Posts tonen met het label leraar. Alle posts tonen
Posts tonen met het label leraar. Alle posts tonen

dinsdag 11 februari 2014

Waarom ik niet naar de Dalai Lama ga; denk ik

Op 11 en 12 mei is de Dalai Lama in Nederland. Zie de website van de organisatie , vooral bestaand uit BUN-bestuursleden (het hele BUN-raderwerk staat momenteel uiteraard stil).

Op 11 mei geeft hij twee lezingen:
In de ochtend een 'Boeddhistisch onderricht ' over 'De Drie Hoofdzaken van het Pad ';
In de middag een Publieke lezing ' met als thema ' Welzijn, Wijsheid en Compassie; een pleidooi voor een seculiere benadering '

Op 12 mei woont hij een seminar over onderwijs bij dat “... draait om de vraag wat voor soort onderwijs er in Nederland nodig zal zijn voor kinderen, middelbare scholieren, studenten en managers zodat er een meer compassievolle samenleving en duurzame economie zullen ontstaan. “

Er zijn drie redenen waarom ik niet naar Rotterdam (mijn geboortestad, daar gaat het niet om) ga die dagen.
In de eerste plaats de vermoedelijke massaliteit van de bijeenkomsten en de bejegening van de Dalai Lama als een popster. Dat adorerende lijkt mij niet heilzaam.
Het kan overigens best zo zijn dat de opkomst tegenvalt; het gaat me om het hypen dat me niet aanstaat. Daar hoort ook bij het zien en gezien worden van 'bekende boeddhisten' en misschien wat 'bekende Nederlanders' die zeggen affiniteit te hebben.

In de tweede plaats zijn boeddhistische traditie. De Dalai Lama is een Tibetaans boeddhist, meer precies een Gelukpa. Ondanks beweringen dat er eigenlijk één boeddhisme is, is dat toch een andere traditie dan de mijne (die ik 'vrijzinnig Theravada' noem)
Net zo als een protestant (op wat professionals en wat nieuwsgierigen na) niet naar een bijeenkomst van de Paus naar Nederland zal gaan, zo geldt dat ook voor mij bij een vajrayaan.

In de derde plaats de thema's.
'Onderwijs' is niet iets waar ik me erg mee bezig houdt, en de Dalai Lama lijkt me ook geen kinderkenner of onderwijsdeskundige.

De strekking van de 'Publieke lezing' staat me echt tegen.   Het thema van de lezing: Het gaat over “ 'Welzijn, Wijsheid en Compassie; een pleidooi voor een seculiere benadering' staat in het teken van mededogen en het ontwikkelen van ethisch besef en handelen in een seculiere wereld.
...   'Alle grote wereldreligies benadrukken liefde, mededogen, geduld, verdraagzaamheid en vergeving en bevorderen innerlijke waarden. Maar in de wereld van vandaag is ethiek gegrond op religie niet langer afdoende. Daarom raak ik er steeds meer van overtuigd dat het tijd is om een nieuwe manier van denken te vinden over spiritualiteit en ethiek, die verder reikt dan religie alleen.'
“

' Verder dan religie alleen ' ?   Dat is juist minder ver, zou ik zeggen.  En waarom toch die nadruk op het zogenaamd één boodschap brengen door alle religies? Wat is er tegen verschil?
Bedoelt de DL dat dat wat hij zegt ook voor de Tibetanen geldt? Of is het een aangepast verhaal voor Westerse oren? Of om de Christenen te paaien (in de zin van: wees maar niet bang, ik probeer jullie aanhang niet te bekeren) ?
Ik denk dat hij met dubbele tong spreekt: tegen z'n Tibetaanse aanhang en 'echte' boeddhisten z'n Vajrayna-verhaal en tegen Westerlingen een Karen Armstrong-verhaal ('Charter for Compassion'), dat Karen Armstrong trouwens beter kan houden
Fundamenteel is het probleem wat de relatie in dit betoog is tussen zingeving en ethiek.

Misschien is het Boeddhisme (ik blijf het nog maar even met een hoofdletter schrijven) als religie en als filosofie wel voorbij. Stephen Batchelor schrijft bv in een onlangs gepubliceerde nieuwsbrief : “ In July, I signed a contract with Yale University Press for a book that is tentatively titled After Buddhism . This is scheduled for publication in the autumn of 2015. ”


Blijft over het 'Boeddhistisch onderricht' de zondagochtend. Dat vind ik wel de moeite waard, voor mij als buitenstaander t.o.v. het Tibetaans boeddhisme.
Het kan zijn dat daar het aanhoren van de Dharma belangrijker is dan luisteren (en kijken) naar de Dalai Lama, meer dan 's middags.
Uit het programma : “In het onderricht wordt een compleet overzicht gegeven van de belangrijke punten van het pad naar de verlichting: het verlangen naar bevrijding, het altruisme van de verlichte geest en de juiste zienswijze van leegte of zelfloosheid.”
De tekst in het programma en van de gegeven links bieden op zich al het nodige inzicht, en stof tot contemplatie.
Biedt het live beluisteren van een talk extra inzicht? Werkt dat dan dieper? Zal het (voor mij) echt iets nieuws bevatten? Of word ik dan juist meer afgeleid door de ambiance?
In ieder geval zal ter plaatse mediteren (lang, in stilte, aandachtig en geconcentreerd) er niet bij zijn.

Maar misschien wint de nieuwsgierigheid het toch.


PS
In het BoeddhistischDagblad eind december 2013 schreef ik: "... Een belangrijk verschil met het vorige bezoek is ook dat de Dalai Lama niet langer de politiek leider van de Tibetanen (in ballingschap) is, dat is sinds zomer 2011 de verkozen Lobsang Sangay.
De Dalai Lama kan nu komen als boeddhist en als spiritueel leider van de Tibetaanse boeddhisten. Voor ons als aanhangers van de scheiding van kerk en staat is dat wel zo zuiver. “

Laten we hopen dat anderen zijn komst niet aangrijpen en toch weer politiek en spiritualiteit op een onjuiste wijze aan elkaar gaan koppelen. Hopelijk blijven ons discussies over een eventueel gesprek van de Dalai Lama met premier Rutte of andere politici bespaard. Niet uit angst voor de Chinezen en niet omdat ik tegen geëngageerd zijn ben (integendeel), maar vanwege de grote waarde die ik hecht aan de scheiding van kerk en staat.
Laten we dan (een vertegenwoordiger van) de Tibetaanse regering in ballingschap naar Nederland uitnodigen voor gesprekken met politici.

zaterdag 1 februari 2014

Een boeddhist droomt zich af. Prinses Beatrix krijgt boekje met religieuze droompjes voor ons land

Een paar dagen voor haar verjaardag (gisteren) heeft Prinses Beatrix van de organisatie In Vrijheid Verbonden deze week een boek gekregen, met als titel 'RELIGIES DROMEN VOOR ONS LAND . Zie hun website .

Uit de Inleiding: “ Vijf religies, verenigd in In Vrijheid Verbonden, leveren in dit boek een bijdrage. Ieder nam vanuit de droom een stukje van het boek voor zijn rekening. We hebben daarbij niet alleen een droom onder woorden gebracht, maar we koppelen die droom aan een specifiek onderdeel van het boek, zodat het boek zelf als metafoor kan worden gezien van een geïntegreerde inspanning ter ondersteuning van het koningschap. Daartoe zijn onderdelen van het boek met enige willekeur verdeeld over vijf grote religies en is aan vertegenwoordigers gevraagd om dat onderdeel als beeldspraak te verwerken van wat de eigen geloofsovertuiging kan betekenen voor het Koninkrijk der Nederlanden.
De opzet is als volgt:
- van joodse zijde is nagedacht over de cover;
- hindoes bezonnen zich op het schutblad;
- boeddhisten kozen het lettertype;
- moslims symboliseerden het leeslint;
- en christenen dachten na over de illustratie
”

Andere levensbeschouwingen dan deze vijf wereldreligies (een Westers kolonialistisch concept) komen niet aan de orde. Alsof het humanisme er niet toe doet. En alsof deze religies een eenheid vormen.

Het hoofdstukje (het zijn korte dromen) over het boeddhisme is geschreven door al decennia bekende Shambhala-boeddhist Han de Wit.    (Lees over de Nederlandse babyboomer-boeddhisten http://openboeddhisme.nl/babyboomers-domineren-boeddhistische-zuil/ .)

Hieronder neem ik het integraal op; even heb ik overwogen niet-relevante passages over te slaan, maar het is moeilijk te bepalen wat relevant is.
De tekst is bekend, voorjaar 2013 heeft Han, toelevend naar de inhuldiging van Willem-Alexander als koning, een langere versie, leurend om ondersteuning, verspreid.
Zie bv mijn blog uit april 2013 en (mijn reactie op) een artikel in het BD uit die periode.

Eigenlijk was ik van plan dit (hoofdstuk uit) het boek te recenseren en deze droom van een boeddhist te analyseren.
Maar de inhoud is door de inkorting ten opzichte van de versie van bijna een jaar geleden nog simplistischer geworden, dat ik het ook kort kan houden:
Naast de 'fundamentele goedheid' is er ook - in mijn ervaring - de hier genegeerde 'fundamentele slechtheid' van de mens.
En dan nog 'goedheid' en 'slechtheid' zonder het woord 'fundament' daarbij; want leegte (sunyata) betekent juist het niet hebben van een fundament.
Anders gezegd, we kunnen wel goed zijn en die goedheid is ook wel een beetje te ontwikkelen.
Maar een heel andere vraag is of 'goedheid' het enige principe is voor een rechtvaardige samenleving; georganiseerd wantrouwen is voor een goed functionerende democratie (en daar gaat Shambala helemaal niet over) ook wel nuttig.

Genant dat dit namens het boeddhisme wordt gebracht.
In de stuurgroep/klankbordgroep van 'In Vrijheid Verbonden' zitten namens de BUN de ex-bestuursleden Rinus Laban, Varamitra en Jan Willem Houthoff; die hebben kennelijk hun zegen aan deze tekst gegeven.

Arme Beatrix, om zo'n cadeau te krijgen.


PS
De BOS maakt het trouwens nog bonter door (op 2 en 8 februari) een uitzending van de leraar van Han de Wit (en zoon/opvolger van Chögyam Trungpa), Sakyong Mipham Rinpoche de titel te geven van 'An Uncommon King - Leider van een verlichte samenleving'.
Laat ik het nog maar eens duidelijk zeggen: Er is niet zoiets als een verlichte samenleving, en die gaat er ook niet komen. Met of zonder leider (of koning) er van.

==================================================================

Uit: RELIGIES DROMEN VOOR ONS LAND
...
de verticale oriëntatie

      –   een bijdrage vanuit het Boeddhisme   –    
[door Han de Wit]

Het door de Boeddhisten gekozen lettertype is ‘Century Gothic’. De reden om voor dit lettertype te kiezen is, naast esthetiek, de belangrijkste eigenschappen van de gotiek of ‘Gothic’, namelijk de 'drang naar verticaliteit' en naar 'licht’, iets waarin vele religies elkaar vinden. De gotiek wordt gezien als de eerste echt vernieuwende stijl sinds de val van het Romeinse Rijk, iets dergelijks geldt ook voor de interreligieuze dialoog, die een vernieuwend fenomeen is na eeuwen van Christelijk overwicht.
De naam van het lettertype is tevens een knipoog naar het Christelijk fundament waarop de Nederlandse samenleving is gebouwd en waarin andere religies nu ook kunnen floreren. Tenslotte verbruikt ‘Century Gothic’ circa 30% minder inkt en is daarom bescheiden met respect voor het mysterie van de schepping, eigenschappen die in alle religies belichaamd worden.

