipassana Nederland' doorgegeven verklaring. Beide staan hieronder in een Bijlage
Omdat deze twee verklaringen (naast het andere argument van tijdgebrek) onverenigbaar ver uit elkaar liggen, heb ik de redactie van *OpenBoeddhisme* gevraagd hoe die uit begin augustus tot stand is gekomen.
Zij verzekeren me dat deze laatste tekst, en zelfs het hele artikel, door Gerben Hieminga woord voor woord is geaccordeerd.
Ik weet echt niet wat ik hiervan moet vinden. Een theoretische verklaring waarmee de tegenstrijdigheid kan worden opgeheven, is dat zijn opmerkingen in *OpenBoeddhisme* (vooral) op het financiële beleid van SanghaMetta betrekking hebben, daar gaat het ook om veel meer geld dan bij Vipassana Centrum Nederland. Maar weten doen we het niet echt. Dat blijft wringen.
========================================================================
De andere stichting voor vipassana in retraite-vorm - SanghaMetta
Gerben Hieminga was tot juli 2014 ook penningmeester van de stichting SanghaMetta. Deze functie heeft hij tegelijk met die van de stichting Vipassana Centrum Nederland beëindigd, met dezelfde argumenten in *OpenBoeddhisme* geuit. De stichting zelf heeft het vertrek niet toegelicht.
Hoewel het formeel geen samenwerkingsverband is, kan in zekere zin gezegd worden dat de Stichting Inzichts Meditatie (SIM) en de stichting SanghaMetta samen de dragende partijen zijn van de nieuwe stichting Vipassana Centrum Nederland; beide organiseren retraites, naast elkaar en soms enigszins in concurrentie met elkaar (wat uiteraard - typisch boeddhistisch - wordt ontkend). De derde 'partij' (of non-partij, want het is een los verband) die een rol speelt bij het Vipassana Centrum Nederland is de groep vipassanaleraren.
SanghaMetta en een eigen permanent woon en/of meditatiecentrum & Een OPROEP
Op de website van SanghaMetta is de volgende doelstelling te vinden:
"Daarnaast richt Sangha Metta zich op het vinden van een goede plek voor langdurige beoefening, in het bijzonder voor vrouwen. Dat betekent niet dat mannen worden uitgesloten, maar er is speciale aandacht voor het creëren van een omgeving die ondersteunend en veilig is voor de beoefening door vrouwen.
Sangha Metta heeft sinds haar oprichting de wens om een permanent meditatiecentrum op te richten. In 2000 is Sangha Metta haar retraites op de locatie van het Internationaal Theosofisch Centrum in Naarden gaan geven. Deze locatie voldoet zo goed dat sinds 2000 minder intensief gezocht is naar een eigen locatie. Desalniettemin zijn de voordelen van een permanent centrum groot waardoor de wens actueel blijft. "
Bron: 'Beleidsplan 2014-2019 '
Op de website van SanghaMetta is ook de Jaarrekening over 2013 te vinden. Uit deze 'Jaarrekening ' blijkt dat de stichting per 31 december 2013 een vermogen had van ruim € 395.000, (eind 2012 was het ruim € 374.000) Dat is me nog al een bedrag!
In het 'Beleidsplan' staat hierover: "Het vermogen wordt ingezet om de doelstellingen van de stichting uit te kunnen voeren. En wordt specifiek ook achter de hand gehouden om een permanent meditatiecentrum te kunnen financieren als die gelegenheid zich voordoet."
Ik begrijp wel de voorzichtigheid van Sanghametta maar begrijp niet hun redenering dat het realiseren van hun doel niet zo'n haast heeft omdat het Theosofisch Centrum in Naarden prima voldoet.
Het voldoet prima, en die opinie deel ik, als retraitecentrum. Maar niet als 'plek voor langdurige beoefening' (ik citeer hun 'Beleidsplan'), ook wel genoemd een (semi-)monastieke voorziening, een klooster in iets gewonere woorden. Een woonfunctie in nog gewonere woorden die ik hierboven hanteerde.
