Posts tonen met het label BOS. Alle posts tonen
Posts tonen met het label BOS. Alle posts tonen

maandag 15 juli 2013

Van goed los – Wat (boeddhistisch) los goed

Een paar kortere stukjes dit keer.
Voor mij is er overigens geen komkommertijd.
De Dharma en de Dharma-politie (een mooie kwalificatie die Gertjan Mulder mij en een paar vrienden ooit gaf) gaat altijd door.


A. Het 'Zuivere Land Boeddhisme' en de behoefte aan 'Eén Dhamma'

Verleden week plaatste ik hier m'n blog Waar is het Zuivere Land Boeddhisme begonnen ? Jan Nattier gaat de Indische wortels na
Toen ik dit meldde bij de redactie van het blad EKO, waaruit ik het had overgenomen, vernam ik dat ook deel 2 van de vertaling van het artikel van Jan Nattier uitgekomen was.
Ook dit deel wil ik hier in m'n blog overnemen. Maar niet teveel zware stuff tegelijk en bovendien wil ik me eerst verder in het Zuivere Land Boeddhisme verdiepen.

En een paar eerste antwoorden proberen te geven op de vraag:
Waarom toch die behoefte aan 'Eén Dhamma' die ook weer uit dit essay van Nattier blijkt? Vooral als zij refereert aan de Lotus Sutra
Maar die behoefte – of (wat voor mij hetzelfde is) de overtuiging – dat er in feite maar één Dhamma, één Boeddhisme, één voertuig is , is ook hedendaags. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het boek ' One Dhamma ' van Joseph Goldstein , wat eenzijdig in het Nederlands vertaald als 'De opkomst van een Westers Boeddisme '.
Ik denk dat er meerdere boeddhismen zijn waartussen wezenlijke verschillen bestaan, zowel in doel als in methoden.
Ik heb ook niet de behoefte aan één Dhamma.
En ik heb ook niet behoefte aan de verschillende boeddhistische tradities in een (hiërarchische) volgorde te zetten, met mijn Dharma bovenaan, zoals men dat gebruikelijk doet.

=========================================================

B. Brieven aan de VU en erover

De opleiding tot 'Boeddhistisch Geestelijk Verzorger ', in een vlaag van hoogmoed ook wel genoemd ' Buddhist Chaplain ', blijft me bezighouden, vooral de onduidelijkheden daarin.
De afgelopen weken heb ik daarover twee series vragen aan de VU gesteld.

B – 1 Op 3 juli vroeg ik per mail:
Ik heb een paar vragen waarvan men mij van de kant van de Boeddhistische Unie Nederland (BUN) geadviseerd heeft die aan de VU voor te leggen
Dit vanuit mijn betrokkenheid bij het boeddhisme, de geestelijke vorming en als blogger.
Er wordt (in het bericht  ) gesteld:
"... en een eenjarige ambtsopleiding.  Na het afronden hiervan kan men, indien voldaan is aan aanvullende voorwaarden zoals geworteld zijn in een boeddhistische traditie, een zending aanvragen bij de Boeddhistische Zendende Instantie (BZI). "
- Betekent dat "geworteld zijn" persé het lid zijn van een sangha, als dan niet lid van de BUN?
- Kan ook een ongeorganiseerde boeddhist zo'n "zending" krijgen?
- Welke zijn de "aanvullende voorwaarden", c.q. wanneer worden deze bekend gemaakt?

Verder staat er "De verwachting is dat zij niet alleen bij justitie, maar ook in zorginstellingen, bij politie, de krijgsmacht en als zelfstandige aan het werk zullen gaan."
- Waarop is die "verwachting" gebaseerd, met name die van politie en krijgmacht is op geen enkele mij bekend onderzoek of beleidsstuk gebaseerd?

Elders , namelijk op de website van de VU wordt door prof van der Braak de studenten aanbevolen:
"Wie na afronding van de ambtsopleiding een zendingsbrief van de BZI wenst te ontvangen, wordt aangeraden om voor de start van de opleiding een toetsingsgesprek aan te vragen bij de BZI "
- Wie zijn de leden van de BZI?
- Wat is het (email)adres van de BZI? 
- Wat is de relatie tussen de BZI en het hoofd boeddhistisch geestelijke verzorging bij Justitie?

Op de webite van de BUN las ik dat een nieuwe werkgroep uit de BUN, genaamd de "Dharma Advies Raad (DAR)" deze maand overleg heeft met de BZI
- Is dit een informeel of een formeel overleg?
- Is er een agenda van dit overleg?
- Komt er een openbaar verslag van?
- Nemen ook vertegenwoordigers van de VU (bv prof van der Braak) deel aan dit overleg?


B – 2 Op 11 juli vroeg ik, ook per mail, aan het Faculteitsbureau der Godgeleerdheid:
Een paar vragen ten behoeve van mijn 'Boeddhistische blog' ...
Het betreft de uitvoering van de 31 maart 2012 gesloten "Overeenkomst voor samenwerking van de Faculteit der Godgeleerdheid van de Vrije Universiteit met de Stichting Boeddhistische Zendende Instantie (BZI)". ....
Mijn vragen zijn:
- Is de 'Curriculumcommissie' zoals beschreven in artikel 3 van de 'Overeenkomst' inmiddels samengesteld, en wie zitten er in?
- Heeft de  'Curriculumcommissie' inmiddels voorstellen gedaan (artikel 4) aan het FB (FaculteitsBestuur) over de inhoud van de (ambts)opleiding; en heeft het FB daar op gereageerd?
- Is er (verder) overleg geweest tussen de BZI en het FB en/of prof. van der Braak over de invulling van de ambtsopleiding?
- Wanneer en op grond waarvan wordt definitief besloten of de eenjarige postdoctorale ambtsopleiding (in september 2014 of later) doorgaat en op grond van welke criteria?

De eerste reactie die ik van de VU kreeg, was dat de vragen aan André van der Braak zijn doorgespeeld met het verzoek mij te antwoorden. Dat is lastig omdat juist de relatie tussen André en de BZI onduidelijk is en de strijd mogelijk gaat over het aantal masters van de VU.


B – 3 Geen vraag maar een (door feiten onderbouwde) mening
Op 9 juli plaatste ik een reactie in *OpenBoeddhisme* op het artikel " BZI onzichtbaar in VU-opleiding "
Mijn reactie:
Een tussenkop van een paragraaf van dit artikel had kunnen zijn:
Ook boeddhisme onzichtbaar in master-opleiding
Terecht constateert • Open Boeddhisme • dat nog steeds niets over de inhoud van de ‘boeddhistisch ambtsopleiding’ die september 2014 zou gaan starten, bekend is.
Maar het niet ingevuld zijn van de boeddhistische dimensie gaat verder. Hierboven wordt het ‘zachte’ deel van de VU-website aangehaald, met mooie woorden van onder meer André van der Braak, die vooral bedoeld lijken om studenten te werven (en de BUN te paaien).
Elders op de website staat het ‘harde’ deel: de invulling van de master-opleiding, de eisen: ' Master Theology and Religious Studies 1 year, specialization Spiritual Care'
In deze tekst komt het woord ‘boeddhisme’ helemaal niet meer voor. Wel vakken als ‘Dogmatics and Ecumenics, Church History en Biblical Studies. Kortom: traditionele VU-thema’s.
Het vak ‘Spiritual Care’ is generiek of op z’n best interreligieus, zo lijkt het.
Het lijkt er op dat de student zelf zijn of haar stage moet organiseren en dat daar het boeddhistische (geestelijke verzorgings) leerproces moet plaatsvinden. Maar bij wie dan?
Vandaar mijn toenemende twijfel: komt die VU-opleiding tot ‘boeddhistisch geestelijke verzorger’, ook bekend als ‘buddhist chaplain’, er eigenlijk wel, de komende jaren?


=========================================================

C. Respons op Publieke Omroep – Oproep

Op 6 juli plaatste ik de blog 'Een boeddhistische publieke omroep en boeddhisme bij de publieke omroep – Een oproep ' joopromeijn.blogspot.nl/2013/07/een-boeddhistische-publieke-omroep-en.html

Uit de respons op mijn 'oproep ' (en het ontbreken er van) leid ik af dat:
– De kans dat er een boeddhistisch (aspirant-)ledenomroep komt, lijkt me uitgesloten; de mensen zijn er niet, de wil is er niet en het organisatorisch vermogen is er niet.
– De kans dat door mij met name genoemde partijen gaan samenwerken, lijkt me zeer klein, waar dan ook over.
– De manier van besteden van de 9 miljoen (per jaar, vanaf 2016) leeft nog volstrekt niet.
– Relatief nog het meest lijkt het te leven bij de BOS-Radio.

Om op het laatste punt door te gaan: In de systematiek van het Commissariaat voor de Media hebben de boeddhisten ongeveer een aantal van 7 procent van de 'levensbeschouwelijken', ruim zeshonderd duizend van de negen miljoen euro per jaar dus.
De staatssecretaris heeft de Raad voor Cultuur begin juli advies gevraagd inzake de toekomst van de publieke omroep. Eén van de vragen is: “ Op welke manier kan de publieke omroep speciale aandacht besteden aan de culturele en levensbeschouwelijke programmering? ”

Voor mij staan twee punten vast:
– Het zou dom zijn als de boeddhisten (wie dan ook) zouden wachten tot 2015 of tot het uitkomen van bovengenoemd advies om te gaan lobbyen over de invulling ervan.
– Het zou naïef en ongewenst zijn dit aan BUN en/of BOS over te laten.

=========================================================

D. Vrouwvijandig boeddhisme?

Op 10 juli verscheen in het BoeddhistischDagblad een artikel van Andre Baets over de vrouwvijandigheid van het boeddhisme, zie hier . Naast wat meedoen aan gekibbel heb ik ook een serieuze reactie geplaatst :

Helemaal rechtlijnig is het verband niet maar ik zie een relatie tussen het inherente hiërarchische denken dat kenmerkend is voor (de meeste vormen van) het boeddhisme en de vrouwvijandigheid ervan.
Hiërarchie niet alleen tussen leraar en leerling , meer en minder gevorderde, de abt en de gewone monnik.
Maar ook in de beoefening op individueel niveau: steeds ‘hogere’ niveaus/stadia willen bereiken, of het nu nana’s of bumi’s of stappen van satori zijn. En dat niet alleen bij de ‘geleidelijke’ verlichting maar ook bij de ‘plotselinge’ vorm.
Een makkelijk ontstaand gevolg is dat men in het boeddhisme dan ook over inferieure en superieure mensen gaat praten. En dus …
Kan dat denken er uit? Misschien, al weet ik niet precies hoe, want dan moet er wel veel ont-dacht worden: de leraar-leerling verhouding, de reïncarnatie-opvatting, de doelen van sommige meditatie-vormen etc.
Maar gelukkig blijft er dan nog genoeg Dharma over.


=========================================================

E. Boeddhistische boeken, waar zijn ze gebleven?

Verleden week was ik weer eens in een middelgrote boekhandel in een middelgrote stad. Als altijd ging ik ook even kijken naar boeken over het boeddhisme.
Waar een paar jaar geleden er nog twee planken vol waren, is dat aantal gedecimeerd tot een twintigtal boeddhistische boeken in een zee van esoterische werken.
Ik denk dat de idee, ook te lezen op de website van de VU, "De belangstelling voor het boeddhisme is sterk groeiende in Nederland ", achterhaald is.
Erg is dat niet: het was voor een groot deel niet een echte groei, maar een hype.
Nu blijft een niet-modieuze religie/levensbeschouwing over, plus mogelijk een iets mindvollere samenleving.

zaterdag 6 juli 2013

Een boeddhistische publieke omroep en boeddhisme bij de publieke omroep – Een oproep

Een paar dagen geleden vestigde ik in een reactie in het 'BoeddhistischDagblad' de aandacht op de (kleine) mogelijkheden die open blijven als straks de BOS geen zendtijd en geen geld meer krijgt.
Hier wil ik deze reactie uitbreiden en er een oproep van maken.

Begin deze week heeft de Kamer over de wijziging van de Mediawet gestemd. Levensbeschouwelijke omroepen zoals de BOS verdwijnen definitief na 2015. Daar staan twee (kleinere) mogelijkheden tegenover:

(1) Er is een motie aangenomen om “… vast te leggen dat vanuit het budget voor versterking van het media-aanbod 9 miljoen euro per jaar aan deze levensbeschouwelijke programma’s wordt besteed op basis van de door het Commissariaat voor de Media gehanteerde verdeelsleutel.”
Wij kunnen de NPO en de betrokken omroepen ten behoeve van de prestatieovereenkomst 2016–2020 suggesties doen over de invulling van het boeddhistische deel van de 9 miljoen.
Omdat ik de nadruk zou willen leggen op het brengen van de Dharma/Dhamma en van boeddhistische journalistiek, ligt het voor de hand de besteding van 'ons deel' vooral te richten op de radio ; en dus minder aan de veel duurdere televisie-programma's.

(2) Er is een amendement aangenomen zodat er nieuwe (levensbeschouwelijke) aspirant-ledenomroepen kunnen komen. Minimaal 50.000 leden zijn dan nodig.
De humanisten zijn al begonnen met een ledenwerfcampagne. Waarom de boeddhisten niet ?
Het aantal boeddhisten (en mensen met daadwerkelijke affiniteit) is daarvoor toch ook voldoende? Georganiseerden en ongeorganiseerden samen. De vraag is echter hoe hen te mobiliseren. De kunst zal vooral zijn met een goed verhaal te komen. Of hoeft het allemaal niet zo nodig? En wie moet dat dan doen?


OPROEP
Hierboven spreek ik van 'wij'.
Daar versta ik onder (in alfabetische volgorde): mensen van het BoeddhistischDagblad, Boeddhistische Unie Nederland, Nederlandse Boeddhisten Netwerk, OpenBoeddhisme en een aantal boeddhistische bloggers waaronder ikzelf.
Wij zouden de hierboven genoemde twee punten ter hand kunnen nemen.