Humane samenleving
Van oudsher is in het Boeddhisme nagedacht over hoe een humane of verlichte samenleving te scheppen. Pogingen daartoe zijn ook ondernomen. Heel bekend is de samenleving, die door Indiase keizer Ashoka van de Maurya dynastie uit de 3e eeuw voor Christus werd gecreëerd.
Al deze pogingen gaan terug op een nog oudere legende over het koninkrijk Shambhala en zijn koning Suchandra, die een leerling van de Boeddha was. Shambhala was zo’n verlichte samenleving. De maatschappelijke taak van de koning was deze principes levend te houden. Wat voor principes waren dat? Het waren, zo wordt gezegd, principes van het hart. Zulke principes zijn niet gebaseerd op een maatschappelijke theorie of politieke ideologie,
maar op een héél persoonlijke en tegelijk universele menselijke ervaring: de ervaring dat wij ten diepste goedwillende wezens zijn: we willen van ons leven en onze samenlevingsverbanden, van gezin tot maatschappij, iets maken. Het ervaren van dat verlangen in onszelf wordt in Shambhala de ervaring van onze fundamentele goedheid genoemd. Die ervaring is van alle tijden en alle culturen. Het is het fundament van onze menselijkheid, van onze boeddhanatuur. Gezegd wordt dat ieder mens die bezit en bij momenten ervaart. Ze is de vitaliteit van onszelf en van èlke cultuur.

Vertrouwen bindt
Maar hoe gaat een samenleving er uit zien, als die juist door wantrouwen en twijfel aan de goede gezindheid van anderen (en van onszelf!) wordt gevormd? Heeft zij toekomst? Vertrouwen verbindt, wantrouwen ontbindt een samenleving. Dat mensen er ten diepste naar verlangen dat het goed gaat met henzelf, hun naasten, ja, met de wereld, daarvoor is dan geen plaats. Weliswaar voelen we zelf, bijna stiekem, dat verlangen wel, maar denken toch al gauw dat het bij andere mensen mogelijk anders ligt. En zij denken dat over ons! Waar komt anders alle ellende, agressie en hardvochtigheid die we om ons heen zien, vandaan? Als de duivel dan niet bestaat, dan moeten het toch de mensen zelf zijn waarin duivelse krachten wonen? Het klinkt zo logisch.

En toch, we voelen in onszelf dit diepe verlangen! Is niet juist het verdriet, de boosheid die we voelen als we leed en onrecht om ons heen zien, het onomstotelijke bewijs dat dit verlangen in ons leeft? En is het niet zelfs aanwezig als we vanuit die frustratie en boosheid allerlei domme dingen doen? Immers, als het niét in ons zou leven, dan zou leed en onrecht ons niet deren. Maar het is andersom: wanneer dit verlangen wordt vervuld, doet dat ons goed. Het inspireert ons. Het maakt ons, in de meest diepe zin, gelukkig, we zijn en voelen ons op ons best: we ervaren onze fundamentele goedheid.

Fundamentele goedheid
Wat betekent dit alles nu voor onze omgang met onze westerse samenleving in deze tijd? Net zoals koning Suchandra die elementen in zijn koninkrijk zocht, die een verlichte samenleving kunnen ondersteunen, zo kunnen ook wij die aspecten in onze westerse samenleving gaan ondersteunen, die met onze fundamentele goedheid resoneren. Welke dat zijn, dat zullen we in elke situatie steeds opnieuw en fris moeten inschatten. Daar is geen formule voor te geven. Door onze ervaring van onze fundamentele goedheid te cultiveren en te leren vertrouwen, kunnen we leren vanuit deze ervaring te handelen, te spreken, werken, organiseren en wat niet al. En dat niet uit plichtsgevoel, of uit angst voor vergelding of straf en al helemaal niet vanuit een vooropgezette ideologie, maar vanuit de wetenschap en ervaring dat handelen vanuit fundamentele goedheid onze cultuur verheft en humaniseert. Zo brengen we een verlichte manier van samenleven dichterbij, in ons gezin, in onze vriendenkring, ons werk en de maatschappij.


Bron: Boek 'Religies dromen voor ons land'

dinsdag 17 december 2013

BOS, VU en andere nieuwsfeiten en updates

Diverse zaken; misschien de laatste tekst van dit jaar. Er kan altijd nog wat komen. Ik ben al een tijd aan het worstelen met een tekst over devotie, over mijn eigen devotionele tendensen; maar m'n opvattingen wisselen nog teveel om daar een helder verhaal van te maken. We zien wel.


1.   Geassocieerd adviseur bij de BOS worden ?   Nee toch

Op 22 november schreef ik gereageerd te hebben op de oproep van het BOS-bestuur dat 'geassocieerde adviseurs ' zocht.
Een week later heb ik een vervolgmail gestuurd met een specificatie hoe ik me formeel de rol van adviseur voorstelde:
   Het lijkt me het beste dat het bestuur twee commissies instelt als bedoeld in
   artikel 27, lid 3 van de Statuten.   In beide commissies komen de door jullie selectie
   gekomen geassocieerde adviseurs, aangevuld met een bestuurs/directielid;
   - de ene met als taak te adviseren over lange termijn beleid Radio en

      websites (waaronder die van Bodhitv)
   - de andere met als taak te adviseren over het lange termijn beleid m.b.t. Televisie


In een ontvangstbevestiging schreef de BOS namens het bestuur dat ik half december een reactie van hen mocht verwachten.
Vandaag berichtte de voorzitter van de BOS mij dat de keus van het bestuur niet op mij maar op drie andere kandidaten is gevallen; hoeveel er daarvan overblijven, weet ik niet. Verder ben ik benieuwd of die anderen ook in de openbaarheid durven te treden; want dat hoort toch als je met boeddhistische media bezig wil zijn?

Hier en hieronder heb ik het vooral over de structurele kant van media-aandacht voor het boeddhisme. Het gaat uiteraard om de inhoudelijke kant; daarom herhaal ik wat ik hierover op 15 oktober  heb geschreven. Ik denk aan drie functies, vooral te realiseren via radio en internet:
* de inhoudelijke functie (de Dharma / Dhamma brengen)
* de journalistieke functie (informeren over de wijze waarop het boeddhisme
   in Nederland beoefend wordt)
* de maatschappelijke functie (boeddhisme staat 'in de wereld'; er spelen
   commerciële krachten en belangen, hoe gaan we daar geëngageerd mee om?)
Wat de BOS-televisie de afgelopen jaren vooral heeft gebracht, noem ik de esthetische functie; die heeft voor mij veel minder prioriteit.
Zie verder over de BOS hieronder (punt 2).


2.   De opleiding tot BGV-er ('Buddhist Chaplain') en andere VU-activiteiten

Hierover meldde ik het nieuws dat de ambtsopleiding er (september 2014) echt lijkt te gaan komen.
Verder nieuws is er niet. André van der Braak reageerde niet op een mail van me hierover.
Naast m'n twee vraagtekens in deze blogtekst ben ik verder benieuwd hoeveel studenten belangstelling voor deze opleiding hebben.

Nog een nieuwtje, ook relevant voor het thema 'BOS '. Op 15 januari vindt er in het VU-gebouw een debat plaats onder de titel ' Is er toekomst voor religie in de media ? '
De vraagstelling voor dit gebeuren na het intrekken van artikel 2.42 uit de Mediawet: "Betekent dit dat religie zal verdwijnen uit de media? Of komt religie in andere vormen en op andere kanalen terug in de media? En gloort er toch een toekomstperspectief aan het media firmament voor afgestudeerde jonge theologen en religiewetenschappers?"
'Toekomstperspectief ' zonder duidelijk verdienmodel dan toch.

Ik heb de organisatie van het debat twee stellingen voorgelegd:
( 1.) Het is waarschijnlijk niet toegestaan dat de huidige levensbeschouwelijke (2.42)
    omroepen publieke middelen besteden voor het anticiperen op de situatie na 2015
    wanneer ze geen oproepmiddelen meer krijgen. Mede daarom verdient het de voorkeur
    dat daarvoor in de komende tijd nieuwe organisaties worden opgericht.
( 2.) Het zou onverstandig zijn als de levensbeschouwelijke omroepen c.q. bovengenoemde
    nieuwe organisaties wat betreft de situatie na 2015 op twee paarden wedden.
    Namelijk zowel op activiteiten zonder publieke middelen (bv via internet)   àls  op
    programma's maken, gebruik makend van de € 9 à 12 miljoen budget dat aan de overblijvende
    omroepen voor levensbeschouwelijke programma's ter beschikking zal worden gesteld.



3.   Van kloosters en meditatiecentra

Een paar dagen eerder schreef ik over de functies van op te richten (concurrerende) meditatiecentra in de Theravada-traditie n.a.v. een mail van Adi Ichsan.
Op deze mail ben ik, in reacties in het 'BoeddhistischDagblad ', nog teruggekomen, met als stelling: 'zwijgen als men moet spreken is ook onzuiver spreken' . Zie onderaan blog van 15 dec.
Verder is het weer stil geworden op dit front; ik krijg de indruk dat de meeste leraren dit initiatief van Adi en/of de Thaise tempel in Landsmeer niet al te serieus nemen.


4.   Waar ik niet over heb geschreven en ook nu geen nieuws over kan melden:
    Hoe is het toch met de BUN ?

Op 16 november was er een Algemene Leden Vergadering met als agendapunten onder andere, naast vaste punten als BOS en BZI:
“9. Voortgang Bestuurlijke vertaling Rapport Lotusbloem - Aanpassing statuten ...
10. Werkgroep ongeorganiseerde boeddhisten
11. Instellen commissie benoeming nieuwe BUN-voorzitter v.a. April 2014.
”
Sindsdien hebben we niets meer gehoord of gelezen, niet in het BoeddhistischDagblad (menigmaal spreekbuis van BUN-bestuurders) en ook niet op de website van de BUN zelf (waarvan trouwens heel wat pagina's al jaren lang niet bijgewerkt zijn).

Vandaar mijn vraag: IS DE BUN AL VERDWENEN ? Dat zou nu nog te vroeg zijn, opheffen eind 2015 zou het beste zijn. Dan vervalt toch de omroeplicensie waar de BOS gebruik van heeft gemaakt en is de BZI niet meer nodig omdat de 'Raad voor Onafhankelijke Spiritualiteit' functioneert. Dus nog even volhouden.


5.   Een nieuwe site met vertalingen naar het Nederlands; en een al langer bestaande

Er zijn al heel wat Nederlandstalige vertaalde boeddhistische teksten, maar nog steeds is dat een fractie van wat er in de oorspronkelijke talen, en in het Engels, is.
Daarom verdient een nieuw initiatief in deze richting waarderende aandacht.
Ik doel op de site http://site.anderkracht.nl/ van Jules Prast.

Update 26 december Helaas is Jules ook zelfgemaakte gedichten op deze site gaan zetten.
Mijn reactie op 'Vorm en Liefde' in het BoeddhistischDagblad waar het overgenomen is: "Volgens mij is God behoorlijk verdwaald in dit gedicht; en is compassie voor hem/haar op z’n plaats. Of is alleen compassie voor levende wezens zinvol en niet voor een concept (zoals God)? "

Al langer (sinds 2004) bestaat de site van Bhiksuni Ratana met veel vertalingen van Mahayana-Sutra's naar het Nederlands. Zie hier , bevat grote vertalingen.