Oproep tot samenwerking
Gezien m'n hier beschreven opvatting over de verhouding wonen en tijdelijk-mediteren zou ik zeggen:
(Besturen van) SanghaMetta en Vipassana-Centrum:
sla de handen ineen en zorg voor een retraitecentrum en een
wooncentrum, juridisch los van elkaar maar wel in elkaars nabijheid.
En heb het dan ook openlijk over geld(beleids)zaken.
Overigens hoop ik dat veel mensen 13 december naar het symposium gaan. En daar een levendige discussie voeren. Wellicht is deze tekst ook een bijdrage daaraan.
========================================================================
Omdat een deel van die discussie in het Engels gevoerd zal worden, een samenvatting ('abstract') van het bovenstaande.
Abstract
In a symposium about the realisation of a retreat centre for insight meditation (=vipassana) in the nearby future five topics deserve special attention:
* It had to be clear what kind of meditation and Dhamma/Dharma-study are belonging to the nucleus of the activities: only insight meditation (vipassana) plus the practice of the Brahmaviharas or also samatha-meditation; Dhamma-study or also Dharma based on other Buddhist traditions, including 'secular Buddhism' etc? I prefer the latter;
* Detachment can also be applied on being dependent on a meditation-teacher too long; there should be a policy about doing meditation (retreats) without a teacher, for experienced yogi's;
* The financial responsibilities had to be transparent; now there are still some questions about the leaving of the treasurer of Vipassana Nederland who also was the treasurer of SanghaMetta;
* It had to be clear what are the functions of the centre (the builings): just facilitating retreats for some weeks òr also a semi-monastic (permanent) living situation for laypeople; these two functions should not been mixed, spatial and financial, especially for fundraising reasons. In in my opinion they are mixed now;
* It had to be clear that the organization who prepares the realisation of the centre is either an independent group or a coalition of existing organisations; also the relations between the existing groups had to be clear; in the Dutch situation that's not the case with 'SanghaMetta'. I call 'Sangha Metta' and 'Vipassana Centrum Nedferland' to do a coordinated effort for realising both centres, for both functions.
========================================================================
Bijlage
Twee verklaringen van Gerben Hieminga, zoek de verschillen
Ten aanzien van zijn vertrek bij het Vipassana Centrum, gepubliceerd begin november:
Uit Vipassana Centrum, Nieuwsbrief 4 :
"... Ik ben nu anderhalf jaar vader en in die tijd heb ik gemerkt dat de combinatie van het vaderschap en een drukke baan steeds moeilijker te combineren zijn met het intensieve vrijwilligerswerk. Ik heb daarom besloten meer tijd voor mijn gezin vrij te maken in deze drukke jaren van het vaderschap. Ook ben ik in deze fase van het ontwikkelproces niet de juiste persoon op de juiste plaats. Mijn kwaliteiten liggen vooral in het praktisch realiseren van een meditatiecentrum. Het initiatief is echter nog niet in deze fase en er moet nog veel werk verricht worden om draagvlak te creëren en partijen inhoudelijk en financieel aan elkaar te binden. ...”
Ten aanzien van zijn vertrek bij het Vipassana Centrum èn SanghaMetta :
Uit *OpenBoeddhisme* 2 aug 2014 :
" De andere reden is een verschil van inzicht over het resultaat dat van boeddhistische beoefening verwacht mag worden: ‘Het boeddhistische pad kan volledig begrip bieden van veranderlijkheid, de illusie van ego en het onbevredigende karakter van alles wat geconditioneerd is. Dat wil echter niet zeggen dat gedrag dat maatschappelijk als onjuist beoordeeld kan worden niet of zelfs nooit meer optreedt. (…) Hieminga maakt daarbij echter een kanttekening: ‘Ook mensen die de dhamma voor een groot deel of zelfs geheel gezien hebben, zijn naast goede ook nog steeds tot domme dingen in staat.’ Hij stelt vast dat veel mediterenden tegelijk verlangen ‘naar een einddoel van perfect menselijk gedrag, altijd en overal.’ Zo worden zij van twee kanten uiteen getrokken. Volgens Hieminga besteden boeddhistische leraren en bestuurders aan deze twee aspecten te weinig, of te eenzijdig aandacht. Hieminga legt uit dat hij ‘transparantie en congruentie’ belangrijk vindt. Dit betekent: iemands overtuiging, houding en gedrag moeten met elkaar in overeenstemming zijn, inzichtelijk en passend bij het nagestreefde doel. Het afgelopen half jaar kwam Hieminga geleidelijk tot het inzicht dat het hieraan binnen beide stichtingen op belangrijke onderdelen schort.