Wellicht is het deze lezer opgevallen dat ik de BOS niet noem in het rijtje dat ik oproep.
Ik doe dat om te benadrukken dat er m.i. van een nieuw begin sprake is. De BOS is (tot eind 2015) een publieke omroep dat de licensie van de BUN uitvoert. Dat is in 2016 voorbij, dan is er een wezenlijk andere vorm (als het lukt) de Dhamma/Dharma en boeddhistische journalistiek te brengen. Bij HUMAN, volledig onderdeel van de VPRO, ligt dat wat anders.

Het tijdschrift BoeddhaMagazine noem ik ook niet als mogelijke participant. De reden daarvoor is dat het formeel deel van een profit-organisatie (Milinda) uitmaakt, en dat kan m.i. niet bij een publieke omroep. Maar als men mij kan overtuigen dat dit wel mogelijk is: des te beter.

Ik wil niet verhelen dat ik een aantal twijfels heb over de kansrijkheid van deze oproep:
– Er is wel eens gezegd dat er in Nederland 900.000 boeddhisten, inclusief mensen met daadwerkelijke affiniteit tot het boeddhisme, zijn. Maar ieder weldenkend (en -rekenend) mens weet dat dat niet zo is. Ergens tussen de 100.000 en 250.000 is veel waarschijnlijker. Dat betekent dat 50.000 een hoog percentage is.
– De organisaties die in mijn perceptie de starters moeten zijn , zijn zeer verschillend, met verschillende belangen en waarschijnlijk verschillende denkbeelden inhoud over een eventuele toekomstige invulling.
– De meeste mensen hebben weinig tijd, d.w.z. hebben andere prioriteiten en tot nu toe ben ik niet onder de indruk van het organisatorisch vermogen van het Nederlands boeddhisme (er zijn uitzonderingen, waar eigenbelang een rol speelt).
– Ik wordt niet door iedereen gewaardeerd, en omgekeerd is de liefde ook niet helemaal onvoorwaardelijk, is mijn indruk. Ook tussen anderen bestaan er mogelijk enige spanningen (ik hoor en lees wel eens iets). De kunst zal zijn daar overheen te stappen.

Ondanks deze twijfel doe ik deze oproep toch.
Want de verspreiding van de Dhamma/Dharma maakt het de moeite waard.
En een versterking van de boeddhistische journalistiek is dat ook.

Oproep, maar ook uitdaging.
Wie neemt deze uitdaging aan?


==================================================================

Bijlagen

1. De volledige motie

33 541, nr. 22
Voorgesteld 25 juni 2013 Aangenomen op 2 juli

De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de zendmachtiging van kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag, de zogenaamde 2.42 omroepen, wordt ingetrokken;
overwegende dat de levensbeschouwelijke programma's van deze omroepen expliciet tot het domein van de publieke omroep behoren;
overwegende dat de verantwoordelijkheid hiervoor bij de NPO is belegd;
verzoekt de regering, in de prestatieovereenkomst 2016–2020 met de NPO vast te leggen dat vanuit het budget voor versterking van het media-aanbod 9 miljoen euro per jaar aan deze levensbeschouwelijke programma's wordt besteed op basis van de door het Commissariaat voor de Media gehanteerde verdeelsleutel, waarbij de betrokken omroepen daarover verantwoording afleggen in hun jaarverslag,
en gaat over tot de orde van de dag.
Segers
Heerma


2. Het volledige amendement

33 541Wijziging van de Mediawet 2008 teneinde het stelsel van de landelijke publieke omroep te moderniseren
Nr. 10 AMENDEMENT VAN HET LID VERHOEVEN

Ontvangen 18 juni 2013
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
IIn artikel I, onderdeel M, wordt in onderdeel f, na «de NTR» ingevoegd: of, indien het een kerkelijk genootschap, genootschap op geestelijke grondslag of rechtspersoon waarin twee of meer van deze genoot-schappen samenwerken betreft, aan de NTR of een omroeporganisatie.
IIIn artikel I, onderdeel Q, punt 1, wordt in onderdeel c, na «de NTR» ingevoegd: of een omroeporganisatie.
IIIIn artikel I, onderdeel Q, punt 2, wordt «de NPS» vervangen door «of de NPS» en wordt «de NTR» vervangen door:, de NTR of de omroeporgani-saties, bedoeld in artikel 2.26, eerste lid, onderdeel f.
IVIn artikel I, onderdeel JJ, wordt in het vierde lid na «De NTR» ingevoegd «of omroeporganisaties,» en wordt «draagt» vervangen door: dragen.
VIn artikel I, onderdeel III, artikel 2.152, derde lid, wordt «De NTR ontvangt» vervangen door «De NTR onderscheidenlijk de omroeporgani-saties, bedoeld in artikel 2.26, eerste lid, onderdeel f, ontvangen» en wordt na «hebben verkregen» ingevoegd: en voor wie zij het media-aanbod verzorgen.
VIIn artikel I, onderdeel LLL, punt 1, wordt «De NTR ontvangt» vervangen door «De NTR onderscheidenlijk de omroeporganisaties, bedoeld in artikel 2.26, eerste lid, onderdeel f, ontvangen» en wordt na «hebben verkregen» ingevoegd: en voor wie zij het media-aanbod verzorgen.

Toelichting
Met het wetsvoorstel worden de kerkelijke en levensbeschouwelijke omroepen, de zogenaamde 2.42 omroepen, opgeheven. In 2011 werd nog een overgangsregeling bedacht voor deze omroepen om hun activiteiten onder te brengen bij een verwante omroeporganisatie (Kamerstukken II, 2010/2011, 32 827, nr. 1, p. 16). Deze omroepen hebben bovendien reeds ervaring opgedaan, hebben hun identiteit gevestigd en hun toegevoegde waarde bewezen. Het zou dus onlogisch zijn deze omroepen, die eerder aansluiting hebben gezocht bij een verwante omroeporganisatie weer te ontkoppelen en onder te brengen bij NTR, om zich vervolgens na de aspirant-periode van vijf jaar bij positieve beoordeling, weer aansluiting te laten zoeken bij een verwante omroeporganisatie. Derhalve regelt dit amendement dat het voor voormalige «2.42 omroepen» die een doorstart maken als nieuwkomer met een voorlopige erkenning tevens mogelijk wordt het media-aanbod te laten verzorgen door erkende omroeporganisaties. In verband hiermee wordt tevens het beheer van de bedragen die gemoeid zijn met de bekostiging van deze nieuwkomers, die in het wetsvoorstel bij de NTR wordt gelegd in verband met de verzorging van het media-aanbod voor de nieuwkomers (zie Kamerstukken II 2012/13, 33 541, nr. 3, p. 35), bij deze omroeporganisaties gelegd.

Verhoeven


3. Het voorbeeld van HUMAN

Human wordt opgeheven en start door
donderdag, 04 juli 2013


Deze week heeft de Tweede Kamer een wijziging van de Mediawet aangenomen die de omroepen op levensbeschouwelijke basis per 2016 hun status ontneemt. Ook voor Human als levensbeschouwelijke omroep is daarmee het doek gevallen. Tegelijkertijd is er een amendement aangenomen waardoor Human na 2016 samen met de VPRO verder kan. Dat kan als het Human lukt om in de nieuwe concessieperiode de aspirant-status te verwerven.

Diepgang krijg je niet cadeau
Om te voorkomen dat Human daadwerkelijk verdwijnt wil de omroep zelf toetreden tot het bestel. Daarvoor heeft Human voor het eind van dit jaar 50.000 leden nodig.

Op die manier wordt voorkomen dat programma’s zoals …..
Voor Human is er veel aan gelegen de samenwerking met de VPRO voort te kunnen zetten. Human vond twee jaar geleden al aansluiting bij de VPRO: twee omroepen, die het denken aandurven, onder één dak. Geestverwanten die vanuit een onafhankelijke blik de wereld willen duiden, op onderzoek gaan en verhalen brengen die ergens voor staan. Human doet dit vanuit een humanistisch levensbeschouwelijk perspectief. De mediawet maakt voortzetting van deze samenwerking nu mogelijk.

Campagne Investeer in Human
Human is inmiddels de campagne gestart om leden te werven. Op www.investeerinhuman.nl kunnen mensen zich als lid van Human aanmelden. Ook bestaat de mogelijkheid om lid te worden van een specifiek programma – op het gebied van humanisme, filosofie, onderzoeksjournalistiek, improvisatie of documentaires – en zo met een bijdrage direct betrokken te zijn bij programma’s en activiteiten.


DIEPGANG
KRIJG JE
NIET
CADEAU


Human verdwijnt, tenzij we 50.000 investeerders hebben. Wilt u breedbeeld met diepgang? Word dan lid van Human. Ontvang geen T-shirt. Geen badhanddoek. Geen reistas. Ontvang inhoud. Inspiratie. Invloed. Investeer in Human. Voor slechts € 12,50 per jaar bent u al aandeelhouder in diepgang. Denk en doe met ons mee.

WORDT NU LID VAN HUMAN

zaterdag 6 april 2013

Vragen over de uitvoering door BUN en/of BOS van het besluit van het Commissariaat voor de Media

De publicatie door het CvdM van haar besluit , het bezwaar te verwerpen van de BUN tegen het besluit € 50.000 terug te vorderen en € 2.500 boete op te leggen, heeft z'n schaduwen vooruit geworpen.
Onmiddellijk na de bekendmaking er van door de BUN op 21 maart rees de vraag:
wie gaat dat betalen, en uit welk potje ?
Die vraag werd daarna door reacties van BUN en BOS en door discussies op diverse websites en blogs gevolgd door een serie andere vragen.
Omdat de termijn kort is - nog deze maand zijn de verleende zes weken voorbij - moet daar dringend een antwoord op komen.
Aan wie kunnen die vragen beter gesteld worden dan aan het Commissariaat voor de Media zelf?
Daarom heb ik dat maar gedaan, afgelopen donderdag.
Hieronder citeer ik m'n mail. Zodra er antwoord is, zal ik dat in deze blog vermelden.


Betreft: Beslissing op bezwaar Boeddhistische Unie Nederland d.d. 12 maart 2013

Amersfoort, 4 april 2013

Geachte dames en heren van het Commissariaat

Vandaag kunnen we op uw website uw besluit lezen 'Beslissing op bezwaar; Kenmerk 27924/2012014894 '
Delen hiervan waren reeds door de Boeddhistische Unie Nederland op haar website gezet.

Over de uitvoering van dit besluit is in de boeddhistische gemeenschap enige verwarring ontstaan.
Met name over de vraag wie dit mag betalen. De BUN zelf uiteraard; maar die bezit de middelen niet en lijkt er van uit te gaan dat de BOS dit wel gaat doen.

Dat bevreemdt degenen die denken dat uw Commissariaat juist dit betalen uit omroepmiddelen heeft bestraft. Of mag een publieke omroep als de BOS potjes hebben waaruit zoiets wel mag? Zoals gespaard uit donaties aan de Stichting Vrienden van de BOS? Hoe het daar mee staat is zeer onduidelijk, zie het artikel uit *OpenBoeddhisme* daarover.

Een ander probleem is dat sommigen denken dat het naar de rechtbank gaan door de BUN een opschortende werking heeft voor de betaling. Dat blijkt niet uit uw besluit maar wellicht is dat vanzelfsprekend.

Beide misverstanden zijn ontstaan door een bericht van de BOS op haar website
Ik citeer daaruit
" De BOS, die uiteindelijk een eventuele boete en terugvordering van fondsen voor haar rekening zal nemen ... "

Dit bericht was een reactie op artikelen in de NRC, de Volkskrant en Trouw (online) van 26 c.q. 27 maart die ten onrechte de kop bevatte als zou de BOS misschien failliet gaan. Kennelijk hebben journalisten (of koppenmakers) BUN en BOS door elkaar gehusseld, wat ze niet echt kwalijk te nemen valt.

Tenslotte veronderstel ik dat de BOS bij u navraag heeft gedaan of een en ander mag zoals zij zich blijkens bovengenoemd citaat voorneemt.

Wellicht kunt u mij daarover informeren


Met vriendelijke groet,

Hoogachtend,


J.W. Romeijn

....

zaterdag 23 maart 2013

Boeddhistisch scheiden, kan dat? De gevolgen van het CvdM-besluit op de case BUN met BOS

Update 27 maart
Nadat de NRC gisteren (26 maart) kon melden wat het besluit van het Commissariaat voor de Media kon betekenen voor de BUN en de BOS, besteedt vandaag de Volkskrant aandacht aan dit nieuws.
Op pagina 14 van de katern V meldt de krant: “ … Door de boete dreigt faillissement voor de BUN waarvan de jaarlijkse contributieopbrengsten slechts 4.000 euro bedragen. Het is onwaarschijnlijk dat de BUN het bedrag in de gestelde termijn van zes weken kan betalen. Wanbetaling zou betekenen dat de BOS nog voor 1 januari 2016 verdwijnt, de dag waarop alle kleine religieuze of levensbeschouwelijke omroepen ophouden te bestaan.… ”
Het lijkt wenselijk dat de BUN en de BOS nu toch wel iets aan de boeddhisten in Nederland moeten laten horen.

=========================================================================

Vaak worden aan 'het boeddhisme' vragen gesteld over hedendaagse persoonlijke en maatschappelijke problemen.
Hoewel ik in deze vorm de vraag niet ben tegengekomen, zou er ook één kunnen zijn:
' Mag je van het boeddhisme scheiden ? '
De duizenden jaren oude Aziatische leer, binnen een heel andere familie-cultuur ontstaan, bevat daarvoor, volgens mij, naar de letter geen handvaten (met één uitzondering). Men zou dan naar de geest van het boeddhisme te rade moeten gaan.