6.  *OpenBoeddhisme*  over de nieuwe belastingregels voor (boeddhistische) ANBI's

Waar 'Anderkracht' zich met de bovenbouw van het boeddhisme bezighoudt, is de site *OpenBoeddhisme* op dit moment vooral op de onderbouw ervan gericht. Op onroerend-goed in teksten van de afgelopen maanden en op financiën in recente teksten: namelijk nieuwe-eisen-aan-boeddhistische-anbis en de-anbi-boeddhisme-check van 6 c.q. 11 december.
Een groot deel van de boeddhistische organisaties (sangha's) in Nederland heeft de status van 'Algemeen Nut Beogende Instellingen ' (ANBI), wat belastingvoordeel bij schenkingen betekent. Daar staan wel, en aangescherpt per 1 januari 2014, eisen van de belastingdienst tegenover, met name wat betreft transparantie, het openbaar informatie geven.
*OpenBoeddhisme* beschrijft deze eisen en geeft een overzicht van sangha's met een ANBI, inclusief hun al dan niet voldoen aan de nieuwe eisen (niet dus). Het onderzoek wordt vervolgd.


zondag 15 december 2013

Een aantal reacties in het BoeddhistischDagblad

De afgelopen maand heb ik, na een periode van onthouding, weer een aantal reacties in het 'BoeddhistischDagblad ' geplaatst.
Naast wat klein grut betrof het drie thema's: Het bewonderen van de leraar; In de wereld maar niet van de wereld; en Over juiste spraak. Voor een deel neem ik ook reacties van anderen op; maar om de context volledig te begrijpen moet in het BoeddhistischDagblad zelf gelezen worden.


A.   Het bewonderen van de leraar (?)

Een artikel d.d. 10 december van Connie Franssen en een aantal reacties daar op, ook van mij, onder de titel 'Vroedman' .

Mijn openingsreactie:
“Eerlijk gezegd begrijp ik de fascinatie in sommige boeddhistische tradities voor het leraarschap niet zo.
In het begin van het pad is een leraar nodig om de weg te wijzen en valkuilen te laten zien. Maar dat houdt toch een keer op? De leerling wordt toch een keer spiritueel volwassen? Na een paar jaar op z’n hoogst?
Dan wordt de leraar toch de spirituele vriend, op basis van gelijkwaardigheid?
Of een vroegere kennis, want met de vroedvrouw van mij en van m’n kinderen onderhoud ik ook geen contact meer.
Overigens vind ik Nico Tydeman een aardige man, ik gun het hem dat hij vrij is van bewondering.
”

Ujukarin hierop:
“Ik ben bang dat JoopR’s stelling weer zo’n typisch geval is van Westers consumentistisch knippen-en-snijden uit de Dharma. Ook in het Aziatische Theravada, voor leken én voor monniken, blijft de band met de Leraar levenslang bestaan. Inderdaad niet zozeer in de Mahayana-zin van ‘Leraar is de Boeddha voor jou’ maar wel in de zin dat in die paar jaar dat de student, hopelijk, volwassen wordt de Leraar ook zich gewoon door-ontwikkelt en nog altijd ver boven jouw niveau zit én levenslang erg nuttig is om je met problemen te helpen, en je Ego-ballonnetjes die vroeg of laat in je beoefening sluipen door te prikken.
Mee eens, het heet na die paar jaar Kalyana Mittata en geen rechtstreeks leraarschap meer. Maar het is nadrukkeijk VERTIKALE vriendschap en nooit geheel op basis van gelijkwaardigheid; tenzij natuurlijk de leraar zelf vind dat je zijn/haar niveau bereikt hebt maar dat gaat dan ook meestal gepaard met iets van een transmissie/autorisatie, Acharya-titel bij het Theravada etc. en dan nóg vereer je de leraar in enige vertikale zin.
”

Ik weer:
“Met het meeste van wat Ujukarin zegt, ben ik het wel eens; alleen [met] dat woord ‘vereren‘ heb ik grote moeite. Dat doen m.i. Theravadins niet; het is de overtreffende trap van ‘bewonderen‘ waarin ook al een onzuiver sentiment zit. Vind ik hoor.
Sommige mensen bewonderen veel. Ik niet, ik ben er wat zuiniger mee
Waardering heb ik voor m’n leraren, respect, maar in bepaalde zin laat ik ze ook achter me.
Af en toe denk ik aan een mooie uitspraak van Martine Batchelor over dat in Korea leerlingen vrij makkelijk van de ene naar de andere leraar gaan. Haar ‘verklaring’: de leraren in Korea hebben er niet zo’n moeite mee, hun leerlingen los te laten.

(Hier stond oorspronkelijk nog een zin bij:)
Tenslotte herhaal ik m’n pleidooi om ook vanuit het perspectief van de leraar te redeneren: gun hem of haar dat hij/zij vrij is van bewondering. ”

Edel Maex (die mijn reactie niet heeft kunnen lezen omdat die pas dag later geplaatst werd):
"Hoe is toch in het boeddhisme het idee binnengeslopen van de leraar die je ego doorprikt? Volgens mij komt dat van Freud. Het is de catch 22 van: ‘als jij niet ziet wat ik zie, dan is dat jouw onbewuste weerstand’.
De Boeddha zie ik zoiets nooit doen. In de Pali Canon zie je de Boeddha met een oneindig geduld en een mateloze vriendelijkheid en respect steeds weer de dharma uitleggen en nog eens uitleggen en het nog eens anders zeggen …
Die vriendelijkheid heb ik zelf ook altijd bij Nico ervaren en zo lees ik ook Connie’s mooie stukje. Maar ik wens hem met Joop R. ook weer niet tè veel bewondering toe. Dat is voor niemand leuk.
”

Waarop Ujukarin:
“Goede vraag, Edel. Ik denk dat het vooral taal is – wij in het Westen hebben nu eenmaal meer met Ego als expliciet concept te maken dan de mensen toen in India. Maar als ik het anders verwoord als ‘Leraar die door zijn/haar geduld en scherpte jou van je foutieve zienswijzen afhelpt’ dan past dat zowel bij de Boeddha als pakweg bij de zenmeesters-met-hun-haarscherpe-pointes. Bij de Boeddha bijvoorbeeld in de bekeringen van Kisagotami en Angulimala, die echt 180′ omdraaiden na indirect zijn lering begrepen te hebben en daarmee hun foute zienswijze (Ego) achter zich lieten. Dus die rol van leraar die je levenslang blijft respecteren/bewonderen, en waar nodig raadplegen, is echt zo oud als de sangha. ”

Mijn reactie daarop:
“… Ujukarin stelt: 'Dus die rol van leraar die je levenslang blijft respecteren/bewonderen, en waar nodig raadplegen, is echt zo oud als de sangha.‘
Nogmaals: respecteren zeker, maar waar is dat ‘bewonderen’ goed voor? Alsof je levenslang teruggaat naar je vroedvrouw/vroedman voor nazorg na je geboorte. Lijkt mij onvolwassen gedrag. Is het een band willen blijven hebben met je leraar ook niet een aspect van dat vermaledijde ‘Ego’?
”

Een paar dagen later (de 15e december) heb ik nog een reactie geplaatst, nadat ik weer eens gereflecteerd had op m'n eigen - niet te ontkennen - devotionele kanten:
" Een slimme lezer heeft me er op gewezen dat ik hier het heilzame karakter van het bewonderen van de leraar in twijfel trek maar tegelijk op mijn blog een bewonderend stuk over Bhikkhu Bodhi plaats. (http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/12/boeddhistische-globale-verlichting-een.html )
Het is waar; de tekst is overwegend bewonderend, inclusief de behoefte in een aantal opzichten ook te zijn zoals hij is.
Er zijn nog een paar argumenten die mij deels vrij pleiten, maar sterk zijn die niet:

Ik zou kunnen zeggen dat Bhikkhu Bodhi mijn leraar niet is, met de bijbehorende transmissie van hart tot hart zoals sommigen (Zennies) zo mooi zeggen; ik ken hem niet persoonlijk, heb alleen veel van hem gelezen.
Dan zou ik kunnen zeggen dat ik ook wel een paar kritiekpunten op hem durf te formuleren, ik zie hem niet als perfect. Eigenlijk is het zo dat ik het op een paar punten niet met hem eens ben, dat is wat anders dan hem onvolmaakt verklaren.
Vervolgens zou ik mezelf wegcijferend kunnen stellen dat m’n bewonderende tekst een doel buiten mezelf dient, namelijk anderen ertoe brengen hem ook te gaan lezen en zijn initiatief na te volgen.  Bewondering als ‘vaardig middel’ (‘upaya‘) zogezegd.  Maar dat kunnen anderen met hun guru-devotie ook zeggen.

Maar misschien moet ik maar gewoon toegeven dat ik overdreven heb en/of dat ik ook niet volmaakt ben. Bovendien heb ik makkelijk praten: ik loop niet zo’n groot risico van bewonderd te worden.
Met dank aan Connie die deze discussie mogelijk heeft gemaakt.
"


B.   In de wereld maar niet van de wereld? Of toch?

Een artikel van 30 november door Robert Keurntjes getiteld 'Zorgen over het boeddhisme'
Mijn reactie d.d. 30 november:
“Raadselachtig, vermoedelijk voortkomend uit een te beperkt religie-begrip vind ik de zin 'Boeddhisme als religie zal vast wel blijven bestaan maar wat het boeddhisme te bieden heeft zit wellicht minder in de religieuze aspecten dan in de inzichten die het boeddhisme ontwikkeld heeft over de werking van onze geest in relatie tot ons welbevinden.'
Hoe is dit te verenigen met het principe ‘In de wereld maar niet van de wereld‘ ? Is dat trouwens een religieus of een niet-religieus principe?
“

Na een reactie van Robert zeg ik:
“Ik ben blij dat je dat laatste punt zo duidelijk maakt; we zijn het daarover niet met elkaar eens. Jij bent ‘in de wereld en van de wereld’, concludeer ik uit je woorden.
Juist het feit dat de verschillen tussen de boeddhistische tradities zo groot zijn maakt het makkelijk allerlei inhoud in ‘het’ boeddhisme te projecteren. Dat gebeurde vroeger en dat gebeurt nu, in het Oosten en in het Westen. Daarin heb je gelijk.
Ik heb alleen niet zo’n behoefte aan de aangename en niet-verontrustende variant waarin ‘dukkha’ en de onvermijdelijkheid van het sterven onzichtbaar geworden is.
‘Alles is voortdurend in verandering’, zeg je terecht; maar als dat nu op iets slaat, is het wel op de door jou gepropageerde ‘welbevinden’.
Kortom: jouw boeddhisme is me niet ongemakkelijk genoeg.