‘Ik ben als bestuurder te vaak geconfronteerd met in mijn ogen onjuist gedrag, waarbij ik niet inhoudelijk reageer op specifieke kwesties.’ Omdat de overschreden grenzen in zijn ogen wezenlijk zijn, wilde Hieminga over deze observaties niet ‘onderhandelen’. Wie denkt voor verandering te kunnen zorgen moet op zijn post blijven, vindt hij. Maar binnen de ‘gegeven structuren en bestuurlijke context’ ziet Hieminga daartoe geen mogelijkheid. ‘Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik hiervoor als bestuurder niet langer verantwoordelijkheid kan en wil nemen.’ "
Voor programma en wijze van opgeven: zie 'Symposium ' Ik citeer:
"Het Symposium wordt gehouden om een visie en intentie bekend te maken en nader uit te werken ten aanzien van een te realiseren Vipassana Centrum Nederland: een vaste locatie doorlopend geschikt voor de beoefening van Vipassana meditatie."
Speciale gast is de bekende Engelse lerares Christina Feldman, die een begeleide meditatie geeft en een talk over het onderwerp: "Vision of/towards a Vipassana Center based on experience with other centers."
Ik heb de secretaris laten weten, verhinderd te zijn omdat ik een paar dagen eerder geopereerd wordt en heb daarbij een paar kritische punten schriftelijk ingebracht.
Naast onduidelijkheid over het vertrek van de penningmeester (zie hieronder),
de al te sterke accentuering van het verschil tussen leraar en leerling (hier yogi genoemd),
en de al te grote stilte in de zaak SIM-Went heb ik een beleidsmatig probleem.
Namelijk dat nog steeds (hoewel ik dat verleden jaar al had geproblematiseerd) vrij achteloos en ondoordacht in de uitnodiging over het centrum voor vipassana meditatie wordt gezegd : "Sommige meditatoren zullen er [in een te bouwen/kopen centrum] wellicht willen wonen."
Waar ik de voorkeur aan geef (en wat het meest betaalbaar is):
Een 'kaal' en niet te groot retraitegebouw, zoals bv dat van Mettavihara (Triratna) ; alleen voor meditatie en dhamma-studie met inwonenden voor korte tijd (een paar dagen tot een paar weken, een enkele keer een paar maanden).
En los daarvan - zeker in economische en juridische zin - een woonvoorziening voor boeddhisten die permanent (een jaar of langer) samen met anderen in een kloosterachtige ambiance willen wonen en mediteren. En die hun 'woning' van de accommodatie zelf huren of liever kopen, tegen marktconforme prijs.
Op deze wijze hoeven degenen die graag voor het retraite-centrum willen doneren, niet tegelijk het wonen van een aantal individuen te financieren; we hebben het hier niet over bhikkhu's of nonnen/bhikkhuni's volgens de Theravada-traditie, maar over min of meer koopkrachtige leken.
Op een paar van deze punten kom ik hieronder terug, eerst een beschouwing over wat het 'naar een retraite gaan' in onze huidige Westerse samenleving is: in zekere zin een gekunstelde vorm.
========================================================================
Op 9 november stond in het dagblad Trouw een artikel geschreven door Olaf Storm, genaamd ' Stilteretraite is groot onderhoud voor de psyche '. Link: Trouw, 9 nov 2014
Ik vind het een helder verslag, met vertrouwde thema's, bekend van het lezen in bv Simsara of Bodhitv.