Vermoedelijk zullen de meeste hedendaagse boeddhistische leraren benadrukken dat men niet moet scheiden en dat zeker niet lichtvaardig moet doen: begeerte en haat zullen nogal bij (te overwegen) scheiding een rol spelen, en daar zijn we niet voor. Bovendien – zullen zij mogelijk zeggen – gaat het zelfs om meer dan liefde, ook om 'lotsverbondenheid'.
Men zou daar tegenin kunnen brengen dat een deel van die leraren celibatair levende monniken is die niet deskundig zijn op het gebied van huwelijk, maar dat lijkt me geen sterk argument.

Wel wijst het op die ene uitzondering op de regel: mannen (en in mindere mate vrouwen) verlieten vroeger en nu hun huwelijk en gezin om monnik of non te worden. Dat werd ethisch gezien wel acceptabel gevonden en spiritueel gezien zelfs wenselijk, sommige hedendaagse feministen hebben daar op z'n minst gemengde gevoelens bij, bijvoorbeeld bij het in de steek laten van de kinderen.


Dit als aanloop naar de vraag hoe boeddhistische organisaties met elkaar om moeten gaan als de liefde voorbij is en er ook geen wederzijdse voordelen in het continueren van een relatie meer zijn, of de nadelen groter dan de voordelen.
Dit pas ik toe op de relatie tussen de BUN en de BOS van dit moment, misschien niet door liefde maar wel door het lot verbonden (zelfs verstrengeld) met elkaar.

De feiten acht ik de lezers van dit blog bekend. Kort: de BOS is een dochter van de BUN, opgericht om een taak van de BUN - programma's uitzenden binnen de publieke omroep – mogelijk te maken.
Vanaf het jaar 2000 heeft de BUN elke vijf jaar een licensie voor die taak gekregen. En de relatie tussen BUN en BOS is geregeld in een (in 2008 hernieuwde) ' delegatieovereenkomst '.

Al jaren zeggen een aantal kritische volgers van BUN en BOS, waaronder ik, dat deze overeenkomst uit 2008 niet alleen in strijd is met de Mediawet , maar ook de BUN en daarmee het georganiseerde boeddhisme buiten spel zetten in het beleid van de BOS; en dat dat ook zichtbaar is in dat beleid waarin de BOS-Televisie steeds minder interesse toont in wat er in boeddhistisch Nederland gebeurt.

Maar goed, dat waren wij dat die dat zeiden, als vrijzwevende individuen; en maakte niet zoveel indruk.

Maar nu heeft het Commissariaat voor de Media het ook gezegd in een hard en duidelijk besluit , genomen op 12 maart (of 19 maart, dat is niet duidelijk) 2013 en met de titel 'Beslissing op bezwaar van de Boeddhistische Unie Nederland '. Zie de pdf van het besluit hier .
De tekst hebben we kunnen lezen via de website van de BUN, in een 'Nieuwsbrief van de voorzitter ' van 21 maart, zie hier .
Het Commissariaat wijst het bezwaar van de BUN af en handhaaft het besluit dat de BUN € 50.000 uitgegeven omroepmiddelen dient terug te betalen en legt bovendien de BUN een boete op voor dit 'vergrijp' van € 2.500 Dat de BOS en niet de BUN die omroepmiddelen heeft uitgegeven, is daarbij niet relevant, zo stelt het Commissariaat: de BUN is en blijft verantwoordelijk.

==============================================================================
Eerst enigszins als zijlijn: wat zijn de consequenties van dit CvdM-besluit voor Gertjan Mulder?
Het is immers, vanaf 2009, zijn strategie geweest: van het - door de BUN voor haar medeverantwoordelijkheid genomen - onderzoek dat uit moest monden in het resultaat dat er 900.000 boeddhisten zouden zijn tot en met het luchthartig opnemen van de sanctie van het Commissariaat.
Deze strategie is mislukt, feitelijk en moreel.
Ik vind dat dit gevolgen moet hebben voor hem als adviseur van de BOS en vooral voor zijn functie als bestuurslid van de BZI; continueren van die functie lijkt mij onhoudbaar.
==============================================================================

Ik ga het besluit van het Commissariaat voor de Media hier niet samenvatten of analyseren. M'n collega's van *OpenBoeddhisme* hebben dat gisteren al helder gedaan; zie BUN haalt bakzeil bij CvdM en Bestuurlijk trio negeerde signalen .

Hier wil ik het hebben over het vervolg, over de vragen:
' Hoe moet het verder met de BUN en met de BOS na dit CvdM-besluit en hoe moet het verder met de relatie tussen BUN en BOS ?

De voorzitter van de BUN meent een begin van een antwoord op deze vragen te hebben gegeven met de volgende passage in z'n 21-maart-brief:
“ Aan de pessimisten onder ons zou ik willen meegeven dat het goed is het gebrokene in een glas te zien, maar dat er ook altijd weer nieuwe glazen zijn om uit te drinken. Zoals aangekondigd in mijn vorige nieuwsbrief, buigt het huidige, vernieuwde, BUN-bestuur zich samen met het huidige, vernieuwde, BOS-bestuur met open vizier over de relatie BUN-BOS en de daarmee samenhangende verantwoordelijkheden van de BUN. Het dispuut met het CvM is daarbij alleen maar behulpzaam. “

Ik begrijp de beeldspraak van dat gebroken glas en de nieuwe glazen in het geheel niet en denk dat het antwoord op mijn vragen in eerste instantie ligt in een andere vraag:
' Wie gaat die € 52.500 betalen ? '. En wel binnen 6 weken want het besluit van het Commissariaat duldt geen uitstel meer daarvan, ook niet als de BUN in beroep gaat. En: uit welk potje?

Ik kan mij drie scenario's voorstellen:

1. Eind goed al goed
In dit scenario gaat de BUN (met de BOS) in beroep bij de rechtbank en winnen dit beroep: de €52.500 hoeven niet betaald te worden en de proceskosten die de BUN/BOS heeft gemaakt, worden vergoed.
De BUN loopt een behoorlijk risico door in beroep te gaan: het kan ook verloren worden, die kans lijkt me veel hoger dan 50%. En dan komen de proceskosten nog eens bij de € 52.500
En bovendien: het in beroep gaan betekent geen uitstel van betaling. En opnieuw: wie doet dat, of precieser: uit welk potje. Want het is zeker dat de BUN dit bedrag niet heeft, nog niet een kwart er van, denk ik.

2. De BOS betaalt, op basis van de Delegatieovereenkomst
In dit scenario gaan de BOS door in de logica tot nu toe, vanuit de stelling dat de 'Delegatieovereenkomst' de BUN vrijwaart voor gevolgen van het gedrag van de BOS. En dat dus de BOS zich moreel en juridisch verplicht acht te betalen.
Er zit een klein probleem aan deze mogelijke oplossing verbonden: uit welk potje kan de BOS dat betalen? Want aangenomen mag worden dat het Commissariaat de BOS hierin zeer aandachtig in de gaten zal houden en zal voorkomen dat de BOS twee keer dezelfde overtreding (het onderzoek betalen uit omroepmiddelen) zal maken. Misschien denkt de BOS het te kunnen uit het verzamelde kapitaal bij elkaar gebracht door de donateurs van de ' Stichting Vrienden van de BOS ', maar het is lang niet zeker of het Commissariaat dat wel accepteert.

3. De BOS deelt de BUN mee de € 52.500 niet te kunnen en mogen betalen
Dit scenario zal uit meerdere fasen bestaan:

3.1. De aanzegging
Dit begint met het door de BUN-voorzitter aangekondigde overleg 'met open vizier' tussen BUN- en BOS-bestuur.
Hierin deelt de BOS-voorzitter mee: helaas is het voor de BOS niet mogelijk om de door het Commissariaat teruggevorderde €50.0000 plus boet van € 2.500 te betalen. Het besluit van het Commissariaat leidt voor het bestuur van de BOS glashelder tot de conclusie dat dit niet toegestaan is.
De BOS-voorzitter vervolgt waarschijnlijk met zinnen over het moreel blijven steunen van de BUN en over het mee willen denken over oplossingen voor het ontstane financiële probleem van de BUN, maar nogmaals, helaas, …
De liefde is hiermee definitief bekoeld, lijkt mij.

3.2. De BUN probeert haar faillissement te voorkomen
De BUN kan niet betalen en probeert binnen zes weken (dat is: voor eind april) het bedrag bij elkaar te sprokkelen. Bijvoorbeeld door aan de BUN-leden een bijdrage te vragen of aan welgestelde individuele boeddhisten zoals Jean Karel Hylkema.
(Het begint trouwens veel op de Cyprus problemen te lijken)
Of dit lukt, door het ontvangen van giften of langdurige leningen, en dan is de kou uit de lucht.

Of dit lukt niet, en dan start de volgende fase:

3.3. De BUN gaat failliet
Veel gedoe dat ik niet allemaal zal proberen te beschrijven; en dan doel ik vooral op de financiële risico's voor de leden en de (ex-)bestuursleden van de BUN.
De centrale vraag hier is: betekent faillissement ook daadwerkelijk opheffing van de BUN ? Misschien niet onmiddellijk maar - gezien het onderstaande van belang – na een halfjaar of zo toch wel, lijkt mij, maar ik ben een leek op dat gebied (op welk gebied eigenlijk niet?)
En de vervolgvraag: wat betekent dit voor de BOS ?

3.4. Het vertraagde of het snelle einde van de BOS
Het BOS-bestuur zal nagedacht hebben over de voor- en nadelen van de in 3.1. beschreven stap, in simpele taal: het laten vallen van de BUN . Want ze kunnen meegesleept worden in die val, immers: het is de BUN die de zendmachtiging tot eind 2015 bezit en met het voortijdig verdwijnen van de BUN verdwijnt ook die zendmachtiging, en zendtijd en het geld daartoe. Aan de andere kant: het einde voor de BOS als onderdeel van de publieke omroep is toch nabij, na 2015 is het over.
Ik neem aan dat binnen de BOS (zeer 'binnen', we lezen er geen woord over) wordt nagedacht over de toekomst van de BOS buiten de publieke omroep vanaf 2016, waarin internet dan een centrale rol zal moeten gaan spelen. Voor die 'BOS 3.0 ' zal de doelgroep veel groter moeten zijn dan die paar boeddhisten van de BUN.
Kortom: ideaal vanuit BOS-perspectief zou het zijn, de BUN langzaam te laten vallen, pas in de loop van 2014 bijvoorbeeld.
Dat zou er vanuit BOS-perspectief voor pleiten wel de juridische procedure tegen het Commissariaat voort te zetten en bij de rechtbank in beroep tegen de sanctie te gaan (en de € 52.500 ergens te lenen). En die vele maanden durende procedure dan alsnog verliezen.


Kortom: het is allemaal niet zo goed te voorspellen.
Maar een volstrekte harmonie binnenskamers tussen BUN en BOS in de komende vijf weken, en daarna, lijkt mij onwaarschijnlijk.
Misschien wordt het dus wel: tot de dood ons scheidt.


zondag 24 februari 2013

De Boeddhistische Omroep zoekt hoofdredacteur radio; de advertentie met wat commentaar

De afdeling Radio van de Boeddhistische Omroep Stichting (BOS ) zoekt een hoofdredacteur .
Zie hun website .
Ze zoeken deze hoofdredacteur met onmiddellijke ingang maar vermelden niet waarom de kennelijk vertrokken hoofdredacteur ermee gestopt is.
Nu lijkt afscheid nemen van collega's toch al niet het sterkste onderdeel in het personeelsbeleid van de BOS (en dan denk ik niet alleen aan het vertrek met stille trom van directeur Gertjan Mulder) maar het lijkt me dat de nieuweling wel recht heeft op deze informatie, net zo als de luisteraars naar de BOS-Radio dat hebben.

Hieronder citeer ik de wervende tekst van de BOS website. Mijn commentaar erop had ik erop kunnen laten volgen maar omdat ik daar toch al mee begonnen ben, is het logischer dat eerst te doen.
Daarom een paar suggesties voor aanvullende 'eisen' te stellen aan de nieuwe man of vrouw.

- De hoofdredacteur moet niet zich niet teveel door BOS Televisie laten inspireren want die heeft nauwelijks 'boeddhisme' (de Dharma) in haar programma's; de BOS-Radio heeft dat meestal wel

- Alleen moeten ze wat minder aandacht aan Zen besteden, de verhoudingen zijn nu wat scheef;

- Bij de informatie ontbreekt dat de BOS na 2015 zo goed als zeker geen zendtijd meer heeft . Een mogelijke taak van de nieuwe hoofdredacteur kan ook zijn zich op het tijdperk na 2015 voor te bereiden, samen met andere media zoals blogs; bijvoorbeeld ontwikkelen van podcasts. Zoals buddhistgeeks en secularbuddhism.org/the-secular-buddhist-podcasts/ .
Deze suggestie heb ik onlangs ook gedaan aan de redacteur van BodhiTv ; tot m'n verbazing kreeg ik toen de indruk dat men bij de BOS echt denkt wat ex-directeur Gertjan Mulder laatst nog in de Volkskrant van 14 februari liet schrijven, namelijk dat de 'publieke omroep' ook na 2015 aandacht zal blijven besteden aan levensbeschouwelijke programma's voor bijvoorbeeld het boeddhisme. Hij zei: Ik neem aan dat de zendtijd bij dezelfde gemeenschappen blijft '. Bij de BUN dus; een grote illusie;

- Verder zou het geen kwaad kunnen als de journalistieke functie van de BOS-Radio meer aandacht krijgt, ook in kritische zin (is er ooit één kritisch programma over de BUN geweest?) en ook als het over de BOS zelf gaat;

- Hij of zij moet ook zelf programma's maken, interviews doen; niet alleen bureauwerk doen; de taakomschrijving lijkt me wat eenzijdig op managementtaken (aansturen en zo) gericht;

- 'Affiniteit met boeddhisme' is beladen woord, dat moet hij/zij zich goed realiseren. Het is met deze term, en dan nog in een vederlichte en in mijn ogen zeer vrijblijvende) operationalisering ervan dat de BOS dacht in een onderzoek tot het aantal van 900.000 boeddhisten te komen. Een resultaat dat veel ongeloof opriep maar bovendien als onderzoek ten onrechte door de BOS uit omroepmiddelen gefinancieerd blijkt te zijn, wat de BUN een boete van het Commissariaat voor de Media op lijkt te gaan leveren

- Kennis van de boeddhistische gemeenschap in Nederland met hun onderlinge gevoeligheden strekt tot aanbeveling. Het zou goed zijn als de nieuwe man of vrouw snel af is van de idee (die buitenstaanders vaak hebben) dat boeddhisten alleen maar vriendelijke en nette mensen zijn;

- Tenslotte: wellicht kan de nieuwe hoofdredacteur nieuw elan geven aan wat vroeger de 'BOS-Achterbandag' heette; in ieder geval zou het contact met de luisteraar geïntensiveerd kunnen worden.