Na een volgende reactie van Robert:
"We hebben het dus – als het lukt los van christelijke reminiscenties – over het transcendente.
Zie over het onderscheid in het boeddhisme bv het (Engelstalige) artikel van Buddhadasa Bhikkhu: http://www.buddhadasa.com/naturaltruth/twolanguage1.html
Wellicht zijn we het dus toch wel eens, ik kies alleen liever voor een minder geruststellende toon.
"

Na nog een serie reacties schrijf ik:
"Achteraf realiseer ik me dat de maar half gelukte discussie over ‘in de wereld maar niet van de wereld‘ in feite ging over de tegengestelde visies van Theravada versus Mahayana. Het arhat-ideaal van Theravada (niet van de wereld) versus het bodhisattva-ideaal van Mahayana (wel), maar beide dan nuchterder geformuleerd.
En Sjoerd. Ik ben het bijna helemaal met je eens en herken mezelf ook wel in je verhaal. Maar toch, als je zegt “Een echte boeddhist is echt en helemaal van deze wereld“, dan denk ik: deze wereld is wel samsara, en ik laat me niet meer (zoveel als vroeger) meeslepen door wat er in deze wereld gebeurt, in het licht van mijn sterfelijkheid.
Wat me vanochtend enthousiast heeft gemaakt is het artikel van Floor van Orsouw, in zekere zin ook over dit thema, bij Bodhitv: www.bodhitv.nl/articles/show-news/2013-12-02/boeddhisme-met-peper-en-zout/


En nog een dag later:
"… ik ben geen non-dualist, niet tegen afgescheidenheid; met hoeveel mensen om me heen ik ook sterf, ik sterf alleen.
Er bestaat niet 1 werkelijkheid, ieder creëert in z’n hoofd een eigen werkelijkheid gebaseerd op allerlei input en allerlei opvattingen.
Er bestaat niet 1 boeddhisme maar allerlei boeddhismen die niet zoveel met elkaar te maken hebben.
"


C.   Over 'juiste spraak ' en een vipassana-meditatiecentrum

Een artikel over 'juiste spraak' door Menno Prins op 21 november leverde veel reacties op, ook van mij :
“Een mooi initiatief en een mooi rijtje. Ik (een aantal maal beschuldigd van ‘onjuist spreken’, deels terecht en deels m.i. onterecht) weet nu al er niet altijd aan te voldoen. Geneigd tot het kwade zogezegd.
Toch wil ik nog twee puntjes toevoegen:
- Realiseer je dat opmerkingen die in de ene boeddhistische traditie normaal zijn, in een andere traditie irritatie kunnen wekken (Zen-grappen bv; of Sutta-citaten als argument gebruiken)
- Iets opzoeken (via google bv) voor je een reactie plaatst, is geen schande.
Wat ik me tenslotte afvraag, is of naast het rijtje over ‘het juiste spreken’ ook een rijtje mogelijk is over ‘het juiste luisteren’. Want soms, ik weet dat het gevaarlijk is om te zeggen, proef ik wel eens overgevoeligheid en lange tenen.
Samenvattend: boeddhisme is niet voor bange mensen.


Met als soort correctie na een reactie:
“Je hebt gelijk, Kees, het was een vrij belachelijke beeldspraak van me om ‘proeven’ te schrijven terwijl ik iets als ‘waarnemen van concepten’ bedoelde
(Zoals je wellicht weet wordt het denken in sommige tradities ook als een zintuig genoemd)
Laat ik in deze fase van de discussie dan nog maar eens zeggen, niet zonder zonde te zijn. Mijn oefening is niet alleen, steeds een beetje meer zuiver te gaan spreken maar ook om er steeds een beetje meer tegen te kunnen, niet met respect behandeld te worden. Dat laatste lukt me al aardig.
”

Ook Adi Ichsan reageerde, voor het eerst in het BD:
Ik reageer als volgt op hem:
“Omdat ik wel een beetje een ‘existentialist’ (ouderwets woord, ik denk dat Stephen-Batchelor-achtigen bedoeld worden) ben en dit stuk van Adi dus minder geschikt is voor mij, toch een reactie.
Het lastige van deze tekst is dat de auteur zich buiten (of boven) het thema stelt. Het is een abstracte beschouwing waarin de mogelijkheid dat de auteur zelf ook wel eens onzuiver zou kunnen spreken, niet genoemd wordt.
Ik zal de juistheid van wat hier staat, niet betwisten. Maar kan me toch niet aan de indruk onttrekken dat Adi hier voor het eerst in het BD schrijft omdat ik een paar dagen eerder kritiek heb geuit op het feit dat hij de Vriendenmiddag van 26 oktober van het Vipassana Meditatie- en Studiecentrum (i.o.) niet heeft meegedeeld mede-initiatiefnemer te zijn van een concurrerend meditatiecentrum dat (mogelijk) in Purmerend gaat komen. Dat lijkt mij onzuiver zwijgen.
PS
Je gebruikt wel erg veel Pali-termen, Adi. Maar niet allemaal behoren ze tot de Pali Canon. ‘Paramatha Dhamma’ (ultieme waarheid) bv is pas in onze jaartelling voor het eerst in de Theravada gebruikt, mogelijk onder invloed van het Mahayana Boeddhisme (cf Nagarjuna)
“

En na vragen hierover:
“Ik probeerde duidelijk teveel in één korte reactie te stoppen.
Over je twee vragen:
(1) Er zijn twee initiatieven (landelijk, individuele lokale sangha’s overstijgend) voor een meditatiecentrum. Het gaat dan om retraites (op een Theravada-manier) van een week of langer waar ook overnacht wordt, dus om vrij grote en dure gebouwen.
Misschien is het schokkend voor sommigen maar ook bij boeddhisten en nog meer bij boeddhistische organisaties spelen belangen en concurrentieverhoudingen wel eens een rol. En boeddhisten gaan daar, juist omdat ze zo’n verheven ethiek hebben, vaak nogal onhandig mee om.
Zie voor meer preciese informatie daarover mijn blog .
(2) Daar wordt ook duidelijk dat ik vind dat Adi Ichsan de ‘Vrienden’ van het ‘Vipassana Meditatie- en Studiecentrum’ voor of op 26 oktober had moeten informeren over het andere initiatief, dat in Landsmeer/Purmerend.
En dat punt combineer ik dan vervolgens met deze beschouwing van Adi in het BD waarin hij de boeddhistische ethiek uiteenzet. Wat ik daarbij constateer (en niet verwijt want aan mijn ‘zuiver spreken’ schort het ook wel eens) dat hij heeft gezwegen toen hij had moeten spreken en dat dat m.i. ook 'onzuiver spreken' is.
”


Update 17 december
Nog een reactie, ik kon het niet laten.   Van Edel Maex werd geplaatst:
Nieuwlichter-en-Uitleggers-waarom-zou-de-Dharma-niet-voor-Interpretatie-vatbaar-zijn ?

Mijn reactie (in de richting van Edel):
"Volgens mij vergis je je zowel wat betreft de “opkomende anti-moderne tendens” op zich als in jouw (en die van de 'schamperenden') bezorgdheid daarover.
HET boeddhisme (in het Oosten en nu ook in het Westen) bestaat niet: er zijn grote verschillen tussen de tradities en in sommige ervan (bv in de Theravada) heeft de ethiek altijd al een grote rol gespeeld. 'Doctrinaire discussies' waren er altijd volop, bv in het Tibetaans boeddhisme maar niet alleen daar.
Ik denk dat sommigen met affiniteit tot HET boeddhisme in een droomwereld hebben geleefd waarin het boeddhisme (meestal een Zen-variant) iets moois, compassievols en tegelijk moderns was.

En dan die zogeheten modernisering. Wat is dat eigenlijk:
Is het overeenkomstig moderne wetenschappelijke inzichten (Big Bang, Higgs, evolutietheorie etc) zijn?
Is het globalistisch, multiculureel, vol cultuur-relativering?
Is het toename van autonomie van de individu? Dat te denken is een tragisch misverstand: ik ben er wel voor maar het vind niet plaats;
Is 'modern' makkelijk, licht verteerbaar ('Buddhism-light') en populair (willen) zijn ?
Ik zou het niet weten. Al is er dan verandering, misschien bestaat 'modernisering' helemaal niet.

Natuurlijk is de Dharma veranderbaar en voor herinterpretatie vatbaar (zelfs de Dhamma is dat). Maar wat blijft is de neiging van mensen zichzelf iets wijs te maken. Als variant op de Bodhisattva-gelofte: “Hoe talloos de illusies ook zijn, ik beloof ze alle te doorzien“; alleen beloof ik dat niet, ik probeer het.
"

donderdag 12 december 2013

Boeddhistische globale verlichting – een wat hulpeloze vertaling van 'Buddhist Global Relief'

Buddhist Global Relief (BGR) is een Amerikaanse internationaal georiënteerde actiegroep. Oprichter en voorzitter is de bekende Theravada-monnik Bhikkhu Bodhi . Het is echter een traditie-overstijgende organisatie. Hun website www.buddhistglobalrelief.org/

Het centrale thema van BGR is: honger; op wereldschaal.
Hun activiteiten bestaan uit bewustmaking en geld inzamelen. Bijvoorbeeld van 'Walk Events', gecombineerd met vinden van sponsors.
Het klinkt zo eenvoudig, maar ze doen het.

Centraal staat het begrip 'voedsel-souvereiniteit' :
"BGR seeks to promote food sovereignty rather than food dependency. The concept of food sovereignty is based on the principle that “everyone must have access to safe, nutritious, and culturally appropriate food in sufficient quantity and quality to sustain a healthy life with full human dignity” (see www.viacampesina.org). Our projects are intended to enable our beneficiaries to develop projects that they themselves can implement and manage for the benefit of their own communities. "

Wat me zo aanspreekt in dit initiatief is niet alleen de doelstelling en werkwijze op zich. Die zijn niet volstrekt uniek. Bijzonder – voor mij – is dat de initiatiefnemer Bhikkhu Bodhi is.
Al vanaf het moment dat ik het boeddhisme ontdekte en me bij de Theravada-vorm het meeste thuis voelde, is Bhikkhu Bodhi een baken voor me geweest, in meerdere betekenissen. Volstrekt betrouwbaar om te weten wat de Pali Canon en de Theravada inhoudt, als vertaler en toelichter. Bijvoorbeeld over het Edele Achtvoudige Pad. Z'n vertalingen van de Samyutta Nikaya en de Majjhima Nikaya neem ik vaak ter hand, van de Anguttara Nikaya heb ik een selectie van hem en zijn leraar Nyanaponika Thera; zie z'n uitgever Wisdom .
Maar ook ergerlijk in z'n orthodoxie, z'n trouw volgen van Buddhaghosa (6e eeuw van onze jaartelling) met de Visuddhimagga en andere commentaren.
Veel van z'n teksten zijn (gratis) online te lezen, onder andere via Accesstoinsight.org
Soms ben ik het met hem eens, bv in z'n kritiek op het non-dualisme ('Dhamma and Non-duality').
Dan weer volstrekt niet als hij Stephen Batchelor's 'Boeddhisme zonder geloof' bestrijdt, zie het 'Journal of Buddhist Ethics'

Een jaar of wat geleden is hij van Sri Lanka teruggegaan naar de Verenigde Staten, z'n geboorteland. Z'n gezondheidstoestand speelde daarbij een rol maar m.i. ook het feit dat Sri Lanka steeds minder een spiritueel hoogstaand land genoemd kan worden.
In de V.S. verblijft hij in een Chinees-boeddhistisch klooster – de Chuang Yen Monastery – ook al een doorbraak in de qua tradities sterk gesegregeerde boeddhistische cultuur, ook in het Westen.

Als zo'n stijve, wereldvreemde, inmiddels tamelijke oude Theravada-monnik die het in z'n leven meer over renunciatie dan over compassie heeft gehad (laat staan over 'actie'), zo'n initiatief heeft genomen, dan is het dus hard nodig en dan kunnen anderen het ook.

Ik vertaal 'Buddhist Global Relief' als 'Boeddhistische Globale Verlichting', mij goed realiserend dat 'verlichting' hier niet de ultieme verlichting oftewel 'Ontwaken' betekent maar letterlijk 'lichter maken'. Woordenboek-betekenissen van het Engelse 'relief': opluchting, opheffing, ontheffen, hulp, ontzet (van een belegerde stad). Maar ook: reliëf.