Olaf Stom ken ik niet, weet ook niet of hij (in een groep) mediteert de rest van het jaar. Hij spreekt over een negendaagse boeddhistische stilteretraite in Duitsland; in welke traditie is me niet duidelijk geworden: inzichtmeditatie, vipassana à la Goenka of in het Thich Nhat Hanh centrum?
Lees dit verslag, zou ik zeggen, zeker tegen degenen die er niet zo veel van weten.
En goed dat dit in Trouw is opgenomen. Het is toch nog steeds een Christelijk dagblad; en veel traditionele Christenen vinden het boeddhisme toch maar niks. Nog steeds.
Waar ik verder op in wil gaan, zijn de reacties op dit artikel (in de digitale vorm), dertig inmiddels. Natuurlijk is een deel er van beroepsschrijvers, 'reaguurders', en een deel daarvan weet niet waar ze het over hebben. Of wijzen het boeddhisme af vanuit een Christelijke opvatting. Maar zelfs die reacties vind ik interessant, want hier is er geen behoefte politiek correct te doen en respect te hebben van een andere religie, meditatie wordt kennelijk als iets seculiers gezien dat men vrijelijk mag bekritiseren. Overigens: een aantal van de reagerenden is ronduit positief over het artikel.
Een schrijver "vindt het bizar dat je 9 dagen per jaar gaat zitten stilzwijgen en dan hoopt dat het de rest van het jaar allemaal goed komt. ...". Anderen begrijpen niet waarom een wandeling in het bos ook niet kan, waarom zich isoleren ergens ver weg? Waarom los van de familie, is dat niet egocentrisch?
Die laatste opmerking is interessant gezien de reacties die dit bij mij opriep. Wat ik er van maak is: naar een retraite gaan, als westerling, is een tijdje monnik/non zijn: familieverlater en wereldverzaker. Terwijl je dat eigenlijk niet bent, je spéélt in zekere zin voor monnik/non. Het contemplatieve leven wordt in tien dagen gepropt.
Het is een bijzondere culturele uitvinding, een retraite; vergelijkbaar met grote technologische uitvindingen zoals de auto of de computer. Het is een vorm van vrijetijdsbesteding (werkenden moeten er vakantiedagen voor opnemen) èn tegelijk hard werken. Dat het 'groot onderhoud voor de psyche' zou zijn, zoals de auteur van het Trouw-artikel het formuleert, is een soort rechtvaardiging: naar zijn familie, naar zijn vrienden en naar zichzelf. Grappig omdat het boeddhisme nu juist van het begrip psyche (ziel) af wil; dat de reageerders de gebruikte term 'psyche' vervangen 'ego', vind ik in het licht daarvan begrijpelijk.
Kortom: ik vind het verschijnsel retraite heel nuttig (je komt er dieper mee dan met reeks dagelijks kort zitten); maar het is ook een gekunstelde beoefening. Dat blijkt bv uit het feit dat je het tegelijk wèl samen en nìèt samen met anderen doet. Het is tegelijk een verre reis en dichtbij blijven.
Organiseer je eigen retraite
Een van de gemaakte opmerkingen was, dat je toch niet persé naar een (tamelijk dure) retraite hoeft om intensief te mediteren. Dit sluit aan bij wat ik al een paar keer heb gedaan en nog meer wil doen: een privé-retraite organiseren; alleen een paar dagen in een huis(je); zelf - in stilte, want alleen - voor m'n eten zorgen. En een schema als disciplinerend hulpmiddel op papier zetten en me daar min of meer aan houdend. En dat een week of zo.
Het enige dat ik mis, zijn de Dhamma-talks, maar daarvoor ga ik niet mediteren, bovendien zijn er genoeg op internet te vinden. En de interviews met de leraar, maar ik heb - vind ik zelf - nu lang genoeg gemediteerd om het zonder leraar af te kunnen. Net zo als het (dagelijks als het kan maar minstens wekelijks) thuis op m'n kussentje zitten.