Ik blijf de BOS-Radio volgen


====================================================================

Uit de tekst van de BOS-website - Vacature: hoofdredacteur radio


Voor het radioprogramma Hemelsbreed dat wekelijks op zaterdagmiddag van 15:00 tot 16:30 wordt uitgezonden op Radio 5 zijn wij per direct op zoek naar een
Hoofdredacteur radio m/v
(3 dagen per week, freelance)

Deze mooie opdracht heeft als hoofddoel het tot stand brengen van het radio-aanbod dat verband houdt met de boeddhistische identiteit. De BOS interpreteert deze opdracht als een heldere, duidelijke publiek-maatschappelijke oriëntatie, gebaseerd op en geïnspireerd door het boeddhistische gedachte- en cultuurgoed.

Als hoofdredacteur radio voer je de dagelijkse leiding over de afdeling radio. Je initieert, stimuleert en ontwikkelt in samenwerking met medewerkers en programmamakers een vooruitstrevend en toekomstbestendig radiobeleid, waarbij crossmediale mogelijkheden optimaal worden benut en wordt bijgedragen aan en aangesloten bij het inhoudelijk en strategisch beleid van de BOS.

Je draagt zorg voor een effectieve en efficiënte inzet van programmamakers radio, voert functioneringsgesprekken en zorgt samen met de overige hoofdredacteuren voor een optimale inzet van de programma’s binnen de BOS.

Takenpakket
•het coördineren van de werkzaamheden van het platform radio;
•het waarborgen van de samenhang van de programmering daarbinnen;
•het operationeel leidinggeven aan een team van programmamakers en medewerkers, het scouten van nieuw talent en het begeleiden hiervan;
•het actief meedenken over de inhoudelijke ontwikkeling van programmavoorstellen en formats.

Werkomschrijving
De hoofdredacteur:
•ontwikkelt in opdracht van en ter besluitvorming door de directeur het programmabeleid voor het platform radio;
•stelt een meerjarenplanning samen voor het platform radio;
•bevordert en bewaakt de kwaliteit van de radioprogramma’s;
•neemt deel aan vergaderingen waar het programmabeleid en programmazaken worden besproken waaronder de Algemene Redactie Vergadering;
•stelt programma samen en deelt de programmamakers in;
•geeft operationeel leiding aan het proces van voorbereiding en uitvoering van de werkzaamheden binnen het team en aan de programmatische medewerker(s);
•doet de eindredactie van het radioprogramma;
•werkt samen met de zakelijk leider met betrekking tot het opstellen van de afdelings- en programmabegroting en het beheer van het programmabudget, draagt bij aan het opstellen van het financieel jaarverslag van de afdeling alsmede het aangaan van verplichtingen met derden;
•werkt samen met de productieleider radio in het realiseren van uitzending van de programma’s;
•is verantwoordelijk voor de webcontent van het radioprogramma.
•fungeert als aanspreekpunt van strategische partners en neemt actief deel aan relevante bijeenkomsten en platforms;
•draagt er zorg voor en ziet erop toe, dat de richtlijnen worden gevolgd bij het maken van zakelijke afspraken met derden;
•sluit in overleg met directeur overeenkomsten met medewerkers.

Wij zoeken
HBO/WO werk- en denkniveau; een professionele achtergrond in een journalistieke of media-organisatie met radio-ervaring is een pré.
Affiniteit met radio, kennis van en gevoel voor crossmediale mogelijkheden is belangrijk, evenals ervaring in het leiding geven aan hoog opgeleide professionals en het sturen van veranderingsprocessen. Van nature werk je gestructureerd en ben je gewend procesmatig te denken. Je bent sociaal en communicatief zeer vaardig en bent iemand wiens levenshouding geworteld is in het boeddhisme of je hebt een zeer grote aantoonbare affiniteit hiermee. Je leeft en werkt conform de uitgangspunten en waarden zoals die ook in het boeddhisme centraal staan.

Wij bieden
Een freelance overeenkomst voor 12 maanden, gemiddeld 3 dagen per week, welke in overleg kunnen worden gewerkt. Het uurloon is afhankelijk van leeftijd werkervaring.
Interesse?

Reacties ontvangen we graag
voor 10 maart 2013 en kunnen worden gericht aan de BOS, bos@bosrtv.nl.

Wil je meer weten over de functie? Neem dan contact op met onze hoofdredacteur radio ad interim Dorothee Forma:
d.forma@bosrtv.nl
035 – 6771611.

Over de BOS
De Boeddhistische Omroep Stichting is een omroep op levensbeschouwelijke grondslag die voor een breed publiek toegevoegde waarde wil bieden door op een niet-dogmatische manier te inspireren en informeren over boeddhistische thema’s en inzichten. De BOS zendt programma’s uit via radio, televisie en internet (www.bosrtv.nl) en maakt onderdeel uit van de Publieke Omroep. De BOS is een kleine, informele en flexibele organisatie waarin de kwaliteit van de programma’s voorop staat.

zondag 13 januari 2013

De BUN lijkt aan het betalen van een boete niet te kunnen ontkomen

Op 13 december 2012 heeft het Commissariaat voor de Media (CvdM) een hoorzitting georganiseerd over bezwaren gemaakt tegen hun beslissing de BUN een boete op te leggen en een bedrag voor uitgevoerd onderzoek terug te vorderen. De reden was dat bij een in 2009 gedaan onderzoek ten onrechte omroepmiddelen zijn gebruikt, volgens het CvdM dan.
Ik schreef daarover eerder .

De BUN en de BOS hebben dit besluit bestreden.
De tekst van dit bezwaarschrift heb ik in november 2012 bij het CvdM opgevraagd, me baserend op de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB).
Als reactie kreeg ik daarop in eerste instantie te horen ´... (om)dat het Commissariaat voor de beslissing op uw verzoek overleg dient te voeren met derden, is het Commissariaat niet in staat binnen vier weken te beslissen.´ Dit betekende dat ik de beslissing (en eventueel de stukken) eind januari mag verwachten.

Op basis van wat ik hoorde tijdens de hoorzitting van 13 december was mijn beeld van de aard van het bezwaar ook al duidelijk, en was ik daar behoorlijk verbaasd over. Die verbazing heb ik in een brief aan het CvdM tot uitdrukking gebracht, zie onder.

De beslissing van het CvdM over het bezwaar zelf zal er in februari nog niet zijn. Die zal uiterlijk medio maart genomen en gepubliceerd zijn (op hun website )
Als ik de door het CvdM gehanteerde logica tot nu toe goed begrijp, zullen ze dezelfde redenering volgen als ik in mijn brief en moet de BUN dus betalen. Een bedrag van € 52.500; of dat bedrag nog kan veranderen kan ik niet inschatten.
Als de terugvordering plus boete definitief zijn, zal de BUN toch eindelijk weer eens van zich laten horen. Of zullen ze ook nog naar de rechtbank willen stappen?

Centraal in dit langlopende boete-proces is de relatie tussen BUN en BOS en de wijze waarop de BUN zich heeft laten gebruiken ten behoeve van belangen van of binnen de BOS.
Toen ik een jaar geleden werd ‘gehoord’ door leden van de BUN- Werkgroep Lotusbloem , heb ik hen geadviseerd dat de BUN excuses moest aanbieden aan het Commissariaat voor de Media omdat de BUN mee is gegaan met de claim van de BOS als zouden er in Nederland zo’n negenhonderdduizend boeddhisten zijn, inclusief mensen met een ‘daadwerkelijke affiniteit’ tot het boeddhisme. De reden van die claim was dat de BOS wilde promoveren van C- naar B-omroep.
Ook na het uitkomen van het eindrapport van de Lotusbloem heb ik deze suggestie gedaan aan het BUN-bestuur.
Dat hebben ze niet gedaan. Dat kan gebeuren.
Wel is sinds een paar maanden op de website van de BUN een beschouwing opgenomen over het aantal boeddhisten waarin vooral de getallen 170.000 en 250.000 genoemd worden en verwezen wordt naar onderzoek van *OpenBoeddhisme* over de aantallen (zie hier ).
Feitelijk maar informeel heeft het BUN-bestuur zich dus van de BOS-claim gedistantieerd maar de boete is daarmee niet van de baan.

Om met een grap te eindigen: dan zullen ze de contributie die de ongeorganiseerde boeddhisten (ook wel ‘loslopende’ boeddhisten genoemd) kunnen gaan opbrengen, hard nodig hebben.

=============================================================================


Brief van medio december aan het Commissariaat voor de Media

Betreft: (Verbazing over) Bezwaar van de BOS/BUN tegen uw sanctiebesluit d.d. 5 juni 2012

Amersfoort, 16 december 2012

Geachte dames en heren van het Commissariaat voor de Media

Hierbij wil ik u informeren over mijn verbazing over een aantal zaken die ik hoorde tijdens de hoorzitting van 13 december 2012 van de directeur van de BOS en de advocaat van de BUN en de BOS. Deze betrof uw besluit d.d. 5 juni 2012 getiteld ‘Boete BUN wegens onrechtmatige besteding budget BOS ’ (Uw kenmerk: 25757/2012005156).

Vooraf wil ik mijn plaats hierbij verduidelijken: als boeddhist heb ik ernstige problemen bij de verwatering van het boeddhisme; de claim van de BUN en de BOS als zouden er in Nederland 900.000 boeddhisten zijn, versterkt dit beeld dat men van alles aan opvattingen in het boeddhisme kan projecteren. Daarom interesseert mij ook de verdediging van het tot stand komen van dat getal.

Als ik goed begrijp wat de heren Mulder en van Werven op 13 december tegen u zeiden, dan is hun bezwaar:
a. De BUN draagt ten gevolge van de delegatieovereenkomst tussen BUN en BOS geen enkele verantwoordelijkheid en de sanctie opgelegd aan de BUN is daarom ten onrechte.
b. Het NPO-onderzoek uitgevoerd door TNS/NIPO diende grotendeels een ander doel dan bepalen hoeveel boeddhisten er zijn, en was dus niet primair gericht op de concessieaanvraag 2010-2015.

Dat verbaast me omdat in de aanvraag van de BOS/BUN uit 2009 en het bezwaarschrift van de BUN tegen uw besluit daarop van 31 december 2009 in 2010 een ander geluid klonk.

In de 'zendmachtigingsaanvraag' op 29 september 2009 ingediend door dhr. Gertjan Mulder (directeurvan de BOS), mede namens de BUN zoals in de aanbiedingsbrief staat, wordt genoemd onderzoek uitgebreid genoemd. Hieronder een citaat uit pag 10 (in de pdf pag 11) en uit een bijlage (pagina 32).
Twee zaken vallen op:
1. De BUN is formeel medeaanvrager geweest; en dus (interpreteer ik) medeverantwoordelijk voor het de aanvraag onderbouwende onderzoek.
2. De resultaten van een aantal van de TNS-NIPO vragen waren wezenlijk voor de onderbouwing van de aanvraag; andere onderzoeksresultaten worden ook genoemd maar zijn duidelijk secundair.
Ook het meer kwalitatieve deel van de onderzoeksresultaten is gebruikt voor de ‘aankleding’ van de claim van meer dan (het preciese aantal varieert) 800.000 boeddhisten of mensen met daadwerkelijke affiniteit tot het onderzoek. ‘Aankleding’ in de zin dat het gebruikt werd als onderbouwing van een sociologisch noodzakelijke nieuwe betekenis van het begrip ‘daadwerkelijke affiniteit’.

Ook het bezwaarschrift op 9 februari 2010 ingediend bij het Commissariaat door B.M.van Werven, advocaat, namens zijn cliënt de BUN is wat dit betreft duidelijk.
Het is namens de BUN en (en dus niet de BOS) dat dit bezwaarschrift, gericht op de beslissing van het Commissariaat de BUN de C-status en niet de B-status toe te kennen voor de periode 2010-2015 is ingediend. Weliswaar wordt ook ander onderzoek genoemd waaruit zou zijn af te leiden dat er meer dan 500.000 boeddhisten zijn in Nederland, maar het NPO-onderzoek staat wederom centraal. De BUN neemt duidelijk de verantwoordelijkheid voor (de kwaliteit van) dit onderzoek op zich. En van relativering dat het eigenlijk of grotendeels een ander doel (een intern BOS-doel) had, is geen sprake.

Ten overvloede voeg ik beide stukken bij. Wellicht heeft u bij uw besluitvorming over het bezwaar gemaakt door de BOS (en BUN) iets aan deze overwegingen.