Er is een tweede reden voor m'n gebruik van het woord 'hulpeloos' in de titel van deze tekst.
Niet alleen vanwege m'n beperkte (ver)taalgevoel maar ook omdat ik graag zou willen dat er ook in Nederland een organisatie als de BGR zou komen maar niet denk dat het mij of iemand anders zal lukken dat hier van de grond te krijgen.
M'n poging tien jaar geleden een landelijke 'Werkgroep geëngageerd boeddhisme' te starten is maar heel beperkt aangeslagen. Ongetwijfeld door m'n gebrek aan charisma maar toch ook wel omdat de meeste 'boeddhisten' in Nederland vrijblijvend beoefenen of àls ze geëngageerd zijn, dat niet aan hun beoefening koppelen.
De meesten prefereren mooie gevoelens boven in actie komen. In mijn minder milde dagen noem ik dat wel labbekakkerig.
Maar wie weet …

Bekijk eens de video's waarin Bhikkhu Bodhi een 'Integral Model of Buddhism ' uiteenzet:
Part 1 of 7 en volgende.
"Een poging een model te ontwikkelen voor het begrijpen en beoefenen van het Boeddhisme op een wijze die geschikt is voor het postmoderne stadium van de evolutie van de geest."

=======================================================================

Een aantal citaten uit de website www.buddhistglobalrelief.org/

Our History
In 2007 the American Buddhist scholar-monk, Ven. Bhikkhu Bodhi, was invited to write an editorial essay for the Buddhist magazine Buddhadharma.
In his essay, he called attention to the narrowly inward focus of American Buddhism, which has been pursued to the neglect of the active dimension of Buddhist compassion expressed through programs of social engagement. Several of Ven. Bodhi’s students who read the essay felt a desire to follow up on his suggestions. After a few rounds of discussions, they resolved to form a Buddhist relief organization dedicated to alleviating the suffering of the poor and disadvantaged in the developing world. At the initial meetings, seeking a point of focus, they decided to direct their relief efforts at the problem of global hunger, especially by supporting local efforts by those in developing countries to achieve self-sufficiency through improved food productivity. Contacts were made with leaders and members of other Buddhist communities in the greater New York area, and before long Buddhist Global Relief emerged as an inter-denominational organization comprising people of different Buddhist groups who share the vision of a Buddhism actively committed to the task of alleviating social and economic suffering.

Our Vision
We are inspired by the vision of a world in which debilitating poverty has finally been banished; a world in which all can avail themselves of the basic material supports of a meaningful life—food, clothing, housing, and health care; a world in which everyone can achieve a satisfactory level of education and freely pursue that which gives their life value and purpose; a world in which all people dwell in peace and harmony with one another and with the natural environment.
“May I be a good doctor for those who suffer from illness,
a guide for those who have gone astray,
a lamp for those who dwell in darkness,
a source of treasure for those in poverty and need
.”
- Vows of Samantabhadra, Avatamsaka Sutra

Our Mission
Our mission is to combat chronic hunger and malnutrition. Bearing in mind the Buddha’s statements that “hunger is the worst kind of illness” and “the gift of food is the gift of life,” we sponsor projects that promote hunger relief for poor communities around the world. We pursue our mission by:
* providing direct food aid to people afflicted by hunger and malnutrition
* helping develop better long-term methods of sustainable food production and management appropriate to the cultures and traditions of the beneficiaries
* promoting the education of girls and women, so essential in the struggle against poverty and malnutrition
* giving women an opportunity to start right livelihood projects to support their families.

We also seek to raise awareness of global hunger and advocate for an international food system that exemplifies social justice and conduces to ecological sustainability.

How BGR Operates
BGR operates by raising funds for food relief and related projects from both private donors and philanthropic organizations. We work in partnership with agencies, institutions, and relief organizations already operating on the ground in the communities that our projects serve. We closely screen proposals for projects from prospective partners and collaborate with organizations that have established a track record of effectiveness and responsibility. We receive full reports about the projects we sponsor and share the results with our supporters on our website and in our newsletter and annual reports.

Our emphasis is not on disaster relief or crisis management but on fostering better long-term methods of sustainable food production and distribution designed to ensure its beneficiaries a constant supply of healthy and nutritious food. We seek to promote food sovereignty rather than food dependency, that is, to enable our beneficiaries to develop food projects that they themselves can implement and manage for the benefit of their own communities. In sponsoring projects, we do not discriminate on the basis of nationality, ethnicity, gender, or religion
We also seek to address the root causes of poverty and malnutrition. Since one of the most persistent of these roots in traditional cultures is the subordinate status of girls and women, we offer food aid to needy families as an incentive to keep their girls in school. We also sponsor training and right livelihood opportunities for adult women, enabling them to earn more for their families.
Through our website, Facebook page, and blog, we seek to raise awareness about the extent of world hunger and to mobilize action to promote social justice on food-related issues.

Core Beliefs
As a Buddhist organization, BGR is inspired and guided by the teachings of Buddhism. Among the teachings central to our mission are:
•We should extend a mind of loving-kindness towards the entire world and regard each person as a member of our own family. For this reason, just as we would not want our parents, children, or other close relatives to suffer, we similarly feel moved to alleviate the suffering of countless unknown, unseen people throughout the world.
•All life on this planet is interconnected and interdependent. In particular, the current high standard of living in the West was largely founded on the labor and resources of those in the East and South. For this reason, we should seek to reciprocate their kindness by helping their descendents in their time of need.
•The endeavor to establish a just social and political order is integral to the Buddha’s teachings. The Buddha taught that it is the government’s duty to guard and protect all the residents of the land, eliminating poverty through state-sponsored deeds of charity. In our present international order, we who live in relative affluence should look after the needs of the destitute and broadly extend our range of concern to the entire global community.

maandag 4 november 2013

Een Verklaring Omtrent het Gedrag voor leraren ?

Verleden week werd bekend dat per 1 januari 2014 de Rooms-Katholieke Kerk in Nederland een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) vraagt van priesters, diakens en pastoraal werk(st)ers, van religieuzen en van bepaalde vrijwilligers en functionarissen.
Zie bv het Nieuwsbericht van de RKK

“De RK-Kerk sluit met de maatregel van invoeren voor de VOG voor nieuwe medewerkers en vrijwilligers aan bij de praktijk van andere grote vrijwilligersorganisaties als bijvoorbeeld de scouting die de VOG ook voor hun nieuw te benoemen stafleden e.d. heeft ingevoerd”, aldus de woordvoerder van de Nederlandse bisschoppenconferentie.
...
De VOG moet worden aangevraagd voor:
- priesters, diakens, en pastoraal werk(st)ers
- priesters, diakens, en pastoraal werk(st)ers in opleiding
- novicen (aspirant-leden van religieuze instituten)
- vrijwilligers en functionarissen die werken met minderjarigen
- vrijwilligers en functionarissen die werken met persoonsgegevens
- vrijwilligers en functionarissen die werken met financiën ...”


======================================================================
Voor wat een VOG is, zie de informatie van 'Justis Screeningsautoriteit'
Een citaat hieruit: zie onderaan.
======================================================================

Dit roept de vraag op of ook voor boeddhistische leraren een Verklaring Omtrent het Gedrag gewenst is.
Ik denk van wel. Ook leraren - zelfs al vinden ze zichzelf verlicht - is niets menselijks vreemd; en helaas zijn daar ook wel concrete voorbeelden van. Als verdere toelichting volstaat volgens mij een verwijzing naar m'n blogtekst 'Heilzame en onheilzame structuren' van 13 mei van dit jaar.

Het probleem is dan dat het boeddhisme geen centrale organisatie kent zoals de RK kerk. Natuurlijk, er is de BUN maar die vertegenwoordigt niet alle leraren en is verder ook te zwak om hierin een rol van betekenis te spelen.
Als de sangha waar een leraar bij hoort een rechtspersoon is, kan het bestuur van deze stichting (of vereniging) een VOG voor elk van haar leraren aanvragen. Ditzelfde is mogelijk ook gewenst voor de penningmeester, maar dat is een ander thema.

Meer specifiek is het probleem dat een leraar niet een VOG voor zichzelf kan aanvragen als er geen 'belanghebbende' is waarvoor deze VOG nodig/gewenst is. Zie 'vragen Justis':
" Bij de aanvraag van een VOG mogen de gegevens van de aanvrager en die van de belanghebbende niet gelijk zijn. Als u zzp'er bent, is dit wel het geval. Zit u bijvoorbeeld in een maatschap, dan kunt u dit oplossen door de maatschap als belanghebbende in te vullen. U kunt ook het aanvraagformulier door een (eerste) opdrachtgever laten invullen."
Natuurlijk zijn de leerlingen (in sommige gevallen kunnen we zeggen 'volgelingen') de echte 'belanghebbenden' maar als die niet georganiseerd zijn, biedt dit geen oplossing.
Misschien moet er wel een aparte organisatie voor dit doel opgericht worden.

Hoe dan ook: een VOG voor elke leraar is gewenst, en op de website van de sangha of (individuele) leraar moet het hebben van deze VOG vermeld worden.
Dit moet m.i. binnen een paar jaar lukken.

Ook voor Boeddhistisch Geestelijk Verzorgers is overigens zo'n VOG gewenst, zowel voor degenen die in een institutioneel kader werken als voor de zelfstandige werkende (waarschijnlijk een groeiende categorie).

======================================================================

Citaat uit de website van 'Justis - De screeningsautoriteit'

"Een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) is een verklaring waaruit blijkt dat uw gedrag in het verleden geen bezwaar vormt voor het vervullen van een specifieke taak of functie in de samenleving. Justis screent het gedrag van personen die een VOG aanvragen en geeft de VOG's af.

Een VOG kan worden afgegeven aan natuurlijke personen (mensen) en aan rechtspersonen (bedrijven/organisaties). Als iemand een VOG aanvraagt, doet Justis onderzoek naar het justitiële verleden van een natuurlijk persoon (NP) of rechtspersoon (RP). Om een baan te kunnen krijgen is het in veel gevallen nodig om een VOG te kunnen overleggen. Voor sommige branches is dit zelfs (wettelijk) verplicht.

U krijgt in ieder geval een VOG als u geen strafbaar feit heeft gepleegd dat relevant is voor de betreffende functie.
"

zaterdag 19 oktober 2013

Veracademisering en verwildering; in wat voor een wereld komt de Boeddhist als GV terecht? En GV in zorginstelling geen monopolie voor de BZI

Weer wat nieuws van het front van de boeddhistisch geestelijke verzorging en de opleiding daartoe.
Merkwaardig genoeg beperkt van de kant van de VU, wel wat van de BUN en de BZI.
Klein nieuws is dat de term 'buddhist chaplain', destijds vol trots gebracht als misverstandvrij begrip, al weer verlaten is. Men spreekt weer gewoon van BGV (of BGVer).