Wellicht kan het ook samen met anderen (being alone together) maar de verleiding om tussendoor te gaan praten is - in mijn ervaring - groot.
Update 26 november De Duitsers hebben er trouwens een (Engels) woord voor: Peer-Retreat
Misschien dat ik over een jaar of zo wel weer naar een retraite wil, maar de vanzelfsprekendheid van een jaarlijks 'groot onderhoud voor de psyche' hoef ik niet meer zo nodig.
Eerlijk gezegd vind ik dat in de vipassana (en zover ik weet ook wel andere vormen van boeddhisme beoefenen) nogal lang een spirituele onvolwassenheid wordt geaccepteerd in de leraar-leerling verhouding. Mijn opvatting is dat je na een jaar of vijf moet kunnen ophouden met het leerling zijn; en van de leraar: moet kunnen ophouden leraar te zijn van deze man of vrouw.
Wat dat betreft ben ik zeer benieuwd naar het bij Asoka uitkomen van het boek Boeddha@home, Op retraite in je eigen huis, geschreven door Renate Seifarth.
Hierin "... neemt een ervaren meditatielerares je mee op een retraite in je eigen vertrouwde omgeving; dit in combinatie met je alledaagse werkzaamheden, of in een periode die volledig gewijd kan worden aan oefening en verdieping ....". Als voorproefje de Duitse versie
Iets anders is (voor mij) het naar een retraite gaan om een nieuwe (of aanvullende) vorm van beoefening te leren, met een leraar die daarin deskundig is; bijvoorbeeld 'samatha' . Een retraite is dan in zekere zin een cursus, maatschappelijk en psychologisch een ander fenomeen.
========================================================================
Twee onverenigbare verklaringen van één penningmeester
Begin augustus dit jaar konden de in boeddhistisch nieuws geïnteresseerde lezers vernemen dat Gerben Hieminga, penningmeester van de stichting SanghaMetta alsmede penningmeester van de stichting Vipassana Nederland, met onmiddellijke ingang was opgestapt.
Dit nieuws kwam ook voor de nauw betrokkenen als een volledige verrassing. Ruim een maand voor dit vertrek had er in het blad 'Simsara' van de Stichting Inzichts Meditatie (SIM) een uitgebreid interview gestaan met Gerben en andere bestuursleden van Vipassana Nederland (Bron : SIMsara mei 2014 ) Daarin kwam geen enkel van de hieronder genoemde argumenten aan de orde.
Na de toelichting op zijn vertrek door Gerben aan de journalisten van *OpenBoeddhisme* is er nu ook een door hem aan de secretaris van de 'Stichting Meditatie en Studiecentrum Vipassana Nederland' doorgegeven verklaring. Beide staan hieronder in een Bijlage
Omdat deze twee verklaringen (naast het andere argument van tijdgebrek) onverenigbaar ver uit elkaar liggen, heb ik de redactie van *OpenBoeddhisme* gevraagd hoe die uit begin augustus tot stand is gekomen.
Zij verzekeren me dat deze laatste tekst, en zelfs het hele artikel, door Gerben Hieminga woord voor woord is geaccordeerd.
Ik weet echt niet wat ik hiervan moet vinden. Een theoretische verklaring waarmee de tegenstrijdigheid kan worden opgeheven, is dat zijn opmerkingen in *OpenBoeddhisme* (vooral) op het financiële beleid van SanghaMetta betrekking hebben, daar gaat het ook om veel meer geld dan bij Vipassana Centrum Nederland. Maar weten doen we het niet echt. Dat blijft wringen.
========================================================================
De andere stichting voor vipassana in retraite-vorm - SanghaMetta
Gerben Hieminga was tot juli 2014 ook penningmeester van de stichting SanghaMetta. Deze functie heeft hij tegelijk met die van de stichting Vipassana Centrum Nederland beëindigd, met dezelfde argumenten in *OpenBoeddhisme* geuit. De stichting zelf heeft het vertrek niet toegelicht.