Met vriendelijke groet,

Hoogachtend
J.W. Romeijn
..... (adres)


Bijlage [horend bij de hierboven geciteerde brief]

Deel uit pagina 10 (in de pdf pagina 11) van de aanvraag van 29 september 2009.
“ Om die trend in kaart te brengen heeft de BOS opdracht gegeven aan de afdeling MediaOnderzoek &: -Advies van de NPO om onderzoek te doen naar de stand van het boeddhisme in Nederland. Voor dit onderzoek zijn 4.000 Nederlanders ondervraagd door TNS NIPO met een vragenlijst die mede is ontwikkeld op basis van adviezen van onder meer de hoogleraren Oosterling (EUR) en Vroom (VU) en de heren Schnabel en De Hart van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP).
Als het Commissariaat voor de Media bij de beoordeling van de zendtijdaanvragen voor de periode 2010 - 2015 haar beleid uit het verleden continueert en zij aan het tweede deel van de definitie van de Raad van State voor de bepaling van de omvang van de aanhang van een religie of levensbeschouwelijke stroming (' ... , maar meer dan incidenteel.. .... '), dezelfde betekenis hecht als in het verleden gedaan is voor de islam, het protestantisme en het katholicisme, dan toont dit onderzoek aan dat het boeddhisme een achterbangrootte heeft van 832.895 (dat deel van de Nederlandse bevolking van 18 jaar en ouder voor wie het boeddhisme op de eerste of tweede plaats de meeste inspiratie en richting biedt, zie bijlage 3), de allochtone boeddhisten daarbij niet meetellend.
....
Het totaal van de achterban van het boeddhisme in Nederland komt dus op circa 900.000 (rekening houdend met een zekere overlap tussen onderzoek en telling allochtone achterban).
“


In een bijlage van deze zendmachtigingsaanvraag door BOS/BUN is het conceptrapport van de NPO/MOA-onderzoeker opgenomen.

Hierin staat onder andere:
“ De hoofddoelstelling van het kwantitatieve onderzoek is inzicht verkrijgen in de omvang
van de achterban van de BOS. Voor hoeveel mensen in Nederland biedt boeddhisme
tegenwoordig (de meeste) inspiratie en richting?
“ (pagina 32 van de pdf)

vrijdag 11 januari 2013

Weer een paar van mijn reacties gestuurd naar het ‘BoeddhistischDagblad’ de afgelopen maand

In de thread doorstart-discussie-over-boeddhisme-en-commercie schreef de redactie van het BD:
“ Naar aanleiding van onze berichtgeving over het faillissement en de doorstart van de Rotterdamse uitgeverij Asoka (tegenwoordig Milinda Uitgevers) is in het Boeddhistisch Dagblad onder lezers een discussie ontstaan over de al of niet gewenste relatie tussen boeddhisme en commercie. Is het een illusie dat het boeddhisme geïsoleerd beoefend kan worden van de markteconomie waarin wij leven? ”

Kees Klomp: “ Op de een of andere wijze geven veel boeddhisten blijk van een volstrekt apathische relatie met commercie. Het is wat mij betreft een aperte illusie is om te denken dat boeddhisme geïsoleerd beoefend kan worden van de markteconomie waarin we leven. Productie, consumptie en transactie zijn onlosmakelijke onderdelen van de maatschappij waarin we leven. Ook voor boeddhisten. Ook bij boeddhistische producten. ”

Op 17 december schreef ik:
“ Goed initiatief. Eerst een misverstand over : ‘ Mag een uitgeverij geld verdienen aan het maken van boeddhistische boeken? ´
Mijn mening, op basis van wat ik waarneem in Nederland maar ook wel verder in het Westen: met het boeddhisme is geen droog brood te verdienen, zelfs met Dharma-light is het geen vetpot.
Natuurlijk, iedereen probeert – soms met moeite – financieel het hoofd boven water te houden, ook idealistische ZZP-ers.
Daarom probeer ik wel een onderscheid te maken tussen enerzijds bedrijven en bedrijfjes die puur het boeddhisme gebruiken in hun marketing omdat ‘Buddhisms sells’ net zo als (bij autoverkopers bv) ‘sex sells’; en anderzijds integere initiatieven zoals dat van Bernie Glassman.
De testvraag is: wie laat het boeddhisme vallen en wie blijft het trouw, als het niet populair meer is ?
Wat mij in m’n becritiseren van de combinatie boeddhisme-commercie motiveert is dat ik graag heb dat het boeddhisme (de Dharma/Dhamma) in Nederland langer meegaat dan een paar decennia. Dat het ook als het niet meer in de mode is (want deels is het boeddhisme in Nederland een hype) toch op authentieke manier beoefend kan worden, los van de populaire beelden die de mensen ervan in hun hoofd gekregen hebben.
Aansluitend bij de vraag van Rob: de focus van Kees is impliciet – in ieder geval wil ik het zo zien – vervat in de talk van Tami Simon, Selling the Dharma .
Ze vraag zich af of het (tersluiks) vragen om dana door een leraar niet onwaardiger is dan het openlijk een tarief daar op stellen? En of leraren e.d. niet kunnen leren van effiënte commerciële organisaties wat dat betreft.
(Dat is dus een andere vraag en een andere focus dan de vraag of je geld mag verdienen aan het boeddhisme, ook als je er zelf niets mee hebt; mijn antwoord op die vraag: liever niet)
Mijn antwoord op die vraag van Tami (en van Kees, neem ik aan), is: prima dat men zich niet anders voordoet als men is, wie geld nodig heeft mag om geld vragen (leken dan hè, monniken niet) en zich niet als een liefdadige instelling voordoen. En wie winst aan een goed doel geeft, heeft ook mijn zegen.
Het probleem met haar betoog is echter: zij heeft het over en identificeert zich met degenen die geld (willen) krijgen met het geven van de Dharma. Ik identificeer me echter liever met de gever van dana wat vanuit de gever gezien – idealiter – niet als ruilmiddel wordt gegeven maar als oefening in ruimhartigheid, in wat minder gehecht raken aan bezit.
Paradoxale oplossing voor dit probleem: dana kan men het beste geven aan degene die al rijk is, die het niet nodig heeft (weggooien mag dus ook); en leraren en arme boekverkopers betalen we gewoon.
Verder denk ik dat het begrip ‘karma’ beter niet gebruikt kan worden in dit type discussies.



Op 15 december nam het BD met m’n toestemming m’n blog ‘ De kracht van het negatief denken ´ over.
Naar aanleiding van de eerste reacties schreef ik:
“ Gelukkig heb ik niet alleen complimenten gekregen. ...
Alluman: wellicht heb ik inderdaad ‘positief denken’ uit de populaire zelfhulp en ‘positieve psychologie’ wat makkelijk vereenzelvigd. Toch is de ‘positieve psychologie’ niet een echte wetenschap, maar nogal ideologisch geladen (ter vergelijking: geen natuurkundige haalt het in z’n hoofd over een ‘positieve natuurkunde’ te gaan spreken).
Een stukje van de site van de Maastricht University:

Well-being and happiness
Positive psychology was introduced over a decade ago by UPenn professor Dr. Martin Seligman and can be viewed as a supplementary approach to clinical psychology. The positive psychological movement formulated three aims: (1) to focus on well-being and happiness instead of abnormal behaviour and psychopathology, (2) to be concerned with building positive qualities and strengths instead of repairing damage and (3) to prevent future problems instead of correcting past and present problems.

Daar zit toch ook wel een stukje ‘positief denken’ in, vind ik. Zie ook het uitgebreide Wikipedia-lemma over ‘positive psychology’. “



Naar aanleiding van een stevige en onderbouwde reactie door Koert Boese:
“ Het is (in Nederland) ongebruikelijk ook maar iets van kritiek te hebben op internationale boeddhistische iconen waarin Westerlingen allerlei moois projecteren. Ik had ook Rients Ritskes van Zen.Nl als voorbeeld van boeddhistische positivo kunnen noemen, maar dat is te makkelijk.
‘Respectloos’, zeg je, Koert. Ik vind dat ‘respect’ – net als ‘geluk’ – een woord is dat te veel gebruikt wordt en dat we zulke woorden beter niet meer kunnen gebruiken.
Zeker hebben Thich Nhat Hanh en de huidige Dalai Lama een levensgeschiedenis met tragiek. Maar wat mij opvalt is dat zij de laatste jaren steeds meer een niet-tragische boodschap brengen, een aangename boodschap die hun Westerse volgelingen graag horen. Opvallend is bv dat TNH is een aantal teksten (vgl The Heart Buddhas Teaching) als ‘drie zegels’ niet-zelf, onbestendigheid en nirvana noemt. Dukkha (lijden) dus niet, dat verdonkeremaant hij een beetje.
En ook de Dalai Lama zegt tegen zijn westerse volgelingen andere, meer aangename dingen, dan hij (vermoed ik) tegen zijn Tibetaanse volgelingen zegt.
Zeker biedt met name Vierde Edele Waarheid de mogelijkheid van het beeindigen van lijden, en dat ‘niet makkelijk’ te noemen is nogal een understatement.
Het boeddhisme biedt geruststelling, zeker, maar toch ook en vooral ongemak en verontrusting . Aspecten die tegenwoordig nogal onderbelicht zijn en ik weer eens wilde noemen.
En tenslotte: dit was niet het perfecte essay over boeddhisme en positief denken en positieve psychologie maar slechts een klein tegenwicht tegen al die vele adorerende positief boeddhistische teksten; een soort kerstboodschap dus.
“

N.a.v. een andere reactie:
“ Nog een leerzame thread over TNH en dukkha:
www.buddhismwithoutboundaries.com/showthread.php?2239-Three-Marks-of-Existence .
Overigens ben ik een vrolijk mens, mijn motto is: wees blij dat het leven geen zin heeft.
“

Nog een reactie van Koert daarop:
` U schrijft in uw reactie dat u ook over Rients Ritskes had kunnen schrijven, maar: ‘dat is te makkelijk.’ Waarom is dat te makkelijk?
Wat ik grappig vind, is dat de benadering die Ritskes in zijn boeken (bijvoorbeeld ‘Zen en keuzes maken’) naadloos aansluit op wat u aan de hand van de auteurs Held en Woolfolk bepleit. Namelijk (in mijn eigen woorden): niet een ‘positief-denken-paradigma’, maar dat inzicht in onze negatieve kanten belangrijk én verrijkend is. Dat het kunnen begrijpen en accepteren daarvan een bevrijding is – en misschien wel de basis voor werkelijk ‘geluk’.
Nogmaals, u mag best kritiek hebben op Ritskes, sterker nog: ik juich een goede, kritische beschouwing toe. Maar dan wel op basis van zijn boeken en niet met een aantal selectieve quotes die her en der op het internet te vinden zijn, zoals nu vaak het geval is. (Daarmee bedoel ik voor alle duidelijkheid niet u).
U noemt zichzelf ‘een denker’. Mag ik u erop wijzen dat dit – i.i.g. in de zenboeddhistische traditie – niet bepaald een compliment is? Denken – zowel negatief als positief – is het belangrijkste obstakel op weg naar ‘verlichting’. Een hoop gedoe over met welke vinger je het beste naar de maan kan wijzen, waarbij de maan zelf over het hoofd wordt gezien. Of dat we de maan niet zien, juist omdat we er onze eigen vingers ervoor houden. ´


Mijn antwoord:
´Koert, dank voor je intelligente en critische reactie
Voor de duidelijkheid: dit kleine essay stond in mijn eigen blog en is door de redactie van het BoeddhistischDagblad (met mijn toestemming) overgenomen. En in mijn blog (joopromeijn.blogspot.nl) schrijf ik meestal tamelijk raillerend.
Maar wellicht is mijn opmerking op de Dalai Lama wat al te gemakzuchtig geweest; mijn kritiek geldt eigenlijk niet de Dalai Lama maar westerlingen die lieve onschuldige opvattingen in hem projecteren.
En dan Rients Ritskes, ik schreef: ‘te makkelijk’ omdat hij vergeleken met internationale iconen een kleintje is en er al meermalen (ook door mij op m’n blog) kritiek op hem geuit is.
En Ritskes geen positivo? Ik vind boektitels als ‘Leer denken wat je wilt denken’ en ‘Leer voelen wat je wilt voelen’ juist gave voorbeelden van positivo-speak.
Uit m’n blog zou je kunnen zien dat ik bepaald geen Zennie of Zen-boeddhist ben; en ‘denken’ is juist wat de mens uniek maakt en onderscheidt van een dier.
Wist je trouwens dat de plateet Jupiter meer dan 60 manen heeft; hoeveel vingers moeten Jupiterianen dan wel niet hebben?
´


Dan een van m’n geliefde onderwerpen: de toekomst van de BOS .
Naar aanleiding van alweer zon positief interview (van beide kanten) van Joop Hoek met Gertjan Mulder

Mijn reactie was (ik schrijf het er maar bij) wat ironisch:
Sommigen zullen het wellicht een vlucht naar voren vinden, maar ik vind het prachtig nieuws dat de BOS aan het nadenken is over boeddhistische themakanalen en verder gebruik van internet; ’ … op een geambieerd kwaliteitsniveau ’ wordt er bij gezegd, en ik neem aan ook op een geambieerd dharmisch niveau.
Wat betreft tekst zou de BOS kunnen gaan samenwerken met blogs zoals ‘BoeddhistischDagblad’, ‘OpenBoeddhisme’ en mijn ‘BoeddhismeBlog’ en anderen. Misschien ook met het toekomstige ‘BoeddhaMagazine’ want er moet toch ook tekst (met plaatjes voor wie daarvan houdt) komen die wat langer meegaat dan ‘morgen wordt de vis er in verpakt’?
Kortom: een Binair Boeddhisme Blad .
Wat betreft audio kan wellicht een voorbeeld worden genomen aan podcasts zoals die van de ‘Secular Buddhists Association’ en de ‘Buddhist Geeks’, gekoppeld aan websites.
O ja, de hoorzitting van afgelopen donderdag bij het Commissariaat voor de Media moet een fluitje van een cent geweest zijn voor de BOS. En voor de BUN want die heeft toch de boete gekregen al hebben ze niets gedaan?
Ik heb zo het gevoel dat Gertjan Mulder het georganiseerde boeddhisme niet echt gaat verlaten na 31 december en we dus geen afscheid van hem hoeven te nemen. Maar voor de zekerheid toch maar: het ga je goed. En Laetitia en de mensen van de BOS-Radio wil ik sterkte toewensen voor de komende jaren.