A.    Een soort briefwisseling met VU-hoogleraren

Mijn verbazing dat de VU wel de éénjarige master 'spiritual care' is gestart afgelopen september maar nog niet heeft duidelijk gemaakt wat de inhoud van de erop volgende 'ambtsopleiding' wordt; en dat VU noch BZI (aan de studenten) duidelijk heeft gemaakt aan welke voorwaarden moet worden voldaan om de ambtsopleiding te kunnen volgen (een briefje van een leraar van een BUN-lid bijvoorbeeld?) of om die met een 'zendingsbrief' te kunnen afronden
Dit hoewel ze dat in de website godgeleerdheid wel wordt aangeraden:
" Ambtsopleiding
Voor wie de opleiding tot boeddhistisch of hindoeïstisch geestelijk verzorger volgt, wordt deze eenjarige master gevolgd door een eenjarige postdoctorale ambtsopleiding (deze gaat waarschijnlijk van start in september 2014). Deze postdoctorale ambtsopleiding in boeddhistische of hindoeïstische geestelijke verzorging zal erkend worden door de zendende instanties. .... Als je door een zendende instantie wilt worden geaccepteerd is het nodig dat je aan hun (aanvullende) eisen voldoet. Het is aan te raden de eisen van de betreffende zendende instantie vooraf goed uit te zoeken.
”

Mijn twijfel over het doorgaan van de ambtsopleiding en mijn vragen over de procedure heb ik voorgelegd aan het ministerie van OCW die daar immers speciaal geld (€ 260.000 per jaar) voor beschikbaar heeft gesteld. Het ministerie adviseert me, m'n vragen aan de VU voor te leggen.
Het contact met de VU heb ik opgenomen, zowel van boeddhisme-hoogleraar André van der Braak als met Ruard Ganzevoort, de hoogleraar die de opleiding 'spiritual care' coördineert.

Hier alleen m'n meest recente email aan André van der Braak, verstuurd 30 september 2013
De 'duistere passage' waarnaar ik verwijs, bevindt zich in de paragraaf 'De DAR' van de 'Ledenmail van 25 september', zie hieronder.
Op deze mail aan André van der Braak heb ik (nog) geen antwoord gekregen.
(Andere mails had ik ook als bijlage geplaatst maar heb ik weer verwijderd.)

" Beste André

Je moet me mijn bemoeizucht maar niet kwalijk nemen; de activiteiten van de VU beïnvloeden de receptie van het boeddhisme in Nederland en dat is ook mijn zaak.
De notitie uit februari kende ik.
Je zegt dat "we" hard bezig zijn de ambtsopleiding uit te werken?
- Is dat de 'curriculumcommissie' als bedoeld in de 'Samenwerkingsovereenkomst VU-BZI' van 31 maart 2012? Want dat hoort wel, (of denk ik dan als Theravadin te formalistisch en moet ik meer met de losse Chan-slag werken?)
- Hoort tot dat 'we' ook een door de VGVZ geregistreerd boeddhistisch geestelijk verzorger?
– Wordt trouwens zo'n persoon al geworven want die deskundigheid is er bij de VU op dit moment niet. En ik herhaal het maar eens: dat is toch eigenlijk zeer merkwaardig, niet alleen in de ambtsopleiding maar ook al in de nu lopende master.
– Is het resultaat van jullie harde werk ook iets dat in het openbaar (bv in de boeddhistische gemeenschap, dat is breder dan de BZI/BUN) bediscussieerd gaat worden?
– Ligt het niet op de weg van de VU om de BZI aan te spreken op hun volstrekt ontbreken van openbare communicatie?
– Verder ben ik benieuwd naar jouw interpretatie van de vrij duistere passage in de brief van André Kalden.

Vriendelijke groet
Joop Romeijn
PS    Even voor de zekerheid: ik ambieer geen baantje "



B.    Het bestuur van de BUN en van de BZI (of Varamitra) geven de lezers informatie

De informatie waar ik het over wil hebben, bevindt zich in twee downloadbare documenten:
'Ledenmail 25 september' ; en
'BZI Al gaande wordt de weg gebaand ', in 'Stukken ALV 16 nov'.

Citaat uit de Ledenmail 25 september
"Zo heeft de DAR (Dharma Advies Raad) zich … In die informatieronde is binnen de DAR onder meer de veracademisering van het beroep van boeddhistisch geestelijk verzorgende aan de orde gekomen die onder invloed van overheidseisen met medewerking van de BUN plaatsvindt.
Ook is gesproken over de(on)wenselijkheid van uitbreiding van de centralistische rol van de BUN in relatie tot de overheid en BVG, naar de benoeming van boeddhistisch geestelijk verzorgenden in zorginstellingen. Allemaal geen eenvoudige onderwerpen, maar van groot belang voor zowel de beroepsgroep als de wijze waarop we als BUN het boeddhisme in onze maatschappij willen organiseren, of juist niet willen organiseren. Daarbij speelt o.m. de vraag tot welke grens de BUN het recht heeft bepalen voor die organisatie in Nederland te zijn daar waar het boeddhisme zich kenmerkt door decentrale organisatie.”


Twee begrippen wil ik bespreken:
* 'Veracademisering '
Nogal vreemd dat dat nu aan de orde komt. Het was glashelder een voorwaarde van het ministerie van (Veiligheid en) Justitie; en zowel bij de voorlopige erkenning in 2008 (van de BUN door Justitie) als bij de definitieve erkening in 2012 is als als voorwaarde opgenomen. Heeft de BUN toen zitten slapen?
Ik krijg het gevoel dat er iets anders speelt, iets dat bij de leraren van de DAR sterker speelt als bij de bestuurders van de BUN(-leden); namelijk het besef dat de boeddhistisch geestelijk verzorgers wel veel overeenkomst vertonen met de boeddhistische leraren en hun eigen specifieke lineage-procedures.

* '(On)wenselijkheid van de centralistische rol van de BUN '.
Ik neem aan dat men hiermee ook de centralistische rol van de BZI bedoelt. En die is er, want het ministerie van Justitie denkt in sterke mate centralistisch en de BZI is daardoor nogal geïndoctrineerd; zie hieronder bij 'verwildering'.
Het lijkt er op dat de leraren zeggen: eigenlijk moet (wellicht, we zijn voorzichtig en vriendelijk als boeddhisten) niet de BZI maar de (leraar van) de sangha waar de student/aspirant BGVer beoefent, de zendingsbrief voor zijn verantwoordelijkheid nemen. Terecht zeggen ze dat vanuit de opvatting dat de BUN geen leergezag heeft.


De BZI-notitie 'AL GAANDE WORDT DE WEG GEBAAND '; een citaat:
“De beroepsverenigingen voor geestelijk verzorgers binnen de zorgsector zijn bezig met een grondige herbezinning op de plaatsbepaling en legitimatie van de geestelijke verzorging. Anders dan bij Justitie en Defensie is er o.a. geen eenduidig aanstellingsbeleid binnen de zorgsector. Dit heeft de laatste jaren geleid tot een zekere verwildering van de geestelijke verzorging. Zelfbenoemde geestelijk verzorgers zonder binding aan een religieuze en/of levensbeschouwelijke traditie deden hun intrede in de zorgsector. Het streven van de beroepsverenigingen is om tot een eenduidig aanstellingsbeleid te komen, waarin onder andere d.m.v. een zendingsbrief, een verankering is gegarandeerd in de traditie waaraan de geestelijke verzorger verbonden is. Voor de niet traditiegebonden, algemene geestelijk verzorgers, wordt een aparte organisatie opgericht, welke de zendingsbrief zal verstrekken. Naast de zendingsbrief, zal een inschrijving in het kwaliteitsregister geestelijke verzorging een voorwaarde tot aanstelling zijn.
De BZI volgt de ontwikkelingen in de zorgsector nauwgezet, maar net als bij Defensie bestaat ook hier geen behoefte om een plaats te claimen.
”

Wat kanttekeningen bij deze tekst:
* Is de 'beroepsvereniging' daarmee bezig ?
Jammer dat de BZI de lezer niet in de gelegenheid stelt de oorspronkelijke teksten hierover te lezen. Geen bronvermelding. Dat is bepaald geen academische benadering !
Ik heb ze via de website van de VGVZ (Vereniging van Geestelijk Verzorgers in Zorginstellingen) gevonden:
Persverklaring van de 'Regiegroep Toekomstig Bestel Geestelijke Verzorging' van april 2013
En de volledige ' Eindnota ' van de regiegroep :

De 'Persverklaring' bevat als essentie:
“In de zorg werkzame geestelijk verzorgers kunnen binnenkort alleen nog benoemd worden als zij geregistreerd staan als geestelijk verzorger in een beroepsregister. Met die registratie is hun bekwaamheid en hun bevoegdheid gegarandeerd. ...
Op dit moment werkt een toenemend aantal geestelijk verzorgers zonder bevoegdheidsverklaring. Dat zal in de toekomst niet meer mogelijk zijn. Geestelijk verzorgers die geen binding willen aangaan met een specifieke levensbeschouwelijke stroming kunnen op dit moment nergens terecht voor een bevoegdheidsverklaring. Er bestaat geen orgaan dat hun levensbeschouwelijke competentie – onontbeerlijk voor dit werk – toetst. Om daar verandering in te brengen zal een Raad voor onafhankelijke spiritualiteit worden opgericht.
“ (Onderstreping door Joop R)

* 'Verwildering '. Als het ooit duidelijk dat dat de BZI het Justitie-denken heeft overgenomen, dan is het wel bij het gebruik (in zeer afkeurende zin) van deze term. Een term die ook geen informatie bevat (en in Perverklaring of Eindnota ook niet voorkomt).

* 'Zelfbenoemde geestelijk verzorgers '. Wat een vreemde uitdrukking. Het waren de zorginstellingen (ziekenhuizen en zo) die benoemden; en de geestelijk verzorgers noemden zich geestelijk verzorgers omdat ze daartoe gediplomeerd waren.

* Voor de niet traditiegebonden, algemene geestelijk verzorgers, wordt een aparte organisatie opgericht, welke de zendingsbrief zal verstrekken '
De sleutelzin in dit document. En een zin waarin de Eindnota van de Regiegroep (en de Persverklaring) niet correct wordt weergegeven.
De 'Eindnota' stelt “dat de groep zogenoemde ongebonden geestelijk verzorgers omwille van een juist begrip nader gedifferentieerd moet worden in verschillende deelgroepen i.c.
· de deelgroep die om bijzondere redenen geen zending kan ontvangen van het genootschap waarmee men zich verbonden voelt, maar deze wel graag zou willen hebben
· de deelgroep die gerekend kan worden tot de ongebonden spirituelen, een kwantitatief en kwalitatief herkenbare en beschrijfbare groep
· de deelgroep die los van enige vorm van herkenbare spiritualiteit algemene geestelijke verzorging wil bieden
  "


Mijn conclusie uit deze ontwikkeling is dat de BZI – m.b.t. de zorg – niet de monopolist is wat betreft het 'zendende instantie' zijn. De term 'zendende instantie' wordt trouwens niet meer gebruikt, het gaat om het orgaan dat een bevoegdheidsverklaring kan afgeven voor een individuele geestelijk verzorger. Tip: verander de naam BZI in BOG
=======================================================================
Update 25 oktober: dit schreef ik te snel, de term komt wel een paar keer in de 'Eindnota' voor.
=======================================================================
Toegespitst op de boeddhisten die de master bij de VU met een bul hebben afgesloten: degenen die bij een sangha zijn aangesloten kunnen de bevoegdheidverklaring van de BZI krijgen òf van de Raad voor Onafhankelijke Spiritualiteit. En boeddhisten zonder sangha kunnen dat laatste ook. Datzelfde geldt de afronding van de master met de ambtsopleiding. Er is geen enkele reden ongebonden boeddhisten niet tot deze opleiding toe te laten, èn met goed gevolg te laten afsluiten
De VU moet daarbij wel snel duidelijk maken hoe en door wie dat 'met goed gevolg' wordt bepaald !

* 'Geen behoefte om een plaats claimen in de zorgsector'
Overbodige bescheidenheid want er is geen plek om iets te claimen, de zorginstellingen zijn (wat dit betreft) autonoom.