Hoewel het formeel geen samenwerkingsverband is, kan in zekere zin gezegd worden dat de Stichting Inzichts Meditatie (SIM) en de stichting SanghaMetta samen de dragende partijen zijn van de nieuwe stichting Vipassana Centrum Nederland; beide organiseren retraites, naast elkaar en soms enigszins in concurrentie met elkaar (wat uiteraard - typisch boeddhistisch - wordt ontkend). De derde 'partij' (of non-partij, want het is een los verband) die een rol speelt bij het Vipassana Centrum Nederland is de groep vipassanaleraren.
SanghaMetta en een eigen permanent woon en/of meditatiecentrum & Een OPROEP
Op de website van SanghaMetta is de volgende doelstelling te vinden:
"Daarnaast richt Sangha Metta zich op het vinden van een goede plek voor langdurige beoefening, in het bijzonder voor vrouwen. Dat betekent niet dat mannen worden uitgesloten, maar er is speciale aandacht voor het creëren van een omgeving die ondersteunend en veilig is voor de beoefening door vrouwen.
Sangha Metta heeft sinds haar oprichting de wens om een permanent meditatiecentrum op te richten. In 2000 is Sangha Metta haar retraites op de locatie van het Internationaal Theosofisch Centrum in Naarden gaan geven. Deze locatie voldoet zo goed dat sinds 2000 minder intensief gezocht is naar een eigen locatie. Desalniettemin zijn de voordelen van een permanent centrum groot waardoor de wens actueel blijft. "
Bron: 'Beleidsplan 2014-2019 '
Op de website van SanghaMetta is ook de Jaarrekening over 2013 te vinden. Uit deze 'Jaarrekening ' blijkt dat de stichting per 31 december 2013 een vermogen had van ruim € 395.000, (eind 2012 was het ruim € 374.000) Dat is me nog al een bedrag!
In het 'Beleidsplan' staat hierover: "Het vermogen wordt ingezet om de doelstellingen van de stichting uit te kunnen voeren. En wordt specifiek ook achter de hand gehouden om een permanent meditatiecentrum te kunnen financieren als die gelegenheid zich voordoet."
Ik begrijp wel de voorzichtigheid van Sanghametta maar begrijp niet hun redenering dat het realiseren van hun doel niet zo'n haast heeft omdat het Theosofisch Centrum in Naarden prima voldoet.
Het voldoet prima, en die opinie deel ik, als retraitecentrum. Maar niet als 'plek voor langdurige beoefening' (ik citeer hun 'Beleidsplan'), ook wel genoemd een (semi-)monastieke voorziening, een klooster in iets gewonere woorden. Een woonfunctie in nog gewonere woorden die ik hierboven hanteerde.
Oproep tot samenwerking
Gezien m'n hier beschreven opvatting over de verhouding wonen en tijdelijk-mediteren zou ik zeggen:
(Besturen van) SanghaMetta en Vipassana-Centrum:
sla de handen ineen en zorg voor een retraitecentrum en een
wooncentrum, juridisch los van elkaar maar wel in elkaars nabijheid.
En heb het dan ook openlijk over geld(beleids)zaken.
Overigens hoop ik dat veel mensen 13 december naar het symposium gaan. En daar een levendige discussie voeren. Wellicht is deze tekst ook een bijdrage daaraan.
========================================================================
Omdat een deel van die discussie in het Engels gevoerd zal worden, een samenvatting ('abstract') van het bovenstaande.
Abstract
In a symposium about the realisation of a retreat centre for insight meditation (=vipassana) in the nearby future five topics deserve special attention:
* It had to be clear what kind of meditation and Dhamma/Dharma-study are belonging to the nucleus of the activities: only insight meditation (vipassana) plus the practice of the Brahmaviharas or also samatha-meditation; Dhamma-study or also Dharma based on other Buddhist traditions, including 'secular Buddhism' etc? I prefer the latter;
* Detachment can also be applied on being dependent on a meditation-teacher too long; there should be a policy about doing meditation (retreats) without a teacher, for experienced yogi's;
* The financial responsibilities had to be transparent; now there are still some questions about the leaving of the treasurer of Vipassana Nederland who also was the treasurer of SanghaMetta;
* It had to be clear what are the functions of the centre (the builings): just facilitating retreats for some weeks òr also a semi-monastic (permanent) living situation for laypeople; these two functions should not been mixed, spatial and financial, especially for fundraising reasons. In in my opinion they are mixed now;
* It had to be clear that the organization who prepares the realisation of the centre is either an independent group or a coalition of existing organisations; also the relations between the existing groups had to be clear; in the Dutch situation that's not the case with 'SanghaMetta'. I call 'Sangha Metta' and 'Vipassana Centrum Nedferland' to do a coordinated effort for realising both centres, for both functions.