Een ander favoriet thema: discussiëren met Zen-boeddhisten waarbij ik me graag licht spottend uitlaat.
Dick Verstegen had een blogtekst over de bodhisattva-gelofte

Daaruit het volgende citaat:
"... een vaak aangehaalde tekst van de onvergelijkelijke Dogen Kigen(1200-1253) gaat daar over: ‘De boeddhaweg gaan is jezelf bestuderen. Jezelf bestuderen is jezelf vergeten. Jezelf vergeten is verlicht worden door al het bestaande. Als je verlicht wordt door al het bestaande vallen lichaam en geest weg, van jezelf en van anderen. Er blijft geen spoor van verlichting over en deze spoorloze verlichting zet zich eindeloos voort.’
Zie je: bewustwording door het zien wat er gaande is, gaat gepaard met het loslaten van een idee van zelf. Je realiseert: alles wat bestaat is bevrijding. Onderscheid tussen jou en wat ook in dit universum is verdwenen. Net als die verlichting of bevrijding, die grenzeloos is en alles omvat. Wat een feest, wat een lichtfeest.
Dan zou de vertaling van de bodhisattvagelofte als volgt kunnen luiden:
Alles bevrijden is mij laten bevrijden.
Daartoe wil ik gehechtheid loslaten.
Wat mij de weg wijst zal ik volgen.
Hoe lang de weg is maakt niet uit.
"

Dit gaf mij aanleiding tot de volgende reactie:
De bodhisattva-belofte(n) hebben me als niet-mahayana-boeddhist vaak beziggehouden. Ze doen me denken aan een dichtregel van Marsman die ik als adolescent graag sprak: 'groots en meeslepend wil ik leven … '.
Nu ben ik zo ambitieus niet meer, heb ook geen arhat-gelofte en wil slechts losjes verbonden zijn met het universum.
Verder denk ik dat het voor iemand met katholieke wortels makkelijker is deze belofte te reciteren dan voor iemand met protestante wortels, de laatste denk al snel: kan ik dat echt wel uitvoeren, en wil ik het wel echt? Vooral dat alle poorten binnen willen gaan , daar komt het vaak niet van.
Maar via een irrationele transformatieregel van Dogen (‘irrationeel’ is voor mij geen negatief oordeel, slechts feitelijk bedoeld) maakt Dick er een gans andere gelofte van die me wel weer aanspreekt.
Alleen die derde regel weer, ik weet niet of ik dat wel ga doen, daarom wordt het voor mij:
Alles bevrijden is mij laten bevrijden.
Daartoe wil ik gehechtheid loslaten.
Er is geen weg dus er is niets te volgen
Hoe lang het duurt maakt mij niet uit .
"

Dick reageert met onder andere het statement: ´ De bodhisattvagelofte drukt overigens m.i. geen ambitie uit, maar iets feitelijks. ´
Mijn antwoord: ´ Maar dat de bodhisattvagelofte geen ambitie zou inhouden, dat begrijp ik niet. Het gaat toch om de wens, de intentie bodhisattva te worden? En men kan alleen iets willen worden wat men nog niet is. Het is anders voor mij net zo iets ongeremds als met ‘BoeddhaNatuur’: iedereen heeft de mogelijkheid Boeddha te worden en is dan ineens ook al Boeddha. Ik geef de voorkeur aan een meer bescheiden benadering. ´

Later, na een interventie van Edel M - die o.a. stelt dat ik de tekst van de bodhisattva-gelofte niet zo maar kan aanpassen - vervolg ik met:
´ Eerst even terug naar de leer. Ik heb steeds begrepen dat het Mahayana-boeddhisme er de voorkeur aan geeft te streven naar het bodhisattva worden omdat men het arhat-ideaal (dat de monniken probeerden te bereiken) van Theravada aka ‘Hinayana’ egocentrisch vond.
Van de bodhisattva-vow zijn vele varianten bekend, ook degene die Dick citeerde, men paste voortdurend aan (liever gezegd: men varieerde, als upaya).
De oudste versie (zover ik weet hoor) vond ik op wikipedia:
“A Bodhisattva vow is found at the end of the Avatamsaka Sutra by Samantabhadra. In Guide to the Bodhisattva’s Way of Life, Shantideva explains that the Bodhisattva vow is taken with the following famous two verses from Sutra:
‘ Just as all the previous Sugatas, the Buddhas
Generated the mind of enlightenment
And accomplished all the stages
Of the Bodhisattva training,
So will I too, for the sake of all beings,
Generate the mind of enlightenment
And accomplish all the stages
Of the Bodhisattva training.’ ”
En wie de bodhisattva-training heeft voltooid (duurt vele levens volgens de leer) wordt bodhisattva. En dan kan het redden van alle levende wezens pas goed beginnen; terwijl een arhat (nog steeds volgens de leer) er dan mee stopt. ´


Edel benadrukt vervolgens ´ Het is niet de bedoeling een bodhisattva te worden, je bent het al. Je kunt die potentie in jezelf afwijzen of cultiveren. Je ten dienste stellen van het welzijn van alle levende wezens is dan het meest natuurlijke wat er is. En dit pad is eindeloos.

Ik echter ´ Edel, ik denk te begrijpen waarom jij het zo begrepen hebt.
In het vroege Mahayana (kort na het begin van onze jaartelling) was bodhisattva worden iets waarna gestreefd kan worden, wat men dus nog niet was. De Ugra-Sutra waar Jan Nattier zo mooi over geschreven heeft (‘A few good men’) is daar een voorbeeld van.
Later, met name een paar eeuwen later, in China werd de gedachte populair dat men ‘ eigenlijk ‘ altijd al bodhisattva was en is.
Dit spanningsveld wordt ook in je laatste allinea duidelijk, je zegt eerst ‘ je bent het al ‘ (nl bodhisattva); en meteen daarna dat het een potentie is.
In mijn simpele (vrijzinnig)Theravada-denken moet de mens wel enige moeite doen om zijn of haar potenties te verwerkelijken; ik kan bv in potentie de 100 meter binnen 10 seconden lopen maar om de een of andere reden is dat er nog niet van gekomen.
Ook verder zijn mijn ambities beperkt, d.w.z. bescheiden: ik ga echt niet proberen ‘ alle levende wezens te bevrijden ‘, als het bij een paar zou lukken, zou dat al mooi zijn.


Het gesprek ging nog verder maar werd mij te praktisch.


woensdag 12 december 2012

Is er nog hoop (voor de BOS) ?

Afgelopen maandag kondigde ik het Kamer(commissie)debat over het mediabeleid van de staatssecretaris Dekker aan, eigenlijk: van de invulling van een deel van de bezuinigingen van het kabinet Rutte II. Zie blog .

Veel goed heeft het niet opgeleverd voor de 2.42-omroepen, waaronder de BOS.
Het Nederlands Dagblad meldde vandaag:
" Dekker houdt vast aan plannen kleine omroepen
DEN HAAG - Sander Dekker (staatssecretaris Media, VVD) houdt vast aan het stopzetten van de financiering van de kleine levensbeschouwelijke omroepen als IKON/Zendtijd voor Kerken en RKK.

Hij gaat ervan uit dat deze omroepen daarmee ook zullen verdwijnen, zei hij maandag in een debat over de mediabegroting met de Tweede Kamer. Wel wil hij in gesprek met de publieke omroep over de aandacht voor levensbeschouwing, want dat blijft volgens Dekker een van hun wettelijke taken.
"
Bron: Nederlands Dagblad

De katholieke collega’s van de BOS, de RKK hebben de hoop nog niet laten varen, ze ontlenen hun optimisme aan de mogelijkheid dat naast CDA en CU ook de EersteKamer-fracties van D66 en PVV tegen de media-bezuinigings-plannen van dit kabinet zijn, terwijl in het recente verleden de PVV extreem negatief t.o.v. de .2.42-omroepen en vooral de IKON van Paul Rosenmöller was.

Twee moties zijn relevant: 33 400 VIII Nr. 32 en Nr. 47
Deze gaan over het toch geld beschikking blijven stellen, weliswaar minder dan nu maar wel een soort ‘zachte landing’ zoals dat in de Kamer werd genoemd. Dinsdag 18 december zal hier waarschijnlijk over gestemd worden; ik denk dat ze het niet halen.

Een derde moties gaat niet primair over geld (hoewel ...), Nr. 46
“... overwegende dat het wenselijk is dat er een eigentijdse regeling komt voor de kleine levensbeschouwelijke omroepen (2.42-omroepen);
van mening dat de lopende fusieprocessen van de 2.42-omroepen niet onnodig moeten worden geremd;
verzoekt de regering, in overleg met de NPO voor de zomer van 2013 de contouren van een eigentijdse regeling voor levensbeschouwelijke programmering bekend te maken en de NPO te vragen om bij de uitwerking in overleg te treden met de bestaande 2.42-omroepen, vertegenwoordigers van levensbeschouwelijke stromingen in Nederland, de beoogde fusiepartners en andere omroepen die mede kunnen voorzien in media-aanbod op levensbeschouwelijk gebied voor de gehele Nederlandse bevolking,
en gaat over tot de orde van de dag.
”

Dit betekent dat zowel de BOS als de BUN hieraan mee moeten doen.
Wellicht komt dan ook weer aan de orde wat de mogelijke rol wordt van een door het vorige kabinet vereist gestelde onafhankelijke programmaraad bij fusies met 2.42-omroepen, bij het boeddhisme bv de opvolger van de huidige Participatieraad (PAR) van de BOS. Zie m’n oude voorstel .
Ik heb daar de laatste tijd niets mee over gehoord.

De staatssecretaris heeft al als z’n mening gegeven dat het de taak van de publieke omroep blijft, ook levensbeschouwelijke programma’s aan te bieden, al zouden er geen levensbeschouwelijke omroepen meer zijn.

Dus ook boeddhistische programma’s; door bv de VPRO te maken en uit te zenden
Er is (naast het probleem dat dit niet past in de VPRO-identiteit) een groot probleem: er is helemaal geen traditie van boeddhistische televisie-programma’s , afgezien van sommige licht boeddhistische documentaires is de afgelopen jaren de Dharma nauwelijks bij de BOS aan de orde gekomen.
Wel bij de BOS-Radio, ik zeg het er nog maar eens bij.

maandag 10 december 2012

Wat kommentaren en reacties van mij in het BoeddhistischDagblad de laatste tijd

De laatste maand ben ik weer actief geweest in de reactie-modus op artikelen in het BoeddhistischDagblad.
Sommige reacties zijn al weer door de tijd achterhaald of waren al te impulsief; maar een paar wil ik toch wel bewaren.

Vaak gaan ze over boeddhisme en commercie/popularisering. Een citaat uit één ervan kan ik eigenlijk wel als m´n credo beschouwen:
Als reactie op de mening: ´ ... vraag ik me af of een bedrijf als Asoka uit de buurt moet blijven van Happinez-achtige uitingen. Een uitgave die ‘iets minder boeddhistisch’ is, kan toch bij iemand een zaadje water geven dat hem of haar dichter bij mildheid en geluk brengt. ´ schreef ik:

“Je gaat er echter van uit dat de kern van het boeddhisme is, ‘mildheid en geluk‘ te brengen. ‘Geluk’ wordt daarbij zoveel betekenissen toegekend dat het woord beter vermeden kan worden. Misschien kan je beter van ‘wijsheid’ spreken.
En ‘mildheid’ kan zeker een resultaat zijn van het beoefenen van het boeddhisme maar is niet het enige kenmerk ervan.
Ook de onderkenning dat het leven – in zekere mate onvermijdelijk – lijden en ongeluk met zich meebrengt, hoort erbij.
Het boeddhisme heeft ook iets VERONTRUSTENDS in zich. En dat is niet verenigbaar met een FEEL GOOD Happinez-boodschap.
Het gaat dus niet om gradaties van ietsje meer of ietsje minder boeddhistisch, het gaat om een richting.”


Ik eindig deze blog met de verzuchting of het Nederlandse boeddhisme wel bestaat.

Op 5 november verscheen in het BoeddhistischDagblad het artikel Rob Lindeman: ‘Asoka mede failliet door gebrek aan zakelijkheid’

Een aantal van de 57 reacties er op was van mij.
Die neem ik hier deels over, met soms een korte beschrijving van de aanleiding ervan.