C.    Tenslotte als curiositeit een artikel in het Boeddhistisch Dagblad   BD op 17 oktober

Het begint gebruikelijk: Joop Hoek citeert BUN-berichten of parafraseert ze lichtjes.
Maar het eindigt met:
"De vraag zal volgens critici op de huidige gang van zaken aan de orde moeten komen of een academische achtergrond voor boeddhistische geestelijke verzorgers in de zorg noodzakelijk is en tot norm wordt verheven. "

Hee denk ik, welke critici dan? Deze passage staat helemaal niet in de brief van de voorzitter. Er zijn een paar leraren die, en met reden, zeer ongelukkig over de eis van Justitie zijn, maar ik kan me niet voorstellen dat hij (Joop Ha) die bedoelt.
Bedoelt hij mij dan? Kan ik me ook niet voorstellen, ik heb op van alles kritiek maar niet op de 'veracademisering'. Ik houd juist van moeilijk; soms denk ik: nou wil ik weer eens een moeilijk boek gaan lezen, bv over de vraag of vòòr de Big Bang de tijd al bestaat of over de wijze van verspreiding van het boeddhisme van India naar China aan het begin van onze jaartelling.
Net zo als ik graag een academisch gevormd chirurg in een ziekenhuis tegenkom, is dat met de geestelijk verzorger het geval; wat niet wegneemt dat 'postacademisch' over-educatie is.

Tot ik de laatste regel van dit bericht lees:
"Bron BUN, alternatieve troonrede BD."

Joop Hoek bedoelt zichzelf, en verwijst naar de door hem geschreven alternatieve troonrede waarin duidelijk werd dat hij geestelijke verzorging van academisch niveau niet nodig vond. Geniaal. Ik had als reactie destijds in het BD geschreven dat dit juist bewees dat het BD geen spreekbuis van de BUN is, maar daar werden lezers ook weer boos op (en toen werden alle reacties verwijderd).
Maar misschien is dit toch wel de (persoonlijke) opvatting van André Kalden, als Tibetaans boeddhist, die hij als BUN-voorzitter niet kan ventileren.

dinsdag 8 oktober 2013

Een avond over Ayya Khema, 31 oktober in Rotterdam

In de week van 28 oktober is Leigh Brasington, een leerling van Ayya Khema, in ons land om een miniretraite over samatha-meditatie te geven. De retraite is volgeboekt.
Samen met Gerolf 't Hooft (Asoka, Boeddhamagazine) organiseren we nog een avond met Leigh Brasington over Ayya Khema. Deze is voor iedereen toegankelijk, aanmelden is niet nodig.

Thema:   De huidige betekenis van Ayya Khema voor het boeddhisme en de meditatie
Plaats:    De Hub, Heemraadsingel 219 in Rotterdam (meer informatie)
Tijd:        Donderdag 31 oktober van 19.30 tot 22.00 uur

Het wordt een tamelijk informeel samenzijn over deze bijzondere vrouw, leraar van zowel Leigh als Gerolf en vele anderen in het Westen. De avond is op dana-basis.
Haar vertaalde boeken, zie Bol

Opzet van de avond
*  Inleiding (in het Nederlands) door Gerolf 't Hooft over haar leven, als leek en non
*  Inleiding door Leigh Brasington over haar beoefening en verspreiding van de Dhamma
*  Bekijken van een aantal video's met dhamma-talks van haar (in het Engels, evt. ook Duits)
*  Vragen en antwoorden
*  Begeleide metta-meditatie (met audio-instructies door Ayya Khema)

                                              Ayya Khema en Leigh Brasington
                                              Marin County, Calif, USA - July '96

===================================================================

Een aantal teksten van en over Ayya Khema:


WE ZITTEN GEVANGEN OMDAT WE ALLES LEUK EN MOOI WILLEN HEBBEN

Er is een bekende gelijkenis over een apenval
--een houten koker met een kleine opening--
zoals die in Azië wordt gebruikt.
In de koker ligt snoepgoed.
De aap wordt aangetrokken door het snoepgoed,
steekt zijn poot door de opening en pakt het snoepgoed beet.
Wanneer hij zijn poot wil terugtrekken,
kan hij zijn vuist met daarin het snoepgoed
niet door de kleine opening heen krijgen.
Hij zit gevangen tot de jager hem komt ophalen.
Hij beseft niet dat hij alleen maar het snoepgoed hoeft los te laten
om zijn vrijheid terug te krijgen.
Zo leiden wij ons leven.
We zitten gevangen
omdat we alles leuk en mooi willen hebben.
We zijn niet in staat dit los te laten
en blijven gevangen in de eindeloze kringloop
van geluk en ongeluk,
van hoop en wanhoop.

Uit “Wees een eiland voor jezelf”

====================================================================

Kom en zie!
Boeddha's aanwijzingen voor een gelukkig leven

Asoka, 2000

Uit de boekbeschrijving :

“Ayya Khema doet in dit boek verslag van haar ervaringen op het boeddhistische pad van bevrijding. Aan de hand van wat de Boeddha de 'vier stadia van geluk' noemde, schetst zij een gedetailleerd overzicht van het doel en de praktische toepassing van boeddhistische meditatie.
Dit boek bevat dan ook niet alleen de 2500 jaar oude aanwijzingen van de Boeddha zelf, maar is vooral een praktisch handboek dat allen die dat wensen in staat stelt de voorgestelde methoden toe te passen en werkelijk te verinnerlijken.
Met treffende gelijkenissen, heldere en op concrete beoefening gerichte verklaringen leidt zij de lezer vanaf het geluk dat verkregen wordt door de zintuigen, over het geluk van een gelouterd hart en het geluk dat ontstaat door geconcentreerde meditatie tot het onwankelbare geluk dat voortkomt uit het juiste inzicht in de werkelijkheid.
Geleide meditaties en contemplaties met bijbehorende verklaringen geven het geheel een dimensie die de kracht en de werkzaamheid van meditatie zo nabij brengen dat zelfs 'beginners' dit boek zullen kunnen gebruiken als basis voor de eerste stappen op dit bevijdende pad. Maar ook zij die op deze weg reeds enige ervaring hebben opgedaan zullen met Ayya Khema's aanwijzingen hun praktijk kunnen verdiepen en verder weten door te dringen in de mogelijkheden van een meditatief geschoolde geest.
Dukkha bestaat, daar is geen ontkomen aan, maar we hoeven er niet aan te lijden. Zelfs niet als we het 'ik' nog niet hebben afgelegd. Er is een uitspraak van de Boeddha die nog eens duidelijk maakt waar het hier om gaat:

Er is leed, maar niemand die lijdt.
Er is de daad, maar niemand die handelt.
Er is het pad, maar niemand die het betreedt.
Er is nibbana, maar niemand wordt bevrijd.

Dit wil niet zeggen dat bevrijding niet mogelijk is, maar we moeten er het touw dat aan de tak van de ik-gebondenheid vastzit voor loslaten. “

===================================================================

Dhammatalks audio zijn te vinden via http://ayyakhematalks.org/Ayya_Khema_Lectures.html
Dhammatalks video via http://www.youtube.com/results?search_query=ayya+khema&aq=0
===================================================================

Ven. Ayya Khema
by Leigh Brasington
Uit zijn website


Ayya Khema was born in Berlin in 1923 of Jewish parents. In 1938 she escaped from Germany with a transport of two hundred other children and was taken to Scotland. Her parents went to China and, two years later, Ayya Khema joined them in Shanghai. In 1944, however, the family was put into a Japanese concentration camp and it was here that her father died.

Four years after the American liberation of the camp, Ayya Khema was able to emigrate to America, where she married and had a son and daughter. Between 1960 and 1964 she traveled with her husband and son throughout Asia, including the Himalayan countries, and it was at this time that she learned meditation. Ten years later she began to teach meditation herself throughout Europe, America, and Australia. Her experiences led her to become ordained as a Buddhist nun in Sri Lanka in 1979, when she was given the name of "Khema", meaning safety and security ("Ayya" means "Sister").

She established Wat Buddha Dhamma, a forest monastery in the Theravada tradition, near Sydney, Australia, in 1978. In Colombo she set up the International Buddhist Women"s Center as a training center for Sri Lankan nuns, and Parappuduwa Nuns" Island for women who want to practice intensively and/or ordain as nuns. She was the spiritual director of Buddha-Haus in Germany, established in 1989 under her auspices. (Photos) In 1997 she also founded Metta Vihara, a thriving monastery not far from Buddha Haus. (Photos)

In 1987 she co-ordinated the first international conference of Buddhist nuns in the history of Buddhism, which resulted in the creation of Sakyadhita, a world-wide Buddhist women"s organization. H.H. the Dalai Lama was the keynote speaker at the conference. In May 1987, as an invited lecturer, she was the first Buddhist ever to have addressed the United Nations in New York.

She wrote over two dozen books on meditation and the Buddha's teaching in English and German. In 1988, her book Being Nobody, Going Nowhere, received the Christmas Humphreys Memorial Award. Her other English language books include When the Iron Eagle Flies, Who is My-Self, Be an Island, Visible Here and Now and Come and See for Yourself: The Buddhist Path to Happiness. Some of her writings are available on-line at Access to Insight and her book All of Us, consisting of 12 dhamma talks, is available at Allspirit. Some of her writings are available as eBooks for the Kindle, Nook, etc: All of Us, Meditating on No-Self and To Be Seen Here and Now. Also available on-line is A Dhamma Talk on Metta by her. Over 400 High Quality English Language MP3s of Dhamma Talks by Ven. Ayya Khema are now on-line for free download, as is the streaming audio of a talk on the 1st and 2nd Jhanas. Her autobiography, I Give You My Life, is a wonderful adventure story sprinkled with nuggets of spiritual wisdom.

Ayya Khema passed away on 2 November, 1997, at home at Buddha-Haus, in Germany. Buddha-Haus continues to teach retreats in German in Ayya Khema's tradition. Please visit their website at http://www.buddha-haus.de/. You can e-mail Buddha Haus at info@buddha-haus.de.

===============================================================


       Bij het Buddha Haus in Zuid-Duitsland
===============================================================

What Love Is
Ayya Khema
Uit Tricycle


Born in Berlin of Jewish parents in 1923, Ayya Khema escaped Nazi Germany in 1938 with a transport of 200 children to Glasgow. She joined her parents two years later in Shanghai, where, with the outbreak of war, the family was put into a Japanese POW camp, in which her father died. Four years after her camp was liberated, Ayya Khema emigrated to the United States, where she married and had two children. While traveling in Asia from 1960 to 1964, she learned meditation and in 1975, began to teach. Three years later she established Wat Buddha Dhamma, a forest monastery in the Theravada tradition near Sydney, Australia. In 1979 she was ordained as a Buddhist nun in Sri Lanka. She is currently the spiritual director of BuddhaHaus in Oy-Mittleberg, Germany, which she established. She has written numerous books in English and German, including Being Nobody, Going Nowhere (Wisdom Publications) and When the Iron Eagle Flies (Penguin Books).

Most people are under the impression that they can think out their lives. But that's a misconception. We are subject to our emotions and think in ways based on our emotions. So it's extremely important to do something about our emotions. In the same way as the Buddha gave us the Four Supreme Efforts for the mind, he also outlined the Four Emotions for the heart. The Four Supreme Efforts for the mind are (1) not to let an unwholesome thought arise which has not yet arisen, (2) not to let an unwholesome thought continue which has already arisen, (3) to make a wholesome thought arise which has not yet arisen, (4) to make a wholesome thought continue which has already arisen. The Four Emotions—lovingkindness (metta), compassion (karuna), joy with others (mudita), and equanimity (upekkha)—are called the "divine abodes." When we have perfected these four, we have heaven on earth, paradise in our own heart.