========================================================================
Bijlage
Twee verklaringen van Gerben Hieminga, zoek de verschillen
Ten aanzien van zijn vertrek bij het Vipassana Centrum, gepubliceerd begin november:
Uit Vipassana Centrum, Nieuwsbrief 4 :
"... Ik ben nu anderhalf jaar vader en in die tijd heb ik gemerkt dat de combinatie van het vaderschap en een drukke baan steeds moeilijker te combineren zijn met het intensieve vrijwilligerswerk. Ik heb daarom besloten meer tijd voor mijn gezin vrij te maken in deze drukke jaren van het vaderschap. Ook ben ik in deze fase van het ontwikkelproces niet de juiste persoon op de juiste plaats. Mijn kwaliteiten liggen vooral in het praktisch realiseren van een meditatiecentrum. Het initiatief is echter nog niet in deze fase en er moet nog veel werk verricht worden om draagvlak te creëren en partijen inhoudelijk en financieel aan elkaar te binden. ...”
Ten aanzien van zijn vertrek bij het Vipassana Centrum èn SanghaMetta :
Uit *OpenBoeddhisme* 2 aug 2014 :
" De andere reden is een verschil van inzicht over het resultaat dat van boeddhistische beoefening verwacht mag worden: ‘Het boeddhistische pad kan volledig begrip bieden van veranderlijkheid, de illusie van ego en het onbevredigende karakter van alles wat geconditioneerd is. Dat wil echter niet zeggen dat gedrag dat maatschappelijk als onjuist beoordeeld kan worden niet of zelfs nooit meer optreedt. (…) Hieminga maakt daarbij echter een kanttekening: ‘Ook mensen die de dhamma voor een groot deel of zelfs geheel gezien hebben, zijn naast goede ook nog steeds tot domme dingen in staat.’ Hij stelt vast dat veel mediterenden tegelijk verlangen ‘naar een einddoel van perfect menselijk gedrag, altijd en overal.’ Zo worden zij van twee kanten uiteen getrokken. Volgens Hieminga besteden boeddhistische leraren en bestuurders aan deze twee aspecten te weinig, of te eenzijdig aandacht. Hieminga legt uit dat hij ‘transparantie en congruentie’ belangrijk vindt. Dit betekent: iemands overtuiging, houding en gedrag moeten met elkaar in overeenstemming zijn, inzichtelijk en passend bij het nagestreefde doel. Het afgelopen half jaar kwam Hieminga geleidelijk tot het inzicht dat het hieraan binnen beide stichtingen op belangrijke onderdelen schort.
‘Ik ben als bestuurder te vaak geconfronteerd met in mijn ogen onjuist gedrag, waarbij ik niet inhoudelijk reageer op specifieke kwesties.’ Omdat de overschreden grenzen in zijn ogen wezenlijk zijn, wilde Hieminga over deze observaties niet ‘onderhandelen’. Wie denkt voor verandering te kunnen zorgen moet op zijn post blijven, vindt hij. Maar binnen de ‘gegeven structuren en bestuurlijke context’ ziet Hieminga daartoe geen mogelijkheid. ‘Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik hiervoor als bestuurder niet langer verantwoordelijkheid kan en wil nemen.’ "
Labels:
boeddhisme in Nederland,
brieven,
ethiek,
leraar,
meditatie,
Pali-Canon
Abonneren op:
Posts (Atom)