Op 5 november schrijf ik: ” Op basis van wat ik hierboven lees, zeg ik: Dorine heeft groot gelijk dat ze niet mee wilde doen met wat Lindeman noemt ‘een andere koers varen’. Het boeddhistische karakter van ‘BoeddhaMagazine’ was al verdund; aan een tweede Happinez heeft niemand behoefte.
En als het New Age gehalte van komende Asoka-boeken gaat toenemen dan worden er alleen nog maar spirituele illusies verkocht. Mijn steun voor het idee van ‘Boeddhistische crowdfunding in Nederland’ ten behoeve van Asoka (zoals verleden week geopperd) trek ik dan in.
Hylkema had wel lange tijd de touwtjes bij BUN, BOS en BZI in handen maar BUN-voorzitter is hij nooit geweest.
Ook het aspirant-BUN-bestuurslid zijn van Lindeman herinner ik me nog goed; harmonie bracht die functie toen niet. Als hij zich èn met het beleid van BoeddhaMagazine èn met het beleid van Asoka als boekenuitgever èn met het beleid van de BUN gaat bemoeien, dan worden het drukke tijden voor (boeddhistische) journalisten om belangenverstrengelingen te ontwarren.
Moet de BUN ook ‘wat commerciëler’ worden soms? Wat hebben ze dan te verkopen?
Ik ben geen pessimist maar de implosie van het georganiseerde boeddhisme is zich nu in versneld tempo aan het voltrekken.
”

En bijdrage van Kees Klomp op 1 december:
“ ik wil een hypothese/stelling deponeren naar aanleiding van de asoka-discussie: als boeddhisten geen realistische relatie met commercie weten te ontwikkelen, wordt dit het failliet van het boeddhisme in Nederland….
op de één of andere wijze geven veel boeddhisten blijk van een volstrekt apathische relatie met commercie. het is wat mij betreft een aperte illusie is om te denken dat boeddhisme geïsoleerd beoefend kan worden van de markteconomie waarin we leven. productie, consumptie en transactie zijn onlosmakelijke onderdelen van de maatschappij waarin we leven. ook voor boeddhisten. ook bij boeddhistische producten. daarom is het de grootst mogelijke onzin om asoka te betichten van zakken-vullerij en/of het populariseren van het boeddhisme. asoka is een bedrijf, en soms is het voor het voortbestaan van een bedrijf noodzakelijk om pijnlijke ingrepen te doen – zoals een faillissement of een ontslag – net zoals het noodzakelijk is om voldoende afzet voor je producten te vinden. bijvoorbeeld door een groter, breder publiek te vinden en binden. dat is normaal! maar omdat asoka boeddhistisch is, is dat voor sommige mensen opeens een onoverkomelijkheid en een rede voor allerlei verwensingen en veroordelingen. met zoveel onwetendheid wordt boeddhisme nog eens om zeep geholpen door zijn eigen beoefenaars…
”

Op 1 december reageer ik richting Kees:
“ Kees
Die uitdaging neem ik graag aan. Zowel over de Asoka-case als over het thema boeddhisme-commercie in bredere zin.
Om te beginnen graag eerst een vuiltje uit de lucht halen: ik ben me er niet van bewust dat iemand Asoka heeft beticht van zakken-vullerij; sterker nog: ik krijg het toenemende vermoeden dat Lindeman en ’t Hooft uit eigen zak veel hebben bijgelegd.
Inderdaad, boeddhisme en commercie hebben veel met elkaar te maken, vroeger (in Azië) en nu; de bekende boeddholoog Gregory Schopen heeft daar dingen over gezegd die veel boeddhisten liever niet wilden horen.. Vroeger hadden ook boeddhisme en politiek veel met elkaar te maken, ook niet leuk maar wel waar.
Zeker geven “ veel boeddhisten blijk van een volstrekt apathische relatie met commercie”, maar helaas ook tot politiek en tot het lezen van boeken die ze al gauw te duur vinden.
Het is goed dat het tot iedereen doordringt dat Asoka een bedrijf is; lange tijd zijn – ook door betrokkenen zelf – Asoka, BUN en BOS als nonprofit drieeenheid beschouwd.
Het zou mooi zijn als een deel van Asoka min of meer non-profit is zoals kennelijk Wisdom Books is, zoals Gerolf ’t Hooft en ik hopen, maar of dat financieel-technisch kan weet ik niet (betwijfel ik eigenlijk).
Zover dat niet kan zie ik Asoka als lezer, als consument dus in commercie-termen. De vraag is: wie wil zich laten ‘binden’ of een van je termen te gebruiken?
Tenslotte, dat het “ boeddhisme nog eens om zeep [wordt] geholpen door zijn eigen beoefenaars ”?
Volgens mij is ‘het’ boeddhisme en het aantal Nederlandse beoefenaars ervan opgeblazen. Het boeddhisme is, ook als markt, een niche, meer niet. Dat er daarnaast een spirituele licht-boeddhistische markt is, heb ik geen probleem mee, maar geef het wel het juiste etiket.
Tenzij je bedoelt dat ook boeddhistische sangha’s zich meer als bedrijf moeten gaan opstellen en hun Dharma-aanbod vermarkten; het is de bezorgdheid daarvoor waardoor je minstens een deel van de reacties over de Asoka-case zou kunnen begrijpen.
“

Nina (Nannini) zegt op 1 december:
“Historici spreken over ‘lieux de mémoires’ of ‘invented traditions’ als de beleving van het gebeurde een belangrijker rol krijgt dan de daadwerkelijke feiten. @Joop er lag een voorstel van Rob, maar dat is mijn inziens privé tussen beiden en zullen we niet uit de doeken doen.
En waar de conclusie vandaan komt dat BoeddhaMagazine commerciëler zou worden is mij een mysterie. Lees het december nummer en kom dan alstublieft terug met een inhoudelijke analyse. Het is geen verdunning, verbreding en versmalling, het gaat om kwaliteit in tekst en beeld. Onze verantwoordelijkheid daarin om zorgvuldig met de financiën om te springen. Zelfs nu zo goed en zo kwaad als het gaat. We hebben een aantal keuzes gemaakt om de kosten en baten in balans te brengen omdat we dit blad met veel bevlogenheid maken. En we draaien overuren om de boel weer op de rit te krijgen, maar altijd met een glimlach als we denken aan het kunnen voort laten bestaan van onze activiteiten
.”

Ik reageerde een paar uur later:
“@Nina
a. “Een voorstel van Rob” klinkt wat informeel, het moet toch gaan om een duidelijke ontslagregeling? En is dit “voorstel” nog van kracht? Natuurlijk hoef ik de inhoud ervan niet te kennen
b. De term ‘commercieel’ wordt nu op twee manieren gebruikt.
De eerste is die van Kees en gaat over de onvermijdelijke economische krachten waar iedereen rekening moet houden.
De tweede is bv. vermarkten van de Dharma, advertorials en B.N.ers gebruiken
Boeddhisme, ook in verdunde of populaire vorm is nooit een feelgood-zaak, is nooit voor bange mensen.
Verder wacht ik het decembernummer graag af
“

Ene Marianne schreef op 3 december:
“... Daarnaast vraag ik me af of een bedrijf als Asoka uit de buurt moet blijven van Happinez-achtige uitingen. Een uitgave die ‘iets minder boeddhistisch’ is, kan toch bij iemand een zaadje water geven dat hem of haar dichter bij mildheid en geluk brengt. De vraag hiernaar is wellicht groter, en naar mijn gevoel ook legitiem. “

Mijn antwoord een dag later:
“Ongetwijfeld is de vraag daarnaar groter, Marianne; en het aanbod daarvan is daarom ook allang groter.
Je gaat er echter van uit dat de kern van het boeddhisme is, ‘mildheid en geluk‘ te brengen. ‘Geluk’ wordt daarbij zoveel betekenissen toegekend dat het woord beter vermeden kan worden. Misschien kan je beter van ‘wijsheid’ spreken.
En ‘mildheid’ kan zeker een resultaat zijn van het beoefenen van het boeddhisme maar is niet het enige kenmerk ervan.
Ook de onderkenning dat het leven – in zekere mate onvermijdelijk – lijden en ongeluk met zich meebrengt, hoort erbij.
Het boeddhisme heeft ook iets verontrustends in zich. En dat is niet verenigbaar met een feelgood Happinez-boodschap.
Het gaat dus niet om gradaties van ietsje meer of ietsje minder boeddhistisch, het gaat om een richting.
“


Kees Klomp stelt dit thema opnieuw (op 7 december) aan de orde in een reactie op de Rients Ritskes-thread waarin hij meent de kunnen constateren dat er een groep boeddhisten is met een apathische relatie met commercie

Ik reageer daar 10 december alsnog op:
“@kees
Er is ook een groep boeddhisten met een apathische relatie met het boeddhisme, zoals m.b.t. de onmogelijkheid met boeddhistische boeken minstens quit te spelen of de dreigende verdwijning van de BOS
Hoewel ik een nitwit ben op marketing-gebied (op welk gebied niet?): wat denk je van het statement ‘geld genereren of generen’ om de relatie met commercie te verhelderen?
Verder kan je je terminologie om afkeuring uit te drukken, wat verbreden want steeds weer ‘dogmatisch en fundamentalistisch’ te schrijven, wordt wat armoedig.
”


Op 28 november verscheen er in het Boeddhistisch Dagblad een interview met Gerolf ’t Hooft (en Nina Nannini)

In een reactie daarop schrijf ik:
“ Aardig interview waarin het nodige duidelijker wordt maar een paar punten ook niet. Laat ik die maar eerst noemen:
- De preciese (juridische) ontslaggrond van Dorine blijft onduidelijk; en waarom was en is er geen ‘Redactiestatuut’voor het blad BoeddhaMagazine? Dat had de problemen minstens beter kunnen reguleren en misschien voorkomen.
- Synthese en Het Vlakke Land gingen tegelijk met Asoka failliet, dat kan geen toeval zijn, kennelijk was er financiële verwevenheid tussen die drie: hoe zit dat in elkaar?
Twijfelgeval is de formulering ‘Rob Lindeman, financieel nauw betrokken bij Asoka’, hij is toch gewoon de (meederheids)eigenaar ervan ? Of in ieder geval van het nieuwe ‘Virtu’ ?
Ik heb veel Asoka-boeken gekocht en gelezen de afgelopen tien jaar; en ik heb Gerolf bewonderd voor z’n initiatief. Maar hij is, net als meer mensen, slachtoffer van de fictie dat er in Nederland heel veel (honderdduizenden werd gezegd) boeddhisten zijn en dat dat aantal groeit. Deze fictie, in stand gehouden door mensen die daar belang bij hadden (nu ook de V.U.), wordt steeds meer doorgeprikt.
Er wordt nu van ‘hardcore’ boeddhisten gesproken. Ik zou liever van ‘serieuze boeddhisten’ spreken maar hoe heten die andere duizenden dan, ‘softcore’? (Nietsisten noem ik ze graag, dat is misschien te moeilijk)
Goed dat de ‘Klassieke Tekstbibliotheek’ blijft (al vind ik de metafoor ‘kroonjuwelen’ ongelukkig) maar ik zou zeggen: verbreed dat fonds tot: Boeddhistische Tekstbibliotheek. Dat is in feite wat ook Alluman voorstelt. Wel financieel helder afgescheiden van de rest van ‘Virtu, zodat crowdfunding of giften mogelijk zijn. En ‘klassiek’ in de zin van chique gebonden/ingenaaid hoeft ook niet meer.
Mijn conclusie: m’n oproep geen Asoka-boeken te kopen, trek ik in.
Dat geldt echter niet BoeddhaMagazine, er zal eerst meer duidelijkheid moeten komen over het ontslag en over het nieuwe beleid.
“


Nog een ander thema dan Asoka, de Dharma namelijk
Op 11 november schreef Edel Merx een lyrische tekst het BD over de Lotus Sutra

Mijn reactie:
“Ik heb de Lotus Sutra altijd een leuke tekst gevonden.
Alleen dat Shariputra afzeiken, dat heb ik nooit begrepen; waar was dat voor nodig?
“

Edel zegt daarvan:
“ Inderdaad, fair is iets anders. Shariputra is in de Mahayana sutra’s vaker de pieneut van dienst. In de Vimalakirti is het nog veel erger. Daar wordt hij pas echt ‘afgezeikt’.
Blijkbaar zetten deze teksten zich af tegen een verstarring in de Sangha en in de interpretatie van de Pali teksten. Shariputra is als epitoom van wijsheid in deze teksten dan ook het eerste mikpunt.
In het Chinese boeddhisme heeft dit als gevolg gehad dat men de Pali-canon als inferieur, als ‘hinayana’ is gaan zien. Wat mij betreft een complete misinterpretatie die helaas zelfs in de hedendaagse boeddhologie nog doorspeelt.
In Azië merk ik dat vele monniken theravada en mahayana als twee verschillende uitdrukkingsvormen zien van een en dezelfde Dharma. Zo voel ik het zelf ook aan.
Laat ons hopen dat Shariputra wijs genoeg is om de hem toebedeelde rol op te nemen zonder zich persoonlijk beledigd te voelen. Een beetje historisch inzicht kan helpen. Overigens wordt hij in de mahayana kloosters vaak afgebeeld en met alle respect behandeld.
“

Ik vind daarvan:
“ Inderdaad is het Sariputra bashen nog sterker in de nog grappigere Vimalakirti Soetra. Deze teksten speelden een rol in de mahayanisering in China ruim vijftienhonder jaar geleden.
Alan Cole heeft er een boeiend boek over geschreven: ‘Text as Father: Paternal Seductions in Early Mahayana Buddhist Literature‘; (California Univ Press, 2005)
Uit de samenvatting: “This study attempts to shed new light on the origins and nature of Mahayana Buddhism with close readings of four well-known texts – the Lotus Sutra, Diamond Sutra, Tathagatagarbha Sutra, and Vimalakirtinirdesa. Treating these sutras as literary works rather than as straightforward philosophical or doctrinal treatises, Cole argues that these writings were carefully sculpted to undermine traditional monastic Buddhism and to gain legitimacy and authority for Mahayana Buddhism as it was veering away from Buddhism’s older oral and institutional forms….”
En mij zou het vooral als wijs voorkomen, te accepteren dat HET boeddhisme niet bestaat, dat er nogal grote verschillen zijn tussen de tradities.
En het zou me verstandig voorkomen dat men ook kennis neemt van andere boeddhistische tradities dan de eigen: gewoon onbevangen lezen of luisteren; dat wordt nog nauwelijks gedaan. En dat men daarmee het bestaan van verschillen (naast, inderdaad Edel, overeenkomsten) accepteert.
Het belangrijkste van je essay blijft natuurlijk dat het lezen ervan (van de Lotus Soetra eigenlijk) spirituele ervaringen op kan roepen. En die zijn per definitie subjectief.
“


Op 24 oktober verscheen in een artikel in het BD over de ‘ongebonden boeddhist’

Dat riep veel reacties op waaronder die van mij:
“ Inderdaad heb ik begin 2009 mede een voorstel ingediend om het betrekken van niet-georganiseerde boeddhisten bij de BUN te regelen. Dit hoewel ik toen noch nu zelf ongeorganiseerd was; ik vond dat zowel voor de ongeorganiseerde als voor de BUN (die representatief kon gaan worden) wenselijk.
Inmiddels zijn mijn opvattingen -[geëvolueerd] en is de bestaansreden van de BUN onduidelijker geworden.
Nu zou ik zeggen tegen de ongeorganiseerde: het hoeft niet; en tegen de BUN: hef je maar op.
“


Op 31 oktober stond er een interview in het BD met BUN-bestuurslid Humphry Versloot dat door z’n openharighweid verbazing opriep.