I think everybody knows that above us is the sky and not heaven. We have heaven and hell within us and can experience this quite easily. So even without having complete concentration in meditation and profound insights, the Four Divine Abidings, or Supreme Emotions, enable us to live on a level of truth and lovingness, security, and certainty, which gives life a totally different quality. When we are able to arouse love in our hearts without any cause, just because love is the heart's quality, we feel secure. It is impossible to buy security, even though many people would like to do so. Insurance companies have the largest buildings because people try to buy security. But when we create certainty within, through a loving heart, we feel assured that our reactions and feelings are not going to be detrimental to our own or other people's happiness. Many fears will vanish.

Metta—the first of the Supreme Emotions—is usually translated as "loving kindness." But loving-kindness doesn't have the same impact in English that the word love has, which carries a lot of meaning for us. We have many ideas about love. The most profound thought we have about love, which is propagated in novels, movies, and billboards, is the idea that love exists between two people who are utterly compatible, usually young and pretty, and who for some odd reason have a chemical attraction toward each other—none of which can last. Most people find out during the course of their lifetime that this is a myth, that it doesn't work that way. Most people then think it's their own fault or the other person's fault or the fault of both, and they try a new relationship. After the third, fourth, or fifth try, they might know better; but a lot of people are still trying. That's usually what's called love in our society.

In reality, love is a quality of our heart. The heart has no other function. If we were aware that we all contain love within us, and that we can foster and develop it, we would certainly give that far more attention than we do. In all developed societies there are institutions to foster the expansion of the mind, from the age of three until death. But we don't have any institutions to develop the heart, so we have to do it ourselves. Most people are either waiting for or relating to the one person who makes it possible for them to feel love at last. But that kind of love is beset with fear, and fear is part of hate. What we hate is the idea that this special person may die, walk away, have other feelings and thoughts—in other words, the fear that love may end, because we believe that love is situated strictly in that one person. Since there are six billion people on this planet, this is rather absurd. Yet most people think that our love-ability is dependent upon one person and having that one person near us. That creates the fear of loss, and love beset by fear cannot be pure. We create a dependency upon that person, and on his or her ideas and emotions. There is no freedom in that, no freedom to love.

If we see quite clearly that love is a quality that we all have, then we can start developing that ability. Any skill that we have, we have developed through practice. If we've learned to type, we've had to practice. We can practice love and eventually we'll have that skill. Love has nothing to do with finding somebody who is worth loving, or checking out people to see whether they are truly lovable. If we investigate ourselves honestly enough, we find that we're not all that lovable either, so why do we expect somebody else to be totally lovable? It has nothing to do with the qualities of the other person, or whether he or she wants to be loved, is going to love us back, or needs love. Everyone needs love. Because we know our own faults, when somebody loves us we think, Oh, that's great, this person loves me and doesn't even know I have all these problems. We're looking for somebody to love us to support a certain image of ourselves. If we can't find anybody, we feel bereft. People even get depressed or search for escape routes. These are wrong ways of going at it.

On the spiritual path, there's nothing to get, and everything to get rid of. Obviously, the first thing to let go of is trying to "get" love, and instead to give it. That's the secret of the spiritual path. One has to give oneself wholeheartedly. Whatever we do half heartedly, brings halfhearted results. How can we give ourselves? By not holding back. By not wanting for ourselves. If we want to be loved, we are looking for a support system. If we want to love, we are looking for spiritual growth. Disliking others is far too easy. Anybody can do it and justify it because, of course, people are often not very bright and don't act the way we'd like them to act. Disliking makes grooves in the heart, and it becomes easier and easier to fall into these grooves. We not only dislike others, but also ourselves. If one likes or loves oneself, it's easier to love others, which is why we always start loving-kindness meditations with the focus on ourselves. That's not egocentricity. If we don't like ourselves because we have faults, or have made mistakes, we will transfer that dislike to others and judge them accordingly. We are not here to be judge and jury. First of all, we don't even have the qualifications. It's also a very unsatisfactory job, doesn't pay, and just makes people unhappy.

People often feel that it's necessary to be that way to protect themselves. But what do we need to protect ourselves from? We have to protect our bodies from injury. Do we have to protect ourselves from love? We are all in this together, living on this planet at the same time, breathing the same air. We all have the same limbs, thoughts, and emotions. The idea that we are separate beings is an illusion. If we practice meditation diligently with perseverance, then one day we'll get over this illusion of separation. Meditation makes it possible to see the totality of all manifestation. There is one creation and we are all part of it. What can we be afraid of? We are afraid to love ourselves, afraid to love creation, afraid to love others because we know negative things about ourselves. Knowing that we do things wrong, that we have unhappy or unwholesome thoughts, is no reason not to love. A mother who loves her children doesn't stop loving them when they act silly or unpleasant. Small children have hundreds of unwholesome thoughts a day and give voice to them quite loudly. We have them too, but we do not express them all.

So, if a mother can love a child who is making difficulties for her, why can't we love ourselves? Loving oneself and knowing oneself are not the same thing. Love is the warmth of the heart, the connectedness, the protection, the caring, the concern, the embrace that comes from acceptance and understanding for oneself. Having practiced that, we are in a much better position to practice love toward others. They are just as unlovable as we are, and they have just as many unwholesome thoughts. But that doesn't matter. We are not judge and jury. When we realize that we can actually love ourselves, there is a feeling of being at ease. We don't constantly have to become or pretend, or strive to be somebody. We can just be. It's nice to just be, and not be "somebody." Love makes that possible. By the same token, when we relate to other people, we can let them just be and love them. We all have daily opportunities to practice this. It's a skill, like any other.

maandag 23 september 2013

Boeddhistisch leiderschap en volgelingschap Waarom het leider zijn zoveel aandacht krijgt en het volgeling zijn zo weinig

“Op zaterdag 5 oktober is de jaarlijkse BOS Boeddhadag in Amsterdam.
Iedereen die lid is van de Stichting Vrienden van de BOS, is … welkom …
Het thema van de dag is spiritueel leiderschap.
”    Aldus de website van de BOS.

Daar ga ik niet heen. Ik ben geen donateur en ook geen 'lid'. Sterker nog: een stichting heeft helemaal geen leden, alleen donateurs. Maar dat juridische schoonheidsfoutje daargelaten heb ik m'n donateurschap een paar jaar ingetrokken om twee redenen:
(1) de televisieprogramma's van de BOS bevatten te weinig Dharma; en
(2) ik weet niet wat er met de inkomsten (uit de jaarlijkse donaties) van deze stichting gebeurt.

Waar ik het over wil hebben, is de term 'spiritueel leiderschap'. Die uitdrukking bevalt me niet.
Het vervangen van van woord 'boeddhistisch' door 'spiritueel' is mij te New Age.
Ik herstel dat woord en ga in op het verschijnsel, althans de term, 'boeddhistisch leiderschap'. Dan nog blijft het een modieuze term waar ik niet zo veel mee heb.
De VU bijvoorbeeld is er ook dol op, die wilden zelfs 'boeddhistisch leiders' opleiden, maar dat agendapunt is steeds informeel (of verborgen) gebleven. Op m'n blog van 3 augustus kon ik dan ook schrijven "De redactie van Bodhitv laat me weten ... wel hebben ze (op mijn dringende verzoek) de term 'boeddhistisch geestelijk leider' bij het gewraakte van der Braak-videootje vervangen door 'boeddhistisch geestelijk verzorger."

Ook de term 'mindful leiderschap' lees ik wel, vooral gebruikt door ZZP-ers die cursussen daarover geven. Daarover later meer.

Het probleem is heel eenvoudig.
Om leider te kunnen zijn moet je leider over iemand zijn. Of meerdere iemanden, want met één op één zijn er wel erg veel leiders, als 'generaals zonder leger'. Een beetje leider kan wel een wat grotere 'span of control' dan één persoon aan.
Personen dus die leiding ontvangen van de leider. 'Volgelingen' noem ik ze, weinig origineel.
Nu is het merkwaardige dat er duizenden boeken en tienduizenden artikelen over 'leiderschap' zijn geschreven en tientallen c.q. honderden over 'boeddhistisch leiderschap'. Maar over het 'object van leiderschap', de volgeling nog geen procent ervan; in de titel, bedoel ik dan. Dat is met name vreemd omdat er heel wat meer mensen zijn die leiding ontvangen dan mensen die leiding geven.
En bovendien: wellicht is geven deugdzamer dan ontvangen, maar leiding ontvangen is minstens zo moeilijk, of moeilijker, dan leiding ontvangen, ook van een en voor een boeddhist.

Natuurlijk, die teksten (overwegend Amerikaanse teksten) gaan wel over degenen aan wie de leider leiding geeft, maar bijna altijd vanuit het perspectief van de leider.
Deze eenvoudige gedachte heb ik wel eens aan anderen die enthousiast deden over 'boeddhistisch leiderschap', voorgelegd. Hun reactie was meestal iets van: dat is ook interessant maar ik geef nu eenmaal een cursus over leiderschap; of meer non-dualistisch: 'leider en volgeling zijn in wezen hetzelfde'. Of: 'iedereen geeft leiding aan zichzelf'. Dat is ook om te draaien (en misschien ook onzin): iedereen moet van zichzelf leiding ontvangen.

Dat van die cursus is natuurlijk helemaal niet toevallig: 'leiderschap' is veel cooler, sexier of status-verhogend dan 'volgelingschap'.
Wie gaat er nu een cursus over boeddhistisch volgeling zijn volgen? En wie gaat die betalen?
Zou iemand die zich daarin heeft gespecialiseerd, ooit door de BOS worden uitgenodigd?

Als aparte discussielijn nog iets over leiderschap en volgelingschap binnen het boeddhisme, in boeddhistische organisaties dus. Zowel bij
* wereldlijke organisaties (een boeddhistische uitgever of omroep bv) als bij
* niet-wereldlijke organisaties (in de betekenis van: met een niet-wereldlijk doel; sangha's dus)
Natuurlijk hebben wereldlijke organisaties mensen als directeuren en voorzitters nodig, maar ook democratische controle; en in dat laatste zijn boeddhisten matig begaafd, is m'n indruk.
Mogelijk komt dat door de ervaringen in niet-wereldlijke organisaties. Ik kan het probleem daarin in de vorm van een vraag formuleren: is een leraar een (boeddhistisch) leider ? Ik denk van niet.

Hoe kan men mindful volgeling zijn?
Door begrip te hebben voor de problemen van de leider die zo nodig leiding wil geven of moet geven, daar met compassie naar te kijken dus. Meedenken met de leider kan ook geen kwaad.
En vervolgens los te blijven van de problemen daarbij; soms de leider een plezier doend en doen wat hij of zij wil en soms ook niet omdat dat niet als heilzaam voorkomt. Vanuit een boeddhistische en dus anarchistische grondhouding.
Mindful in een leiderloos (of op z'n minst leider-arm) team participeren past beter bij het boeddhisme; iets voor volgend jaar?


Samenvattend een advies aan degenen die 5 oktober naar de BOS gaan: Probeer elke keer als u het woord 'leiderschap' hoort, dat in gedachten te vervangen door 'volgelingschap' en probeer dan te doorgronden wat de zin waarin dat woord staat, voor u betekent.


Overigens, het programma bekijkend, valt het met 'spiritueel leiderschap' als thema van de Boeddha-dag reuze mee: alleen de talk van Christina Feldman zal er een beetje over gaan.
In ieder geval wordt het geen 'achterbandag' zoals in vroegere jaren, waarin de BOS feedback kreeg van de trouwe kijkers en luisteraars. De aanwezigen zijn nu spirituele consumenten.