Ik reageerde een dag later:
“ Humphry Versloot lijkt mij de juiste man op de juiste plaats en juiste moment in het BUN-bestuur, alleen weet ik nog niet wat – historisch achteraf gezien – zijn functie zal zijn geweest. Misschien wel: degene de de opheffing van de BUN vakkundig heeft begeleid.
Als ‘ongebonden boeddhist’, (ik zeg nog eens: de term ‘omgeorganiseerde boeddhist’ verdient de voorkeur) kan hij onbevangen beleid gaan vormen over de twee vragen: wat heeft de BUN aan de ongeorganiseerden? En: wat hebben ongeorganiseerden aan de BUN? En trouwens is hij ook al bezig met de derde en vierde vraag: wat hebben georganiseerde boeddhisten en wat hebben boeddhistische organisaties aan de BUN (en omgekeerd uiteraard) ? Bepaald geen nieuwe vragen, misschien moet hij nog eens de jammerklacht van Jan Willem Houthof lezen toen die als BUN-voorzitter vertrok.
De laatste tijd heb ik me intensief beziggehouden met het mogelijke werk van een ‘boeddhistisch geestelijk verzorger’ en de opleiding master-plus daarvoor, door de VU samen met de BZI (BUN dus) opgezet. Werken er bij Zorgpartners waarVersloot topbestuurder is, geen (boeddhistisch) geestelijk verzorgers? Anders had hij dat vast wel vermeld. Is er eigenlijk wel emplooi voor de masters-plus, naast de paar bij Justitie dan? Of beschouwt hij geestelijk verzorgers in de gezondheidzorg niet als professionals (ik wel, zie mijn blog van vandaag over het handboek daarvoor) ?
Een klein raadseltje vormt het antwoord op de vraag van de interviewer van het BD of er spanning is over de uitkomst van het Kaski-onderzoek. Versloot zegt daarop: ‘Ik heb het concept zelf nog niet gelezen, …’. Is er een concept dan en hebben sommigen (in het BUN-bestuur bijvoorbeeld) dat dan wel gelezen? Het moet dan een geheim concept zijn. ...
“

Een paar dagen later, na andere reacties, schrijf ik:
“ Het is al weer meer dan 20 artikelen geleden (volgens mij plaatsen jullie teveel artikelen, BD-redactie) maar ik wil nog eens op dit interview met dhr. Versloot terugkomen.
En wel om er m’n verbazing over uit te spreken dat niet één vertegenwoordiger van de BUN-leden meedoet aan de publieke discussie over het georganiseerde boeddhisme op deze site van het BoeddhistischDagblad.
Niet over dit interview, niet over het artikel over voorgenomen bezuinigingen waardoor de BOS vrijwel verdwijnt, niet over het Kaski-onderzoek, niet over de levendige discussie hier m.b.t. ‘de ongebonden boeddhist’, niet over het faillisement van Asoka en het mogelijk verdwijnen van BoeddhaMagazine als boeddhistisch kwartaalblad.
Terwijl dat toch allemaal onderwerpen die de BUN raken of zouden moeten raken als ‘officiële vertegenwoordiger van het boeddhisme in Nederland’.
Ik denk niet dat het arrogantie is van de BUN-leden; het is m.i. desinteresse : hun eigen sangha houdt hen bezig; en verder moet het landelijk gezellig zijn.
Volgende week zaterdag, 17 november, is er een ledenvergadering van de BUN. Andere boeddhisten dan de leden zijn daar nog steeds niet welkom, maar zal het er weer weer net zo gezapig aan toe gaan als de laatste keren, blijkens ‘nieuwsbrieven’ van de BUN-voorzitter?
Op de site van *OpenBoeddhisme* (adres bekend) las ik als nieuwtje dat het Kaski hun evaluatie bij Justitie heeft ingediend en dat de uitlatingen van Versloot officieel geen invloed op de beslissing over erkenning van de BUN van de staatssecretaris hebben.
Het zal mij benieuwen.
“

Ujukarin (vertegenwoordiger van Triratna Amsterdam) neemt de handschoen op:
“ Je vraagt naar de bekende weg, Joop. Het is geen arrogantie en geen desinteresse maar een gezamenlijke konstatering dat publieke discussie in forums als dit niet goed functioneert. Voor mijn perceptie daarvan citeer ik uit Henk M’s commentaar op de Asoka-discussie:
“Het is ook bijzonder gemakkelijk om boeddhisten of boeddhistische organisaties aan te vallen, om vervolgens nog heel gemakkelijk een extra aanval te lanceren (verwijt van niet boeddhistisch gedrag) wanneer ze zich proberen te verweren.
Dat het boeddhisme in Nederland nog niet volwassen is blijkt wel uit het feit dat de criticasters niet opbouwend zijn. Zo zitten we dan tenminste met zijn allen nog in dezelfde fase :-)”
Maar jouw perceptie, zijnde een van die criticasters, zal wel afwijken.
Overigens kan ik je uit eigen ervaring melden dat de discussies tijdens de laatste BUN vergaderingen zeer levendig waren, als de notulen een indruk van gezapigheid geven is dat onterecht.
Het moge duidelijk zijn dat ik ook verder niet op dit topic zal reageren, geen publieke discussie is geen publieke discussie…
Wijsheid gewenst van een der BUN vertegenwoordigers,
“

Mijn antwoord:
“ Dank je, Ujukarin, voor deze reactie die geen reactie heet te zijn.
Eén correctie: ik ken de notulen van BUN-ledenvergaderingen niet, die zijn niet openbaar (vroeger trouwens wel); ik ken de herinnering van de BUN-voorzitter aan de vergaderingen in zijn ‘Nieuwsbrieven’.
Er is een vraag waarop je wel zou kunnen reageren; namelijk jullie (?) ‘gezamenlijke konstatering dat publieke discussie in forums als dit niet goed functioneert‘. Niet leuk voor de BD-redactie; maar vooral: niet leuk voor de lezers.
Mijn vraag: is het dan niet een gezamenlijke uitdaging van BUN èn boeddhistische forums en blogs èn lezers daarvan om wèl een goed functionerende publieke discussie over het boeddhisme in Nederland tot stand te brengen? Doe eens voorstellen.
“

Dat ‘voorstel’ kwam:
“ Okay, 1 volgreaktie dan: mijn geheel onbevooroordeelde mening ;-) is dat die uitdaging ligt bij degenen die m.i. nu die discussie grondig verziekt hebben. Het opheffen van openboeddhisme.nl, een m.i. totaal van boeddhistische ethiek verschoonde site vol azijnp&((&*(erij erger nog dan geenstijl.nl waar de opstellers zich ernstig voor zouden moeten schamen, zou een stap in de goede richting zijn. Pas als we op basis van gedeelde boeddhistische waarden zoals erkennen-van-noodzaak-tot-sangha en elkaar-aanspreken-op-ethisch-gedrag-en-altruïsme en respect-voor-wie-zijn-nek-uitsteekt inplaats van stuurman-aan-wal-alles-beter-weten-maar-zelf-geen-poot-uitsteken-voor-Dharmaduta zouden kunnen communiceren dan zou die discussie ook op publiek niveau weer nuttig kunnen worden. Ik herken die waarden totaal niet bij de opponenten/dissidenten en dat sterkt me in het vasthouden van de onder de BUN aanhang afgesproken lijn om die discussie niet meer aan te gaan..
Wijsheid gewenst…
“

Nog een keer een reactie van mij daarop:
“ Ik had een discussie op hoger niveau gewild, in technische zin dan: welke structuur is het best? Moet er een afzonderlijke website of forum komen? Met welke software, want ik technisch slechte en technisch goeie fora meegemaakt?
Wie benoemd de moderator? Daarbij kan ik me het probleem van de BD-redactie wel voorstellen want journalist zijn en moderator zijn is lastig te verenigen.
Dus een moderator, die moet er komen, daar zullen we het over eens zijn. En voorwaarden moeten er ook zijn, maar hoe kan je nou erkennen-van-noodzaak-tot-sangha eisen als het gaat om bijvoorbeeld de plaats van de ongeorganiseerde boeddhist?
Het lijkt mij dat het initiatief samen genomen moet worden, ik wacht 17 november wel af.
“

Opmerking achteraf: het enige dat ik over de ledenvergadering van 17 november heb gelezen (de BUN-website is al bijna 2 maanden onveranderd) stond hier:
“... in een beleidsdocument dat aan de volgende ALV in mei volgend jaar gepresenteerd zal worden. Daarin zal ook de relatie tussen BUN en aangesloten sangha’s aan de orde komen en de eventuele toelating van loslopende, zogenoemde ongebonden en/of ongeorganiseerde boeddhisten, worden aangegeven. ”
Laat ik het maar ronduit zeggen: hier heb ik geen enkel vertrouwen in of nog behoefte aan.


Nadat kranten, televisie en een aantal levensbeschouwelijke omroep-websites er al eerder over berichten, stond in het BD van 6 december indirect ook het bericht dat de staatssecretaris van Onderwijs en Cultuur in een brief aan de Tweede Kamer meedeelde de financiering van 2.42-omroepen zoals de BOS na 2015 te beeindigen.
‘Indirect’ want het bericht was een kommentaar van de BOS-directeur er op: ‘ Gertjan Mulder: niet gehecht aan BOS, wel aan boeddhistische programmering.
Boeddhisten zijn altijd vòòr niet-hechten maar dit was toch wel wat merkwaardig. Een paar reacties van mij, en een van een ander die Gertjan verdedigde:

Op 7 december schreef ik:
´ Er staat een pijnlijke fout in dit bericht. Dat betreft de zin ‘De staatssecretaris gaat op korte termijn met de BOS en andere 2.42 omroepen praten over de wijze waarop zij invulling willen en kunnen geven aan levensbeschouwelijke programmering. ’ Waarschijnlijk heeft de redactie van BD dit van de BOS-directeur Gertjan Mulder zo gehoord.
In de brief van de staatssecretaris staat echter, en ik citeer: ‘Ik ga op korte termijn met de genootschappen praten over de wijze waarop zij invulling willen en kunnen geven aan levensbeschouwelijke programmering. ’
En ‘de genootschappen’ zijn in termen van de Mediawet ‘Kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag’.
De BUN dus in het geval van de boeddhisten.
´
Waar is de stem van de BUN trouwens in de discussie van de laatste dagen? Worden we als boeddhisten eigenlijk nog wel vertegenwoordigd? Moet de BUN-voorzitter niet de regie van het overleg met de staatssecretaris en met andere ‘genootschappen’ overnemen?
Want het optimisme van Gertjan Mulder is onbegrijpelijk.
Een BOS zonder budget is, zogenaamd geïntegreerd in een andere omroep zoals de VPRO feitelijk non-existent. Waarom zou de VPRO in de toekomst programma’s gaan maken waarin de boeddhistische levensbeschouwing centraal staat? De VPRO heeft eerder dit jaar feitelijk al aangegeven dat niet te gaan doen.
Misschien is het niet zo erg dat de BOS verdwijnt. Maar als we het wel erg vinden dat er nog minder of geen boeddhistische programma’s meer komen moeten we ons niet door een al bijna vertrokken BOS-directeur in een passieve jubelstemming laten brengen.
´

Een reactie van een andere lezer hierop was:
´ Mooie illustratie van half vol of half leeg glas; het standpunt van Gertjan Mulder versus dat van de heer Romeijn. De positieve grondhouding van de heer Mulder lijkt mij erg constructief. Ik vraag mij af welke nietgenoemde belangen de heer Romeijn heeft. Zijn weinig subtiele toevoeging “bijna vertrokken” komt erg suggestief op mij over. ´

Reden voor mij hier twee achtereenvolgende reacties op te geven:
´ Als de staatssecretaris zegt ‘… dat de kerkgenootschappen en de genootschappen op geestelijke grondslag hun zendtijd zelf moeten financieren ’ dan is de uitspraak van Gertjan Mulder gedaan in de Volkskrant van vandaag, ‘ alleen ben ik wel nieuwsgierig naar de preciese financiering ’ toch op z’n minst lichtzinnig te noemen.
Overigens ging mijn reactie primair over de apathie van het georganiseerde boeddhisme na de brief van de staatssecretaris, vergeleken met de activiteiten van bv humanisten, de joodse gemeenschap en de katholieke kerk de laatste dagen.
En vertrekken per 31 december, met de kerstdagen er nog af, is toch ‘bijna’ ?
Mijn belang? Zie mijn blog van de afgelopen jaren, zou ik zeggen.
´

En een dag later:
`En dan nu iets positiefs:
Een twitterbericht van ‘BOSRTV’ van gisteren naar aanleiding van de mededeling over het stoppen van de financiering van de BOS:
BoeddhistischeOmroep ‏@bosrtv
…, …, … dank dat jullie je portemonnaie willen trekken. Fijn om te horen!

(namen heb ik verwijderd)
Dat wil ik ook wel, dat zijn er al vier.
Doen net zo als de humanisten gestart zijn, zie www.humanistischverbond.nl/nieuws/archief/2011/help-ons-de-humanistische-omroep-te-behouden
Misschien kan het ook via de Stichting ‘Vrienden van de BOS’ ?
Moet ie wel eerst een echt bestuur krijgen. Kom, Gertjan, doe nog een goede daad.
´


Daarna wordt het stil, alsof een witte sneeuwdeken over alle boeddhisten is gedaald en niemand zich meer waar dan ook nog zorgen over maakt.
Ook het ontbreken van aandacht voor het kamercommissiedebat op 10 december (over het voortbestaan van o.a. de BOS) is symptomatisch.

Die grote onzichtbaarheid kan ook wel eens betekenen dat het Nederlandse boeddhisme niet bestaat, dat er niet honderdduizenden boeddhisten zijn zoals degenen die belang bij een groot aantal hebben, dachten; dat er niet tienduizenden zijn zoals ik jaren dacht, maar hoogstens enkele duizenden die stil voornamelijk achter de voordeur hun ding doen.